U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : G.a. Bredero - De Klucht Van De Koe.
Deze versie komt van http://www.collegenet.nl/studiemateriaal/verslagen.php?verslag_id=11265 en is laatst upgedate op Onbekend.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 2457 woorden.

Titelbeschrijving



*De Auteur: Gerbrant Adriaensz. Bredero (1585 - 1618)

**De titel: ‘De klucht van de koe’

De uitgever: Uitgeverij Taal en Teken, Postbus 1191, 8900 CD Leeuwarden

Jaar van uitgave: 1990

Aantal bladzijden: 63



*Bredero werd op 16 maart 1585 in Amsterdam geboren als zoon van een schoenmaker uit de gegoede burgerij. In de jaren na Bredero’s geboorte nam Amsterdam sterk in omvang toe. Dit kwam door dat Antwerpen door de Spanjaarden tijdens de tachtig jarige oorlog was ingenomen en veel haven verkeer kwam langs Amsterdam. De economie en welvaart groeiden. Dat Bredero zich in het woelige stadsleven op zijn gemak voelde, blijkt uit de rake typerende beschrijvingen van het Amsterdamse straatleven.



In tegenstelling tot veel letterkundige tijdgenoten heeft Bredero geen ‘geleerde’ opvoeding gehad. Hierdoor kon hij de klassieke Griekse en Romeinse literatuur niet bestuderen, wat in de Renaissance vaak als voorbeeld werd gebruikt. Hierdoor is Bredero in zijn keuze van zijn onderwerpen en zijn taalgebruik eenvoudiger gebleven dan andere schrijvers uit die tijd.



Zelf heeft hij dit waarschijnlijk als een tekortkoming gezien, maar daardoor heeft hij wel leesbare literatuur voortgebracht. Helaas kon zijn werk niet uitgroeien tot grote omvang: hij stierf in augustus 1618 op nog jeugdige leeftijd na een slepende ziekte.



** In deze klucht staat een koe centraal, deze koe wordt gestolen en de rest van de klucht gaat over de diefstal van de koe. Vandaar de Klucht van de koe.





(ISBN-nummer: 906620026 X)



Motivatie boekkeuze



Laag Land, module 5, opdracht 27, de eindopdracht, boekverslag 5.



‘Voor je lijst en je leesdossier moet je een literaire tekst uit de zestiende, zeventiende of achttiende eeuw lezen.’ Ze weten wel welke boeken ze ons laten lezen. Het moet dan maar, want het is verplicht. Over “De klucht van de koe” van G. A. Bredero werd het meest verteld door de leraar, “Het is niet echt moeilijk lezen en het is ook niet dik”. Dat waren de twee belangrijkste redenen om dit boek te gaan lezen. Toen we in een opdracht van Laag Land een passage uit dit boek voor onze neuzen kregen werden mijn verwachtingen bevestigd: het is saai en makkelijk te lezen. Dus de keuze was makkelijk gemaakt.



Korte samenvatting van de inhoud



Een zelfbewuste dief overnacht op weg naar Amsterdam bij een boer. De boer vertelt zijn gast uitvoerig over zijn zaken en biedt aan hem de volgende dag naar Amsterdam te vergezellen. De verhalen van de boer hebben de dief op een idee gebracht.



Hij steelt ‘s nachts de koe van de boer en gaat ermee op weg naar Amsterdam. Hij bindt het dier na een tijdje aan een hooiberg en gaat terug naar zijn bed. De boer heeft niets gemerkt. De volgende dag geen de boer en de dief op weg naar Amsterdam. De dief haalt onderweg de koe op en maakt de boer wijs dat hij hem als aanbetaling op een oude schuld heeft ontvangen. Hij krijgt de boer zelfs zover dat deze ermee instemt de koe voor hem op de markt te verkopen. Ze spreken af elkaar in de herberg in Amsterdam weer te ontmoeten.



In de herberg wacht de dief in gezelschap van de waardin Giertje en een optrekker op de boer, hij vermaakt zich daar goed met dit duo. Als de boer na enige tijd in de herberg komt en de dief de opbrengst van de verkochte koe brengt biedt de dief de drie personen een maaltijd aan. Om het eten te halen leent hij e schotels van Giertje en een jas ven de optrekker. De dief vertrekt en komt niet meer terug. Wanneer de zoon ven de boer komt melden dat de koe weg is merken de drie het bedrog op. De dief heeft handig gebruik gemaakt van de goedgelovige van het drietal.



De eerste persoonlijke reactie



Toen ik het stuk uit de klucht van de koe in Laag Land las dacht ik dat het een saai boek zou zijn, maar dat viel heel erg mee. Het boek was toch wel leuk. Een klucht zou humoristisch moeten zijn, maar ik vond niet humoristisch. Dat komt waarschijnlijk omdat ze in de 16e, 17e en 18e eeuw hele andere humor hadden.



Het was interessant te zien hoe de gauwdief gebruik maakt van de boer, de waardin en de optrekker om deze drie dan op te lichten en er met de buit vandoor gaat. Het boek was makkelijk te lezen, dit kwam vooral door de vertaling en Bredero schrijf niet literair (omdat hij geen klassieke literatuur als voorbeeld gehad). Het was wel irritant dat de tekst per persoon geschreven was. Dit is gedaan omdat het oorspronkelijk een toneelstuk was, het was gewoon vervelend die kleine alinea’s te lezen.



De verdiepingsopdrachten



 De relatie met de politieke achtergrond. Als de door jou gelezen tekst duidelijk relatieheeft met de politieke achtergronden (bijvoorbeeld hervorming, Nederlandse Opstand, patriotten) moet je die uitwerken.

Er zijn geen duidelijke relaties met de politieke achtergronden. Het gaat hier om diefstal en oplichting en niet meer. De diefstal en oplichting zijn ook geen gevolg van politieke omstandigheden.



 De relatie met de sociaal-economische achtergronden. Ga na hoe je de gelezen tekst in verband kunt brengen met bijvoorbeeld stedelijke gedragscode, jongeren als publieksgroep of de standen maatschappij.

Bredero hielp mee met het creëren van een stedelijke gedragscode door het schrijven van zijn kluchten. Ook met ‘de klucht van de koe’ hield Bredero zijn burgerlijke publiek een morele spiegel voor, want hij beschrijft in ‘de klucht van de koe’ boers en onbeschot, dus ongewenst, gedrag.



Het boers en onbeschofte gedrag ven de personages getuigt van een standenmaatschappij, de personages handelen zo boers en onbeschoft, omdat ze tot de laagste stand behoren. Omdat Bredero met deze kluchten een morele boodschap over wil brengen moet er ook een hoogere stand zij, in dit geval is dat de iets hogere burgerij. Ook dit wijst op een standenmaatschappij. Bredero heeft geen jongeren als publiek, want jongeren en ook kinderen werden als kleine volwassenen gezien, dus waren er geen jongeren.



 De relatie met de culturele achtergronden. Ga na welk verband er is tussen de tekst en de rederijkers, de Renaissance, het humanisme, het stoïcisme, de maatschappelijke taak van de schrijver, lering en vermaak, utile en dulci, Frans classicisme, rationalisme, empirisme, Verlichting of het sentimentalisme.



Het enige verband tussen de tekst en de rederijkers is, dat de gauwdief vertelt dat hij een keer een rederijkerskamer heeft bestolen. Er geen aanduiding van de Renaissance, er is totaal geen verband tussen de tekst en een tijdsperiode, dus over de Verlichting en het Frans classicisme is ook niets te lezen.



Er zijn ook geen aanwijzingen van filosofische denkwijzen, humanisme, stoïcisme, rationalisme, empirisme en sentimentalisme kunnen buiten beschouwing gelaten worden. Bredero had duidelijk een maatschappelijke taak, hij schreef zijn kluchten om het burgerlijke publiek moreel begrip bij te brengen, ze moesten iets leren. Bredero wilde via een aangename (dulci) weg zijn publiek een nuttige (utile) les bij te brengen.



Dit deed hij door zijn kluchten, ook ‘de klucht van de koe’ is een toneelstuk om de mensen te vermaken, het was niet alleen leuk, maar er moest ook iets geleerd worden. De les was te laten wat fout is en je niet moet doen.



 De relatie met literaire stromingen en genres. Leg beargumenteerd uit tot welke literaire stroming en/of welk genre jij de gelezen tekst rekent. Denk daarbij bijvoorbeeld aan: strijdliteratuur, emblematiek, liederen/liedboeken, petrarkisme, sonnet, tragedie (retorisch-dedactisch, Aristotelisch, klassicistisch), (klassicistisch) blijspel, klucht, kunstenaarbiografie, spectatoriaal tijdschrift, kinderliteratuur, imaginaire reisverhalen, zedenroman of briefroman.



Het is een klucht, want het is veel korter dan een blijspel en toonde grappige situaties waarbij Bredero zijn personages afkomstig uit het laagste sociale milieu (bijvoorbeeld de boer en de dief) laat leiden door primaire levensdrift als eten, zuipen en vrijen.



 Geef aan welke functie(s) de door jou gelezen tekst voor het oorspronkelijke publiek heeft gehad. Omschrijf daarbij (indien mogelijk) die oorspronkelijke publieksgroep.

De tekst was een les, Bredero wilde zijn publiek laten zien hoe je niet moet lezen. Doormiddel van voorbeelden uit de laagste stand te halen liet hij de hogere, burgerlijke en rijke standen zien wat verkeerd was.



Eindoordeel

De uitgebreide persoonlijke reactie



Onderwerp

 Wat is volgens jou het onderwerp van de tekst? Omschrijf het onderwerp in enkele woorden of één zin.

Het onderwerp is oplichting en diefstal. De diefstal van de koe ven de boer, de schotels ven de waarin en de jas van de optrekker.

 Vind je het onderwerp boeiend, interessant? Waarom wel/niet?

Ik vind diefstal niet goed, maar het is wel interessant te zien hoe de gauwdief zijn nietsvermoedende slachtoffers oplicht.

 Vind je dat de schrijver het onderwerp goed uitwerkt of vind je dat het onderwerp oppervlakkig, zonder veel uitwerking en diepgang wordt beschreven? Leg uit waarom wel/niet?

De schrijver heeft het onderwerp goed uitgewerkt. De diefstal zelf is kort beschreven, maar de psychologie om de diefstal en de oplichting zijn wel goed uitgewerkt.



Gebeurtenissen



 Welke gebeurtenis vind jij het belangrijkste in het boek en waarom? Vind jij dat die belangrijkste gebeurtenissen goed beschreven worden? Waarom wel/niet?

De belangrijkste gebeurtenis vind ik wanneer de gauwdief er tussenuit knijpt. Als hij weg is dan is de hele oplichting voltooid en dan komen de slachtoffers er ook achter dat ze belazerd zijn, dat is de climax in het verhaal. De gebeurtenis is goed beschreven. Kort, maar duidelijk. De alinea waarin dat is, is alles zeggend, de voldoening van de dief die daar beschreven word, spreekt boekdelen.



 Vind je dat de gebeurtenissen de belangrijkste rol spelen of de gedachten en de gevoelens van de personage? Wat is je oordeel daarvoor?



Ik vind de gedachten en de gevoelens van de personage het belangrijkste in een verhaal, omdat de gedachten en de gevoelens van een personage de gebeurtenis veroorzaken en laten verlopen zoals die verloopt.



 Beschrijf de gebeurtenis in het boek die de meeste indruk op je heeft gemaakt en maak duidelijk waarom?

Deze gebeurtenis is ook de belangrijkste uit het boek. Als de gauwdief weg gaat is de som kloppend, het is leuk te zien hoe de dief de boel belazerd heeft en niet betrapt word. De voldoening van de gauwdief maakte ook veel indruk, dat iemand uit zo’n criminele daad die tevredenheid voelt.





Personages



 Vind je de personages in dit boek herkenbaar en ‘levensecht’? Waarom

Nee, dit komt doordat het boek uit de zestiende eeuw komt en de personages dus ook, die personages zijn verjaard en dus niet meer levensecht. Ze waren in de zestiende eeuw waarschijnlijk wel levensecht.



 Vind je dat je je goed kunt verplaatsen in een van de personages? In welk personage? Vind je het belangrijk bij een boek dat je je goed in een personage kunt verplaatsen? Waarom?



Ook hier geld dat het tijdsverschil een probleem is, daardoor kan ik me niet in de personages inleven.

Ik vind het belangrijk dat ik me goed in een personage kan verplaatsen, want als ik een personage voor me zie dat kan ik beter begrijpen waarom een personage die beslissing neemt of waarom een personage dat doet.



 Vind je de beslissingen van de personages begrijpelijk en aanvaardbaar? Welke wel en welke niet? Waarom?

Ja, de gauwdief behoort te stelen, omdat hij een crimineel is. De boer, de waardin en de optrekker handelen gewoon uit onwetendheid, daarom zijn ook hun beslissingen begrijpelijk.

Opbouw



 Vind je het verhaal ingewikkeld van opbouw? Zo ja, wat vind je ingewikkeld aan de opbouw?

Nee, ik vind het verhaal niet moeilijk van opbouw.



 Zitten er veel terugblikken (flashbacks) in het verhaal? Vind je dat prettig of vind je dat vervelend?

Er zitten een handje vol terugblikken in het boek. Het is goed dat deze erin staan, want dat geeft namelijk een goed beeld van, in dit geval, de gauwdief. Dat maakt de personages beter te begrijpen.



 Zie je de gebeurtenissen door de ogen van één personage of zie je de gebeurtenissen vanuit verschillende personages? Vind je de manier waarop je in dit boek gebeurtenissen ziet, geslaagd of niet? Waarom?

Omdat het boek overgenomen is van een toneelstuk, wordt het verhaal beschreven van uit alle personages in het verhaal. Dit is dan ook een goede manier om het boek te beschrijven, want in een toneelstuk vertelt iedereen zijn verhaal.



Taalgebruik



 Vind je het taalgebruik in dit boek moeilijk of niet? Wat vind je moeilijk aan het taalgebruik?

De originele vertaling van het boek is ion oud Nederlands geschreven, dit is erg moeilijk om te lezen, want het is een heel andere taal. Ik had een boek met een (modern Nederlandse) vertaling, deze vertaling had een makkelijk te begrijpen taalgebruik.



 Leverde de tekst veel problemen op door ingewikkelde beeldspraak, symbolische verwijzingen of ‘duister’ taalgebruik? Hoe heb je die problemen opgelost?

In de vertaling zaten geen problemen door ingewikkelde beeldspraak, symbolische verwijzingen of ‘duister’ taalgebruik.



 Vind je het taalgebruik passen bij de personages en het onderwerp? Waarom?



Het taalgebruik past wel bij de personages, want het zijn mensen uit de laagste stand van die tijd en hun taal is dan ook plat en simpel, geen moeilijke woorden of begrippen. Het past ook bij het onderwerp, want het onderwerp is diefstal en oplichting en dat is ook niet het onderwerp waar je veel mensen van hoge standen tegen komt, dus het taalgebruik is gepast.





Evaluatie



Mijn mening over het boek is niet veranderd na het maken van de verdiepingsopdrachten. Ik vind het boek nog steeds niet humoristisch, maar wel leuk en interessant. Dat de humor niet over komt, is waarschijnlijk het gevolg van het tijdsverschil, maar nu vind ik het niet saai meer, omdat ik nu door heb dat het daar door komt. Het is een interessant boek om te lezen, omdat de achterliggende gedachten van de schrijver nu niet meer begrepen worden, maar het toch proberen re begrijpen maakt het zo interessant. Ook het verhaal is leuk en interessant.



Het verhaal van misbruik van mensen en diefstal vind ik leuke onderwerpen, het is leuk te zien dat het de dief ook nog lukt om te stelen en op te lichten. Als je er een modern verhaal van zou maken dan zou ik het ook een leuk boek vinden.



Ik ben tevreden met het resultaat. Ik zag een beetje op tegen het lezen van een boek uit de zestiende, zeventiende of achttiende eeuw en het maken van een boekverslag, maar over het algemeen vind ik dat het wel mee viel en daarom ben ik ook tevreden. Er waren veel begrippen die ik niet kende en daarom leekt het ook moeilijk om het verslag te maken, maar nadat ik de theorie onder de knie had ging het beschrijven van het boek en het maken van de verdiepingsopdrachten zonder veel problemen. Ik heb er dus ook veel van geleerd.



Het lezen van het boek was geen probleem, want hoewel het een oud Nederlands boek is, ging het makkelijk. Dit kwam doordat ik de vertaling heb gelezen. Als ik geen vertaling had, dan was het boek veel moeilijker te begrijpen geweest.

De volgende keer wil ik eerder beginnen, om het verslag rustig af te maken. Maar ja, dat heb ik me wel eens vaker voorgenomen.





“Geschreven, berijmd en in rollen verdeeld,

door mij”
Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen