Boekverslag : Anne Provoost - Vallen
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 1252 woorden.

Samenvatting

Vallen is het verhaal over een jongen die Lucas heet. De vijftienjarige jongen is met zijn moeder op vakantie in het huis van zijn onlangs overleden grootvader. Lucas merkt dat er geheimzinnig gedaan wordt over zijn grootvader en komt hierdoor toevallig in contact met Benoît en Alex. Benoît geeft Lucas het gevoel dat hij de moeite waard is en Lucas die onzeker is gaat steeds meer op Benoît leunen en maakt ook kennis met de ideeën van Benoit over allochtonen. Die zouden terug naar hun eigen land moeten en Benoît geeft daarvoor argumenten die logisch lijken. Zo logisch dat zelfs Lucas ze gaat geloven. Al snel blijkt dat Benoît erg fanatiek is en er niet voor terugdeinst om geweld te gebruiken. Ook Lucas wordt hierbij betrokken en hij helpt Benoît om een azielzoekerscentrum in brand te steken.

Intussen is Caitlin in het dorp aangekomen. Een meisje waarmee Lucas vroeger ook omging. Dankzij Caitlin komt Lucas te weten dat zijn grootvader tijdens de 2e WO een aantal ondergedoken Joden heeft verraden. Hierbij was ook de moeder van Caitlin. Deze Joden zijn na de oorlog uit de concentratiekampen teruggekeerd.

Caitlin komt ook met Benoît in contact en tot ergernis van Lucas laat ze zich verleiden door hem, maar ze keert zich onmiddellijk van hem af als ze zijn extreem-rechtse opvattingen leert kennen. Het komt dan ook tot conflicten tussen Caitlin en Lucas over de ideeën van Benoît. Dit heeft als gevolg dat Lucas steeds onzekerder en agressiever wordt en om zijn agressie af te reageren werkt hij met de kettingzaag van zijn grootvader. Wanneer hij op een dag aan het zagen is, krijgt Caitlin vlakbij een auto ongeluk waardoor haar auto in brand vliegt. Lucas probeert haar uit de auto te krijgen, maar dit lukt niet omdat haar voet vast zit. Lucas ziet nog maar een uitweg haar voet afzagen.

Eerst is iedereen vol lof over Lucas’ daad. Maar wanneer blijkt dat hij haar ook op een andere manier had kunnen redden en de pers te weten komt dat Lucas omgaat met extreem-rechtse personen, vermoeden sommigen dat Lucas expres zo gehandeld heeft. Caitlin beseft dat ze zich heeft vergist in Lucas en het is maar goed dat de vakantie afgelopen is.



Thema

Het thema van het boek is racisme en extreem-rechtse mensen. Lucas komt hiermee in aanraking en moet er in een onzekere periode een mening over vormen.

Van twee kanten trekken er mensen aan hem omdat ze willen dat hij bij hun hoort. Aan de ene kant Caithlin die joods is en aan de andere kant Benoit die extreem-rechts is.

Uiteindelijk wordt het toch Benoit.



De tijd van het verhaal

De vertelde tijd duurt vanaf een week voor Kerstmis tot eind augustus het jaar daarna, de verteltijd is 264 bladzijden.



pagina. 1-17 : onvoltooid tegenwoordige tijd

pagina.18-257 : Flashback : onvoltooid verledentijd, voltooid verleden tijd

pagina.258-264 : onvoltooid tegenwoordige tijd



Zoals hierboven aangegeven kan je zien dat het boek niet chronologisch is verteld. Er is een hele lange flashback in het midden van het boek.



De vertelsituatie

het hele verhaal word in de ik persoon verteld alleen word er gewisseld tussen de belevende ik en de vertellende ik in de flashback die je ergens in het midden van het verhaal tegenkomt.



pagina.1-17 : belevende-ik persoon

pagina.18-257 : vertellende-ik persoon

pagina.258-264 : belevende-ik persoon



Mijn mening

Ik vind het boek erg goed geschreven. Vooral de zinsopbouw maakt het dat het boek lekker wegleest.

Het verhaal vind ik boeiend vanwege het onderwerp racisme. Dit onderwerp vind ik erg boeiend omdat er in het dagelijks leven vaak over wordt gepraat. Niet alleen op straat of met vrienden, ook in de politiek is racisme een veel besproken onderwerp.

Verder vind ik het boek werkelijk en realistisch. Dit komt waarschijnlijk ook weer omdat de situatie in het leven van een mens meerdere keren voorkomt dat zij een beslissende keuze moeten maken net als Lucas. Hij moet een keuze maken tussen twee personen die een belangrijke rol in zijn leven zullen spelen.



Extra biografie van auteur

Biografie van Anna Provoost

Bron: Aangenaam, Vlaamse bibliotheekcentrale v.z.w., Etienne Claeys)

Anne Provoost werd geboren te Poperinge op 26 juli 1964. Ze groeide Woesten in de Westhoek in een gezin van vier kinderen. De schrijversmicrobe had haar reeds vroeg te pakken. In de lagere school schreef ze schriftjes vol met opstellen die ze dan met potloodtekeningen illustreerde.

Tijdens haar studie Germaanse Filologie te Kortrijk en te Leuven was ze van plan om niet te schrijven. Toen ze tijdens het voorlaatste jaar van haar studies ziek werd en een week met griep in bed lag, schreef ze toch een kortverhaal (over ratten die in de middeleeuwen de pest over de stad brachten), voor een verhalenwedstrijd van Germania. Ze won er de eerste prijs mee. Een jaar later won ze de tweede prijs in een verhalenwedstrijd van Knack Weekend. Hiervoor kreeg ze de volledige Winkler Prins Encyclopedie.

Na haar licentiaatstudies volgde ze nog een jaar pedagogie te Leuven uit interesse en vanuit het vage voorgevoel dat ze nog zou schrijven. Daarna vertrok ze naar de U.S.A. met haar man die met een studiebeurs zijn Masters of Arts in Amerikaanse literatuur wilde behalen aan de universiteit van Minneapolis.

Terwijl haar man studeerde werkte zij in een "day care", een kinderdagverblijf met kinderen tussen 4 en 7 jaar. Tijdens die periode begon ze terug intensief met schrijven. Ze schreef voor kindertijdschriften in Amerika en Vlaanderen en schreef de eerste versie van haar boek "Mijn tante is een grindewal", het eerste oorspronkelijk Nederlandstalig jeugdboek over seksuele kindermishandeling. Met dit boek waarin een jong meisje haar eigen situatie herkent in het stranden van een kudde walvissen op de kust van Cape Cod, werd Anne Provoost onmiddellijk een begrip in de Vlaamse jeugdliteratuur. Ze werd hiervoor in 1991 bekroond met de Boekenleeuw (jaarlijkse prijs die toegekend wordt door de Vereniging ter Bevordering van het Vlaams Boekwezen voor het beste jeugdboek) en de Interprovinciale Prijs voor Jeugdliteratuur. "Mijn tante is een grindewal" werd vertaald in het Engels, Duits, Zweeds, Noors en Deens.

Met haar tweede roman "Vallen", die over racisme en de verleidingen van extreem rechts gaat, ontving ze in 1995 binnen tien dagen tijd, de Woutertje Pieterse Prijs voor kinder- en jeugdliteratuur, de Boekenleeuw en de eerste Gouden Uil in de categorie kinder- en jeugdliteratuur. De jongeren die het boek meelazen naast de officiële jury waren unaniem vol lof. Bij die prijzen hoorde telkens een flink geldbedrag. In 1995 won ze tevens als eerste Vlaamse auteur een Zilveren Griffel in Nederland voor "Vallen" en in 1996 de Interprovinciale Prijs voor Jeugdliteratuur. Het boek is inmiddels vertaald in het Engels, Duits, Frans, Zweeds, Deens, Noors, Spaans en Catalaans. Dit jaar volgt nog een vertaling in het Fins.

Anne schreef tevens enkele boekjes met verhaaltjes voor eerste lezertjes bij Uitgeverij Zwijsen. In 1994 publiceerde ze ook het verhaal "De laatste kogel" in de bundel "Jonge sla" waarin jong Vlaams literair talent gebundeld werd.

In opdracht van het Cultureel Centrum van Hasselt schreef Anne voor het jeugdtheaterproject Stukschrijven de theatertekst "Het hart van twee". Samen met jeugdauteurs Ed Franck, Bart Moeyaert en Jaak Dreesen volgde ze een jaar lang een workshop 'jeugdtheater schrijven'. Eind juni 1994 gingen de eenakters van een half uur in première te Hasselt uitgevoerd door studenten van de Maastrichtse toneelacademie.

Anne Provoost werkte 8 jaar deeltijds thuis voor "Youth for Understanding", een internationale uitwisselingsorganisatie voor jongeren. Sedert 1 januari 1996 is ze fulltime schrijver en zorgt voor haar kinderen Cornelius (5 jaar) en Martha (3 jaar).

In oktober 1996 publiceerde ze De roos en het zwijn bij uitgeverij Querido.
Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen