U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : Hafid Bouazza - De Voeten Van Abdullah.
Deze versie komt van http://www.collegenet.nl/studiemateriaal/verslagen.php?verslag_id=13524 en is laatst upgedate op Onbekend.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 2687 woorden.

Primaire gegevens van het gelezen werk:

Auteur: Hafid Bouazza

Titel: De voeten van Abdullah

Ondertitel: -

Opdracht: -

Motto: -

Verschenen in: eerste druk: 1996, gelezen: negende herziene druk 2002 (met extra verhaal en nawoord)

Uitgever: Prometheus

Verwachtingen vooraf: een relaas over de jeugd van de schrijver, veel informatie over de Marokkaanse cultuur



Samenvatting van de inhoud:

De voeten van Abdullah is een verhalenbundel. Of eigenlijk moet ik zeggen: blijkt een verhalenbundel. Dit kun je namelijk niet gemakkelijk afleiden uit de tekst op de achterkant van het boek. Er staat alleen dat er een verhaal is toegevoegd (herziene editie), maar dat zou bij een gewoon boek ook het geval kunnen zijn. Ook als je aan het lezen bent, duurt het even voordat je dat in de gaten hebt.

De gebeurtenissen die beschreven worden, zijn vaak gedeeltelijk op een herinnering gebaseerd. Ze worden echter ook aangevuld met (dikwijls seksuele) fantasiëen.



De verhalen in het kort:

Spookstad: een oude man gaat ’s nachts met zijn slaaf naar de dokter. Hij denkt terug aan vroegere tijden, toen hij nog een rijk man was. Vlak voordat ze bij de dokter aankomen, wordt hij neergeslagen.

De voeten van Abdullah: de broer van de ik-persoon, Abdullah, keert niet terug van het front van de Heilige Oorlog. Wanneer zijn voeten thuisbezorgd worden, zijn zijn ouders net zo gelukkig als ze zouden zijn geweest wanneer hij in levende lijven was teruggekeerd.

Liefde onder de olijfboom: drie jongens willen de liefde ontdekken. Eerst doen ze ervaring op bij de zus van een van hen, maar dan besluiten ze met het bij elkaar gespaarde geld naar de hoeren terecht. Ze komen echter een dorpsgenoot tegen die iets beters zegt te weten. Het geld gaat op aan drank en de dorpsgenoot vergrijpt zich aan de jongens, die zich later op hun beurt aan een ezel vergrijpen.

Satanseieren: Komkommers en aubergines worden verboden om de losbandigheid van vrouwen aan banden te leggen. De ik-persoon bewaart er enkele onder de vloer in zijn groentezaak, en al gauw heeft hij flinke klandizie van vrouwen die zich bij hem onder zijn blikken te goed komen doen, terwijl de mannen in de moskee zitten. Uiteindelijk wordt hij betrapt en moet de gevangenis in. De vrouwen worden opgehangen.

Vliegenheer: dorpsbewoners horen vreemde geluiden bij de put van een huis. Mensen vinden op vreemde wijze de dood, onder andere de imam en de linkervoet van Abdullah. De nieuwe imam wordt gekozen maar nog steeds gaan mensen dood. Dan blijkt de imam ook nog eens crimineel te zijn. Men besluit het dorp in de fik te steken.

Apollien: de ik-persoon gaat naar Nederland en leert in Amsterdam zijn eerste grote liefde kennen: Apollien. Bij haar leert hij liefde en seks te combineren.

De verloren zoon: de ik-persoon keert na zeven jaar terug naar Marokko en wordt meteen uitgehuwelijkt door zijn moeder. Het huwelijk wordt beschreven en aan het eind van het verhaal het uitkleden van de vrouw… zeer vreemd. Aan de kleren lijkt geen einde te komen.

De visser en de zee: een visser is aan het vissen. Hij gooit altijd maar 1 keer het net uit, vangst of geen vangst. Als hij de derde keer het net uitgooit, krijgt hij het niet meer naar boven. Hij duikt het water in, en komt even later weer boven… als vrouw. Enkele mannen gaan achter hem aan (denken dat hij een godsgeschenk is), zijn drie vrouwen worden boos als hij zijn huis binnengaat (weer een vrouw erbij!) en uiteindelijk valt hij in handen van de imam en wordt nooit meet gezien.

De oversteek: een gezin wil de oversteek naar Gibraltar maken. De tocht wordt beschreven vanuit het oogpunt van een tweetal toekijkende sjeiks.

Nawoord: hierin legt hij uit hoe hij nu tegen het boek aankijkt, een aantal jaar na het verschijnen van het eerste exemplaar. Hij legt uit hoe hij aan sommige verhalen is gekomen. Persoonlijk vond ik dat het nawoord enige verheldering bood in de chaos die ik het boek vond net na het lezen. Toch was nog niet alles helder voor mij, een aantal hoofdstukken heb ik nog een keer gelezen.



Titelverklaring:

De titel van het boek verwijst naar één van de verhalen, waarin de voeten van Abdullah, die in een oorlogsstrijd is omgekomen, aan de moeder worden gegeven. Zij vereert deze alsof het Abdullah in levenden lijve is.



Opbouw:

Het boek is opgebouwd uit negen verhalen en een nawoord. Het is moeilijk om te zeggen hoe het verhaal is opgebouwd, omdat er geen echte verhaallijn is. Per hoofdstuk wordt dus een verhaal verteld. Als je aan zo’n verhaal begint, heb je nog geen idee over welke personen het verhaal gaat. Sommige verhalen lijken dezelfde hoofdpersoon te hebben als andere verhalen, sommige personages komen ook in meerdere verhalen terug, maar het is moeilijk om een link te leggen tussen de verschillende verhalen.



Taalgebruik:

Het taalgebruik is niet eenvoudig. Hij gebruikt veel oude woorden en Marokkaanse benamingen, maar op zich kun je de betekenis daarvan vaak nog wel uit de context halen. Moeilijker wordt het bij de zinnen: de zinsconstructies zijn af en toe erg lastig. Je moet soms twee keer lezen om uit een stukje tekst te komen. Hij schrijft erg lyrisch en gebruikt graag lange zinnen. Al met al vind ik de gebeurtenissen vaak niet helder omschreven.



“En terwijl ze toch aan het weeklagen was, begon ze ook te jeremiëren (terwijl ze met haar handen op haar ruime schoot sloeg) over de kippen en geit die zij waren vergeten mee te nemen; in hun huis waren deze een tere prooi voor de euveldaden van de djinns.Ik hoopte dat ze mijn grijns niet opmerkte.”(p 83)



Wat wel leuk is, is dat hij soms niet bestaande woorden of verbasteringen gebruikt:



“Deze keer tik-tik-tikte ik hard met mijn beverige wandelstok (met zilveren heft) op de grond.” (p7)

“De visser over wie zij spraken zwaaide een salaamaleikum richting de twee sjeiks. Zij zwaaiden een God-sta-u-bij terug.” (p137-138)



Ondanks dat het taalgebruik soms wat moeilijk was en je echt wel even tijd nodig hebt om aan de manier van schrijven te wennen, begon ik het gedurende het lezen van het boek wel steeds meer te waarderen.



Tijd:

De verhalen in het boek zijn herinneringen van de schrijver aan zijn kindertijd, soms waargebeurd, soms van horen zeggen, soms vooral erg sprookjesachtig. De schrijver is geboren in 1970, waardoor we mogen aannemen dat het boek zich in de jaren 70 afspeelt. Het is voor mij als Nederlandse moeilijk om het aan andere dingen af te leiden. Ik weet niks van de (hedendaagse) Marokkaanse cultuur, waardoor het moeilijk te zeggen is of de gebeurtenissen lang geleden plaatsvinden. De gebeurtenissen komen mij allemaal als tamelijk ouderwets over.

Ieder verhaal kan zich in een volledig andere tijd afspelen, maar in feite weet je dat niet. Omdat de hoofdpersoon niet steeds dezelfde is, kun je daar eigenlijk geen touw aan vastknopen. Soms is het jongen van een jaar of tien, dan weer een jongen van 17 die in de gevangenis terecht komt, een andere keer is het een twintiger die in Amsterdam woont. Veel chronologie is er in ieder geval niet te bekennen.



Verteltijd: het boek heeft 158 bladzijden. Het kostte me toch wel een uur of vier om te lezen, maar dat kwam vooral ook omdat ik soms stukken meerdere keren moest lezen om te begrijpen wat er nu eigenlijk bedoeld werd.



Plaats en ruimte:

Het boek speelt zich in een plattelands Marokkaans dorpje af. De meeste verhalen spelen zich alleen in Marokko af. ‘Apollien’ speelt zich deels ook in Nederland (Amsterdam) af. Daar ontdekt de hoofdpersoon de Nederlandse vrouwen, die toch wel anders blijken te zijn dan de Marokkaanse, met name op het gebied van seks.

Er zijn niet echt specifieke ruimtes die gedurende het hele boek een grote rol spelen. In ieder boek zijn er weer andere ruimtes die een rol spelen. Zo speelt in Satanseieren bijvoorbeeld de groentewinkel van de hoofdpersoon een belangrijke rol.



Spanning:

Ook hier weer: verschilt per verhaal. Maar eerlijk gezegd moet ik zeggen dat er in de meeste verhalen niet veel spanning zit. Vaak weet je aan het einde van een verhaal nog maar weinig, blijf je met vragen zitten. Het is net alsof de schrijver vergeet aan bepaalde stukjes van het verhaal een einde te breien. Soms vond ik dat irritant. Dan ging ik nog een keer lezen, met het idee dat ik misschien iets over het hoofd had gezien. Wat helaas vaak niet het geval bleek te zijn.



Vertelperspectief:

Het verhaal wordt meestal verteld door de ogen van de hoofdpersoon. Ieder verhaal kan dat dus weer een ander iemand zijn. Slechts in een enkel verhaal merk je ook hoe de hoofdpersoon heet omdat hij door iemand anders bij naam genoemd wordt. Beide keren is die naam Hafid (zelfde naam als van de schrijver), maar uit sommige andere dingen weet je dat hij niet in ieder verhaal de hoofdpersoon kan zijn. Er is ook een enkel verhaal dat in de hij-vorm wordt verteld (de visser en de zee).



Personages:

Het is moeilijk iets over de personages te zeggen omdat dat steeds andere personages zijn. De hoofdpersoon is in alle verhalen een man (hoewel de leeftijden uiteenlopen) die tamelijk geobsedeerd is door seks, net als de mannen rondom hem. Vrouwen hebben een ondergeschikte rol en mogen niet veel. Sommige personages komen in meerdere verhalen aan bod, zoals zijn vrienden Moehand en Zalanboer. Ook dorpseigenaar Bertollo, de voeten van Abdullah en de imam blijven terugkeren. Ook Khadroen komt telkens terug, al is het voor de lezer niet helemaal duidelijk of Khadroen nu een jongetje is of een olijfboom. In ieder geval is er geen enkel personage dat uitgediept wordt.



Thema:

Het thema van dit boek is het volwassen worden en vooral de seksuele ontwikkeling van de hoofdperso(o)n(en) die daarmee gepaard gaat. In vrijwel alle verhalen komt dit naar voren. Jongetjes die worden verkracht door andere mannen, jongens die zich vergrijpen aan een ezel, het verbod op aubergines en komkommers omdat vrouwen zich daarmee onzedelijk zouden gedragen, jongens die hun zus als lustobject gebruiken.

De Marokkaanse cultuur en geloof speelt een kleinere maar toch ook wel belangrijke rol. Hij is constant op de achtergrond aanwezig en is van invloed op wat de personages doen. Het verhaal zou anders zijn geweest als het zich in Nederland of een ander willekeurig westers land had afgespeeld. De islam heeft een grote oinvloed op de manier van leven van de personages. In zijn verhalen probeert de schrijver vaak af te rekenen met de wereld waarin hij geleefd heeft, omdat die achterhaald is, onder andere qua religie.



Genre:

Het is in ieder geval een verhalenboek, waarvan sommige verhalen autobiografisch zijn. Qua genre zou ik het een drama noemen. Niet dat het nu zo heel erg dramatisch is allemaal, maar het gaat toch over personen en wat ze meemaken. En die dingen zijn niet altijd even vrolijkstemmend. Door de wonderlijke gebeurtenissen is ook wel een sprookje.



Mijn persoonlijke beoordeling:

a. Vond je het een interessant onderwerp?

Ja, het gaat over een heel andere cultuur en dat is wel interessant. Minder vond ik het dat de seksualiteit telkens een grote rol speelt. Je krijgt hierdoor een vreemd beeld van dergelijke samenlevingen.



b. Was het onderwerp herkenbaar in je eigen belevingswereld of juist niet?

Absoluut niet. Het gaat over een primitief Marokkaans dorpje, en dat ligt niet erg dicht bij mijn eigen belevingswereld. Het hoofdstuk dat deels in Nederland speelt is wat herkenbaarder, maar ook hier is de situatie door de Marokkaanse afkomst van de hoofdpersoon en de manier waarop deze met Nederland(ers) omgaat vervreemdend.



c. Had je zelf wel eens nagedacht over het onderwerp of ben je door het boek juist aan het denken gezet?

Niet speciaal nagedacht, maar seksualiteit die in alle verhalen een rol speelt krijg ik toch een stuk minder ‘braaf’ beeld van kleine Marokkaanse samenlevingen.



d. In hoeverre kwam het boek overeen met jouw gedachten of welke mening heb je over het onderwerp gekregen?

Kwam niet overeen dus, maar dat kan ook het gevolg zijn van het feit dat alle verhalen om seksualiteit draaien. Er is veel meer te vertellen wat hier helemaal niet aan bod komt.



e. Werd het onderwerp oppervlakkig behandeld of had het voldoende diepgang?

Per verhaal was er wel voldoende diepgang. Wat ik alleen jammer vond is dat je nooit weet wie nu precies de ik-persoon is. Dat is namelijk niet in alle verhalen dezelfde persoon.



f. Ken je boeken of films die over hetzelfde onderwerp gaan?

Eigenlijk niet. Ik ken verder geen films die over de combinatie Marokkaans dorpje en seksualiteit gaan.



g. Wat was het belangrijkste in het boek: de gebeurtenissen of de gevoelens en de gedachten van personen?

De gebeurtenissen: de personen worden niet uitgewerkt. Het is zelfs erg moeilijk om te weten wie wie is; er zijn meerdere abdullah’s, fatima’s etcetera



h. Kwamen er te veel gebeurtenissen in voor of was het aantal juist goed?

Het zijn losse verhalen, dus het is moeilijk om daar iets over te zeggen. In feite draait ieder verhaal om één gebeurtenis, en dat is ook wel genoeg.



i. Vond je de gebeurtenissen spannend, saai, opwindend, romantisch, fantastisch, triest, enz?

Ik vond de gebeurtenissen vooral erg vreemd. Het staat allemaal nogal ver van mijn eigen belevingswereld af.



j. Vonden er schokkende gebeurtenissen plaats?

In zekere zin zijn sommige gebeurtenissen wel schokkend. Het verhaal waarin een aantal jongens zich vergrijpen aan een ezel vind ik nogal schokkend, evenals het verhaal over de aubergines en komkommers.



k. Hoe heb je de afloop ervaren?

Onbevredigend, omdat je na afloop helemaal geen duidelijkheid hebt. Je blijft met vragen zitten omdat niet altijd duidelijk is wie de hoofdpersoon is en hoe een verhaal nu precies afloopt.



l. Kwam de hoofdpersoon levensecht over?

Het zijn steeds andere hoofdpersonen. Ze komen allen wel levensecht over.



m. Kon je je goed inleven in de hoofdpersoon?

Totaal niet, omdat de hoofdpersonen zo’n vreemde dingen doen. Ik kon me daar erg weinig bij voorstellen.



n. Herkende je bepaalde eigenschappen van de hoofdpersoon in jezelf?

Helemaal niks: andere cultuur, telkens een man, ze doen vreemde dingen…



o. Herkende je enkele personen in je eigen leefwereld?

Ook niet



p. Ben je door het gedrag van de hoofdpersoon beïnvloed?

Hooguit dat ik een ander beeld heb gekregen van het leven in kleine Marokkaanse dorpjes. De gebeurtenissen zijn soms autobiografisch, wat het nog eens extra ‘eng’ maakt om te geloven dat dit de waarheid is.



q. Zou je de hoofdpersoon anders laten handelen als jij de auteur was geweest?

Nee, omdat ik zo’n boek niet zou kunnen schrijven. De auteur weet hoe de personages zouden moeten handelen omdat ze uit zijn cultuur komen.



r. Vond je het verhaal moeilijk opgebouwd of kon je het vlot lezen?

Het is een erg moeilijk boek. Allereerst doordat er soms erg moeilijke zinnen en lastige zinsconstructies gebruikt worden. Je moet soms wel drie keer een stuk lezen om te weten waar het over gaat. Ten tweede maakt het feit dat het verhalen zijn het boek moeilijk. Het staat niet duidelijk aangegeven dat het losse verhalen zijn. In het begin lijkt het dan ook over dezelfde personen te gaan. Dit is echter niet het geval, daar kom je al gauw achter. Je weet echter niet wie de hoofdpersonen dan wel zijn. Ze worden (op een enkele keer na) niet bij naam genoemd. Soms is het wel zo dat bijvoorbeeld een vader dood is in het ene verhaal en dat de vader in het andere verhaal weer wel leeft. Of de hoofdpersoon draait heel wat jaartjes de bak in en is in een ander verhaal net iets ouder maar wel een vrij man. Dat is het enige waaraan je kunt afleiden dat de hoofdpersonen ook anders zijn. Wel komen verschillende namen in meerdere verhalen voor, ook als dezelfde persoon zeg maar. In ieder geval vond ik het zelf allemaal erg ingewikkeld.



s. Welke delen vond je spannend en kwamen die op het juiste moment?

Er was niets spannend aan het boek.



t. Vond je de afloop onbegrijpelijk, onbevredigend, verrassend of flauw?

Er was geen afloop, ook de verhalen hadden maar zelden een echte afloop. Ze eindigen wel, maar niet met een spannende ontknoping ofzo.



u. Vond je het taalgebruik moeilijk of makkelijk?

Moeilijk! Vooral door de manier waarop de zinnen in elkaar steken. Qua moeilijke woorden: er zijn veel oude woorden of Marokkaanse benamingen gebruikt.



v. Vond je dat de gebeurtenissen op een heldere wijze werden beschreven, zodat je een goede voorstelling kon maken?

Absoluut niet, ik kon me er weinig bij voorstellen. Dat verschilt wel van verhaal tot verhaal. Er zijn verhalen waarbij je je een betere voorstelling van de situatie kunt maken. Die blijven dan ook beter hangen.
Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen