U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : Louis Couperus - Langs Lijnen Van Geleidelijkheid.
Deze versie komt van http://www.studentsonly.nl/uittreksels/bv.asp?BvID=461 en is laatst upgedate op Onbekend.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 5711 woorden.

Bibliografie
Eerste druk: september 1900
Utrecht/Antwerpen, Veen Uitgevers, 1989


Samenvatting
1. Eerste Reactie.

Het eerste wat ik dacht toen het boek uit was, was dat een naturalistische roman lezen best wel meevalt. Een naturalistische roman kan ook spannend zijn. Ik vond Langs lijnen van geleidelijkheid een vrij spannend boek. Het is natuurlijk in naturalistische stijl geschreven waardoor een boek snel langdradig wordt. Ik vond dat met Langs lijnen van geleidelijkheid heel erg meevallen.
Wat me wel intrigeerde was het einde van het boek. Het eindigde heel raar. Aan de ene kant had ik wel verwacht dat het zo af zo lopen maar Louis Couperus laat je in het begin toch geloven dat alles weer goed komt. Dat Cornélie weer bij Duco gaat wonen en dat ze gaan trouwen. En in zekere zin komt alles ook weer goed. Alleen niet voor Cornélie maar wel voor Rudolf Brox. Hij heeft zijn mooie vrouw weer terug.

2. Analyse.

1. Titel, ondertitel en motto.
De titel van het boek Langs lijnen van geleidelijkheid is afgeleid dat alles wat er gebeurd geleidelijk komt en gaat.
Cornélie wil eerst niets van Urania Hope en de Nederlandse familie Van der Staal weten. Geleidelijk aan leert zij ze beter kennen en met mevrouw Van der Staal ook Duco van der Staal. Op deze wordt ze verliefd, maar ook dit gaat zo geleidelijk dat niet aan te wijzen is wanneer Cornélie echt meer voor Duco begint te voelen dan gewone vrienden.
Ook het pad van de liefde tussen Duco en Cornélie lijkt wel eeuwig te duren. Hun leven gaat geleidelijk verder en heeft een geleidelijk verloop. Ze bezoeken samen allerlei musea en andere bezienswaardigheden waar Cornélie eerst niets van wil weten. Door Duco leert ze de Romeinse kunst te waarderen. Het atelier leert Cornélie langzaamaan ook te waarderen. En later wanneer ze samen leeft met Duco wil ze er eigenlijk nooit meer weg.
Het boek heeft geen ondertitel en ook geen motto.

2. Schrijver.
Louis Couperus heeft in zijn leven vooral naturalistische romans geschreven. Vaak kwamen deze boeken eerst uit in De Gids in meerdere delen achter elkaar. Wanneer het werk aansloeg werd het door uitgever Veen uitgegeven.
Vaak komen in de boeken van Louis Couperus thema’s als “De onvrijheid van de mens” voor. Eigenlijk is een mens nooit echt vrij. Een mens is pas vrij als hij dood is. Hij heeft geen enkele verplichting meer na te komen en heeft zich aan geen enkele regel meer te houden.
Verder wordt in de boeken van Couperus vaak verteld in de derde persoon. Hij vertelt vanuit de belangrijkste personages uit het boek. De hoofdpersonen. Hij vertelt hun uiterlijke veranderingen en ook hun innerlijke verandering. Zo ontstaat er een objectief beeld van de personages en hoef je deze niet te beoordelen uit een beschrijving van een ander personage.

3. Genre.
Langs lijnen van geleidelijkheid is een naturalistische roman. De verklaring van dit genre zal nog even op zich moeten laten wachten. In de opdracht zal dit verder uitgediept en verklaard worden.

4. Thema.
Het thema is “De onvrijheid van de mens”. Cornélie de Retz van Loo heeft net als Duco van der Staal de illusie vrij te kunnen zijn. Veel mensen hebben die illusie. Om te kunnen leven buiten de maatschappelijke orde om. Helaas is dit eigenlijk nooit mogelijk. Je hebt altijd regels om je aan te houden en wetten om na te leven. Verkeersregels, schoolregelementen, en ga zo maar door. Pas als je dood bent ben je pas echt vrij. En als baby. Deze hebben immers geen besef van wat regels zijn.
Wij zitten gevangen in een wereld welke wij vrij hebben genoemd. Alleen omdat er geen dictatuur heerst. Veel mensen uit een dictatuur denken in Europa vrij te zijn. Eenmaal in Europa aangekomen vervaagt deze illusie snel.
Zo vervaagt ook de illusie van Cornélie om vrij te zijn. Ze ziet in dat ze nooit echt vrij zal zijn. Ze zal altijd een deel van Rudolf Brox blijven. Ze is dus gedoemd weer bij hem te gaan wonen en zijn kinderen te baren. Welke, als het meisjes zij, weer op zullen groeien om te trouwen en kinderen te krijgen.
Haar mogelijkheid om vrij te zijn wordt haar vooral ontnomen door haar vader, welke haar kapitaaltje verkwist op de beurs. Had dit niet plaatsgevonden was Cornélie waarschijnlijk bij Duco gebleven.
Hieruit valt dus duidelijk op te merken dat je vrijheid niet in je eigen hand hebt. Je vrijheid wordt bepaald door personen in je omgeving.

5. Motieven.
- De onvrijheid van Cornélie.
* Beeldende kunst
Aan de ene kant is zij artistiek. Ze heeft gevoel voor kunst en harmonie. Ze vindt het fijn met Duco musea te bezoeken en naar hem te luisteren wanneer hij vertelt over de Romeinse kunst. Ook toont zij veel waardering voor de schilderijen van Duco, welke hij meestal niet af maakt. Hij denkt hiermee de harmonie van de natuur t bederven. Cornélie vindt juist dat Duco met zijn schilderijen de harmonie van de natuur heel mooi weergeeft. Deze dingen komen vaak en sterk tot uiting in de verhouding met Duco.
* Koketterie en flirt
Aan de andere kant is Cornélie erg coquet. Zij flirt graag met mannen en koketteert ook graag. Zij laat graag aan mannen zien dat zij een mooie jonge vrije vrouw is. Dit komt vaak in uiting wanneer zij bij de prins is. Zij houdt ervan om hem te laten denken dat zij van hem houdt. Door met hem te flirten en te koketteren.
* Haagse opvoeding
Verder is Cornélie onvrij door haar opvoeding. Zij is opgevoed om te trouwen en kinderen te krijgen. Zelf betreurt zij dit wanneer ze samen woont met Duco. Ze is er niet toe in staat zelf haar brood te verdienen en moet leven op het beetje dat Duco verdient.
* Geld
Hoewel geld in eerste instantie niet belangrijk is voor Duco en Cornélie wordt het in de loop van het verhaal steeds belangrijker. Te denken aan de verkwisting van de vader van Cornélie van haar geld en de leningen die zij sluit bij Urania Hope.
* Omgeving
Ook is Cornélie onvrij door de omgeving van Rome. Zij vindt het hotel waarin zij eerst enige tijd verblijft lijken op een vogelkooi.

* Het verleden
Het verleden speelt ook een belangrijke rol in het boek. Duco leeft in een wereld van verleden maar vooral de kamers die Cornélie huurt doen denken aan het lijden van de mensen in het verleden. Zij kijkt hier uit op het Colosseum. Dit bouwwerk staat natuurlijk voor het lijden en de onvrijheid van de mensen in het verleden.
* Religie
De onvrijheid door de religie wordt vaak genoemd. Het begint al meteen met de jezuïet Rudyard welke probeert de mensen van pension Belloni tot het Roomse geloof te bekeren. Ook de Sint-Pieter in Rome staat symbool van de onvrijheid door de religie.
* Liefde
De liefde staat ook symbool voor de onvrijheid. De Eros van Praxiteles, de Amor, de Psyche en de Lipo Memmi’s Annunciatie-engel. De goden waren het immers die de vrouw de goddelijke taak toebedeelden kinderen voort te brengen en te verzorgen.
- Doolhofmotief.
Cornélia is dwalende. Ze is op zoek naar haar levensdoel. Ze is van haar pad afgeweken en moet haar weg door het leven, het doolhof weer vinden. In de roman komen veel woorden voor die wijzen naar het doolhofmotief. Onder andere: labyrint, meander, een duister doolhof, den purperen draad van hun leven, den gouden draad van hun leven.
- Het lijnenmotief.
Iedereen heeft een lijn een pad dat de richting van zijn leven aangeeft. Deze lijn moet steeds verder vloeien en dan langzaam overgaan in de dood. Als loop je een dal in. Voor andere mensen houdt het pad op in een afgrond en eindigt het leven abrupt.
Wanneer Cornélie en Duco een steeds Harmonischer leven gaan leiden lijkt het alsof hun lijnen voorbestemd zijn elkaar te kruisen. En in feite is dit ook zo. De lijn van Cornélie wijkt echter weer af van die van Duco en leidt haar weer in de richting van Roelof Brox.
Duco weet dit en schildert dan ook een vrouw die een heuvel afloopt. Cornélie vindt dat deze vrouw wel verdacht veel lijkt op haarzelf. En dit is dan ook precies de bedoeling van de schrijver.
- Handenmotief.
Handen spelen een belangrijke rol in de roman. Zij omhelzen elkaar vaak en houden elkaar vaak vast bij de hand. Dit geeft hen een teken van verbondenheid. Wanneer Cornélie echter weer vertrekt naar Roelof Brox moeten ze hun handen loslaten scheiden ook hun levenslijnen van elkaar.

6. Opbouw: hoe ziet het boek eruit?
A) De constructie, vorm van het boek.
Het boek bestaat uit 246 bladzijden waarna er nog een gedeelte volgt waar verbeteringen die eerst zijn aangebracht door een knecht van de uitgever, worden toegelicht. Eerst staat er het woord wat het was en daarna welk woord in deze versie van het boek zijn gebruikt en waar deze woord of woordgroep vandaan komt. Bijvoorbeeld uit het manuscript of uit een eerdere uitgave uit De Gids. Het boek telt 51 hoofdstukken welke genummerd zijn van I tot en met LI zonder titel. Dus in Romeinse cijfers. Dit heeft natuurlijk een speciale betekenis voor het boek omdat het boek zich voornamelijk afspeelt in Rome.
Het boek is onderverdeeld in twee episodes. Het eerste deel gaat tot hoofdstuk XXIX waarin Cornélie wordt voorgesteld aan Duco en zij langzaam naar elkaar toegroeien. In de tweede episode staat beschreven hoe Cornélie en Duco samenleven en hoe hun levens weer uit elkaar gerukt worden.
B) De inhoudelijke opbouw van het boek.
Het verhaal bestaat uit een vloeiende verhaallijn. Hier en daar vindt tijdsverdichting plaats. Er zijn geen flashbacks. Het is dus gemakkelijk de verhaallijn te volgen.
De spanning wordt opgebouwd naarmate het boek vordert. Het begint eigenlijk meteen vrij spannend. Een jonge vrouw die alleen op stap is in Rome. Daarna wordt de spanning iets minder maar wordt weer opgebouwd wanneer Cornélie Duco ontmoet. Hierna zakt de spanning weer iets in elkaar.
Wanneer de Prins probeert Duco te vermoorden omdat hij verliefd is op Cornélie wordt de spanning weer opgebouwd en weer afgebroken.
Ook wanneer Cornélie plotseling zo ziek wordt in Nice is het boek erg spannend. Het blijft dan ook spannend tot het einde wanneer Roelof Brox bij Cornélie in bed gaat liggen.
Het verhaal heeft een gesloten einde. Voor Cornélie is dit einde verhaal. Ze zal bij Roelof Brox blijven wonen en kinderen krijgen. Waarschijnlijk, als haar man dit toelaat, zal zij proberen de kinderen een opvoeding geven om hun eigen brood te kunnen verdienen. Vooral dochters zal zij waarschuwen voor dominantie van de man.

7. Personages.
Cornélie. Round character.
Cornélie de Retz van Loo is een mooie jonge vrouw van een jaar of 23. Ondanks haar vaak oude en zelfgenaaide kleren ziet ze er toch mooi uit.
Deze maakt een duidelijke ontwikkeling door. Ze veranderd van een onvrije vrouw in een vrije vrouw weer in een onvrije vrouw. Maar ze heeft wel veel geleerd en een fijne relatie met Duco van der Staal gehad.
Je weet wat zij voelt en ho zij over de dingen denkt. Zij is dus in alle opzichten een personage.
Duco van der Staal. Round character.
Duco is een jongen van een jaar of 24. Hij is niet erg knap maar wel artistiek. Hij houdt veel van kunst. Hij schildert dan ook graag zelf. Hij leeft eigenlijk het liefst in het verleden.
Duco maakt een verandering door. Eerst ziet hij het mooie van het leven niet. Hij denkt gelukkig te zijn, maar merkt dat hij pas echt gelukkig is als Cornélie bij hem is. Hij wil met haar trouwen en kinderen krijgen. Hij leert ook steeds beter zijn eigen kunst te waarderen en verkoopt zelfs veel van zijn werk. Iets dat hij in het begin nooit deed omdat hij de harmonie van de natuur zou verstoren.
Door Cornélie is hij heel gelukkig geworden en van zichzelf bewust geworden. Hij weet ook dat hij niet hoeft te trouwen om gelukkig te zijn.
Urania Hope. Round character.
Urania is een mooi jong meisje. Ze is vrij knap en praat graag. Ze heeft ook nog een broer op welke ze erg gesteld is.
Urania is in het begin een vrij meisje. De dochter van een tricotfabrikant. Ze houdt veel van adel en wil dan ook maar al te graag een Italiaanse titel dragen. Dit kan door te trouwen met de Prins.
Nadat ze met de Prins is getrouwd, is ze onvrij. Ze is heel ongelukkig. Ze weet zich echter in haar lot te schikken, want ze hoort nu bij de adel.
Urania maakt een duidelijke ontwikkeling door en je weet wat er in haar omgaat. Ze veranderd van een vrije in een onvrije vrouw. Een Personage.
De Prins. Flat character.
De Prins is een gewone jongeman. Hij is eigenlijk geen echte prins en wil eerst niets van Urania weten. Hij zwenkt echter voor het geld dat hij waarschijnlijk zal krijgen. Hiermee kan hij weer bals organiseren.
De prins blijft het hele verhaal door een type. Je kent weinig van zijn gevoelens en hij heeft ook geen speciale betekenis voor het verhaal. Daarom maakt hij ook geen speciale ontwikkelingen door.
Marchesa Belloni. Flat character.
Marchesa Belloni is een dikke vrouw en eigenares van het gelijknamige pension. Ze is de tante van de prins. Ze heeft het niet zo op Cornélie omdat dez in eerste instantie probeert het huwelijk tussen de Prins en Urania onmogelijk te maken.
Deze is niet van wezenlijk belang voor de roman. Zij speelt wel een rol als koppelaarster tussen de Prins en Urania, maar heeft verder geen speciaal doel. Zij heeft verder ook geen invloed op Duco van der Staal of Cornélie de Retz van Loo. Je weet verder niet precies wat er in haar omgaat. Je weet niet zoveel als van bijvoorbeeld Duco of Cornélie.

Rudolf Brox. Flat character.
Baron Brox is een sterke man. Hij is erg knap en heeft volgens Cornélie een warme mooie mannenstem. Voor deze stem en deze glimlach van zijn snor is zij destijds gevallen.
Hij maakt geen speciale ontwikkeling door. Hij blijft het hele boek door Cornélie achtervolgen en blijft bij zijn idee haar weer voor zich te winnen. Desnoods zal hij Duco vermoorden. Hij is een type en je weet niet precies wat er in hem omgaat. Je weet alleen dat hij in de hele Roman dominant aanwezig is en Cornélie weer terug wil. Kostte wat het kost.

8. Tijd.
Er is uit het boek niet op te maken in welk jaar het verhaal zich precies afspeelt. Er zijn geen goede aanknopingspunten om dit te bepalen. dit is voor het verhaal dan ook totaal onbelangrijk.
De vertelde tijd is een dik jaar. Van december tot het volgende jaar in januari. Hiervoor zijn verschillende tijden aan te duiden. ‘Het was Kerstmis’... (p. 38) ‘Het was een paar maanden na Paschen: het waren de lentedagen van Mei’ (p. 116) ‘...en de maanden droomden voorbij, in den blakenden zomer van Rome’ (p. 177) ‘Het werd September, Oktober...’ (p. 181) ‘...het was Januari’ (p. 196)
Dus een totaal van ongeveer 13 tot 14 maanden.
Er zijn in het verhaal enkele flashbacks. In deze flashbacks denkt Cornélie aan de tijd die ze samen met Brox heeft gehad, de tijd dat ze getrouwd was en nog in Den Haag woonde. Het verhaal is in chronologische volgorde verteld, dus zoals in werkelijkheid.

9. Vertelperspectief.
Het verhaal wordt verteld in de derde persoon. Dit betekent dat we te maken hebben met een alwetende verteller. Hij weet wat er in Cornélie omgaat en tegelijkertijd weet hij wat er in Duco omgaat. Jij weet dit dus ook en ergert je in het begin dan ook groen en geel dat Cornélie en Duco niet gewoon zeggen dat ze verliefd op elkaar zijn.
Als de schrijver een ander perspectief zou hebben gekozen zou het hele effect van het boek verloren zijn gegaan. Je kunt geen objectief beeld van de situatie vormen. Een vertellende ik vind ik altijd zo egoïstisch. Ik deed dit en ik deed dat. Je weet niet wat andere mensen ervan denken. Je moet door naar beschrijvingen van de vertellende ik te ‘luisteren’ een beeld vormen over andere personen.
In het echte leven is dit ook zo, maar in een boek vind ik dat soms heel erg vervelend. Omdat je weet dat het ook anders kan.
Het is maar net wat de schrijver het beste bij het boek vind passen. Soms kan een vertellende ik ook heel erg spannend zijn. Je weet juist niet wat zich afspeelt in die rotkoppen van je medeburgers. Je moet maar zien hoe ze regens op reageren.

10. Ruimte.
Het verhaal speelt zich voornamelijk af in Rome. Rome is een cultuurstad, een stad die vaak wordt gezien als heel erg romantisch. Al die oude gebouwen en die ruïnes. Daarom speelt deze romance zich waarschijnlijk af in Rome.
Enkele andere plaatsen zijn bijvoorbeeld Nice, San Stefano, Florence, Nice en ook nog enigszins in Den Haag. Den Haag heeft een iets diepere betekenis omdat Cornélie hier is opgegroeid. Dit heeft een grote invloed op haar latere leven.

3. Samenvatting.

Cornélie de Retz van Loo, die in Den Haag gescheiden is van Baron Rudolf Brox, reist alleen rond in Italië. Zij beschikt over een klein vermogen, dat beheerd wordt door haar vader en dat haar in staat stelt als onafhankelijke vrouw te leven. Zij komt tegen de winter aan in het pension van de marchesa Belloni te Rome, Waar zij een bont gezelschap aantreft. Te midden van Engelsen en Duitsers bevindt zich ook een mevrouw Van der Staal, een Hollandse, die met haar dochters en zoon Duco Rome bezoekt. In het pension is ook een jezuïet, Rudyard, die tracht de bezoekers tot het Roomse geloof te bekeren.
Bij het gezelschap voegt zich Urania Hope, een Amerikaanse, dochter van een tricotfabrikant, die dol is op alles wat adellijk is.
Rome valt Cornélie tegen, maar de dromerige Duco van der Staal, die elke zuil in Rome kent, brengt Rome voor haar tot leven. Geleidelijk aan ontstaat er een romance tussen de met het feminisme sympathiserende Cornélie en de in het verleden levende Duco.
Met Kersmis komt in het pension Virgilio di Forte-Braccio, familie van de marchesa. Cornélie vangt een gesprek op tussen de marchesa en de prins, waaruit blijkt dat de marchesa probeert Urania voor veel dollars aan de in geldnood verkerende prins te koppelen.
Cornélie waarschuwt Urania voor de bedoelingen van de prins en haar waarschuwingen lijken succes te hebben. Maar Urania is zo dol op adel, dat zij uiteindelijk toch zwicht. De gedachte een Italiaanse titel te mogen dragen, doet haar besluiten met de prins te trouwen.
De prins trouwt dan weliswaar om het geld met Urania, maar in wezen is hij dolverliefd op Cornélie. Zij flirt wel met hem, maar wil niet verder gaan. De prins wel. Zij geeft aan zijn verlangens niet toe.
Cornélie is inmiddels een heuse relatie begonnen met Duco van der Staal. Het is een meer platonische relatie, waarin de vleselijke lusten geen grote rol lijken te spelen, hoewel Cornélie en Duco ten minste eenmaal met elkaar naar bed gaan.
Cornélie schrijft in Rome een artikel over: “De Maatschappelijke Toestand der Gescheiden Vrouw”, dat geplaatst wordt in het feministische tijdschrift: “Het recht der Vrouw”. Dit artikel verschijnt ook als brochure. Haar publikaties vestigen haar naam als feministe.
Een moeilijke tijd breekt voor Cornélie aan als haar vader haar vermogen door speculaties op de beurs verkwanselt. Nu moet zij van haar pen leven, en wordt afhankelijk van Duco, die ook niet veel heeft. Zij trekt bij hem in, in het atelier. Zij moet enkele van haar bezittingen verkopen, waaronder een armband, en moeten geld lenen van de prins, die er door zijn huwelijk ineens warmpjes bij zit. De prins geeft haar veel geld en koopt voor haar een kostbare armband. Zij vertelt dit niet aan Duco.
Zij zijn samen erg gelukkig. Dit geluk stimuleert Duco in zijn artistieke werkzaamheden en hij voltooid een aquarel, getiteld ‘Banieren’. Bovendien werkt hij aan een aquarel van een vrouw die langs hellende lijnen de afgrond in loopt...
Duco tot werken gewekt te hebben geeft Cornélie een gevoel van trots. Haar eigen feministische werk verschaft haar weinig bevrediging, zij gelooft er eigenlijk niet meer in, en dat verhindert haar voort te strijden voor het doel der Vrouwen.

Urania nodigt hen uit voor een bezoek aan het kasteel van San Stefano. Cornélie gaat een week eerder dan Duco. De prins blijkt echter zijn streken nog niet verloren te zijn. Tijdens een rondwandeling door het kasteel probeert hij de graag met hem flirtende Cornélie in de bruidskamer van het kasteel tot liefde te dwingen. Maar zij weerstaat hem en slaat hem zelfs in het gezicht. De prins is diep beledigd.
Urania heeft het niet echt naar haar zin in het kasteel, maar zij is tactvol en past zich goed aan.
Een week later komt Duco. Cornélie en hij hebben elkaar ontzettend gemist en bekennen elkaar, “onder een starren bepoeierde lucht”, hoeveel zij van elkaar houden.
De prins is nog steeds boos op Cornélie, omdat zij hem geen uur van liefde gegund heeft, en raakt nu bovendien jaloers op Duco, die wel ‘s nachts onder de pergola gekust wordt. Bij een ontmoeting van Duco en Cornélie komt hij plotseling tevoorschijn en provoceert Duco tot een gevecht. Daarbij trekt de prins een mes. Duco weet hem echter te overmeesteren. Cornélie besluit het kasteel te verlaten, Urania in tranen achterlatend.
Terug in Rome, in het atelier, vraagt Duco Cornélie met hem te trouwen. Zij schrikt. Zij houdt veel van hem, maar trouwen... “Iets waarschuwde haar in het diepst van zich: trouw niet , geef hem niet toe. Het is beter van niet, het is beter van niet...” Zij vraagt Duco weer te gaan werken; maar niet aan de aquarel met die vrouw die langs hellende lijnen loopt...
De volgende maanden - het wordt herfst - staan in het teken van geldgebrek. Duco verkoopt af en toe een schilderijtje, maar het levert weinig op om van te leven. Dan verschijnt Urania plotseling weer. Zij heeft een baantje voor Cornélie gevonden: gezelschapsdame bij de steenrijke, negentigjarige Amerikaanse Mrs. Uxeley, die ondanks haar leeftijd een uiterst opzichtig en feestrijk leven leidt in Nice.
Na een smartelijk afscheid van Duco komt Cornélie in Nice aan. Urania blijkt zich volledig aangepast te hebben aan het Europese society-leven. Op een van de feesten van Mrs. Uxeley ontmoet Cornélie haar ex-echtgenoot Rudolf Brox, die zij al eerder in Nice had zien lopen. Zij voelt dat hij een wezenlijk deel van haar is.
Cornélie vlucht naar Florence, naar Duco. Hij probeert haar ervan te overtuigen dat Brox geen macht over haar heeft als zij dat niet wil. Duco wil met haar trouwen. Maar zij kan niet, zij voelt zich niet vrij; zij voelt zich Brox’ vrouw, ook al houdt ze niet van hem. Het is een “al-oude wet, een oer-oud recht van man op vrouw, wet en recht van bloed en vleesch en allerinnigste merg!” (p. 235) die haar aan Brox bindt.
Cornélie keert terug naar Nice. Het is januari, een vol jaar nadat zij als ‘vrije vrouw’ in Rome introk in het pension van marchesa Belloni. Zij nemen hun intrek in een hotel waar Cornélie in bed kruipt om uit te rusten en om te wachten op Rudolf. “En zij wachtte hem af, ze luisterde naar zijn pas, zij verlangde, dat hij komen zou, haar vleesch trilde hem tegemoet.”
Als hij bij haar in bed ligt, voelt zij zijn “manmachtige overheersching, terwijl voor haar ogen in een duizeling en weemoed van zwart de droom van haar leven -Rome, Duco, het atelier - verzonk...” (p. 246)

4. Leeservaringsverslag.

1. Het onderwerp (thema).
Het thema of onderwerp van het boek is: ‘de onvrijheid van de mens’. Aan de hand van een verhaal of gebeurtenis wordt dit verder uitgediept. Cornélie is het voor-beeld. In haar leven merkt zij dat eigenlijk niemand echt vrij is. Ook al denk je dat je vrij bent, er zijn altijd regels waaraan je je moet houden waardoor je niet vrij bent.
Het is een interessant onderwerp om over na te denken. Hoe meer je erover denkt hoe minder comfortabel je je gaat voelen in je omgeving. Je bent pas vrij na je dood. Je hoeft nergens meer over na te denken. Je hoeft met niemand rekening te houden en hebt je aan geen enkele regel meer te houden. Veel mensen denken dat we in een ‘vrij’ land leven. Dit is dus puur bedrog. Zelfs als zwerver ben je in Nederland niet meer vrij. Er zijn nog steeds veel regels om je aan te houden.
Het probleem is duidelijk aanwezig, voor de onoplettende lezer is het niet aanwezig. Die leeft alleen met Cornélie mee en beseft de onderliggende gedachte van het boek niet.
Een boek lezen is niet alleen over de woorden heenvliegen, maar er ook over nadenken en beseffen wat de schrijver ermee bedoeld. Verder is het heel erg belangrijk je in die tijd te verplaatsen. Cornélie had hele moderne ideeën voor haar tijd. Het was bijna onmogelijk om te scheiden. Verder waren er geen regels voor de vrouw en laat staan hulp van familie, vrienden en de rechterlijke machten.
Het onderwerp is vrij zwaar. Het kan heftige emoties uitlokken. Ik vind het best wel een origineel onderwerp. Het is een onderwerp waar de meeste mensen og nooit over hebben nagedacht of over hebben willen nadenken. Terwijl het toch een voor de hand liggend onderwerp is.

2. De gebeurtenissen (intrige, plot).
De aandacht tussen de gebeurtenissen en de gedachten is volgens mij ongeveer evenredig verdeeld. Er gebeurt voor een naturalistische roman heel erg veel. Omdat alles heel overdreven beschreven wordt zou je denken dat het verhaal uit hooguit twee of drie gebeurtenissen zou bestaan. Dit is echter niet het geval.
Het verhaal is een samenloop van omstandigheden en besrust voornamelijk op toevalligheden. Ten eerste is het heel erg toevallig dat Cornélie Duco leert kennen. Voor hetzelfde was er een andere man geweest die de voorkeur van Cornélie gehad zou kunnen hebben. Verder was het heel toevallig dat Rudolf Brox in Nice was, net toen Cornélie daar ook was.
Wat ik wel vind is dat de gebeurtenissen boeiend en spannend verteld zijn. Sommige gebeurtenissen zijn erg dramatisch. Wanneer Cornélie terug gaat naar Rudolf Brox, daar kon ik mijn woede en wanhoop moeilijk verbergen. Wat denkt die Rudolf Brox wel niet? En wie is Cornélie om naar hem terug te gaan, terwijl ze weet hoe hij is.
De gebeurtenissen zijn wel geloofwaardig. Wanneer ik een boek niet geloofwaardig vind, heb ik al gauw de nijging het boek dicht te slaan en met het boek te stoppen. Ik leefde heel erg mee. Het blijft me toch steeds weer verbazen, dat een naturalistische roman lezen eigenlijk best leuk is. Ik hoop dat ik nog een of twee boeken in dit thema kan vinden. Dat is leuk voor over twee jaar in 6-vwo.

Kortom, het was een leuk en boeiend boek. Ik heb er zelfs dingen vana geleerd. Over hoe de vrouwen behandeld werden in die tijd. In het opzicht van het huwelijk is de vrouw veel vrijer om haar eigen beslissingen te nemen. Ze kan haar eigen opleiding kiezen en de vervolgopleideing. Ze kan trouwen met wie ze wil en heeft het recht om zelf de echtscheiding aan te vragen.
Eigenlijk had Cornélie nog geluk, dat haar man van haar scheiden wou. Voor hetzelfde had hij haar niet laten gaan en was ze Duco nooit tegenkomen. Ze zou een heel mooi jaar uit haar leven gemist hebben.
Het einde van het boek is mij niet naar het zin. De manier waarop Rudolf Brox haar behandeld heeft is ongepast. Ik denk dat het komt omdat ik het boek in verband breng met de tijd waarin we nu lezen. Had ik het vlak na de Tweede Wereldoorlog gelezen was ik het er waarschijnlijk mee eens geweest dat Cornélie weer terug moest gaan naar haar ex-echtgenoot. Een verhouding met iemand hebben zonder te trouwen? Gewoonweg ongepast. Boeken moet je dus altijd beoordelen naar de tijd waarin ze geschreven zijn en ik denk dat Langs lijnen van geleidelijkheid bij de mannen van die tijd vrij goed in de smaak viel.

3. De bouw ( compositie, samenhang).
Het verhaal is logisch opgebouwd. Het is ook begrijpelijk opgebouwd. Er zijn geen losstaande verhaallijnen waardoor alles makkelijk aan elkaar te plakken is en een leuk weg te lezen boek ontstaat.
De tijd verloopt zoals in werkelijkheid met enige flashbacks van Cornélie. Het zijn geen echte flashback maar herinneringen aan Rudolf Brox. Hoe hij was en waarom Cornélie zich tot hem aangetrokken voelt. Na alles wat hij haar heeft aangedaan.

4. De personages.
Ik vind dat je in het boek een goed beeld krijgt van de personages. Ze worden van verschillende kanten bekeken. Hierdoor weet je hoe ze zich gedragen als ze alleen zijn maar ook in het bijzijn van anderen. Hierdoor kon je met de personages meevoelen en met ze meeleven.
Ik vind dat de personages voorspelbaar reageren. Voor hun tijd tenminste. Als zij zich in 1999 nog zo zouden gedragen zouden ze wel heel erg ouderwets zijn. De personages staan dus niet dicht bij onze belevingswereld. Dat is niet erg. Als zij het niet doen zul jij het moeten doen. Jij moet je verplaatsen in hun wereld.
Aan de ene kant vond ik de beslissing van Cornélie niet zo heel erg slim. Aan de andere kant is het wel logisch. Je hoort het veel vaker. Mensen die eerst mishandeld worden begrijpen vaak waarom iemand dat doet en laten zich door allerlei beloften meeslepen. Helaas gaat het mishandelen vaak verder. De mensen zijn verscheurd en weten niet eens meer hoe het is om ‘normaal’ te leven. De personen gedragen zich dus precies zoals het hoort. Cornélie gaat weer terug naar Brox en Brox wil Cornélie met alle geweld weer terugkrijgen. Cornélie denkt dat ze van Brox houdt en zwicht voor zijn mooie beloftes.
Meestal voelt iemand sympathie met de hoofdpersoon. Deze gaat het meeste voor je leven omdat deze het belangrijkste is. De schrijver diept deze persoon het meeste uit. In dit geval was ik echter erg met Urania Hope begaan. Het was niet zozeer om haar gevoelens. Maar de dingen die ze deed spraken me erg aan. Zo bouwde zij te San Stefano een bejaardentehuis. Een hele goede daad voor zo’n jong meisje. Zij doet hele goede dingen met het geld van Virgilio.

De prins vond ik eigenlijk wel lachverwekkend. Hij dacht de hele tijd dat Cornélie verliefd op hem was. Wij, de lezers weten dat dit slechts schijn is. Maar dan nog. Als iemand samenwoont. Dan moet je toch wel gaan vermoeden dat ze heel veel van elkaar houden. Als je je echt niet aantrekt van de buitenwereld.
De manier waarop hij zich gedraagt is ook dieptriest. Hij denkt met geweld Cornélie voor zich te winnen. Als hij nog een kleine kans had willen maken had hij beter zichzelf kunnen iets aan kunnen doen.

5. Het taalgebruik (stijl).
Ik vond het taalgebruik in het boek redelijk hoogdravend. Gezien de tijd is dat ook niet zo raar. Ik had in het begin wel wat moeite om lekker in het boek te komen en de taal te begrijpen. Na een of twee hoofdstukken zat ik er helemaal in en was de taal te begrijpen. Het verhaal bevat niet bijster veel dialoog. Alleen het hoognodige. Eigenlijk is dat ook het beste. Niet teveel dialoog. Dat leest zo lekker weg.

5. Waarom Langs lijnen van geleidelijkheid een naturalistische roman is.

Om dit te kunnen verklaren is eerst het nodige inzicht nodig in wat het naturalisme nou precies is. En om dat te kunnen verklaren moeten we eerst terug in de tijd. Naar mei 1880. Kloos las een serie gedichten, genaamd ‘Mathilde’, van Perk en vond deze prachtig. Dit was het begin van een nieuw tijdperk. Het tijdperk van het naturalisme.
Maar wat houdt het naturalisme nu precies in? Ten eerste l’art pour l’art. Kunst om de kunst. Kunst moest mooi zijn. Het ging er niet om waar het over ging. Het ging erom hoe het geschreven was. De vorm. De vorm die men gebruikte was dus belangrijk. Kunst werd vaak in een aanstellirige stijl geschreven. Overdreven verfijning. Hiervoor bestond, en bestaat nog steeds, de term dandyisme. Louis Couperus behoort tot deze groep. Hiermee hebben we dus de stijl van Louis Couperus te pakken.
Louis Couperus schrijft op de manier van het dandyisme. De overdreven verfijning. Soms zelfs aanstellerig. Verfijning in de kunst leidt tot veel versieringen. Krullen bogen en meer uitsteeksels. In de taal leidt dit tot veel bijvoeglijke naamwoorden. Bijvoorbeeld: De mooie, schone, lieflijke vrouw. Het nadeel hiervan is dat een verhaal al snel gaat vervelen. Het is te aanstellerig en te overdreven. De beschrijving van één enkele gebeurtenis duurt misschien wel vijftig bladzijden, terwijl het ook, bij wijze van sprken, in twee regels had gekund.
Deze kenmerken zijn duidelijk terug te vinden in de romans van Louis Couperus. En in dit geval in Langs lijnen van geleidelijkheid.
In dit boek begint het al meteen goed. De beschrijving van het pension waar Cornélie als eerste terecht komt duurt een kleine twee bladzijden. Dit had ook in twee regels gekund. Verder wordt Cornélie steeds weer uitgebreid beschreven. Ook de gedaante van Rudolf Brox wordt tot in de eeuwigheid herhaald.
Andere kenmerken van het naturalisme zijn onder andere het het laten zien hoe het leven van de mens was, maar vooral hoe het zo gekomen was. Het leven van de mens wordt bepaald door drie factoren. De opvoeding, het milieu waarin men leeft en de tijd waarin men leeft.
Naturalistische romans waren over het algemeen ook heel somber en pessimistisch. Het fatalisme speelt ook een belangrijke rol. De mens is gedoemd zijn leven te leiden zoals het naar hem toekomt. Verder werden er vaak psychologische romans geschreven. Het ging over mensen in psychische moeilijkheden.
Al deze kenmerken zijn duidelijk terug te vinden in Langs lijnen van geleidelijkheid. Alles is in een vrij sombere toch overdreven versierde stijl geschreven. Verder speelt het lot er een belangrijke rol in. Het was het lot van Cornélie Rudolf Brox weer te ontmoeten en hem weer trouw te blijven. Een tragisch lot waardoor er een tragische schaduw valt over de romance met Duco van der Staal.
Ook spelen de drie factoren een belangrijke rol. Cornélie betreurt het een aantal keren dat zij alleen is opgevoed om mooi te zijn, te trouwen en kinderen te krijgen. Duco en zij konden amper leven van de schilderijen die Duco maakte. Cornélie ziet duidelijk in dat als haar opvoeding, haar milieu en de tijd waarin zij leeft anders zouden zijn geweest, zij misschien wel met Duco had willen en kunnen trouwen.

Conclusie: Langs lijnen van geleidelijkheid is een naturalistische roman, alle kenmerken komen erin voor. De overdreven, soms zelfs aanstellirige beschrijvingen, de drie factoren, tijd waarin men leeft, milieu en afkomst. Verder de sombere gebeurtenissen en rol van het lot van de mens.


Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen