U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : Ferdinand Bordewijk - Karakter.
Deze versie komt van http://www.collegenet.nl/studiemateriaal/verslagen.php?verslag_id=5761 en is laatst upgedate op Onbekend.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 2207 woorden.

ALGEMENE GEGEVENS:
auteur: F. Bordewijk
titel: Karakter, roman van zoon en vader.
uitgever: 24e druk uitgegeven in 's-Gravenhage door Nijgh & Van Ditmar. 1e druk: 1938.
Aantal bladzijden: 250
genre: psychologische roman. Omdat er veel aandacht wordt besteed aan het voortdurende conflict tussen Katadreuffe en Dreverhaven. Ook is het een beetje een historische roman, omdat er ook historische elementen in zitten.

EERSTE REACTIE:
keuze: Ik heb dit boek gekozen omdat het mij een leuk boek lijkt.
Inhoud: Ik vond het een leuk boek om te lezen. Het is vooral leuk om te zien hoe het karakter van Jacoba veranderd. In het begin was ze een geëmancipeerde vrouw met een sterk karakter en boordevol wilskracht. Naarmate het verhaal vordert verzwakt ze, ze komt niet meer sterk uit haar mening

VERDIEPING:
Samenvatting van de inhoud:
De hoofdpersoon van Karakter, Jacob Willem Katadreuffe, wordt geboren in Rotterdam, rond kerst. Zijn moeder was vroeger dienstbode bij de gevreesde deurwaarder Dreverhaven, van wie zij zwanger raakt. Na de keizersnede is ze erg verzwakt. Joba weigert vervolgens zowel Dreverhavens huwelijksaanzoek als zijn maandelijkse financiële ondersteuning; zoals ze ook het aanzoek van schipper Hein afwijst. De eerste jaren zijn armoedig maar Joba doet alles om rond te komen. Na de lagere school heeft Katadreuffe allerlei baantje, is een tijdje werkeloos en leest hij regelmatig in degelijke lectuur. Joba voorziet in haar levensonderhoud met opvallend en modern handwerk dat bij de kopers in de smaak valt. Als commensaal heeft ze een communistische machine-bankwerker in huis genomen die ruzie heeft met zijn ouders over een meisje. Hij zal een trouwe vriend van Katadreuffe worden.
Met een voorschot van een woekerbankje koopt Katadreuffe een sigarenzaakje in Den Haag. Het wordt niets en de Rotterdamse woekerbank vraagt zijn faillissement aan. In verband hiermee heeft Katadreuffe een gesprek op het advocatenkantoor van Stroomkoning met zijn curator De Gankelaar. Tijdens het wachten beseft Katadreuffe dat hij niets weet en besluit hij in dit kantoor aan zijn carrière te gaan werken. Het lukt hem om De Gankelaar zover te krijgen dat die hem een baantje bezorgt. Hier ziet hij ook voor het eerst zijn vader. Katadreuffe krijgt een kamer bij Stroomkonings conciërge Graanoogst en voelt zich daar depressief, maar in zijn werk overtreft hij De Gankelaars verwachtingen. Hij leert het kantoor kennen en bureauchef Rentenstein vertelt hem een prachtig verhaal over hoe de samenwerking tussen Dreverhaven en Stroomkoning tot stand is gekomen: de beslaglegging op een Italiaanse boot.
Dreverhaven is iemand die zich op het randje van de wet begeeft. Op een slimme manier laat hij zijn twee lampenwinkeltjes met elkaar concurreren. In de loop van de jaren wordt de deurwaarder steeds meedogenlozer en hij provoceert zijn klanten. Zijn zoon overhandigt hij zelfs een mes, als deze tekeergaat vanwege het tweede faillissement dat Dreverhaven heeft aangevraagd. Dat faillissement wordt door Stroomkoning mild opgenomen.
Op Lieske, Graanoogsts dienstbode en op de typiste Sibculo, die beiden verliefd op Katadreuffe zijn geworden, reageert Katadreuffe geïrriteerd; slechts Stroomkonings secretaresse Te George interesseert hem.
Er is een opstand in Rotterdam en Dreverhaven zet, geholpen door zijn twee angstaanjagende assistenten, met plezier een gezin uit huis. Katadreuffe vervreemdt langzaam van het volk. Als hij Stroomkoning in een chique restaurant moet opzoeken, herinnert hij zich het visioen van de vijf zonnen bij de ingang van het kantoor: nu is hijzelf de zesde. In ieder geval volgt hij Rentenstein op als chef wanneer diens fraude wordt ontdekt.
Vlak voordat Katadreuffe zijn staatsexamen haalt, eist Dreverhaven dat hij de schuld aan hem voldoet. Een derde faillissement gaat niet door, wel raakt Katadreuffe oververmoeid. Bij het vieren van het examen houdt hij een toespraak voor zijn collegae over het ontdekken van je gaven en het vooruitkomen. Als Te George afscheid van hem neemt is dit geladen met het besef dat Katadreuffe voor zijn carrière kiest. Te George neemt ontslag en de echtgenote van Stroomkoning signaleert het verband met Katadreuffe. Snel volgen er verdere veranderingen onder het personeel: Piaat sterft en De Gankelaar vertrekt naar Indië. Katadreuffe haalt in een jaar zijn kandidaats rechten.
Met de gezondheid van Joba gaat het achteruit en ze weigert weer een aanzoek van Dreverhaven. Hij vertelt haar dat hij hun zoon voor zijn negentiende zal 'wurgen', maar dat het restje hem groot zal maken. Zelf raakt de deurwaarder in de problemen. In een gril zet hij alle huurders van zijn kantoor op straat.
Katadreuffe vindt de films van Eisenstein subliem. Hij begint Stroomkoning te waarderen op wiens jubileum advocate Kalvelage een flitsende speech houdt. Stroomkonings kinderen hebben iets decadents. Later op de avond gaat men uit in Den Haag, waarbij Katadreuffe zich ongemakkelijk voelt. Als hij vlak voor zijn doctoraal Te George in het park ontmoet, zegt hij haar nooit met een ander te zullen trouwen. Zijn moeder, die vlakbij zat, noemt hem een ezel. Nadat hij is afgestudeerd vraagt Katadreuffe Rentenstein als zijn opvolger terug. De deken vindt Schuwagts, Dreverhavens advocaat, bezwaren tegen Katadreuffes toelating tot de balie ongeldig. De jonge advocaat wil een heer worden, een 'allround man'. Bij een afrekeningsbezoek aan Dreverhaven weigert hij diens hand, zijn vader meent echter dat hij juist heeft meegewerkt. Ontroerd raakt Katadreuffe bij Joba's overbodige testament.

ONDERZOEK VAN DE VERHAALTECHNIEK:
De schrijfstijl
De druk die ik heb gelezen is de 24e uit 1984. De eerste druk kwam echter al in 1938 uit. Hij is in de tussentijd wel wat aangepast, maar toch blijft het in vergelijking met andere boeken verouderd taalgebruik. Dit stoort niet, het helpt zelfs om de situatie uit het boek in het juiste tijdsvlak te plaatsen.

Ruimte
De gebeurtenissen spelen zich voor het grootste gedeelte af in de stad Rotterdam. In een enkel geval wordt een expliciete beschrijving gegeven van het stadsgezicht in het algemeen " Zo ver het oog ging, links en rechts, een stad in beweging, het water een lichtende lopende vond" (blz. 236)
De binnenstad waar Dreverhaven woont en kantoor houdt, wordt afgeschilderd als een duister krocht waar afschrikwekkende wezens (Dreverhaven en zijn assistenten Hamerslag en Den Hieperboree) en hun slachtoffers huizen. Als Katadreuffe het kantoor voor het eerst ziet, wordt hij verblind door het zonlicht dat weerkaatst in vijf geelkoperen naamborden naast de deur. "Toen stond er in Katadreuffe iets op. Het ware was niet een klein winkeliertje willen worden, het was dit" (blz. 27). Het gebouw is binnen voorzien van een brede trap, terwijl de kamer van Stroomkoning, een groot, rijk vertrek, zich boven aan die trap bevindt. Niet toevallig is dat Katadreuffe juffrouw Te George voor het eerst ziet op deze trap: "Er was op de trap ruimte in overvloed. Toch bleef hij even staan." In de relatie met Dreverhaven wordt een soortgelijke symboliek zichtbaar: "Het kantoor van de zoon trilde van leven, dat van de vader lag grafstil […]. Het was de stilte van de vrees" (blz. 124).

tijd:
Het verhaal is chronologisch verteld, met een uitzondering. In het zevende hoofdstuk, dat begint met de zin " Aldus was het gegaan" (blz. 38), wordt verteld hoe Katadreuffe aan zijn baan bij het advocatenkantoor komt, terwijl in het eraan voorafgaande hoofdstuk een daarop volgend gesprek met eerst zijn moeder en vervolgend Jan Maan wordt weergegeven.
De totale verteltijd is gelijk aan de leeftijd van Katadreuffe aan het eind van het boek, 28 jaar. Het verhaal begint bij zijn geboorte. "In de lente van het jaar achttien" (blz. 14) zit hij in de hoogste klas van de lagere school. Bij de start van zijn werkzaamheden is hij 21. Aan het eind is hij "nog geen dertig" (blz. 247). De overige tijdsaanduidingen zijn globaal: " De volgende winter" (blz. 215).
Er wordt veel tijdsverdichting gebruikt om de belangrijkste gebeurtenissen in het kort te vertellen. Ook komen er veel vooruitwijzingen voor, die de spanning verhogen.

Personages
Jacob Willem Katadreuffe is een jongeman met zelftucht en ambities, hij luistert alleen naar de radio om een vreemde taal te leren. Hij kan geen geschenken aannemen; z'n salarisverhoging gaat naar curator Wever zodat zijn schuld eerder afbetaald is, hij weigert een huurverlaging, wenst een lager salaris dan Stroomkoning hem aanbiedt bij de opvolging van Rentestein. Hij ziet niet hoe de spanningen en het blokken zijn gezondheid schaden. Hij is bang om andere ambities te hebben dan het behalen van zijn advocatuur, waardoor een relatie met juffrouw Te George nooit tot stand kan komen en andere vrouwen ziet hij al helemaal niet staan. Hij ontwikkelt zich van man tot een 'allround' heer.
Joba Katadreuffe. Haar karakter vertoont veel overeenkomsten met dat van haar zoon, dit komt een aantal keer tot uiting in vrijwel letterlijke herhalingen. Door deze overeenkomsten hebben zij en haar zoon een stroeve omgang met elkaar. Haar moedergevoelens komen echter tot uiting tegenover haar huurder Jan Maan, een communist (NB: maan staat tegenover de zonnen die Jacob ziet bij zijn aankomst op het advocatenkantoor) die haar ook met moeder aanspreekt. Joba's karakter wordt gekenmerkt door haar vurige ogen. Ze kan echter niet goed inschatten hoe Dreverhaven tegenover haar zoon staat. Ze is, ondanks haar sterke persoonlijkheid toch een flat character.
A.B. Dreverhaven. Zijn voorletters staan voor Arend Barend die elkaar versterken. Dit is kenmerkend voor Dreverhaven. Hij is de reus van Rotterdam. Dat reusachtige komt op verschillende manieren aan de orde, zo wordt hij o.a. 'zwaard zonder genade' en een aantal keer 'caesar', 'vorst' en 'oude heerser' genoemd. Ondanks dit is hij een man en geen heer zoals Katadreuffe aan het eind. Hij bewondert zijn zoon en hij vindt dan ook dat die het aan hem te danken heeft dat hij zover komt 'Ik zal hem wurgen, maar dat kleine beetje dat ik hem laat leven zal hem groot maken'. Een ander belangrijke eigenschap is zijn onverschilligheid, daarom durft hij de gewaagdste ontruimingen te doen en gaat hij, wanneer hij de hele buurt tegen zich heeft door de guurste wijken lopen. Dreverhaven is ook een flat character ondanks zijn sterke persoonlijkheid.

vertelwijze:
In dit boek is spraken van een auctoriele verteller, maar een aantal keer nemen persoonlijke elementen de overhand. Het perspectief ligt dan bij Jacob; eigenlijk wordt de hoofdlijn vanuit Jacob beschreven.
De verteller geeft ook commentaar op de personages, zoals bij de beschrijving van de verhouding tussen Jacob en Joba: "Eigenlijk was het hun tragedie. Ze kenden elkaar te goed".
Ook is er spraken van een alwetende vertelsituatie, hij blikt vooruit: vb. "Later zou hij
(=Jacob) beseffen"

OP ZOEK NAAR THEMATIEK:
Thema
Het centrale thema is de machtsstrijd tussen een vader en een zoon.

Motieven
- tanden: volk -aristocratie.
- Katadreuffe klimt met veel moeite op vanuit het volk naar de aristocratie. Op het kantoor krijgt hij vervolgens weer te maken met het volk. Hierdoor krijgt hij een goed beeld van het standenverschil
- Liefde en het miskennen van de liefde/haat.
- Dit komt voor bij de relatie tussen moeder en zoon. Ze hebben elkaar lief zonder dat ze er tegenover elkaar voor uit komen.
- Dit komt ook voor bij de relatie moeder en Dreverhaven. Ondanks dat Dreverhaven Joba nog regelmatig een aanzoek doet en zij dit telkens weigert heeft ze nog steeds gevoelens voor hem.
- Dit komt ook voor bij de relatie vader en zoon. De vader 'wurgt zijn zoon maar het kleine beetje dat hij hem zal laten leven zal hem groot maken' Katadreuffe begrijpt dit niet en voelt zich tegengewerkt door zijn vader.
- Doodsdrift
- Dreverhaven provoceert zijn klanten en drijft ze tot het uiterste. Zijn zoon geeft hij zelfs een mes in handen.
- Wanneer hij de hele buurt tegen zich krijgt door zijn huurders uit te zetten gaat hij ongewapend door de guurste buurten van de stad lopen en verwacht dat er iemand zal zijn die hem doodt. Dit gebeurt niet.


verband tussen titel en thema:
De titel is karakter en in dit verhaal worden de verschillende karakters van de drie hoofdpersonen beschreven. En dat botst ook nog wel eens. Plus dat het karakter van Jacoba verandert in de loop van het verhaal.

BEOORDELING:
Ik vind het een heel realistisch boek, met een oude sfeer, die uitstekend bij het boek past. Het boek heeft me ook geleerd dat wanneer men een duidelijk doel voor ogen heeft, men er altijd in zal slagen om het te bereiken. Men moet alleen in zichzelf geloven en doorzettingsvermogen bezitten. Op een moment was ik die conflicten tussen vader en zoon wel zat. Het was niet meer zo leuk om te lezen, maar desondanks dat raad ik het boek wel aan aan anderen, omdat het gewoon een leuk boek is en je er lekker doorheen kunt lezen.



BRONNEN:
- internet: internetcollege.nl
- boekenlijst nederlands
- prisma uittrekselboek
- literama
Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen