U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : Abdelkader Benali - Bruiloft Aan Zee.
Deze versie komt van http://scholieren.samenvattingen.com/documenten/show/1476954/ en is laatst upgedate op 10/03/2003.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 1370 woorden.


1. Beschrijving.


1.1 Schrijver:


Abdelkader Benali

Titel: Bruiloft aan Zee

Plaats van uitgave: Amsterdam

Naam van uitgever: Vassallucci

Jaartal eerst druk: 1996

1.2 Korte samenvatting:


De hoofdpersoon in het boek is Lamarat Minar, hij woont in Nederland, en hij heeft de opdracht gekregen van zijn vader om naar Marokko te gaan om daar zijn oom te gaan zoeken.

Zijn oom, Mosa Minar, is plotseling verdwenen tijdens zijn huwelijksfeest. Hij zou gaan trouwen met het zusje van Lamarat.

Tijdens zijn zoektocht zijn er veel flash-backs, die op een leuke manier worden vertelt. Zo kom je bijvoorbeeld er achter dat de ouders van Lamarat vroeger in Marokko leefden en hoe het daar toen was. Je komt er op die manier ook achter hoe ze elkaar hebben leren kennen en hoe ze in Nederland zijn gekomen.

Als Lamarat in het dorp komt van zijn ouders vertellen de mensen daar hem wat meer over zijn oom, waar hij hem kan vinden. Hij gaat daarheen en de taxichauffeur vertelt hem veel over het dorpje. Hij gaat naar Melilliaar en vind Mosa daar dronken in een tent met allemaal vrouwen waar je kan mens-erger-je-nieten. Naja.. een soort ‘hoerentent’.

Lamarat en Mosa gaan samen terug naar het dorp waar het huwelijk plaatsvond.

Op de terugreis komen ze Rebekka (de zus van Lamarat) tegen, zij zat in de bosjes te vloeken, en ze is kwaad op Mosa en wil wraak nemen. Ze stelde voor om naar het strand te gaan, om daar het huwelijk verder te vieren. Mosa was dronken. Op het strand neemt Rebekka Mosa’s penis onder handen met een scherp schaartje. De rest van de familie komt aangelopen en zien bloed op het strand en Mosa en Rebekka half naakt, en ze denken dat de ontmaagding heeft plaatsgevonden. Later gaan Lamarat en Rebekka terug naar Ollanda en Mosa z’n eigen weg. Mosa gaat dan dood.

2. Interpretatie.


2.1 Genre:


Familieverhaal/Roman

Taalgebruik: Abstract, soms ontspannend, daarna weer gejaagd, en vol sarcasme. Om de zoveel tijd wordt er door de personen in schuingedrukte letters een liedje gezongen. Er worden af en toe (ook schuingedrukt) Berberse termen en eigen bedachte woorden gebruikt.

Titel: Bruiloft aan zee. Omdat de bruiloft plaatsvond aan zee.

Motto: Het boek is in de eerste plaats geschreven omdat Vassallucci (de uitgever) hem een contract aanbood. Een tijd lang heeft hij al zijn ideeën op papier gezet en in een verhaal met kop en staart verwerkt. Alles wordt geïllustreerd door de landelijke omgeving met haar cultuur, tradities en gewoontes.

Opbouw: In 15 hoofdstukken. Alle hoofdstukken hebben aparte titels.

Thema: Lamarat probeert zijn oom Mosa te vinden omdat hij is weggelopen van zijn bruiloft. Hij zou trouwen met de zus van Lamarat, Rebekka.

Motief: Er wordt meerder keren in het boek vertelt dat zijn oom van drank houd, en dat hij vaak naar vrouwen gaat. Het doel daarvan is volgens mij om je een duidelijk beeld te geven van zijn oom Mosa.

2.2 Vertelperspectief:


Vooral personale verteller. Maar af en toe ook ik-verteller en neutrale verteller. B.v. in de flash-backs.

Tijdsaspect: De chronologie is een door elkaar gegooid zootje. Het ene moment speelt het verhaal zich ergens in de jaren zeventig af, vervolgens bevinden we ons weer in het heden, in de taxi van Chalid. Het grootste gedeelte van het verhaal bestaat uit flashbacks, waarin ons de geschiedenis van Lamarat wordt verteld.

Voornaamste personages + karakter:

  • Lamarat Minar: hij is net volwassen. Getinte huidskleur, donker haar, donkere ogen. Hij praat niet veel, een nadenker.

  • Mosa Minar: De oom van Lamarat, hij trouwde met Rebekka. Een asociale man, houdt alleen rekening met zichzelf en hij is niet trouw aan zijn vrouw. Toen hij ging trouwen vonden ze hem bij de hoeren.

  • Rebekka Minar: De zus van Lamarat. Ze heeft al veel meegemaakt in haar jonge leven. Is niet op haar mondje gevallen. Zet haar woorden om in daden.



Opvallende nevenfiguren:

  • Chalid. De bestuurder van een witte Mercedes-taxi. Weet veel over de bewonens van de landstreek. Hoort van iedereen wat.

  • Vader, Machiler Minar, en moeder, Jamina Minar. Ouders van Lamarat en Rebekka. Geboren in Touarirt.


Personages weergegeven: Best wel realistisch.

2.3 Situering:


Het speelt zich vooral af in Marokko. In Touarirt, het dorpje waar de familie woont. In Nadorp (Nador in het echte leven), waar Lamarat Ammoenier en zijn neef bezoekt. In Melilliaar (Melilla) een Spaanse kroonkolonie, waar Mosa uiteindelijk gevonden wordt. En in Maanzaad-Stad (Rotterdam volgens mij) waar Lamarat opgegroeid is.

Ruimte: Platteland. Daar is het leven toch anders dan in een grote stad.

Tijd: Heden. En (flash-backs) in de tijd dat zijn ouders nog jong waren.

Milieu: Arbeiders. Het is niet zo makkelijk om naar “Het West” te gaan, maar mensen uit het dorpje hebben wel bewondering voor de ouders van Lamarat, omdat ze het zover gehaald hebben.

Persoonlijke beoordeling:


Ik vind het een erg leuk boek. Vooral door de manier van vertellen. Er zijn veel flash-backs en dan ben je weer in het heden en dan weer in het verleden, enz. Het regelmatige verplaatsen tussen het tijdstip van vertelling en de vele flashbacks is een leuke afwisseling, en daardoor is het makkelijk lezen, en sla je het boek niet zo snel dicht.

Het is Benali ook goed gelukt om de Marokkaanse sfeer goed te omschrijven. Hij heeft bijvoorbeeld heel gedetaileerd de dagelijkse gewoontes van de inheemse cultuur omschreven, en hoe de mensen daar daar over de mensen in “de West” denken. Ook bijzondere personages en de ruimteomschrijvingen geven een goed beeld van Marokko.

Ik vond het wel lastig dat de zinnen zo ontzettend lang waren. Ergens aan het einde van het boek is een zin die bijna anderhalve pagina lang is. Toch is dat ook wel weer apart.

Bij sommige delen van het boek heb ik wel moeten lachen.

Verwerkingsopdracht:


Na de bruiloft hebben ze met z’n allen alle troep netjes opgeruimt wat de gasten hadden achtergelaten. Toen Mosa eindelijk weer nuchter was, ging moeder naar hem toe om met hem een grondig woordje te spreken. Ze vertelde hem dat alles wat hij deed echt niet kon, en dat hij een ware schande was voor de familie. Mosa trok zich er niks van aan, en wilde weer weg gaan. Toen hij buiten was, zag hij dat vader (zijn broer) de auto aan het inladen was. Hij ging naar hem toe, en vroeg hem waarom hij dat deed. Vader vertelde hem dat ze weer terug naar Ollanda gaan. Hij vroeg of Mosa ook mee zou gaan. Mosa wilde niet mee. Hij vond het hier veels te leuk. Vader vertelde hem dat hij nu hij getrouwd is, niet gewoon z’n gang kon gaan. Hij vertelde dat moeder dat ook al had vertelt, maar hij niet wist waarom hij mee zou gaan naar Ollanda. Toen kwam Rebekka ook buiten, en ze omhelsde haar man. Vader herhaalde weer dat hij nu getrouwd is en de man van Rebekka is, en het wel handig zou zijn als hij mee zou gaan. Rebekka keek Mosa heel lief aan. Ze vertelde hem dat ze toch wel van hem hield, ook na dat wat ze hem had aangedaan. Mosa vond dat heel erg lief, want al die andere vrouwen die waren goed in bed, maar ze hadden hem nooit vertelt dat ze van hem hielden. Hij ging mee naar Ollanda. Oma en opa van Lamarat bleven achter. Toen ze in Ollanda waren, gingen Rebekka en Mosa in een eigen huis wonen. Lamarat ging studeren. Ze gaan elke zomer op vakantie bij oma en opa in de landstreek Iwojen. Dan zitten ze weer bij Chalid in de taxi.

Commentaar op de recenties:


Op de recentie van Hans Goedkoop:

H. Goedkoop zegt dat Benali alles door elkaar gooit, en het roert tot een borrelende melingpot van stijlen. Ik vind deze manier van schrijven wel leuk, het is niet zo eenzijdig, en leuk om te lezen, omdat je steeds iets anders leest, en niet heel de tijd hetzelfde leest. Het is wel een beetje lastiger om het te begrijpen, maar het is niet zo lastig dat het niet te lezen is. Ik vind het een leuk boek, vooral omdat het zo een ‘rommeltje’ is.



Op de recentie van Jeroen Vullings:

J. Vullings vind de manier van schrijven van Benali niet zo leuk. Hij schrijft bv: “Ik word niet vrolijk van een grapje als ‘pis en nijdig’of van iemand die ‘een oogje, wel twee oogjes’ op een deerne heeft” Ik vind het juist wel leuk dat Benali van dat soort woordgrapjes heeft gebruikt, en uitdrukkingen die net niet kloppen ofzo, dat maakt het boek juist heel grappig, en leuk om te lezen.




Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen