Boekverslag : Ronald Giphart - Ik Omhels Je Met 1000 Armen
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 4717 woorden.

Titel:

Ik omhels je met duizend armen





Geschreven door: Giphart, Ronald

Jaar: 2000

Taal: Nederlands

Vorm: Roman

Periode: 1980-

Thema: Dood , Erotiek , Schrijvers

Bron: Kruse, Lucas

Uitgever: Biblion Uitgeverij



Samenvatting

De roman is één lange brief, die de bijna dertigjarige hoofdpersoon, Giph, schrijft aan een bekende van hem (een vriend, de lezer, de schrijver zelf?). Giph schaamt zich ervoor dat hij hem sinds vijf jaar niet heeft geschreven en wil dit verzuim nu goedmaken: er is in die jaren veel met hem gebeurd, 'een tragivrolijke potpourri high 'n lowlights' (p. 9).

Allereerst excuseert Giph zich voor het feit dat hij zich gelukkig voelt: geluk is eigenlijk niet de vereiste gemoedsgesteldheid om (over) te schrijven. Giph heeft bereikt wat hij wilde bereiken: hij is tevreden over zijn debuutroman, het succes en de revenuen van zijn werk, en heeft een buitengewoon knappe en intelligente vriendin. De enige 'grote aanval op zijn geluksgevoel' is de dood van zijn moeder geweest.

Giph doet verslag van zijn zonvakantie naar La Palma, midden in de winter, met zijn droomvriendin Samarinde en zes kennissen: Lureen, Gulpje, Meija (drie actrices), Egon (stand-up comedian), Benny (filmproducent) en Thijm (vriend en schrijver). Ze werken met z'n allen al een tijdje aan een remake van Hitchcocks Rope , naar een scenario van Giph (de tv-film zal Touw heten) en knijpen er nu even tussenuit voor 'wat broodnodig geil gezellig divertissement'. Dit verslag wordt diverse keren onderbroken door terugblikken naar Giphs werk als nachtportier in een ziekenhuis (waar hij Samarinde ontmoette, die daar als arts werkte) en naar de ziektegeschiedenis van zijn moeder Lotti.

De avond voorafgaande aan hun vertrek van Schiphol, brengen ze door op de Wallen. Ze bezoeken een stripteasetheater, dat ze al na een kwartier teleurgesteld verlaten, en een café, waar ze een overval meemaken. Bij de incheckbalie op Schiphol worden ze de volgende morgen opgewacht door 'een klein bataljon pers', dat getipt was over hun onverwachte trip. Giph krijgt een vraag over zijn succes (zijn debuutroman zal worden verfilmd) en over de mening van zijn ouders over zijn 'seksboek'. Giph antwoordt dat zijn vader het 'allemaal prima' vindt en dat zijn moeder al sinds bijna een jaar is overleden. Zijn vader komt halsoverkop langs voor een 'diepzinnig gesprek', maar Giph heeft weinig tijd, omdat het vliegtuig over een kwartiertje vertrekt. Giph vertelt hem op de valreep dat Samarinde zwanger is.

In het vliegtuig dagdroomt Giph dat de gezagvoerder meedeelt dat het vliegtuig onbestuurbaar is en over vijf minuten in zee zal storten. Wat te doen? Hij stelt zijn vrienden voor uit de kleren te gaan en te vrijen. Bennie filmt de seksorgie.

Ze betrekken een prachtig vakantiehuis, met zwembad en uitzicht op de oceaan. De volgende dagen wordt er veel in de zon gelegen, gezwommen, geleuterd en gelachen, gefeest, gedronken en drugs gerookt. Ze kijken meewarig neer op de andere vakantiegangers, met hun vetrollen en gênante zonnebrillen van 'tig modes' geleden en vinden dat ze hen best in het openbaar mogen beledigen, mogen overschreeuwen en in een restaurant over hun bord mogen kotsen. Er wordt onderling geflirt, uitgedaagd, gevreeën en ruzie gemaakt. Giph drukt zelfs een sociogram af van de associatievoorkeuren van hen achten (p. 71). Hij probeert zo goed en zo kwaad als het gaat te schrijven op zijn laptop, zich te concentreren op het verhaal dat hij schrijft. Gaandeweg vervult hij steeds meer de rol van observator; met de camera van Bennie filmt hij zijn vrienden voortdurend. De erotische broeierigheid wordt steeds geladener en het gedrag van de vrienden steeds buitensporiger. Er worden erotische verhalen uitgewisseld, er vinden stripteases plaats in openbare gelegenheden en de seksuele relaties wisselen voortdurend. Ten slotte komt het tot een seksorgie die door Giph wordt gefilmd (Meija: 'Laten we een porno opnemen als een ultiem verbond van onze vriendschap', p. 265). De volgende morgen heeft iedereen een kater en gevoelens van schaamte. Giph wordt naar de banden van de opname gevraagd, maar hij zegt niet te weten waar die gebleven zijn.

Giph wordt weer eens gebeld door zijn vader. Die zegt woedend te zijn, omdat er een tv-documentaire, een special over euthanasie, is uitgezonden, waarin Lotti centraal stond. Zijn vader zegt het schaamteloos te vinden dat Giph zijn toestemming daarvoor heeft gegeven, omdat Lotti op die manier wordt 'bezoedeld.' Giph weet echter van niets. Hij is woedend en begrijpt dat hij er door zijn vrienden is ingeluisd. Hij komt erachter dat Benny via Thijm de beschikking heeft gekregen over de video-opnamen die Giph over de laatste maanden van zijn moeder had gemaakt. Achter Giphs rug om heeft hij er een compilatie van gemaakt en ze aan een omroep aangeboden. Giph dreigt met een rechtszaak, wil geen dag langer bij die 'verraders' blijven en boekt een plaats op het eerstvolgende vliegtuig naar huis. Samarinda, die twaalf weken zwanger is, krijgt een miskraam. Giph weet plotseling hoe hij wraak kan nemen op Benny. Hij sluit de handycam aan op Benny's laptop, maakt bestanden van scènes van de orgie van afgelopen nacht, zoekt geschikte sites op internet en verstuurt ze. Binnen een dag of wat zal heel Nederland de filmpjes kunnen zien!

Fragmentarisch vertelt Giph over zijn werk als nachtportier in ziekenhuis Mariaplaats. Hij werkte daar urenlang aan 'een doorwrocht oeuvre over liefderatuur & het leven zelf' (p. 36). Soms maakte hij schokkende en vreemde dingen mee: spoedgevallen van zwaargewonden; een bezoek van een ontsnapte psychiatrisch gestoorde die hem bedreigt; een urenlang gesprek met iemand die de volgende dag zou sterven aan een gezwel in zijn keel; een zelfdoding van iemand die uit een raam van de twaalfde verdieping springt.

Hij ontmoette daar de beeldschone assistent-arts Samarinde, met wie hij op 9 januari om negen uur 's avonds in De Wingerd afsprak en met wie hij die avond negen keer de liefde bedreef ('De Nacht Van Negen', p. 43). Zij werd zijn 'significante ander'. Vier jaar lang duurt hun relatie al en Giph houdt nog steeds zielsveel van haar. Behalve assistent-arts is ze ook fotomodel. Omdat ze als model veel meer kan verdienen en aanlokkelijke aanbiedingen krijgt, hakt ze na lang wikken en wegen de knoop door en neemt ontslag als arts. Niet lang voordat het met Giphs moeder snel bergafwaarts gaat, gaat ze in op een aanbod om voor een modellenbureau voor drie maanden naar Japan (het land van haar moeder) te gaan. Ze vraagt Giph mee te gaan. Hij zegt haar dat hij het te druk heeft met zijn schrijven, maar verzwijgt de belangrijkste reden: omdat het niet goed gaat met zijn moeder, hebben hij en zijn zus Phileine het druk met haar verzorging. Pas als Lotti is overleden, belt hij haar op en vraagt of ze voor de crematie wil overkomen. Dat doet ze.

Verspreid in de roman staat ook het verhaal over de ziekte en de euthanasie van Lotti, de moeder van Giph. Lotti leefde al jaren gescheiden van haar man (een arts, die op zijn 67ste voor veel geld zijn laboratoria verkocht). Ze was in alle opzichten een onafhankelijke vrouw. Ook toen ze nog getrouwd was (en van haar man hield), hield ze er vele minnaars op na. Ze was actief in de politiek, had vele hobby's en een grote vriendenkring.

Lotti leed aan een agressieve spierziekte (M.S.?), die grote vermoeidheid, verlamming, spasmen en incontinentie veroorzaakte. Ze kwam in een rolstoel terecht en was voor hulp afhankelijk van haar twee kinderen en beroepskrachten. Ze probeerde tot het laatst haar lot waardig en vrolijk te dragen. Omdat haar vooruitzichten hopeloos waren, regelde zij met bevriende artsen haar euthanasie.

Na een 'schupp' (snelle verslechtering van de verlamming) komt het einde van Lotti snel nabij. Ze kan ook niet meer praten. In de huiselijke kring vieren Phileine en Giph haar laatste Kerst. Ze doen alles om het hun moeder zoveel mogelijk naar de zin te maken (lievelingsmaaltijden, foto's, herinneringen, gesprekken met vriendinnen), volgens haar wens proberen ze 'emotionele traanlozingen' zoveel mogelijk te voorkomen. Giph registreert alles op de handycam. Voor hun moeder voeren ze een groots 'Dit is uw leven' op. Iedere foto en elk kattebelletje wordt uitgebreid gelezen en bekeken. In een lange brief van hun vader lezen Phileine en Giph dat hun vader een relatie heeft gehad (en naar later blijkt: nog heeft) met 'Oom Bill'.

Als Lotti na de schupp weer wat tot rust is gekomen, kaart de bevriende huisarts discreet de (afgesproken) euthanasie met haar aan. Ze blijft bij haar standpunt dat ze dood wil. Als de formulieren zijn ingevuld en een dag is uitgekozen, laat Lotti champagne aanrukken om op de dood te proosten. Op Lotti's nadrukkelijke verzoek lichten Phileine en Giph nu pas haar ex-man in over haar naderende dood. Hij komt direct uit Amerika over. Giph probeert contact te krijgen met Samarinde om haar in te lichten en te vragen over te komen. Volgens een zorgvuldig geplande regie nemen kennissen en familieleden afscheid van Lotti. Op haar laatste levensdag zorgen Phileine en Giph voor een keur van haar lievelingsspijzen en -dranken. Het lukt de twee artsen niet een ader bij Lotti te openen om de dodelijke injecties toe te dienen. Ze bellen een chirurg, maar die weigert uit geloofsoverwegingen om zijn medewerking aan de euthanasie te verlenen. Ze halen een grotere dosis uit het ziekenhuis, waardoor haar geplande dood enkele uren wordt vertraagd, en injecteren in haar spieren. Giph, Phileine en de twee artsen zijn getuige van haar sterven. De vader en oom Bill (die buiten in een geparkeerde auto wachtten; Lotti had hen er niet bij gewild) worden verwittigd.

Als Meija voor de crematie naar Lotti's huis komt, leidt Giph haar rond. In het kantoor van zijn moeder pakt hij haar beet en vrijen ze.

Lotti's crematie verloopt niet conventioneel. Zo zijn de 'rouwobers' niet in het zwart gekleed, is er cabaret, wordt er gezongen en wordt er, op haar uitdrukkelijke verzoek, luchtig en vrolijk gedaan. Samarinde is uit Japan overgekomen en ziet Giph, twee uur voor de crematie. Ze hebben elkaar zo veel te vertellen, dat ze er zelfs tijdens de plechtigheid in de kerk tussenuit knijpen om verder te praten. Het komt tot een hevige woordenwisseling maar ook tot een verzoening.



Interpretatie

Thematiek

Hoewel de thema's van vroeger werk van Giphart (seksualiteit, vriendschap, liefde) ook in deze roman een rol spelen, drukt het centrale thema dit keer duidelijk een minder optimistisch gevoel uit: de onhoudbaarheid van geluk. Giph ervaart dat de vriendschap en het geluk waarin hij geloofde, broos en onecht zijn. Door zijn confrontatie met verraad en vooral door de dood van dierbaren, komt hij tot het inzicht dat geluk slechts iets tijdelijks is en dat elk mens is gedoemd tot eenzaamheid.

Het woord 'geluk' duikt herhaaldelijk op in de roman. Met nadruk stelt Giph al in de eerste pagina's tegenover zijn anonieme publiek dat hij gelukkig is, gezond, opgeruimd, vrolijk en menslievend, dat hij succes kent met zijn schrijverschap en in de liefde: hij heeft immers een razendknappe, succesrijke én intelligente vrouw als 'significante ander'. Giph zegt alle doelen bereikt te hebben die hij zich gesteld had. Concluderend stelt hij dat dit niet bepaald 'goede compost voor een vruchtbaar schrijverschap' kan zijn (p. 10): schrijvers zijn nu eenmaal per definitie ongelukkig en uiten hun gevoelens daarover.

Giph beschrijft Samarinde als 'een vrouw uit de buitencategorie', als 'een spetter', die alom de aandacht trekt. Wat tijdens haar eerste nachtdienst begon, stelt hij voor als een 'oerknalverliefdheid' (p. 12). Tijdens de eerste nacht waarop ze het bed delen, bedrijven ze maar liefst negen keer de liefde. 'Over onze eerste nacht hebben we het nog steeds als De Nacht Van Negen' (p. 43). Ook elders in de roman speelt seksualiteit een grote rol (van uitdagen en onschuldig flirten tot zeer schunnige verhalen en pornografie).

Al benadrukt Giph nog zo dat hij gelukkig is, toch ventileert hij al in het eerste hoofdstuk impliciet en expliciet gevoelens van ongenoegen, angst en eenzaamheid. 'In de harde werkelijkheid wordt men namelijk helemaal niet gelukkig, maar oud, aftands, dement, arm, impotent en verramsjt. (...) Mijn houdbaarheidsdatum van geluk is na pak 'm beet een uur of vier verstreken' (p. 11).

Giph ziet zijn vakantiereis naar Spanje met Samarinde en hun vrienden als een 'laatste uitspatting'. Hij ervaart een groot verschil met vroegere, soortgelijke reizen: '(...) de laatste keer dat mijn reisgenoten de mensen om ons heen bedwelmen met schoonheid en harmonie, de laatste keer dat ik met een groep mensen omga over wie ik anderen zie denken: hoorden wij maar bij hen. Dit is de laatste keer dat reizen sexy is' (p. 81). Giph doet weliswaar mee aan de (schijn)vrolijkheid en aan de erotische spelletjes, maar raakt ook geïrriteerd en voelt zich op sommige momenten eenzaam. 'Vanmorgen bedacht ik dat ik lijd aan het tegenovergestelde van eenzaamheid: teveelzaamheid. Ik ben te vaak, te lang en te uitputtend omringd door te veel vermakelijke mensen' (p. 158). Tijdens een toneelvoorstelling ziet hij een vrouw die steeds dieper wegzakt in drijfzand, maar toch blijft doorpraten. Hij ziet er een metafoor in voor 'de martelgang der tijden / de lange eenzame weg naar de dood / onbenoembare angsten & twijfels / zoektochten naar het onbereikbare geluk' (p. 172) en voelt zich nauw betrokken bij deze vrouw. De grootste klap die Giph met betrekking tot zijn gevoelens over vriendschap krijgt te verwerken, is het verraad van zijn beste vriend Thijm. Deze helpt, zonder dat Giph dit weet, mee aan een reportage over Lotti's dood.

Door confrontaties met de dood wordt Giph met zijn neus op de harde werkelijkheid gedrukt. Zo maakt hij tijdens een nachtdienst in het ziekenhuis mee dat iemand zelfmoord pleegt door vanaf de twaalfde verdieping te springen. Hij is de eerste die de man na zijn dood ziet: '(...) daar zag ik hem. Of haar. Of hoe je een uit elkaar gespat hoopje mens ook noemt dat op een asfalthelling ligt na te trillen van een val van een verdieping of wat' (p. 39). Ook de dood van de man met wie hij de avond tevoren nog lang gesproken had, schokt Giph (p. 139), evenals de ruwe wijze waarop een broeder een schijnpatiënt afwimpelt, die wil worden opgenomen: 'Ga jij maar lekker buiten op de rotonde liggen, ja? Kom ik met mijn ambulance een paar keer goed hard over je heen rijden. Zeker weten dat je dan wordt opgenomen. En nou opdonderen voor ik je echt iets aandoe...' (p. 141). Ook de dood en begrafenis van de vader van Thijm maakt indruk. Lopend op de begraafplaats zegt Monk tegen Giph: 'Dit was onze eerste dode. Nu zullen er veel volgen. Het zal langzaam gaan, maar na verloop van jaren zullen we hier steeds vaker lopen' (p. 148). Vanzelfsprekend heeft de lijdensweg van zijn moeder en haar vrijwillig gekozen dood de grootste invloed op Giph. Hij heeft een nauwe band met haar en kan goed inschatten dat zij zich, hoewel zij zich flink houdt, 'zo godvergeten alleen' voelt 'in dit uitzichtloze gevecht met die godverdomde ziekte' (p. 203). Haar vrolijkheid lijkt op die van enkele bewoners van Santa Cruz de la Palma, die in de Middeleeuwen de pest ontvluchtten en naar een vulkaan trokken, waar ze elkaar vrolijke en spannende verhalen vertelden (later gebundeld in de Decamerone ) om de ellende te vergeten. De energieke Lotti wil tot het laatst niet wijken voor de dood. Vlak nadat ze getekend heeft voor de datum waarop ze een dodelijke injectie zal krijgen, laat ze een fles roze champagne ontkurken en proost ze met de artsen, haar kinderen en enkele vriendinnen 'op de dood' (p. 282). En ook na haar dood wil ze de regie in handen houden: ze regelt dat er vrolijkheid moet zijn (cabaret,gezang, eten en drinken).

Enkele andere motieven:

- Overspel: Lotti pleegt vaak overspel; Giph, Samarinde en hun vrienden gaan vreemd. Geen van allen kent hierover jaloezie of schuldgevoelens, ze praten er openlijk over of huldigen, net als Lotti, de opvatting dat je over 'buitenspel' te allen tijde moet zwijgen (p. 112).

- Alcoholisme (dronkenschap) en drugs: In Giphs kennissenkring wordt veel gedronken en gebruiktgemaakt van stimulerende middelen. Allen willen genieten van het leven, leven bij de dag en willen eruit halen wat er in zit (carpe diem).

- Kind (zwangerschap): Samarinde is zwanger van Giph. Vooral Giph is daar enthousiast over; hij spreekt over een 'groeidiamantje'. Ook in zijn omgeving wordt er positief op gereageerd: 'Van je vriendin houden is moeilijker dan houden van je kind. Je liefde voor je kind is totaal, het is helemaal van jou, terwijl je je vriendin moet delen met ex-geliefden en potentiële nieuwe minnaars' (p. 157).



Titel en motto's

Tijdens een Chinese maaltijd breekt Lotti een 'fortune cookie' en leest ze: 'U wordt omhelsd door duizend armen' (p. 203). Kijkend naar de mensen om zich heen (onder wie haar kinderen, die haar liefdevol verzorgen), zegt ze ontroerd: 'Dat is ook zo'. Maar Giph weet dat ze erbij denkt: '(...) en toch voel ik me zo godvergeten alleen in dit uitzichtloze gevecht'. Voor Giph geldt ongeveer hetzelfde: ook hij kent zulke gevoelens. Hoewel hij zich in Spanje omringd weet door vrienden en zich in de nabijheid van Samarinde, zijn geliefde, gelukkig waant, komt hij erachter dat vriendschap, liefde, seksualiteit en geluk uiterst broos kunnen zijn. (Zie ook de paragraaf 'Thematiek'.)



Structuur en techniek

De roman telt zes hoofdstukken met prikkelende, spitsvondige titels als 'Begeren is vooruitzien' (hoofdstuk 1) en 'De orde van de nacht' (hoofdstuk 3). In de hoofdstukken geven gecursiveerde plaats- en/of tijdsaanduidingen ('Boven Frankrijk, 13 januari, 9.47 uur') en regels wit een nadere geleding aan.

De roman is één lange brief van Giph aan een niet bij naam genoemde persoon. Giph wil deze bekende van hem, die hij al sinds vijf jaar niet meer heeft gezien of gesproken, op de hoogte stellen van wat hij allemaal in die tijd heeft meegemaakt. Gelet op de volgende passage zou het een vrouw kunnen zijn: 'Dat soort dingen doe ik toch niet heel vaak, sterker nog, alleen als ik jou zou tegenkomen zou ik me dat kunnen voorstellen: jij bent de enige die ik onmiddellijk en zonder scrupules onder het lendendoekje zou grijpen (...)' (p. 226). Het slot van dit fragment roept echter raadsels op: '(...) hoe afschuwwekkend de vader van Jezus je ook heeft geschapen'. In een ander fragment berekent Giph op kabbalistische wijze de symbolische waarde van de naam van degene aan wie hij zijn verhaal vertelt. Hieruit valt af te leiden dat Giph zich richt tot een abstractie of tot God: 'Jij bent een o, ofwel De Oneindige, (...), het Ei des Heelals, de Vooruitgeschoven Liefde, De Eeuwige Ouder, De Heilige Lichtspatter, Het Schijnsel der Mensheid, (...) Het feest der liefde, (...) De Uitgever van Alles, De Ontvanger Mijner brieven' (p. 267).

Giphart heeft grote aandacht aan de structuur besteed. Dit blijkt behalve uit wat al genoemd is uit minstens nog drie opmerkelijke zaken. Op pagina 254 vraagt Giph zich hardop af welke vertelmanier hij zal gebruiken bij het schrijven van de brief: 'Deckung (als wat ik vertel precies overeenkomt met wat er gebeurde), Dehnung (als ik veel schrijf over enkele seconden) en Raffung (als ik een paar uur, of langer, samenvat in één alinea).' Opmerkelijk zijn ook de getekende sociogrammen (p. 71, 268), waarin de relaties tussen Giph en zijn vrienden worden weergegeven. Ten slotte noemen we de wijze waarop Giph (tijdelijk) abrupt afstand doet van de verhaalpersonages over wie hij al zoveel heeft gezegd: 'Genoeg nu! Weg met hen. Ik heb geen tijd meer voor ze en blaas ze op. Laat ze wegzwemmen in het zwembad. (...) Stik in sperma en verdwijn' (p. 285). Deze verhaaltruc en de woordkeus lijken op die aan het slot van Max Havelaar van Multatuli, waarin de verteller het personage Droogstoppel, een makelaar in koffie, toebijt: 'Halt, ellendig produkt van vuile geldzucht en godslasterlijke femelarij! Ik heb u geschapen... ge zijt opgegroeid tot een monster onder mijn pen... ik walg van mijn eigen maaksel: stik in koffie en verdwijn!'

Er zijn drie verhaallijnen. De hoofdlijn vormt Giphs zevendaagse vakantie op het Spaanse eiland La Palma. Er doorheen heeft hij twee andere verhaallijnen gevlochten: zijn herinneringen aan de tijd toen hij als nachtportier in een Utrechts ziekenhuis werkte (en Samarinde ontmoette) en de ziektegeschiedenis van Lotti, zijn moeder. Gaandeweg wordt de laatste verhaallijn steeds belangrijker. Chronologisch schetst Giph de opeenvolgende stadia van Lotti's ziekte: van de eerste onderzoeken, via de gang langs kruidendokters naar het verplegen door haar kinderen en het onvermijdelijke einde door euthanasie. De verhaallijnen staan in minstens één opzicht lijnrecht tegenover elkaar: het bruisende leven (in La Palma) tegenover de dood (thuis en in het ziekenhuis). De beide lijnen komen in het slot van de roman samen, als blijkt dat twee van Giphs 'vrienden' schaamteloos misbruik hebben gemaakt van het overlijden van zijn moeder.

Giphart verwijst enkele keren expliciet naar de Decamerone van Boccaccio, het beroemde boek met erotische verhalen (p. 132, 163, 207, 211). Wellicht heeft dit boek Giphart als voorbeeld gediend: hij schrijft ook over liefde, erotiek en vriendschap; de jonge mensen vertellen eveneens beurtelings 'vieze' verhalen om de tijd en de verveling te doorbreken; de structuur lijkt op een raamvertelling.

De ruimte speelt enkele keren een belangrijke rol: de Zeedijk en nachtclub Moulin Rouge in Amsterdam, die Giph c.s. walgend verlaten, omdat dié goedkope porno zelfs hen irriteert; 'De Wingerd', het 'roemruchte kunstenaars-, acteurs-, vrouwen-, schrijvers-, journalisten-, knutsel- en doevakantiecafé' (p. 59); het eiland La Palma, met de bekende clichés: zon, drukte, drank, drugs, feesten, 'sukkelige' toeristen; het 'aquarium' (de portiersloge) in het Utrechtse ziekenhuis Mariaplaats, waarin Giphart als nachtportier vaak verblijft.



Personages

N.B. De hoofdpersoon Giph is al enigszins getypeerd in de paragraaf 'Thematiek'.

Alle personages zijn typen, die vaststaande, onveranderlijke karaktertrekken hebben, soms zo overdreven, dat van een karikatuur gesproken kan worden.

Voor vrijwel alle vrienden en kennissen van Giph geldt dat ze jong, mooi en slim zijn, geen geldproblemen kennen, veel drinken en roken. Ze leven bij de dag, willen 'met alle poriën open' genieten van het leven, al weten ze drommels goed (Giph voorop) dat hun geluk een naargeestig randje heeft. Ze voelen zich uitverkoren helden, goden temidden van stumperige stervelingen, en kijken met een vanzelfsprekende minachting neer op het 'gekrioel' ver beneden hen. Bij hen passen seks, vluchtige relaties, zonovergoten oorden, camera's, feesten, lachen, onbezorgdheid, openheid en schaamteloosheid.



Taal en stijl

Ik omhels je met duizend armen is stilistisch zeer afwisselend en wemelt van de taalvondsten:

- poëtisch, lyrisch taalgebruik (beeldspraken, ontboezemingen);

- dysfemismen (scheldwoorden), plattitudes en hyperbolen;

- aandacht voor opvallende, shockerende details;

- lange naast zeer korte, elliptische zinnen;

- spreektaal van de jaren negentig van de vorige eeuw;

- veel inwendige monologen;

- ironie, sarcasme, humor;

- spitsvondigheden, woordspelingen, neologismen.

Giphart is een 'meester' in het hanteren van de flitsende jongerentaal die past bij goedgebouwde, goedgeklede en sexy jongelui, die elkaar de loef willen afsteken in geestigheid en over de grond rollen om krachttermen als 'Coïtus' en 'vondsten' als 'een pikstaanderige nacht' en 'tante Betje uit Blubberbuikeveen'.



Vooral de ironie speelt een grote rol. Belangrijke, ingrijpende gevoelens en thema's (liefde, dood, seksualiteit) worden keer op keer 'gedrenkt' in ironie (gerelativeerd, tussen aanhalingstekens geplaatst). Soms geeft Giphart dit aan door Quasi Gewichtige Hoofdletters te gebruiken, soms door middel van een ontnuchterend terzijde. Lezers kunnen zich op die momenten lamgeslagen voelen en het gevoel krijgen dat Giphart niets serieus neemt en alleen maar 'leve de lol' of 'leef bij de dag' propageert. Opmerkelijk is overigens dat de ironiserende grappen in het laatste gedeelte van de roman (waarin Giph verslag doet van het laatste stadium van de ziekte van zijn moeder) goeddeels achterwege blijven.

Hoewel Giphart een controversieel auteur is, zijn vrijwel alle critici het erover eens dat hij een goed stilist is.



Situering binnen het werk

Ik ook van jou (1992) is het debuut van Ronald Giphart (1965). Zijn grote aandacht voor de stijl en zijn beperkte thematiek (seks, literatuur) zijn ook terug te vinden in zijn drie volgende boeken: Giph (1993), Het feest der liefde (1995) en Phileine zegt sorry (1996).

Giph lijkt nogal op Ik ook van jou : veel drank, seks, vaart, getob over het moderne studentenleven en literatuur. Beide zijn briefromans. Er is echter een opmerkelijk verschil tussen de twee hoofdpersonen, Ronald en Giph: de eerste is een aardige, 'lieve' jongen, de tweede een steeds onsympathieker wordende figuur, die, ondanks zijn vele vriendinnetjes en het driemanschap Monk-Thijm-Giph, slechts in één persoon geïnteresseerd blijkt: zichzelf.

In Phileine zegt sorry wisselt Giphart weliswaar eindelijk van hoofdfiguur, maar blijkt Phileine veel karaktertrekken te delen met Giph: intelligent, vrijgevochten, egomaan, cynisch, boosaardig en destructief. Geen wonder: Phileine blijkt het zusje van Giph en de dochter van een overspelige, drankzuchtige en soms banale moeder.

De roman Ik omhels je met duizend armen (2000) lijkt in veel opzichten een vervolg van Giph : de (ouder geworden) hoofdpersoon, zijn vrijgevochten zusje Phileine, zijn vrienden (o.a. Monk en Thijm), zijn ouders, de filosofietjes over liefde, trouw en seksualiteit en de vorm (de roman is één lange brief aan een bekende).



Reacties

Jeroen Vullings ( Vrij Nederland ) vindt dat er op Gipharts zesde boek vaktechnisch niets aan te merken valt: 'De verhaallijnen wisselen elkaar keurig in ieder hoofdstuk af, de vorm (een lange brief aan een vriend) zorgt voor de nodige eenheid'. Hij prijst de stilistische creativiteit: 'Zijn boek zindert van vertelplezier. Op iedere pagina wemelt het van de taalvondsten en vervreemdende taalgrappen.' Ook heeft Vullings waardering voor Gipharts poging om vanuit het luchtige verhaal door te stoten naar zwaarwichtiger zaken als euthanasie en dood.



Thomas van den Bergh (Elsevier ) typeert de roman als 'het verslag van een desillusie, een ontnuchtering'. Omdat Giphart al twee keer eerder uitgebreid over zijn moeder heeft geschreven (in een dagboek en een toneeltekst), ontkomt hij volgens Van den Bergh niet 'aan de verdenking van koketterie'.

Hans Goedkoop (NRC Handelsblad ) ziet in deze roman eindelijk een vernieuwend element: 'het boek zoekt het vervaarlijke domein van de ervaring op'. Het luchtige vakantieverhaal wordt afgewisseld met verschrikkelijke ziekenhuisverhalen en de ziektegeschiedenis van zijn moeder. Toch vindt Goedkoop dat er geen sprake is van een kentering in Gipharts schrijverschap. Het sterven van Lotti is daarvoor te 'mooi' en te luchtig beschreven. 'Giph en zijn schepper Giphart willen wel, echte ervaringen uit de echte werkelijkheid. Maar blijkbaar toch alleen als je ze niet echt hoeft te voelen. Niet daar waar het pijn doet in elk geval, en dat geeft de ervaringen die ze verwoorden op den duur iets hinderlijk gratuits en wezenloos.'

Wim Vogel (Haarlems Dagblad ) ten slotte vindt de thematiek geslaagd, maar spreekt toch van een 'mislukte' roman. Als oorzaken noemt hij: de meligheid en de saaie, voorspelbare personages. Dit vindt hij des te pijnlijker, omdat de roman 'een prachtige novelle' verbergt: de ziektegeschiedenis van Lotti.



Context

Autobiografie?


Het is niet moeilijk aan te tonen dat in de roman vele autobiografische elementen voorkomen: de naam van de hoofdpersoon, zijn geruchtmakend en succesvol debuut als schrijver, zijn opvattingen over seksualiteit en literatuur.

Lotti lijkt op de echte moeder van Ronald Giphart. In werkelijkheid heette zij Wijnie Jabaay; zij overleed in 1995, na een lang en uitputtend gevecht, aan multiple sclerose (soort verlammingsziekte). Op 55-jarige leeftijd liet ze, moegestreden, een eind aan haar leven maken. Ze was een bekende, kleurrijke politicus (voor de PvdA zat ze in de Tweede Kamer), die opzien baarde omdat ze luidkeels het woordje 'kut' in de Kamer riep. Kort na haar dood verscheen er een groot artikel in een roddelblad over haar laatste dagen, verluchtigd met 'exclusieve foto's'. De schrijver ervan was Dylan van Eijkeren, een vriend van Ronald Giphart. In een reactie hierop schilderde Theo van Gogh Giphart af als 'lijkenpikker'. Van Gogh dacht dat Giphart het verhaal over het levenseinde van zijn moeder verkocht zou hebben ter meerdere eer en glorie van zichzelf. Journalisten overvielen Giphart daarop met indringende gewetensvragen. Giphart reageerde daar gelaten op. Door de roman Ik omhels je met duizend armen te schrijven lijkt Giphart een antwoord op de kritiek te hebben geformuleerd.

In een interview met Jeroen de Valk (Haarlems Dagblad ) zegt Ronald Giphart dat de meeste details over haar overlijden authentiek zijn. Wel veranderde hij enkele zaken. In de roman is ze veel meer op seks belust dan ze in werkelijkheid was. In de roman blijft onvermeld dat ze een vermaard feministe was. Zijn herinneringen als nachtportier van een Utrechts ziekenhuis berusten grotendeels op feiten. De reis met een stel vrienden naar La Palma is gefingeerd.

Bron:

www.knipselkranten.nl/literom/
Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen