U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : Renate Dorrestein - Verborgen Gebreken.
Deze versie komt van http://www.studentsonly.nl/uittreksels/bv.asp?BvID=483 en is laatst upgedate op Onbekend.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 1656 woorden.

Bibliografie
Jaar van uitgave: 1996


Samenvatting
B. Korte inhoud

Christine Jansen (10) is een meisje dat seksueel misbruikt wordt door haar halfbroer Waldo (16). Wanneer ze hem op vakantie in Schotland per ongeluk vermoordt, besluit ze samen met haar halfbroertje Tommie (4) weg te lopen. Ze belanden bij de zeventigjarige Agnes Stam. Agnes verblijft in het zomerhuis van haar familie, dat ze samen met haar ondertussen overleden broers opgeknapt heeft. Doordat ze helemaal opgaat in de herinneringen aan haar broers, vraagt ze zich niet af waarom de kinderen weggelopen zijn. Ze is eigenlijk wel blij dat ze niet alleen meer is. Pas na een paar dagen beseft ze dat de politie naar hen op zoek is. De kinderen terugbrengen kan nu niet meer, ze zou zeker als ontvoerder worden aangezien.
Ondertussen komt Agnes erachter dat haar schoonzusje het huisje wil verhuren, de familie stoot haar uit nu haar broers dood zijn. Voor hen is ze de gekke oude tante, die nooit een man heeft gehad. Zonder haar broers is Agnes niets meer en ze zal voor altijd in haar herinneringen blijven steken.
Christinen merkt dat het niet goed met Agnes gaat en wil haar graag helpen in dank voor de opvang. Als Christine denkt dat een inspecteur van het verhuurbedrijf Agnes mishandelt, bedreigt ze hem met een geweer. Ze weet niet dat het geladen is en zodoende schiet ze hem neer. Agnes krijgt van schrik een beroerte. De man kan wegkomen, maar sterft later aan zijn verwondingen.
Als Agnes weer bijkomt beseft ze dat alles vreselijk uit de hand gelopen is en dat de kinderen direct terug naar de ouders moeten.
Agnes wordt gevonden door de buurvrouw en meegenomen. De gedachte dat haar glazen oog nog in het huisje ligt, is voor haar geruststellend, zo zal ze altijd van het uitzicht daar kunnen genieten.
In werkelijkheid heeft Tommie het echter meegenomen.
De kinderen zijn weer terug en opgewekt gaat het gezin op zoek naar Waldo. Christine weet namelijk misschien wel dat hij niet meer kan leven, maar ze maakt zichzelf wijs dat hij niet dood is. Hun moeder denkt dat hij bergen beklimmen is op een ander eiland...

C. Uitgebreide mening

De gebeurtenissen in dit boek zijn aan de ene kant onwaarschijnlijk, maar aan de andere kant toch ook weer niet. Overal lees en hoor je dingen over kindermishandeling. Het komt voor en dat weten we allemaal. Toch vind ik dit wel erg extreem. De oudste broer mishandelt de 2 jongere kinderen en die zijn er ‘blij’ mee. Chris heeft het gevoel dat ze van haar moeder weinig aandacht krijgt. Ze heeft het gevoel dat ze overal de schuld van krijgt, ook al heeft ze het niet gedaan. Ze durft niet tegen Waldo te zeggen dat ze liever rookbommen met hem maakt omdat ze bang is ook zijn aandacht te verliezen.
Alhoewel er in dit boek verschrikkelijke gebeurtenissen voorkomen, heb ik ze niet als schokkend ervaren. Je weet dat Chris misbruikt wordt, maar tijdens het boek wordt ze niet misbruikt. Waldo is dood, dus kan hij haar niet meer misbruiken. Het is ook niet de bedoeling van de schrijfster om van deze gebeurtenissen geschokt te raken. In haar boeken komt altijd kwaad voor, zo ook in dit boek. Wel verandert dit boek je mening over kindermisbruik. Het klinkt misschien vreemd, maar er komt ook iets positiefs over misbruik in voor. En dat is dat Chris zich er ‘beter’ door gaat voelen, ze krijgt aandacht en dat doet haar goed. Daardoor voelt ze zich bijzonder.

Agnes schrikt helemaal niet als ze de kinderen in de auto ziet zitten, ze doet ook geen moeite om erachter te komen wie ze zijn en waarom ze weggelopen zijn. De eerste uren vergeet ze zelfs helemaal dat ze er zijn en ze verzint zelf een paar namen. Ik vind dit allemaal erg onwaarschijnlijk, zelfs als je kijkt naar de toestand waarin Agnes verkeerd. Ik zou de kinderen zeker gaan uithoren over de reden van hun weglopen en later de politie bellen of een hulpverleningsinstituut.
Ik kon me dus eigenlijk helemaal niet inleven in Agnes, maar dat zal ook wel komen door het grote leeftijdsverschil en haar verleden. Ze is in een heel ander gezin opgegroeid dan ik ben.
Bij Christine kan ik me nog beter iets voorstellen. Doordat ze misbruikt wordt door haar broer en het afstandelijke gedrag van haar moeder heeft ze een heel eigenaardig karakter gekregen en weet ze niet wat normale aandacht is. Ik kan me goed voorstellen dat incest zo’n inbeuk maakt op een kind. Hoewel Christine Waldo vermoord heeft, zie ik haar niet als moordenaar. Dat is ook zeker niet de bedoeling van de schrijfster.
Net als in andere boeken van Renate Dorrestein speelt ook hier feminisme een rol. Waldo komt er slecht vanaf, Jaap (de huidige vriend van Sonja) ook niet echt goed, maar dat vind ik niet echt terecht. Hij doet wel zijn best te om een goede sfeer te creëren in het gezin. Tommie is de enige man die er goed vanaf komt, maar hij is ook pas vier jaar. De inleidende zin van het boek vind ik ook erg overdreven: ‘Dit is een onbelangrijk boek, want het gaat over de gevoelens van vrouwen in een huiskamer’. Dorrestein lijkt een mannenhaat te hebben. Aan de andere kant vind ik het ook wel weer goed dat ze voor haar mening durft uit te komen.

Het verhaal is geschreven vanuit een wisselend perspectief, de meeste achtergrondinformatie kom je te weten door de gedachten van Agnes en Christine. Ik stoorde mij wel aan de onduidelijkheid van hun gedachten. De lezer moet zelf invullen wat er precies gebeurd is, als je niet aandachtig leest snap je de ‘tips’ niet en begrijp je de bedoeling van het verhaal niet. Agnes heeft veel flashbacks, de meeste zijn niet essentieel voor het verhaal.
Ondanks de flashbacks vond ik het verhaal niet spannend, dat kwam vooral door het geringe aantal belangrijke gebeurtenissen. Het verleden van een oude, eenzame vrouw interesseert me niet.
Het goede aan de opbouw van het verhaal vind ik dat de lezer wel weet dat Christine Waldo heeft vermoord, maar dat de mensen uit het boek het zelf niet weten. Daarom is het einde erg goed, het is eigenlijk wel grappig dat mensen op zoek gaan naar een dood persoon, maar ook heel triest omdat Christine niet beseft wat ze gedaan heeft.
Het taalgebruik in dit boek was vrij simpel, met name de dialogen. Dat komt omdat Chris pas 10 jaar oud is en nog niet zoveel ingewikkelde worden kent. Dorrestein heeft alles was Chris zegt of denkt dan ook makkelijk geformuleerd, al klinkt ze soms wel erg volwassen. Op momenten dat ze zich sterk voelt denk ze bijvoorbeeld vaak: ‘Ik ben een engel met een tweesnijdend zwaard. Ik ben de Engel van gerechtigheid.’. Ik kan me niet voorstellen dat een kind van tien jaar begrijpt wat dat betekent, ik begrijp zelf niet helemaal wat ze ermee bedoeld.
Als Agnes en Chris een gesprek voeren is het taalgebruik makkelijk. Als je als volwassenen met een jong iemand gaat praten, ga je ook geen moeilijke woorden gebruiken.
Het taalgebruik was wel beeldend genoeg om je iets voor te stellen. Er zaten ook veel omschrijvingen in van het huisje en de omgeving waardoor het beeldend maken van de tekst gemakkelijk ging.

D. Titelverklaring

‘Verborgen gebreken’ slaat op de gebreken binnen de families Jansen en Stam.
Het gezin Jansen is ‘gebroken’, de drie kinderen komen van drie verschillende mannen. Sonja, Christines moeder, probeert haar falen bij de mannen te verbergen door zich na een mislukte relatie zo snel mogelijk weer in een nieuwe te storten. Door Sonja’s falend ouderschap weet Christine niet wat normale aandacht is en vindt ze de seksuele aandacht van haar broer niet eens heel erg. Ook de relatie tussen Sonja en Waldo is vreemd, maar of er een seksuele relatie tussen hen bestaat is niet uit het verhaal te halen.
In de familie Stam zijn er buiten Agnes uiterlijke gebrek, haar glazen oog, ook nog verborgen gebreken. De gebreken van haar broers, die Agnes pas ziet nu ze dood zijn, Agnes geheime verliefdheid op haar broer Robert en haar vereenzaming.
Het zijn allemaal zaken waarover in het dagelijks leven niet veel gesproken wordt, de hoofdpersonen praten er samen ook niet over, ze blijven dus ook verborgen.
Op pagina 103 (lijstersboek) komt de titel zelfs nog even expliciet ter sprake: ‘Elke familie heeft haar geheimen en haar verborgen gebreken. Intimiteit heeft een prijs.’

E. Belangrijke passage

De passage waarin Christine haar halfbroer Waldo in het water gooit, waarbij zijn hoofd de kade raakt is erg belangrijk. Anders zou je als lezer ook niet helemaal begrijpen waarom Christine wegloopt en waarom het einde van het boek zo cynisch is.
De passage is in het begin van het verhaal, al het andere wordt door deze gebeurtenis door de lezer anders gelezen, dan wanneer je niet zou weten dat Christine hem vermoord heeft. Zonder deze gebeurtenis zou het een ‘en ze leefden nog lang en gelukkig’ verhaal zijn.

Op de morgen van hun vertrek naar het volgende eiland mogen Christine en Tommie alleen op pad. Waldo heeft besloten alleen verder te reizen om te klimmen, ook al mag dat niet van Sonja. Ook hij zal ‘s middags vertrekken.
Wanneer Christine en Tommie in de regen wat rondslenteren over de kade van het havenstadje komen ze Waldo tegen. Waldo zegt dat hij alleen verder zal reizen en dat ze niks tegen Sonja mogen zeggen. Hij geeft Christine geld om iets leuks van te kopen. Daar wil hij echter wel wat voor terug... Christine omhelst hem en denkt dat hij werkelijk om haar geeft. Omdat ze zo blij is gooit ze nog een keer haar armen omhoog. Waldo ziet dit echter niet aankomen en wordt door de slag op zijn borst uit evenwicht gebracht. Hij slaat achterover van de kade af, waarbij zijn hoofd de kade hard raakt.
Chris schrikt vreselijk en besluit samen met Tommie op de veerboot in de auto van een wild vreemde te klimmen, Agnes.


Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen