U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : Hella S. Haasse - Een Nieuwer Testament.
Deze versie komt van http://www.scholieren.com/boekverslagen/2447 en is laatst upgedate op 19/02/2001.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 1194 woorden.

Thema

Verhouding vader / zoon, maar dan niet de relatie van biologische vader en zoon, maar

de 2 hoofdpersonen die een tijdje zo'n relatie deelden als ze net uit Egypte komen.

En ook de relatie van grootvader/kleinzoon wordt hiermee bedoelt, omdat Claudius zijn grootvader in zijn testament als vader beschouwt. Zie ook motto.



Motieven

- Het verwerven van geestelijke onafhankelijkheid=> Claudius noemt zichzelf 'Pro se' als hij terugkeert naar Rome Dat betekent 'Voor zich'. Dit laat zijn onafhankelijkheid zien

- Het vinden van de eigen identiteit =>

1) Urbanilla wordt bewust van eigen 'ik' voor het eerst.

2) Beide hoofdpersonen zoeken hun identiteit in verhouding tot elkaar en de omgeving; eerst helpen ze elkaar een nieuw bestaan op te bouwen, daarna zetten ze zich tegen elkaar af.

- Het geloof => het geloof zorgt voor wrijving tussen het bewind; officieel geloof, en het volk, dat nog heidense geloof aanhangt



Genre

Een psychologisch ideeënroman



Vertelwijze

Hoofdstuk 1 en 3 worden verteld door een alwetende verteller. Het verhaalt het proces, en het verleden in Egypte en vlak daarna. Het heeft een wisselend perspectief.

Hoofdstuk 2 is een ik-verhaal. Het verhaal de geschiedenis van Claudius, en met name wat er vlak voor het proces is gebeurd.



Tijdsverloop

Leestijd is 148 blz.

De verhaaltijd bestaat uit 3 tijdslagen.

1. Heel vroeger, dat Hadrianus en Klafthi uit Egypte komen, en zich aanpassen aan de Romeinen.

Ze krijgen ruzie en Klafthi, die inmiddels Claudius Claudianus heet, wordt verbannen.

2. Na de verbanning komt Claudius terug en wordt hij Pro se genoemd. Een tijdje voor het proces is tijdlaag 2, op het moment dat Niliacus Rufus ontmoet en bij hem thuis komt.

3. Het nu, namelijk 2 dagen van het proces en de gevangenschap i.v.m dat proces.

Als hij zich nu voorsteld heet hij Niliacus = niemand

De tijden en de perspectiefen lopen door elkaar heen. De ene keer verteld het van Hadrianus zijn kant, de andere keer van Claudianus zijn kant. Het proces en verleden lopen door elkaar heen, door voortdurende flashbacks van Hadrianus. Het is dus niet chronologisch, en in feiten is er geen tijdsversnelling-vertraging omdat het gewone proces normaal wordt besproken en het verleden alleen gedachten zijn.



Titel

'Een nieuwer testament' heeft 2 betekenissen.

1) Letterlijk => als Claudianus in de gevangenis zit maakt hij een nieuwer testament. Zijn gedichten zijn een testament voor Rome, maar hij wil een testament maken en opdragen aan Eliezar, omdat Hadrianus verteld heeft dat hij geen slaaf was, maar kleinzoon van Eliezar. In dit testament beschouwt hij Eliezar als zijn vader en legt hij het een en ander uit.



2) Als toespeling op de bijbel. Niet als een 3de deel val de bijbel, maar als een andere benaming voor de bijbel. Want in dit boek gaat het o.a. over de strijd tussen het oude geloof; de verschillende huisgoden en de offeringen met daarbij het goede oude Rome, en het nieuwe geloof, namelijk het Christendom. Dit is nu het officiele geloof en andere geloven worden als heidens gezien. Maar er zijn genoeg mensen die vinden dat nu met het intreden van dat geloof, het verval van Rome is begonnen. Zoals Rufus en Claudius. Ook in zijn letterlijke testament geeft hij nog af op het Christendom, dat Rome gekozen heeft voor 'de zoon', nl. Christus, zal een groot misverstand blijken waarschuwt hij.

Motto:

Qui fuerat genitor, natus nunc prosilit idem Succeditque novus: geminae confinia vitae Exiguo medius discrimine separat ignus. Uit eigen as wiekt hij omhoog, de zoon uit de vader, opvolger weer van zichzelf; tussen leven en leven kortstondige kwelling, slechts even: een drempel van vuur.

Ten eerste is dit het bestaande gedicht 'Phoenix' van Claudius Claudianus, ten tweede wordt dit motto goed uitgelegd in zijn 'Nieuwere Testament' . Opvolger van zichzelf omdat hij gedurende zijn leven naar een identiteit zoekt en nooit precies een zoon is geweest. Hij had geen echte vader, later Hadrianus, en ook even de demonische krachten van de offering, maar altijd is hij blijven zoeken. Hij beschouwt Eliezar nu als echte vader, omdat ze ten eerste familie zijn, maar Eliezar gezorgd heeft dat hij, als slavenjongen, een opleiding kreeg en naar Rome kon.



Ruimte

Het verhaal speelt zich af in Rome. En dan natuurlijk het historische, machtige Rome, vlak voordat het Romeinse Rijk uiteen zal vallen. Het lijkt een historische roman, maar dat historische element is alleen achtergrond voor het echte verhaal, namelijk het zoeken van identiteit en de verhouding vader/zoon.

De ruimte is dus wel belangrijk, het centrum van cultuur en van godsdienst en de keizer, maar niet voornaam. Het is wel geschikt om de tegenstelling tussen het oude en het nieuwe geloof duidelijk weer te geven.



Opbouw

Het boek bestaat uit 3 delen, zonder naam, en zijn voor de rest niet opgedeeld in hoofdstukjes.



Samenvatting

Hadrianus en Claudius Claudianus komen beide uit Egypte. Hadrianus is al bezig met carrière maken in Rome als hij bij een Joodse landeigenaar Eliezar in Egypte zijn kleinzoon Klafthi ontmoet.

Hij neemt hem onder zijn hoeden en stimuleerd zijn dichterschap. Hij wordt hofdichter, maar omdat steeds vol bewondering over de keizer's generaal Stilicho schrijft, wordt hij levenslang verbannen door Hadrianus onder het mom van geloof. Want Claudius zou zijn oude goden nooit ontrouw geworden zijn.

Maar Claudius komt terug als 'Pro se' en onderwijst de arme mensen. Hij ontmoet op een dag een groepje mimespelers, die hem willen in zijn groepje. Maar hij wil niet en als ze hem blijven achtervolgen wordt hij gered door Marcus Anicius Rufus, een belangrijke vertegenwoordiger van de heidense 'oppositie'.

Deze denkt een bondgenoot in hem te vinden en vraagt hem te wachten in zijn huis. Maar als de mimespelers bij hem thuis een voorstelling geven ter voorbereiding van een heidense offering, valt de politie het huis binnen en worden ze voor de prefect voorgeleid. De prefect en Claudius die zich nu Niliacus noemt herkennen elkaar meteen en oude herinneringen komen terug. Dit maakt Hadrianus aan het wankelen en aan het dromen en hij besluit naar de gevangenis van Claudius te gaan en zijn medewerking en vergiffenis te vragen.

Maar Claudius vraagt of hij een nieuw testament mag maken, een echt i.p.v. zijn gedichten.

Hij draagt zijn testament op aan zijn (groot)vader, en stelt zich hierin voor als de zoon tegenover de vader zoals ze dat graag zagen in Rome. Dit maakt op Hadrianus een grote indruk en hij besluit hem vrij te laten.

Claudius bleek een flesje met gif in zijn cel te hebben en Hadrianus neemt hem die af, en er wordt gesuggereerd dat Hadrianus het gif inneemt.



Haasse signaleert 3, niet gescheiden, lagen/niveaus van bewustzijn:

1. De onveranderlijke werkelijkheid; veranderlijkheid van het lichaam, ( tastbare werkelijkheid ) zoals de dood en de geboorte.

2. Het geloof en de wetten ( van een regent ). Samengevat: de cultuur.

3. Metafysische laag; de bovenaardse werkelijkheid. Dat is voor iedereen anders, maar dat is het belangrijkste en ongrijpbaar, want het zijn de dromen van de ziel; fantasieën.

Een extra element in haar werk is de centrale rol van de vrouw.

De vrouw is de schatbewaarder van het leven. Zij is de speelbal, maar ze is onbelangrijk geworden in de tegenwoordige tijd.



Kenmerkende kenmerken die ons groepje had gevonden:

- Ze maakt vaak gebruik van een wisselend perspectief

- Ze heeft altijd een motto

- Vaak gebruikte motieven: zelfontplooiing of identiteiten zoeken

- Veel gebruik van natuur en bloemen
Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen