U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : Hafid Bouazza - Momo.
Deze versie komt van http://www.collegenet.nl/studiemateriaal/verslagen.php?verslag_id=2423 en is laatst upgedate op Onbekend.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 1474 woorden.

Het onderwerp

Het onderwerp van het boek is Momo, hoe hij leeft, denkt en de manier waarop hij door zijn ouders wordt opgevoed. Het onderwerp is zeer duidelijk omdat men er in het hele boek over Momo heeft en daar niet van af wijkt. Het verhaal vind ik wel interessant maar helaas niet goed uitgewerkt, het geheel wordt langdradig verteld. Het onderwerp ligt niet buiten mijn belevingswereld, iedereen kent vast wel iemand die zich ongeveer gedraagt als Momo, namelijk in zichzelf, levend in zijn eigen gedachte. Het onderwerp deed me doen denken hoe het moet zijn om buiten gesloten te worden en alsmaar in je eigen wereld te leven. Hierover had ik nooit echt over nagedacht maar wel bewust zijnde van het feit dat er zulke kinderen en volwassenen bestonden. Door het lezen van het boek ben ik hier over wel meer te weten gekomen maar het heeft de hoofdlijnen van mijn mening niet verandert. Het onderwerp werd diepgaand in het boek behandeld, men wijkt hier namelijk niet van af.


De gebeurtenissen

In het begin van het boek wordt verteld dat Momo is verdwenen, maar al snel vind moeder hem onder zijn bed, ze vindt dit alles vreemd en gaat erover praten met het schoolhoofd. Dan volgt er een flashback, dit bevat het grootste deel van het boek. Momo wordt geboren in de slaapkamer van de flat. De flat staat in het mooie en rustige plaatsje Herfsthoven. De ouders van Momo zijn al vrij oud wanneer ze Momo krijgen. Ze hebben een kraamverzorgster maar moeder moet haar niet zo en al spoedig kon ze dus alweer vertrekken. Momo was als baby zeer rustig.
De opvoeding door de ouders en de omgeving wordt uitvoerig beschreven. Ook wordt iedere persoon die een rol speelt beschreven.
Met een tijdsprong zijn we aan belandt bij Momo’s eerste schooldag. De eerste schooldag maakte niet veel indruk op Momo maar wel op moeder. Al snel miste ze Momo, er was geen Momo meer in huis overdag.
Regelmatig komen Momo en zijn ouders de buurman tegen. Moeder en de buurman lagen elkaar niet, vooral vanwege het gekakel tegen vader (wat meestal over Momo ging), wat hij duidelijk kon volgen door de muur heen.
Op school werd hij buiten gesloten door zijn klasgenoten en ook zelfs gepest. Hij werd afgeranseld door een paar jongens die ook bij hem in de klas zitten, vooral door een jongen met rood haar. Een blond meisje zag dit en hielp hem opstaan.
Tijdens alle gebeurtenissen in het verhaal wordt er voortdurend de gedachte en het doen en laten van Momo beschreven.
Op een doordeweekse dag gaan Momo en zijn ouders naar het bos, even raken ze hem kwijt en raken dan in paniek, maar al snel vinden ze hem.
Momo komt het blonde meisje nog een keer tegen, zij had hem al sinds zijn eerste schooldag geboeid.
De afschuw tussen moeder en de buurman wordt een aantal keren beschreven.
De buurman heeft medelijden met Momo en zijn vader. Hij ziet in dat Momo in een eigen wereld leeft, dit ziet het schoolhoofd ook in.
Wanneer Momo met zijn ouders naar het strand gaan komt hij weer het blonde meisje tegen.
Hij speelt met haar en laat later zijn zwembroekje voor haar ogen zaken, dan krijgt hij een klap van haar in zijn gezicht en het meisje vond hem niet meer leuk en steekt regelmatig haar tong naar hem uit. Vanaf hier gaan het verhaal verder waar het mee begonnen was ( einde flashback).
Dan komt er een schoolreisje waar Momo absoluut geen zin in heeft eerst verzwijgt hij dat er een schoolreisje komt, waar moeder toch achterkomt, dan een paar dagen hiervoor werd hij ziek en hoopte dat te blijven tot aan het schoolreisje. Hij moest van moeder toch gaan en bovendien was hij al heel wat beter. Hij werd op het schoolreisje gepest en hij vond het dus helemaal niet leuk. Wanneer iedereen aan het begin van de reis geteld werd door de juffrouw telde ze 29 kinderen, ‘klopt’ zei ze. Op het einde van het reisje telde ze weer iedereen. ’28, klopt’ zei de juffrouw. Hier eindigde het verhaal mee.

Het verhaal had geen strakke verhaallijn omdat alles, de meest onbelangrijkste dingen, uitvoerig werden verteld. De gebeurtenissen komen logisch uit elkaar voort, deze gebeurtenissen zijn niet spannend, humoristisch, zwaarwichtig en ook niet boeiend. Wel zijn ze herkenbaar, geloofwaardig en soms dramatisch. Ze hebben me aan het denken gezet om dezelfde redenen als het onderwerp me aan het denken heeft gezet want de gebeurtenissen hebben alle met het onderwerp te maken. Toch hebben ze niet echt een bepaald gevoel opgeroepen. Ik vind het einde niet bevredigend omdat het veel te open is. De gebeurtenissen spelen zich in de sfeer af die Momo met zich draagt, een niet echt te beschrijven sfeer, het is een soort van persoonlijke sfeer. De gebeurtenissen maakte indruk op me, vooral omdat iedereen ze wel herkent en daarom zag ik me ze ook voor me. Het verhaal beschrijft ook een aantal onaangename gebeurtenissen, vooral omdat je je inleeft in Momo, en als deze dan gepest wordt is dit onaangenaam. Het boek blijft zeker niet boeien, er zijn slechts enkele momenten waarop het boek echt boeit.


De bouw

Het verhaal komt traag op gang en blijft helaas ook zo. Alles hangt wel met elkaar samen maar er wordt overbodig veel aandacht aan het omschrijven van de gebeurtenissen besteedt.
Ik vind de bouw niet ingewikkeld omdat alles duidelijk met elkaar samenhangt, het is dus niet moeilijk om alles met elkaar in verband te brengen want dit wordt al heel duidelijk verteld. Het verhaal bestaat uit alleen uit langdurige scènes met als gevolg dat het saai wordt.
Er lopen geen verhaallijnen door elkaar. Er wordt wel met tijd gespeeld maar dit valt duidelijk te volgen. Er zitten niet veel terugblikken of herinneringen in het verhaal.


De personages

 Momo: Een jongen waar het gehele boek omdraait. Het is een rustige jongen die in zijn eigen gedachtes leeft. Hij wordt omschreven als de knapste jongen van de klas. Hij wordt als volgt omschreven; zijn huid is als melk en zijde, githaar met een blauwige glans, ogen van een bijna zotte dromerigheid waarin een kleine melkweg glinstert en die lichtelijk loensen.
 moeder: Een echt zorgzaam type. Grijsend haar.
 vader: Gedraagt zich minder zorgzaam dan moeder, veel minder. Hij is al vrij dik.
 buurman: Een vieze dikke en kalende man. Een slecht verzorgt uiterlijk.

De personages gingen in mijn gedachte leven en zijn herkenbaar, ik denk dat iedereen wel iemand in vergelijking zou kunnen stellen met iemand zoals Momo, vader, moeder en de buurman. Ik kon echt met Momo meeleven. Ik vind niet iedere personage zich gedragen zoals het hoort, namelijk; moeder hoeft niet voor ieder wissewasje naar de dokter of het schoolhoofd te gaan, de buurman mag zijn eigen wel wat beter verzorgen en de klasgenootjes van Momo horen niet te pesten. Ik ben niet beïnvloedt door hun gedrag of ideeën. Ik vind de uitspraken van moeder onaanvaardbaar, ze heeft op vrijwel iedereen commentaar. De personages reageren vaak onvoorspelbaar. Ik vind Momo, vader en de buurman wel sympathiek maar moeder niet. Van Momo kom je in het verhaal het meeste te weten.


Het taalgebruik

Soms had ik moeite de taal te begrijpen omdat veel met heel onduidelijke en niet begrijpbare vergelijkingen werd vergeleken en omdat de ik de zinsopbouw niet altijd logisch vond. Het verhaal is zo geschreven dat je alle gebeurtenissen voor je zag. Het is mij opgevallen dat de schrijver veel vergelijkingen gebruikt en dat de zinsopbouw niet altijd logisch is. Dit leverde soms kleine problemen op. De verhouding tussen beschrijving, dialoog en weergave van gedachten en gevoelens vind ik plezierig. Het boek bevat veel beeldspraak en symboliek wat wel eens voor problemen zorgde.


De schrijver

Hafid Bouazza

Geboren: 1970
Debuut: De voeten van Abdullah (1996, verhalen)
Genres: Novelle, kort verhaal, toneel
Bijzonderheid: Componeert ook klassieke muziek en gebruikt dat om zijn schrijftechniek te verbeteren
Citaat: ‘Herinneringen zijn blij voorbaat al ongrijpbaar. Ik heb de behoefte om ze vast te pakken, vast te leggen. De islam is in mijn verhalen slechts aanwezig onder bizarre vormen: de vreemde imam, de absurde wetten. In werkelijkheid is de islam zo duidelijk dat hij het hele leven beheerst’ (Weekend Knack, 19-6-1996)
Recent werk: De voeten van Abdullah (1996, verhalen), Momo (1998, novelle), Apollien (1998, toneel)
Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen