U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : Khalid Boudou - Het Schnitzelparadijs.
Deze versie komt van http://www.collegenet.nl/studiemateriaal/verslagen.php?verslag_id=9114 en is laatst upgedate op Onbekend.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 2187 woorden.

Khalid Boudou - HET SCHNITZELPARADIJS, uitgeverij Vassallucci, Amsterdam, 2001, 290 blz. (eerste druk, maart 2001)



EESRTE REACTIE:


Ik ben op zoek gegaan naar een leuk boek. In veel literatuur gaat het over dramatische en ernstige gebeurtenissen. Ik heb op internet en in folders gekeken, de titels van een aantal boeken onthouden en heb dit boek gekocht. Soms heb je gewoon een goed lachwekkend boek nodig om even alles om je heen te vergeten en je te ontspannen.

Echt makkelijk te lezen was het niet, maar zeker de moeite waard!!! Een boek dat erg hilarisch en komisch is en dat, zoals ook op de achterkant is vermeld, het leven van jonge Marokkanen in Nederland loepzuiver in kaart brengt. Het leest lekker vlot; ik heb het in twee weken tijd al twee keer gelezen. De formulering en de manier waarop Khalid Boudou zijn informatie in zinnen verwerkt vind ik prachtig. Waarom heb ik nog nooit eerder van deze schrijver gehoord?



SAMENVATTING:

Nordip is een puberale jongen die, na twee jaar massief te hebben geslapen en verlaten is door zijn lief Tsjoepita, het opnieuw probeert. Vrijwillig en voor niets gaat hij werken in het hotel-restaurant De Blauwe Gier, een wereld in het klein.

De hoofdpersoon, Nordip Doenia, is in dit boek aan het woord. Hij verteld over zijn leven, over zijn afkomst en zijn soms op hol slaande gedachten. Het is een realistisch verhaal, maar het is niet waargebeurd. De vader van Nordip reisde van het ene land naar het andere land om werk te krijgen zodat hij zijn familie kon onderhouden. Nordip groeit zonder vader op in Tamasint, een dorpje in Marokko. Hij heeft een hechte band met zijn opa en met zijn neef, Krimo, en is het er daarom ook niet mee eens dat zijn vader hem en zijn moeder meeneemt naar Nederland, waar zijn vader als gastarbeider aan de slag kan. Ze wonen in een gastarbeiderswijk, genaamd Bezemloos, in het plaatsje Opdeinen. Zij kenden de buurt niet en de buurt kende hen niet, behalve Mevrouw Malade, een oudere, nieuwsgierige en vervelend aardige buurvrouw.

Zijn neef, Krimo dus, wordt ook uitvoerig in het verhaal beschreven. Krimo, de zanger die zijn stem zoekt, treedt op in cafeetjes in Tamasint. Daar ontmoet hij een man die hem beloofd hem ‘groot’ te maken. Later trouwt hij Laleja, wiens lot door een dommigheid van haar vader is bepaald, en verhuisd samen met haar naar Nederland, waar hij van haar een kind krijgt. Krimo wordt door haar het huis uitgegooid en werkt samen met zijn neef, Amimoen, Ivan, Agnes – de rijkelui’s dochter, Bokma, Johnson en ‘de bijnamen’ in De Blauwe Gier.

Nordip wilde zijn leven beteren en ging voor noppes werken bij De Blauwe Gier, een wereld in het klein. Hij werkt in de pannenhoek en krijgt hierdoor de naam Sopkop. Daar in die hete keuken vertrouwen de jonge keukenmedewerkers de flarden van hun levens, vol onzekerheid en frustraties, aan hem toe. Iedereen in de keuken heeft het over ‘het (keuken)spel’ maar niemand wil hem er meer over vertellen. Tenslotte doet de FIOD een inval en overbluft de keuken, de grote schnitzelmeesters leggen hun vorken neer en De Blauwe Gier dreigt vast te lopen. De rest van de keuken vertrouwt Nordip niet. Hij wint het (dam)spel van Wilhelm (de chef-kok) en wordt schnitzelmeester, maar neemt in plaats daarvan afscheid en vertrekt. Amimoen, die ooit zei De Gier in de fik te steken als Nordip het spel winnen zou, steekt samen met Bokma De Blauwe Gier in brand.



OVER HET VERHAAL:

Het boek is geschreven in de verhalende literatuur, het is dus epiek (proza). Het verhaal speelt zich vanaf de geboorte van Nordip tot zo’n 20(?) jaar later, in de 20e en 21e eeuw af. Dat wordt duidelijk door de beschrijving van de omgeving en de ambiance in het verhaal. Het verhaal speelt zich op twee totaal verschillende plaatsen in de wereld af. Eerst in Tamasint, de prachtige geboorteplaats van Nordip, Later verhuizen ze naar Nederland en vestigen zich in Opdeinen in het stinkende Bezemloos en De Blauwe Gier niet te vergeten.

Bij de opening van het verhaal worden niet meteen de personages geïntroduceerd en er wordt niet meteen verteld waar het verhaal zich afspeelt, er is dus geen sprake van een informatieve opening, maar van een opening-in-de-handeling. Op die manier probeert de schrijver je meteen te pakken. Het verhaal loopt voor Nordip goed af en heeft een gesloten einde. Het verhaal maakt geregeld sprongen in de tijd en er is dus sprake van een niet-chronologisch verhaal. In het verhaal komen veel flashbacks en nauwelijks flash-forwards voor. Ook is er sprake van vertraging en van versnelling.

Nordip Doenia (ikpersoon, verteller): round character. Alias Sopkop en Weerwolfman. Betekenis van zijn naam: nor = gevangenis – dip. Gevangen zitten hoeft niet altijd achter tralies te zitten. Hij zit in zichzelf/in zijn leven gevangen. Hij komt al als klein kind in het verhaal voor. Op puberale leeftijd lees je ook zijn gedachten. In het verhaal verandert hij, dat is namelijk waar het boek over gaat. Hij zoekt iets (in zichzelf) en vindt dat ook uiteindelijk. Nordip is een puberale Marokkaanse jongere met donker haar met een krulletjes permanent en vetpuisten op zijn voorhoofd. Iemand wiens gedachten ook regelmatig op hol slaan (tot genot voor de lezer).

Krimo: round character. Hij is de neef van Nordip die hem heeft leren fluiten. Krimo is de zanger die zijn stem zoekt. Ook dicht hij. Zijn ouders zijn overleden en zijn oom is zijn stiefvader die hem treitert zoals een echte vader hoort te doen. Krimo is een dromer, probeert zichzelf rijk te dromen. Hij is naar Nederland gekomen met zijn vrouw, bij wie hij nu weg is. Hij is binnen De Blauwe Gier hongerig opzoek naar liefde.

Vader en moeder: flat characters. Zijn ouders worden niet uitgebreid beschreven. Van zijn moeder hoor je gedurende het verhaal haast niets, alleen dat ze een haas moet slachten, dat ze in het vliegtuig zit en dat ze koekjes voor mevrouw Malade bakte. Van zijn vader wordt een vergelijking getrokken naar Nordip zelf. Zijn vader had ook een in het achterhoofd gesettelde geest die een onvermengd contact had met beter willen zijn… anders dan anderen… was in hem gaan leven. De vader van Nordip gaf zijn zoon regelmatig halleluja preken.

Mevrouw Mallade: flat character. Betekenis van haar naam: Malade komt uit het Frans en betekend ziek. Ze wordt/is ook ziek en sterft aan het eind van het verhaal. Dat heeft een enorme impact op Nordip. Zij is de buurvrouw van de Doenia’s. Ze is heel aardig, maar ze is zo alleen en soms vervelend aardig. Ze propt Nordip vol met ontbijtkoeken.

Opa: flat character. Hij heeft veel aanzien en hij heeft een hechte band met Nordip. Toen Nordip net naar Nederland was vertrokken stuurde hij hem nog regelmatig bandjes met zijn stem erop.

Amimoen: flat character. Betekenis van zijn naam: Ami betekent vriend (uit het Frans). Vriend van Nordip. Hij werkt ook in De Blauwe Gier. Hij heeft een hekel aan de Doenia’s omdat hij jaloers is op Krimo, die wel een relatie heeft met Agnes.

Agnes: flat character. Zij is serveerster en is in De Blauwe Gier ook hongerig op zoek naar liefde.

Belangrijke bijfiguren – flat characters:

Meerman: waar ze een paar keer komt (allebei flat character). Baas van De Blauwe Gier. Hij kijkt op tv-schermen naar alle domme dingen die zijn personeel doet om er vervolgens iets van te zeggen.

Wilhelm: flat character. Hij is de chef van de keuken. Hij is de spelleider.

Johnson, Bokma, de bijnamen en de rest van de crew

Tsjoepita: flat character. Vroegere liefde van Nordip.

Dit verhaal heeft verschrikkelijk en onwaarschijnlijk veel situaties, de belangrijkste zijn: Nordip groeit op in een plaatsje in Marokko, genaamd Tamasint. Het gezin verhuisd naar Nederland en laat familie achter. Krimo, Nordip’s neef, is een zanger die trouwt en ook naar Nederland komt. Nordip heeft al bij veel bedrijven gewerkt, iets dat steeds mislukt. Nordip gaat bij De Blauwe Gier werken om zichzelf terug te verdienen.

Het verhaal is een ik-verhaal. De ikpersoon praat soms zelfs tegen de lezer. Het verhaal wordt op een heel humoristische manier verteld. Je leeft mee met de verteller/ikpersoon, waarvan de gevoelens en gedachten in overvloed op papier staan. Het verhaal is op een heel duidelijke, uitgebreide en bovendien vlotte wijze verteld. ‘Boetseren in het Nederlands’ zoals Theo Hakkert van het GPD schreef. Dat is waar, Khalid Boudou heeft inderdaad een weergaloos gevoel voor de Nederlandse taal.



DE THEMATIEK:

Het boek gaat over de zin van het leven, iets waar de ikpersoon hevig naar opzoek is. Hij dacht dat tijd inzicht gaf en als je niet weet wat je wilt moet je afstand nemen, daarom veranderde hij in een weerwolfman, en vatte voor 2 jaar massief slaap. Hij is in het verhaal opzoek naar zichzelf.

Typerend voor dit tekstthema zijn het gedrag, de gedachten en de gevoelens van de ikpersoon. Het verhaalthema is te omschrijven als een conflict in het innerlijk van een mens.

De titel ‘Het schnitzelparadijs’ betekend dat de ikpersoon het een paradijs vindt in De Blauwe Gier (dit hotel-restaurant is gespecialiseerd in schnitzels). Hij probeert daar zichzelf terug te verdienen en de zin van het leven te vinden door opzoek te gaan naar zichzelf. Misschien ziet de schrijver het leven in als een maaltijd.



PLAATS IN DE LITERATUURGESCHIEDENIS:

‘Het schnitzelparadijs’ is voor het eerst gepubliceerd in maart 2001, door uitgeverij Vassallucci te Amsterdam.

Khalid Boudou (1974) is geboren in Tamsamane, Marokko, en woont sinds jaar en dag in Tiel, dat door hem consequent wordt aangeduid als Tiel Aviv. Hij is hoofdredacteur van het Marokkaanse jongerentijdschrift ATARIK.NL, won in 1998 de El Hizjra Literatuur Prijs met het verhaal Stemmendans, en trad reeds op tijdens Crossing Border 2000.

Het werk is kortgeleden geschreven. Het tijdvlak en de stroming zijn dus het heden men zoekt meer ontspanning in de vrije tijd.

Khalid Boudou is (nog) geen overbekende auteur. In hoeverre dit werk typerend is voor de auteur is mij daarom ook niet bekend

Khalid Boudou - ‘Leven en liefde van een malende sopdwaas’



BEOORDELING:

Ik vind het verhaal humoristisch, de manier waarop Khalid Boudou zijn verhaal verteld en de gedachten en daden van zijn ikpersoon, Nordip vind ik hilarisch en ook wel interessant om te lezen. Ondanks het feit dat het af en toe (voor mij) wel moeilijk te lezen was, door de lange zinnen en de complexiteit en (dieper liggende) betekenis daarvan, is het verhaal op een vlotte wijze verteld.

Mij sprak de passage waarin Nordip op het huis en de hond van Mevrouw Malade moest passen erg aan. Ik heb me als lezer enorm vermaakt bij het lezen van dat gedeelte. Khalid Boudou weet personen zodanig te typeren dat je je de situatie heel goed kan voorstellen. Mevrouw Malade is een van zijn meesterwerken in het verhaal. Ook de gedachten van de jonge Nordip vond ik erg sterk.

Ik kan dit boek niet met (een) ander(e) boek(en) of met (een) film(s) vergelijken. Dit was volkomen nieuw voor mij.

Er zijn veel theorieën over de zin van het leven en waarschijnlijk ook veel boeken. Khalid Boudou weet dat thema zó te belichten en te verpakken met zijn verhaal dat het de lezer erg aanspreekt. Het is dus een herkenbare probleemsituatie, maar op die manier weer heel anders.

Ik vind het taalgebruik heel erg origineel. Het is als het ware boetseren met de Nederlandse taal. Dat maakt het werk ook heel speciaal.

Ik vind het boek erg goed/mooi/knap geschreven. Het leest lekker vlot en is in een no-time uit, dat komt ook door de aantrekkingskracht, je blijft nieuwsgierig. Ik zou een ander echt aanraden om dit boek te lezen en wel om de volgende redenen:

Het is echt een heel humoristisch boek, het is weer eens wat anders dan al die dramatische boeken;

Het is een heel modern boek, geen gezwam;

De manier van schrijven is echt heel mooi/knap;

Het leest vlot, dus je bent er zo doorheen;

Het is een van de weinige boeken die je voor je plezier leest, en niet omdat dat zo nodig van school moet.



DE MENING VAN ANDEREN NAAST DIE VAN MIJZELF:

‘Een verbluffend debuut… geestig en dynamisch… Nordip is de rebel zonder reden, de puber op weg naar volwassenheid, die we kennen uit de bibliotheek van Bildungromans, van De avonden tot Blauwe maandagen en van De jonge Werther tot De vanger in het koren… Boudou heeft een roman geschreven die niet alleen boven het Nederlandse maaiveld uitsteekt, maar die ook in international perspectief de zeis kan weerstaan’

Pieter Steinz, NRC Handelsblad



‘Een spetter... geestig en overtuigend... laat Grunberg ver achter zich... komt zelfs aardig in de buurt van Berlin Alexanderplatz’

Jeroen de Preter, De Morgen



‘Een pakkend boek, een zeer vlot en vloeiend verteld verhaal’

Rob van Erkelens, De Groene Amsterdammer



‘Zijn naam schijnt als een zon in mijn kamer’

Erdal Balci, Trouw



‘Een weergaloos gevoel voor de Nederlandse taal... prachtig, humoristisch debuut... klasse die Boudou!’

Menno Schenke, Algemeen Dagblad



‘Een o zo mooie roman’

Theo Hakkert, GPD



‘Hilarisch, komisch, turbo-vaart, onvergetelijke personages – en wijs. Meteen verfilmen!’

Abdelkader Benali





Ik ben het met alle recensies eens. Het is inderdaad een humoristisch, pakkend en vlot boek. De personages zijn perfect neergezet, maar een verfilming zou zonde zijn, omdat dan de gietvorm die Khalid Boudou heeft gebruikt voor de Nederlandse taal samen met de soms op hol geslagen gedachten van de ikpersoon, Nordip Doenia, verloren zou gaan.
Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen