Boekverslag : J.k. Rowling - Harry Potter En De Orde Van De Feniks
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 2417 woorden.

Primaire gegevens van het gelezen werk



Auteur: J.K. Rowling

Titel: Harry Potter en de Orde van de Feniks

Ondertitel: -

Opdracht: Voor Neil Jessica en David

Die mijn wereld magisch maken

Motto: -

Verschenen in: 2003

Uitgever: De Harmonie Amsterdam / Standaard Uitgeverij Antwerpen

Verwachtingen vooraf: De vier vorige Potter-boeken heb ik met veel plezier en daarom ook binnen een aantal dagen uitgelezen. Ik verwacht daarom dat het bij dit boek ook wel zo zal zijn.



Samenvatting van de inhoud



Na de terugkeer van de heer Voldemort in deel vier, moet Harry Potter zijn zomervakantie door brengen bij de Duffelingen. Belangrijke informatie mag niet worden gestuurd met de uil, omdat deze anders onderschept kan worden. Harry probeert ondertussen van het nieuws op de hoogte te blijven door stiekem onder een venster bank het nieuws mee te luisteren. Als hij op een avond samen met Dirk naar huis loopt, worden zij overvallen door twee dementors. Harry gebruikt de Patronum-spreuk en zorgt dat de demontors verdwijnen. Echter mogen spreuken niet worden gebruikt in de mensenwereld en moet Harry hiervoor bij het gerechtshof verschijnen, waar hij kans maakt om van school te worden gestuurd. Omdat Harry nu bij de Duffelingen gevaar loopt, wordt hij overgebracht naar het oude huis van Sirius, waar nu de Orde van de Feniks gevestigd is. Deze Orde houdt de heer Voldemort en zijn volgelingen in de gaten. Echter krijgt deze Orde geen hulp van het ministerie, omdat het ministerie niet gelooft dat de heer Voldemort is teruggekeerd. Immers Harry Potter alleen had de heer Voldemort gezien.

Met veel moeite wordt Harry bij het gerechtshof onschuldig verklaart en mag hij toch naar school. Op Zweinstein aangekomen, blijkt dat er een aantal veranderingen zijn doorgevoerd. Omdat Hagrid nog niet terug is, wordt professor Varicosus voorlopig de nieuwe lerares voor Verzorging van de Fabeldieren en ook is professor Omber aangenomen als nieuwe lerares Verweer tegen de Zwarte Kunsten. Professor Omber is werkzaam aan het ministerie, maar omdat Zweinstein geen andere professor kon vinden, heeft zij deze functie waargenomen. Harry kan het echter niet met deze professor vinden. Omber houdt bij hoog en laag vol dat Voldemort niet teruggekeert en Harry, die Voldemort zelf gezien heeft, kan zich natuurlijk niet in deze verklaring vinden. Ook vindt Omber dat de lessen Verweer tegen de Zwarte kunsten alleen theorie hoeven te bevatten. De leerlingen krijgen geen praktijk meer. Harry moet nablijven bij professor Omber, waar hij strafregels moet schrijven.

Professor Omber krijgt echter steeds meer macht op Zweinstein. De overige professoren zijn het hier ook niet mee eens, maar deze beslissingen worden vanuit het ministerie besloten.

Harry, Hermelien en Ron verzetten zich hier echter tegen door een groepje op te richten waar wel praktijklessen in spreuken gegeven worden. Dit groepje noemen ze de Strijders van Perkamentus.

Het jaar wordt voor Harry steeds lastiger. Leerlingen kijken hem vreemd aan, omdat er onwaarheden in de krant worden gepubliceerd. Omber maakt het hem steeds lastiger en hij mag daarom ook geen Zwerkbal meer spelen. Ook slaapt hij slecht. In zijn dromen ziet hij steeds een zware deur, maar telkens voordat hij bij de deur is, wordt zijn droom afgebroken.

Als Harry op een avond droomt dat meneer Wemel is aangevallen, beseft hij dat het geen droom is, maar dat hij door de ogen van Voldemort kan kijken. Hij waarschuwt de leden van de Orde en dan blijkt dat wat hij gezien heeft echt gebeurd is. Perkamentus vindt dit verontrustend en zorgt ervoor dat Harry lessen van Professor Sneep krijgt, om zich tegen dit soort gedachten te verzetten. Als Harry namelijk kan zien wat Voldemort doet, dan is dit andersom ook mogelijk en dat mag natuurlijk niet. Harry neemt de lessen bij Sneep niet echt serieus en blijft dromen over de deur.

Tijdens het maken van de SLIJMBALlen valt Harry door vermoeidheid in slaap en ziet hij Sirius liggen. Harry denkt dat het geen droom is, maar werkelijkheid. Samen met Hermelien, Ron, Loena, Ginny en Marcel gaat hij op zoek naar wat er met Sirius aan de hand is. En komt Harry veel te weten, wat hij eigenlijk niet wilde weten.



Titelverklaring



De orde van de Feniks is een groep tovenaars die zich verzetten tegen Voldemort. Deze groep probeert te achterhalen wat Voldemort van plan is en probeert deze plannen ook te dwarsbomen.



Opbouw



Het boek bestaat uit 38 hoofdstukken, die allemaal ongeveer evenlang zijn. Het boek heeft 668 bladzijden.



Taalgebruik



Het boek is heel makkelijk uit te lezen. Wat ik erg bijzonder vind aan de Harry Potter-boeken, en dus aan de schrijfstijl van J.K. Rowling, is dat zij op een makkelijke manier een hele situatie weet te beschrijven. Ik kan voor me zien hoe het er is, maar hoef me niet door het boek door te “bijten’, wat anders wel vaak is, omdat er dan veel bijvoeglijke naamwoorden gebruikt worden.



Ook gebruikt Rowling erg veel spreektaal. De inhoud van gesprekken wordt niet verteld, maar de letterlijke tekst staat er. Ook dit maakt het boek wel levendig.



Tijd

Het verhaal vindt plaats in deze tijd. Echter zou de tovenaarswereld achter de gewone wereld bestaan en zouden wij als gewone mensen hier niets van weten.



De tijd in het boek verloopt chronolisch. Er wordt soms wel gebruik gemaakt van een flashback, maar dan op de “tovenaarsmanier”. Zo ziet Harry wat er in het verleden van proffessor Sneep gebeurd is, maar dat ziet hij door gebruik te maken van de Hersenpan.



Plaats en ruimte




Het verhaal speelt zich op verschillende plaatsen af, maar hoofdzakelijk op Zweinstein en in het hol van de Orde van de Feniks. Verder gaan de leerlingen nog naar Zweinsveld. En begint het verhaal natuurlijk weer bij de Duffelingen, waar Harry de vakantie doorbrengt.



Spanning



De spanning in het boek verloopt wisselend. Zo is het in het begin en het einde van het boek zeer spannend, maar tussenin is het boek soms zelfs een beetje saai, er gebeurt weinig.



Vertelperspectief



Het boek wordt verteld door de ogen van de Algemene Verteller. Deze verteller ziet en hoort alles, maar voornamelijk kent hij de gedachten en gevoelens van Harry. Dit is vooral te merken, wanneer Harry omgaat met Cho, het meisje waar hij verliefd op is. Hij krijgt weinig hoogte van de manier waarop Cho zich gedraagt. Echter als lezer weet je ook niet wat Cho voelt of denkt, waardoor je je beter in Harry kunt inleven.



Personages



Harry Potter

Harry Potter is de persoon waar de hele serie om draait. Hij is de hoofdpersoon in het verhaal. Harry is een jongen van 15 jaar, die het andere geslacht begint te ontdekken, met alle onzekerheden als gevolg.

Harry is een gevoelige jongen. Hij is er onzeker. Ondanks dat hij wordt gezien als een “heilige”, probeert hij zich zo normaal mogelijk te gedragen. Hij vindt het gestaar en gewijs ook heel erg vervelend. Harry is wel een durfal. Hij heeft zich al redelijk vaak in de nesten gewerkt hierdoor.

Harry heeft geen vader en moeder meer, maar heeft nu zijn vaders beste vriend, Sirius leren kennen.



Ren Wemel

Ron is Harry’s beste vriend. Ook Ron is 15 jaar. Hij is ook een durfal, maar denkt iets langer over de dingen na voordat hij zich erg instort. Ook Ron is heel onzeker. Dat is vooral te zien in het boek, wanneer Ron mee moet doen met een Zwerkbal wedstrijd. Hij is zo zenuwachtig dat hij alle ballen doorlaat, tot ergenis van zijn medespelers.



Hermelien Griffel

Hermelien is ook een goede vriendin van Harry. Hermelien is het intelligenste meisje van de school. Ze mag hierdoor zelfs meer lessen volgen dan anderen. In de eerste twee tot drie delen was Hermelien een beetje truttig en durfde zich in bijna niets te storten. Nu doet ze met alles mee en bedenkt zelf ook plannen. Zo is het clubje Verweer tegen de Zwarte kunsten door Hermelien bedacht.



Albus Perkamentus

Professor Perkamentus is het schoolhoofd van Zweinstein. Hij is al oud en heeft al veel dingen meegemaakt. In het boek negeert hij Harry in het begin. Later blijkt dat Harry voor Perkamentus erg speciaal is en dat hij Harry alleen wilde beschermen.



Sirius Zwarts

Sirius is de beste vriend van de vader van Harry. Hij is Harry’s peetvader. Hij wordt ervan verdacht de ouders van Harry te hebben verraden waarna ze vermoord zijn door Voldemort. Sirius Zwarts zat jarenlang vast in Azkaban, maar is hier in deel drie uit ontsnapt.



Draco Malfidius

Malfidus is medeleerling en aartsvijand van Harry, een echte klier. Malfidus vader behoort tot één van de aanhangers van Voldemort.



Marcel Lubbermans

Marcel is een medeleerling van Harry. Zijn ouders zijn door één van de aanhangers van Voldemort gek gemaakt. Marcel komt in de vorige delen erg klunzig over, maar als hij hoort dat degene die zijn ouders gek heeft gemaakt ontsnapt is, dan doet hij heel erg zijn best om de spreuken goed onder de knie te krijgen.



Cornelius Droebel

Droebel is de Minister van het Ministerie van Toverkunst. Hij wil niet geloven dat Voldemort is teruggekeerd en zal daarom iedereen die het andere verklaart voor gek verklaren.



Rubeus Hagrid

Hagrid is de leraar Verzorging van Fabeldieren van Harry. Hij is één van de beste vrienden van Harry, Hermelien en Ron. Hagrid is een half reus. Hij lijkt heel eng, maar is eigenlijk erg lief, maar houdt er wel vreemde gewoonten op na.



Thema



Ik heb geen algemeen thema in het boek kunnen zien. Ik denk daarom dat het thema de tovenaarswereld is.



Genre



Het genre is een kruising tussen fantasy en avontuur.



Eigen literaire recensie



Ik verwachtte dat dit boek hetzelfde zou worden als de vorige vier boeken. Net zo spannend en net zo leuk, en dat ik het daarom net zo snel uit zou lezen. Ik schrok toen ik het boek zag. Ik was ervoor gewaarschuwd, maar vond te dikte van het boek wel heel erg dik. Toch ben ik vol goede moed aan het boek begonnen.

Tot een bladzijde of 200 heb ik het boek moeiteloos doorgelezen. Spannende gebeurtenissen volgden elkaar op. Tot een bladzijde of 300 vond ik het boek echter saai, minder leuk. Daarna was het boek weer adembenemend spannend, maar volgden de gebeurtenissen zich wel erg snel op. Maar toch het blijft een Harry Potter. Persoonlijk vindt ik het één van de minste van de vijf, maar dat is mijn mening. Toch blijft de schrijfstijl van J.K. Rowling heerlijk om te lezen. Zoveel preciesteit in zo weinig woorden. Knap!



Mijn persoonlijke beoordeling



a. Vond je het een interessant onderwerp?

Ik hou niet van de magische wereld. Ik heb er ook nooit boeken over gelezen. Verhalen moeten voor mij echt zijn, niet een te ver van mijn bed show. Echter, voor Harry Potter maak ik een uitzondering. Het enige boek dat ik over de magische wereld lees. Maar het onderwerp vind ik dus eigenlijk niet interessant.



b. Was het onderwerp herkenbaar in je eigen belevingswereld of juist niet?

Nee, de tovenaarswereld is niet herkenbaar in mijn belevingwereld. Ik kan me er niets bij voorstellen. Toch is het boek zo beschreven dat het wel kan. Er kan een tovenaarswereld naast onze wereld bestaan zonder dat wij ervan weten. Immers in Harry Potter weten de “dreuzels” er toch ook niets van af.



c. Had je zelf wel eens nagedacht over het onderwerp of ben je door het boek juist aan het denken gezet?

Ik ben door het boek niet aan het denken gezet.



d. In hoeverre kwam het boek overeen met jouw gedachten of welke mening heb je over het onderwerp gekregen?

Ik heb door het lezen van het boek geen ander idee over de tovenaarswereld gekregen. Ik geloof nog steeds niet dat deze bestaat.



e. Werd het onderwerp oppervlakkig behandeld of had het voldoende diepgang?

Het boek het zeker voldoende diepgang. Rowling beschrijft ieder potje, ieder dekseltje; alles beschrijft zij precies. Je kunt je heel goed voor de geest halen hoe het er allemaal moet hebben uitgezien.



f. Ken je boeken of films die over hetzelfde onderwerp gaan?

Ik ken genoeg films en boeken die over deze wereld gaan. Ik heb er weleens een aantal films over gezien, maar niet zo heel erg veel.



g. Wat was het belangrijkste in het boek: de gebeurtenissen of de gevoelens en de gedachten van personen?

Moeilijk, omdat in dit boek de gedachten van Harry ook een grote rol spelen. Harry wordt verliefd en voelt zich machteloos door de situatie. Maar ook de gebeurtenissen spelen een zeer belangrijke rol. Het boek was anders nooit zo spannend geweest.



h. Kwamen er te veel gebeurtenissen in voor of was het aantal juist goed?

Er kwamen een hoop gebeurtenissen in het boek voor. Het aantal gebeurtenissen was goed. Misschien dat ze iets beter over het boek heen verdeeld hadden kunnen worden.



i. Vond je de gebeurtenissen spannend, saai, opwindend, romantisch, fantastisch, triest, enz?

De meeste gebeurtenissen waren erg spannend.



j. Vonden er schokkende gebeurtenissen plaats?

Ja, sommige gebeurtenissen zijn erg schokkend. Maar daar zal ik niets over verklappen.



k. Hoe heb je de afloop ervaren?

Ik vond de afloop een beetje plotseling. Het laatste gedeelte gaat wel heel erg snel.



l. Kwam de hoofdpersoon levensecht over?

Rowling beschrijft de hoofdpersonen levensecht. Jammer is alleen dat ik de film gezien heb en dat ik dus steeds deze mensen bij de personen plaats.



m. Kon je je goed inleven in de hoofdpersoon?

Ja, de onzekerheid van het puber zijn, dat kon ik me wel voorstellen. Dat leek toch wel het meest op de dingen in het normale leven, zeg maar.



n. Herkende je bepaalde eigenschappen van de hoofdpersoon in jezelf?

Het meest herkende ik de onzekerheid van Harry.



o. Herkende je enkele personen in je eigen leefwereld?

Nee



p. Ben je door het gedrag van de hoofdpersoon beïnvloed?

Nee



q. Zou je de hoofdpersoon anders laten handelen als jij de auteur was geweest?

Nee



r. Vond je het verhaal moeilijk opgebouwd of kon je het vlot lezen?

Het verhaal was heel makkelijk opgebouwd. Ik heb over de meer dan 600 pagina’s ongeveer 10 uur gelezen. Niet zo heel veel, toch?



s. Welke delen vond je spannend en kwamen die op het juiste moment?

Ik vond vooral het eerste deel erg spannend. Je weet dan niet wat er aan de hand is, maar er gebeuren heel veel dingen. Elke keer als Harry naar buiten gaat, dacht ik dat het verkeerd ging.



t. Vond je de afloop onbegrijpelijk, onbevredigend, verrassend of flauw?

De afloop was erg plotseling en had misschien wat uitgebreider gemogen, maar was wel heel erg spannend.



u. Vond je het taalgebruik moeilijk of makkelijk?

Het taalgebruik was erg makkelijk.



v. Vond je dat de gebeurtenissen op een heldere wijze werden beschreven, zodat je een goede voorstelling kon maken?

Ik kon de situatie heel goed voor de geest halen. De gebeurtenissen waren helder en duidelijk beschreven. Soms zo duidelijk dat ik twijfelde als ik eraan dacht of ik het niet in een film gezien had. Zo levendig zag ik het voor me.
Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen