U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : Jan Hendrik Wolkers - Turks Fruit.
Deze versie komt van http://huiswerk.leerlingen.com/boekverslag/20476/ en is laatst upgedate op Onbekend.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 1470 woorden.

Naam auteur: Jan Hendrik Wolkers

Titel: Turks Fruit

Plaats van uitgave: Amsterdam

Uitgeverij: Meulenhoff

Jaar van uitave: 1995 druk 39 ( 1969 )

Aantal bladzijden: 214 bladzijden

Reeksnaam + nummer: Rainbow Pocketboek 234



Motto:

Op bladzijde 7 staat nog een stukje uit “De avonturen van Kuifje” vlucht 714. Een gesprek tussen Rastapopoulos en Carreidas over wie de allergrootste naarling is:

Rastapopoulos: Ik naar? Ik ben de grootste naarling van de wereld! Het is erg, maar toch echt waar!

Carreidas: O, nee, ik ben de grootste naarling van de wereld… En ik ben trouwens veel rijker!

Rastapopoulos: Misschien, maar ik heb mijn drie broers en mijn twee zusters geruineerd en mijn ouders uitgezogen… Nou, wat zegt u daarvan?

Carreidas: Dat is nog niks! Ik ben zo slecht geweest tegen mijn oudtante, dat ze gestorven is van verdriet!

Rastapopoulos: Nu heb ik er genoeg van! Vooruit, geef toe, dat ik slechter ben dan u!

Carreidas: Nooit! Hoort u dat? Ik sterf nog liever!



Structuur:

Het boek is ingedeeld in 19 hoofdstukken. Elk hoofdstuk heeft zijn eigen eigenschappen en een bepaald onderwerp staat centraal. Het verhaal bevat 2 verhaallijnen: de eerste gaat over de verhouding van de ik- persoon en Olga en de tweede gaat over de verwerking van het liefdesverdriet van de ik- persoon.

Het verhaal bevat geen of nauwelijks spanningbogen. De enigste spanning in het boek is dat Olga misschien nog beter wordt. Er bevindt zich in het boek geen climaxmoment. Het motorisch moment is wanneer Olga weggaat, daar draait immers het hele verhaal om. Het boek bevat een gesloten eind, want Olga sterft.



Verhaalfiguren:

Ik- figuur: Hij is een kunstenaar en beeldhouder. Hij heeft een relatie met Olga met wie hij ook getrouwd is. Deze relatie is ook zeer diepgaand. Als Olga hem verlaat weet hij niet meer wat hij moet doen, hij is radeloos. De vraag die hem door het boek bezig houdt is waarom. Waarom heeft Olga hem verlaten. Hij geeft zijn schoonmoeder de schuld, met wie hij een haat- relatie heeft. De ik- figuur is een vrij eenzaam persoon en heeft een open karakter.

Olga: Het boek draait de hele tijd om haar. Olga is een vrouw met rode haren en volgens de ik- figuur heeft ze een droomlichaam. Zij heeft een relatie met de ik- figuur gehad en daarna nog twee andere relatie. Olga is op een zeer jonge leeftijd gestorven aan een hersentumor en had een open karakter.

De moeder van Olga: Zij is een beetje ongevoelig. Als haar man overlijdt toont zij geen enkele motie. Doet al zijn bezittingen weg en leeft vrolijk verder. Zij heeft borstkanker gehad vandaar dat zij maar een borst heeft. Tegen Olga zij ze vroeger dat Olga zo hard had gezogen bij de borstvoeding dat de borst nu helemaal leeg was. Olga heeft dat verhaal lang gelooft. Zij heeft een gesloten karakter.

De vader van Olga: Een man die zich eenzaam voelt. Hij kan niet veel meer. Olga’s vader mot eigenlijk op dieet maar niemand houdt zich daar aan. Dat wordt later ook zijn dood. Ook hij heeft een gesloten karakter.

( Er is geen sprake van een karakter ontwikkeling )



Tijd:

Het verhaal speelt zich af in de jaren zestig. Dat kan je afleiden van de messen uit de tweede wereldoorlog die als relatiegeschenk dienen. Vanaf de ontmoeting tot het afscheid zitten enkele jaren. Olga trouwt in totaal driemaal, deze drie huwelijken worden ook weer verbroken. Olga is niet erg oud geworden, dus meer als 15 jaar zal de verhaaltijd niet zijn. ( Het tijdsverloop is nergens duidelijk vermeld. ) Het verhaal is niet chronologisch, er zitten grote flash – backs in. De ik- persoon kijkt dan terug op de verleden relatie met Olga. De effecten van sommige terugblikken zijn soms een beetje onduidelijk, ze zitten door het hele boek verspreid. De andere terugblikken zijn makkelijk en hulpvol omdat je nu weet wat er in de overgeslagen stukken in details is gebeurd.



Ruimte:

De plaats waar de meeste gebeurtenissen zich afspelen is in Amsterdam, in het atelier tevens woonruimte. Daar bedrijft hij ( de ik- figuur ) met veel meisjes, maar met nam met Olga, de liefde. (Deze ruimte past goed bij det thema's liefde en relatie.) Daar staat Olga vaak model en maakt hij veel beelden van haar. Daar verwerkt hij ook zijn verdriet, hij beleeft er goede en slechte tijden. Ook in Alkmaar speelt het verhaal zich soms af, daar woont Olga en daar is de winkel van haar vader “Hermes”. Ook in het ziekenhuis speelt het verhaal zich af, dat is in de tijd dat Olga ziek raakt en sterft. Het huis van Olga’s ouders komt ook in het verhaal voor.



Perspectief:

Het perspectief ligt bij de ik- persoon. Het verhaal wordt vanuit zijn ogen vertelt, daardoor kan je je heel goed inleven in het verhaal.

Het verhaal is subjectief omdat je alles door de ogen van de ik- persoon mee maakt. Het perspectief wisselt niet.



Titeluitleg:

Toen Olga op sterven la durfde ze alleen maar Turks fruit te eten omdat ze bang was om haar twee stifttanden te verliezen. Bijna aan het eind van het boek komt de titel in het verhaal terug.



Motto-uitleg:

Het motto gaat eigenlijk over een zinloze discussie tussen twee eenzame figuren, die allebei voor hun gelijk gaan. Omdat ook zij ( Olga en de ik- figuur ) eenzame figuren zijn is het voor hen het gelijk hebben van grote waarden. Het betreft een parallel met het tweede deel van het boek, waarin de zinloze gesprekken tussen de ik- figuur en Olga plaatsvinden.



Motieven:

De belangrijkste algemene motieven zijn:

 liefdesverdriet

 liefde

 hoop

 eenzaamheid

 aftakeling/ziekte

De belangrijkst verhaalmotieven zijn:

 dood: Olga gaat uiteindelijk dood at het definitieve einde is van de liefde tussen Olga en de ik- persoon.

 sexualiteit: dit is een poging tot het doorbreken van het isolement waar ieder mens inzit. Dit lukt echter niet en verslechtert de verhouding tussen Olga en de ik- persoon.

 jaloezie: Olga’s moeder is jaloers op het huwelijk van haar dochter en probeert dit op allerlei manieren te verstoren.



Thema:

Het hoofdthema van dit boek is liefde, de relatie tussen de ik- figuur en Olga. Het hele boek gaat daarover, het is een centraal probleem in het boek.

De ik- figuur was zo verliefd op Olga en hield zo veel van haar, dat hij ook intens verdriet had toen ze hem verliet. Hij sloeg alles aan gort en komt dagen zijn bed niet uit. Hij was helemaal verslagen. Hij heeft nooit meer “echt” van een vrouw gehouden. Olga bleef voor altijd bij hem in zijn gedachte. Steeds als hij een meisje ontmoette, wat geregeld voorkwam, vergeleek hij de meisjes steeds weer met Olga. Maar geen enkel meisje was wat hij wou, alles deed hem aan Olga denken.



Over de auteur Jan Wolkers:

Jan Hendrik Wolkers is geboren op 26 oktober1925 in Oestgeest. Hij was de derde in het gezin van elf kinderen. Zijn vader had in de jaren voor de oorlog een kruidenierswinkeltje. Dagelijks wordt er in het gezin uit de bijbel gelezen. Dit verklaart de grote bijbelkennis waarvan veel van zijn boeken getuigen. Als hij een jaar oud is krijgt hij bronchitis waarbij als therapie van stoombaden gebruikt wordt gemaakt. Bij een van de behandelingen loopt hij een verbranding op, een blijvend litteken op zijn slaap. Ook loopt hij astma op. Wolkers was niet een van de gemakkelijkste thuis, hij was snel zenuwachtig en had last van astma. Hij was een gevoelig persoon. Na de lagere school volgt hij de MULO die hij om een onbekende reden nooit heeft afgemaakt. In die tijd volgen ook verschillende baantjes. Dierenverzorger op het Fysiologisch Laboratorium. Tuinman op een landgoed. Wolkers heeft ook op het distributiekantoor gewerkt en in de conservenfabriek. Hij schrijft zichzelf in voor de Leidse Schilderacademie Ärs Aemula Naturae”. In deze tijd, de tweede wereldoorlog, sterft ook een van zijn broers. In het jaar 1947 trouwt hij voor het eerst, maar als hij in 1957 een beurs van de Franse regering krijgt en hij naar Parijs gaat om te erken wordt het huwelijk verbroken. Op 10 november 1958 hertrouwt hij.

Zijn literaire debuut was in november 1958, dat verscheen in ’t Podium. In 1961 verscheen zijn tweede verhaal “Het Tillenbeest”opgenomen in “sepatina’s petticaat”. In 1963 werd hij voor dat verhaal onderscheiden met de literaire prijs van de stad Amsterdam, uit protest tegen het optreden van de politie stuurt hij het geld terug. Het aantal boeken dat Wolkers heeft verkocht, inclusief de vertalingen Engels, Duits en Zweeds zal dat aantal boven de twee miljoen liggen. (Het precieze aantal is onbekend.)

Andere werken:

1961 Sperpentina’s Petticoat, verhalenbundel

1962 Kort Amerikaans, roman

1963 Gesponnen Suiker, verhalen

1964 De hond met de blauwe tong, verhalen

1965 Terug naar Oestgeest, roman

1967 Horrible Tango, roman

1969 Turks Fruit, roman

etc....







































Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen