U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : Leon De Winter - La Place De La Bastille.
Deze versie komt van http://www.scholieren.com/boekverslagen/2318 en is laatst upgedate op 28/07/1999.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 976 woorden.

Titel

La place de la Bastille



Auteur

Leon de Winter



Uitgeverij

De Bezige Bij

Genre

(Psychologische) Roman

Opbouw

Het verhaal is in de eerste persoon geschreven. Aan het woord is de hoofdpersoon,Paul de Wit. De belangrijkste plaatsen van handeling zijn Amsterdam en Parijs, verbonden door treinreizen. De vertelde tijd is ongeveer 1 jaar: van kerstvakantie 1979 tot winter 1980. Het verhaal wordt niet chronologisch verteld, er zijn tijdsprongen, er is sprake van tijdverdichting en er zijn flash-backs. Het boek bevat 1xx bladzijden, ingedeeld in een proloog, acht genummerde hoofdstukken. De verteller vertelt achteraf wat hij ervaren heeft: vision par derriere).



Titelverklaring

Place de la Bastille verwijst naar het plein van de revolutie in Parijs, dat een centrale rol speelt (de Bastille werd op 14 juli 1789 door een menigte bestormd). Aanvankelijk wilde Paul zijn studie over Lodewijk de zestiende ook naar dat plein noemen. Het motto luidt: 'L'Histoire n'est qu'une fable convenue' van De Fontenelle (1687-1757) d.w.z.: De geschiedenis bestaat voor Paul uit toevalligheden en zinloze gebeurtenissen.



Samenvatting

Paul de Wit, 37 jaar, leraar geschiedenis, is getrouwd met Mieke en heeft twee dochtertjes, Hanna en Mirjam. Paul en Mieke zijn uit elkaar gegroeid , en met zijn baan als leraar heeft Paul onvrede. Paul wil een boek schrijven over de vlucht van Lodewijk de zestiende naar Varennes. De vlucht, die in werkelijkheid mislukte, wil hij laten slagen. Dit hangt samen met zijn opvatting over geschiedenis, die volgens hem niet bestaat uit feitelijke zekerheden, maar uit toevallige factoren. Maar Paul kan het boek niet afmaken: hij begrijpt de noodzaak van sommige cruciale gebeurtenissen niet. Zo kan hij ook niet begrijpen waarom zijn ouders vermoord zijn. Paul is namelijk oorlogswees. Zijn joodse ouders, die hij nooit gekend heeft, zijn tegen het einde van de oorlog vergast. Als Paul 23 jaar is, verneemt hij dat hij een tweelingbroer had, Philip, die waarschijnlijk ook omgekomen is. Waarom leeft hij nog wel en Philip niet? Als er geen noodzaak is van zijn overleving en Philip's dood, dan is zijn bestaan toeval. Dit is de fundamentele reden van Paul's onrust. Om die onrust te verdrijven, kijkt hij vaak tot diep in de nacht naar de televisie. Als Paul in de kerstvakantie in Parijs is om materiaal te verzamelen voor zijn studie, ontmoet hij Pauline, een joodse zioniste. Ze beginnen een verhouding. Paul voelt zich tot haar aangetrokken, omdat ze dezelfde achtergrond heeft als hij. Daardoor wordt zijn eenzame individualiteit gedeeltelijk opgeheven. Maar terug in Nederland blijkt hij niet gelouterd te zijn. De onrust blijft. Nieuwe hoop krijgt Paul als hij de foto's bekijkt, die hij van Pauline op la Place de la Bastille heeft gemaakt. Achter Pauline staat een man die sprekend op hem lijkt. Is het Philip? In de zomervakantie gaat Paul weer naar Parijs, niet voor zijn studie, ook niet zozeer voor Pauline, maar om Philip te zoeken. Deed hij dat niet, dan zou zijn bestaan zinloos zijn. Als de taxichauffeur zegt dat hij wel op Paul Mendes lijkt, besluit Paul de ontmoeting niet door te laten gaan. Hij ziet in dat hij niet op zoek is naar zijn broer, maar naar zichzelf.



Personages

  • Paul de Wit: Paul de Wit is de hoofdpersoon uit het boek. We komen pas laat zijn naam te weten, pas op blz 55 horen we zijn voornaam, nadat hij zich eerst heeft voorgesteld als Philip, de naam van zijn tweelingbroer. Pauline blijft hem later vaak Philip noemen. De 'tweelingbroer' blijkt later Paul Mendes te heten en zo komen we er achter dat Paul niet op zoek is naar zijn tweelingbroer, maar naar zichzelf. Paul is geschiedenisleraar en leeft in een sleur die hij probeert te doorbreken door middel van overmatig televisie kijken.



    Thema en motieven

    Het thema van het boek is 'het zoeken naar de eigen identiteit in een chaotische wereld' of 'reconstructie van het verleden'. Andere motieven zijn: Het vastgelopen huwelijk tussen Paul en Mieke, Literatuur, zoektocht naar zowel materiele als immateriele zaken, Het jood-zijn, Dubbelgangersmotief, angst- twijfel en onzekerheid en algemene geschiedenis.



    Informatie over de schrijver

    Leon de Winter is op 24 februari 1954 in 's-Hertogenbosch geboren als zoon van orthodox-joodse ouders. Hij groeit op in een niet-joodse omgeving. Vanaf 1966 bezoekt hij in zijn geboorteplaats het gymnasium en in Waalwijk het gereformeerde Willem van Oranje-College. In 1973 - een jaar vóór hij zijn diploma haalt - wordt De Winter voor het eerst bekroond: zijn novelle 'Revolutie' krijgt de ontmoetingsprijs van de Stichting Literaire Dagen.

    Leon de Winter verhuist in 1974 naar Amsterdam, waar hij aan de Nederlandse Filmacademie gaat studeren. Uit ongenoegen met met het onderwijsniveau op de Filmacademie publiceren De Winter en anderen (onder wie René Seegers en Jean van de Velde) eind 1976 een zwartboek, waarin het sterk ambachtelijke karakter van de opleiding bekritiseerd wordt. Op 1 januari 1978 verlaat De Winter met Seegers en Van de Velde de academie, zonder eindexamen te hebben gedaan.

    De eerste speelfilm van het drietal - sinds 1980 verenigd in de Eerste Amsterdamse Filmassociatie (EAFA) - gaat in 1979 in première: De verwording van Herman Dürer. De roman De (ver)wording van de jongere Dürer (1978) is gebaseerd op het filmidee. In 1979 krijgt De Winter voor deze eerste roman de Reina Prinsen Geerligsprijs.

    Voor de televisie maakte het trio in 1978 en 1980 enkele films: onder andere Vanuit het heden, Junkverdriet en De wereldverbeteraar. Toneelgroep Centrum brengt in 1981 Junkverdriet op de planken, een toneelstuk van De Winter, Seegers en Van De Velde naar aanleiding van de levensloop van de Vlaamsche dichter Jotie T'Hooft. Eind 1981 gaat de tweede speelfilm van de EAFA in première: De afstand.

    Leon de Winter is vanaf 1978 tot 1982 als recensent van voornamelijk Duitstalige literatuur aan Vrij Nederland verbonden. Daarna is zijn medewerking incidenteel, evenals die (vanaf 1982) aan De Volkskrant. Literaire verhalen en essays verschijnen tot 1982 hoofzakelijk in Raster, Mandala en New Found Land.

    La Place de la Bastille en Zoeken naar Eileen W. zijn in respectievelijk 1984 en 1987 verfilmd door Rudolf van den Berg.
  • Andere boeken van deze auteur:


    Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen