U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : Jeroen Brouwers - Bezonken Rood.
Deze versie komt van http://www.collegenet.nl/studiemateriaal/verslagen.php?verslag_id=7503 en is laatst upgedate op Onbekend.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 1631 woorden.

Jeroen Brouwers, Bezonken rood





Leesdossier 2





  1. Leesautobiografie




  2. Leesverslagen:






Samenvatting:





Zie bijlage 2.





Beknopte analyse:





Zie bijlage 2.





Leeservaringsverslag:





  1. Thema


  2. Het boek is geschreven naar aanleiding van de dood van zijn moeder. Hij beschrijft

    hierin de haat-liefdeverhouding met zijn moeder. Later wordt het duidelijk dat zijn moeder

    symbool staat voor alle moeders. Ook krijgt hij een verhouding met een vrouw (Liza) die

    weer staat voor alle vrouwen. Hij kan met geen enkele vrouw een liefdesrelatie aangaan.

    Dit leidt tot een verlangen er niet meer te zijn. Maar de dood boezemt ook angst in. Dit

    samen leidt tot een diep isolement. Hij kan niet communiceren met de buitenwereld (symbool

    hiervoor is de mist en de mislukte telefoongesprekken). Dit alles wordt veroorzaakt door

    zijn kampervaringen. Hij voelt zich ook nog steeds schuldig over wat hij als klein

    jongetje in de kampen heeft gedaan. Hij heeft namelijk staan toekijken hoe vrouwen werden

    mishandeld door ‘de Jap’. Ook de wind is belangrijk in dit boek (‘niets

    bestaat dat niet iets anders aanraakt’). Het totaal beeld van het boek is erg

    pessimistisch.



    Ik vind het een heel interessant onderwerp, omdat het iets van ons verleden is waar nog

    steeds mensen onder lijden. Ook vind ik dat deze gebeurtenissen nooit vergeten mogen

    worden.



    Dit onderwerp valt niet binnen mijn belevingswereld, omdat ik zelf nooit in een kamp

    heb gezeten (of andere gevangenschap) en ook niemand ken uit zo’n kamp.



    Het onderwerp heeft mij wel aan het denken gezet. Ik vind dat dit nooit vergeten mag

    worden en zeker niet meer mag plaatsvinden. Ik had wel al eens over dit onderwerp

    nagedacht en dan naar aanleiding van boeken die ik gelezen heb over WO II, maar nooit heb

    ik nagedacht over het lijden van de mensen nadat ze uit de kampen zijn gekomen en hoe dit

    een verder leven kan beïnvloeden.



    Ik vind dit onderwerp zeker niet oppervlakkig. De schrijver spaart zichzelf absoluut

    niet en vertelt alle, soms beschamende, details.



  3. Intrige, plot.


  4. Het verhaal heeft naar mijn menig wel een duidelijke verhaallijn. Hij vertelt eerst

    iets uit het heden. Daarna laat hij zien hoe dit is gekomen door iets uit het verleden.



    De verhaallijn is heel logisch. Alle gebeurtenissen uit het heden hebben eigenlijk iets

    te maken met zijn kampverleden. Ik vind de gebeurtenissen soms wel moeilijk te combineren,

    maar dit vind ik ook de charme van het boek. Zelfs de titel heeft iets met zijn

    kampverleden te maken, bezonken rood: de zon was één van de martelwerktuigen van de

    Jappen.



    Ik vind het verhaal heel boeiend, omdat iemand hier een duidelijk boekje open doet over

    een van de ergste gebeurtenissen van deze eeuw. Het is wel een heel zwaarwichtig boek (het

    is geen kattenpis).



    De gevoelens die dit boek bij mij heeft opgeroepen zijn vooral ongeloof over hoe

    eerlijk iemand kan schrijven en hoe vreselijk de Jappen de mensen tijdens WO II behandeld

    hebben.



    Het boek is in een zwaar pessimistische sfeer geschreven. De thema's zijn ook erg

    pessimistisch (zie Thema). Het is heel erg moeilijk om je voor te stellen hoe het daar

    geweest moet zijn. Dit zijn, denk ik, zulke onmenselijke gebeurtenissen, dat je je

    onmogelijk in de hoofdpersoon kunt verplaatsen zonder zelf in soortgelijke omstandigheden

    te zijn geweest.



    Het boek blijft mij van begin tot eind boeien.



  5. Structuur.


  6. In dit verhaal hangt alles sterk met elkaar samen. Zoals ik al eerder heb vermeld heeft

    alles in het verdere leven van Jeroen Brouwers te maken met gebeurtenissen uit het

    verleden.



    Ik vind de opbouw ingewikkeld, omdat de schrijver vaak overschakelt van heden naar

    verleden en andersom. Het heden en verleden lopen dus ook door elkaar in het boek.



  7. Personages.


  8. De personages gingen niet voor mij leven omdat ik niets heb met het kampleven en ik heb

    ook nog geen traumatische ervaringen opgedaan die mijn leven zouden hebben kunnen

    beïnvloed. Ik raakte om deze reden ook niet echt betrokken bij de ik-persoon Jeroen

    Brouwers.



    Ik vind dat de personages zich hebben gedragen zoals het hoort. De ik-persoon verwijt

    zichzelf wel wat hij als kleuter heeft gedaan, maar ik vind dat dit normaal is voor een

    kleuter (iemand voor wie alles in het leven nog nieuw is en voor wie niets zelfsprekend

    is).



    Het enige waarin ik de hoofdpersoon niet helemaal kan volgen is de haat jegens zijn

    moeder. Hij neemt haar namelijk kwalijk dat hij haar in een ‘nieuw kamp’ heeft

    gestopt. En ik vind het raar dat de haat heel dicht bij de liefde voor zijn moeder ligt.



    De personages waar je het meest van komt te weten is Jeroen Brouwers zelf. Over zijn

    moeder zou hij weinig kunnen vertellen, want deze kent hij eigenlijk niet meer op het

    einde van haar leven.



  9. Stijl.






Ik had geen moeite met het taalgebruik, alleen met woorden die hij van andere

schrijvers geleend heeft. Octaviteit komt van het werk van H. Mulisch.





Het verhaal was wel beeldend geschreven en ik kon ook veel dingen voor me zien, zoals

het kamp en het jongetje met zijn ‘kostuum’ en met zijn helmpie op zijn

bolletje. Maar de echte gruwelijkheden vind ik moeilijk om me voor te stellen, zoals de

mensen die onwijs mager waren en vreselijk werden afgebeuld tijdens het kikkeren.





Ik vind de mannier van schrijven precies bij het verhaal wat hij wil vertellen passen.

Ze zijn allebei heel erg zwaar.





Er was in dit boek veel beeldspraak en verwijzingen. De titel, de mist, de

telefoongesprekken, octaviteit en citaten uit het werk van H. Mulisch zorgen er allemaal

voor dat dit boek wat moeilijker is dan normaal.





Voor verdere informatie over de stijl zie bijlage 2.





3. Balansverslag





  1. De boeken die mij vooral aanspreken zijn echt spannende boeken, zoals deze geschreven

    worden door Stephen King. Helaas mogen wij deze niet voor onze Nederlandse lijst lezen. De

    boeken die voor mij heel leuk waren zijn de verhalen die echt gebeurd zijn, In Afrika van

    A. van Dis vind ik een heel leuk boek. Ik kan me echt ergeren aan de onredelijkheden en de

    dictatuur in deze landen in Afrika. Er zijn daar echt gruwelijke dingen gebeurd waarvan ik

    het belangrijk vind dat ze op deze mannier door verteld worden. Een voorbeeld uit In

    Afrika van A. van Dis:


  2. Sergeant Tsuro heeft een hekel aan amnistiados. Hij vocht te lang tegen de bandieten om

    zich met de spijtoptanten te kunnen verzoenen. De afgehouwen hoofden telt hij niet meer.

    ‘Ze zijn wreed, ze snijden oren en lippen af en leggen hoofden langs de weg. Het zijn

    rituele moordenaars. Een leger van gevangenen zou zich nooit zo inspannen’



    Ook Bezonken rood vind ik een boek dat in datzelfde rijtje thuis hoort. Een stukje uit

    Bezonken rood:



    In een van die huizen, Tjitaroemweg 7, woonden wij met nog een tiental andere personen

    in de keuken, -wij bewoonden de aanrecht. Mijn moeder sliep op die aanrecht, en mijn

    grootmoeder, mijn zus en ik sliepen erin: mijn grootmoeder op de plank die het inwendige

    van de aanrecht in een boven- en een benedenhelft verdeelde, mijn zus en ik

    ‘gelijkvloers’, onder de slaapplaats van mijn grootmoeder.



  3. Ik denk niet dat er belangrijke teksten voor mij bij waren, behalve dan dat ze me af en

    toe amuseerden.


  4. Ik denk dat mijn hoogtepunten als lezer liggen op de momenten dat ik geen literatuur

    lees maar gewoon goede boeken van schrijvers als Stephen King. Ik lees vooral veel op

    vakantie. Anders lees ik gewoon gedwongen, omdat het moet voor Nederlands. Ik wil niet

    zeggen dat ik er geen plezier aan heb beleefd! Ik denk dat één van mijn dieptepunten wel

    Karel ende Elegast is geweest. Met dit boek heb ik niets en zal ik ook nooit iets krijgen.



  5. Ja, ik weet nu wat literatuur is en weet welke schrijvers belangrijk zijn geweest voor

    Nederland en Engeland. Ik ben het zeker meer gaan waarderen, omdat ik nu weet wat

    literatuur te bieden heeft. Ik zou nu zeker ook andere boeken gaan lezen voor mijn

    plezier. Nu kan ik ook boeken tegen een achtergrond plaatsen. Bij welke kunststroom ze

    behoren e.d.


  6. Ik weet nu waarom een boek belangrijk is geweest of waarom het ‘revolutionair’

    is geweest. Ik snap nu ook waarom andere mensen literatuur zo waarderen. Ook kan je nu

    beter bijvoorbeeld de thematiek van een boek begrijpen en zie je waarom de schrijver zo

    zijn boek op heeft gebouwd als hij heeft gedaan.


  7. Ik denk dat ik dit jaar het meest geleerd heb van de essay lessen en van de lessen over

    dit leesdossier. Zo leer je heel diep op een boek in te gaan en hoe je je

    achtergrondkennis (opgedaan in Dautzenberg) kan toepassen op een boek.


  8. Werkvormen waarbij je zelfstandig kon werken en overleggen. De lange uitleg lessen zijn

    voor me te lang en slaapverwekkend.


  9. Ik ga volgend jaar meer boeken over WO II lezen.






4. Gebruikte bibliografie





  • Stencil Leesdossier 5 ath.


  • Dautzenberg.


  • LiteROM.


Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen