U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : Ferdinand Bordewijk - Karakter.
Deze versie komt van http://www.collegenet.nl/studiemateriaal/verslagen.php?verslag_id=4986 en is laatst upgedate op Onbekend.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 3835 woorden.

Inhoud
Jacob Willem Katadreuffe is de zoon van een deurwaarder, Dreverhaven genaamd en van een jonge ongehuwde vrouw Jacoba Katadreuffe.
Toen Joba wist dat ze zwanger was verliet ze Dreverhaven, maar ze bleef werken totdat ze hoog zwanger was. In die tijd had zij het goed, altijd goed eten en een behoorlijk logies.
Na de geboorte toen Joba zelf niet in staat was om te werken wilde zij geen hulp van andere mensen, ze wilde zelfstandig blijven.
Maar na de geboorte wilde Dreverhaven voor zijn kind zorgen, hij stuurde de moeder geld en brieven. Deze accepteerde geen van zijn geschenken en stuurde alles terug.
Ze moest verhuizen naar de krotten wegens gebrek aan geld maar voor haar zoon bleef zij altijd goed zorgen, ook in slechte tijden.
Katadreuffe maakte de stadsschool af en ging daarna werk zoeken. Hij had allerlei baantjes, maar van zijn achttiende tot zijn negentiende jaar zat hij zes maanden zonder werk. Hij zat in zijn kamertje en kocht van zijn zakgeld een hele reeks boeken, tweedehands. Hij las heel veel boeken, vooral toen hij magazijnknecht was in een boekhandel.
Hij ging op zoek naar allerlei mogelijkheden om zelf een bestaan op te kunnen bouwen. En hij vond de mogelijkheid om een sigarenzaakje te kopen. Dit kostte 300 gulden. Het werd een flop. Hij verdiende niet genoeg geld en het gebeuren draaide uit op een faillissement. Hij kreeg bezoek van zijn curator, meneer de Gankelaar, deze nam de deurwaarder mee, Dreverhaven. Zijn bezit werd geïnventariseerd, een verzameling boeken, incompleet, vijftien gulden. Niet genoeg voor een faillissement, maar hij kwam in contact met de Gankelaar die zijn werkgever werd. De Gankelaar had een baan voor Katadreuffe als persoonlijke secretaris op het kantoor van de Stroomkoning, een groot advocatenkantoor met belangrijke klanten. De Gankelaar stelt Katadreuffe aan als zijn persoonlijke secretaris en heeft ook nog een logeeradres voor hem. Boven het kantoor bij de conciërge thuis.
Vanuit zijn positie wilde hij opgroeien naar een hoger niveau. Snel leerde hij typen en stenograferen, en de ladder omhoog werd beklommen.
Jan Maan, de kostganger van zijn moeder en Katadreuffes beste vriend had een goed stel hersens, maar toch zou hij het nooit ver brengen. Hij werd volledig bezig gehouden door de communistische partij en de meisjes. Katadreuffe hield zich niet met deze dingen bezig. Hij was wel eens bij de partij geweest maar kon niet begrijpen waarom mensen zich hier zoveel mee bezighielden.
De Gankelaar was een filosoof en een volgroeid karakter. Hij kon uren praten over een onderwerp. Zo heeft hij het bijvoorbeeld over luieren. En hij zegt: "Op zondag werk ik niet, dan luier ik, maar dat geeft me geen voldoening. Daarom luier ik ook op werkdagen want als anderen werken geeft het mij voldoening als ik luier." De Gankelaar heeft zijn plek gevonden. Katadreuffe was zelf nog een karakter in wording, hij onderging een late groei naar volwassenheid. Hij had opvallende hoedanigheden en gaven, maar een compleet karakter was hij bij lange na niet.
Op het kantoor leert hij ook een meisje kennen, Lorna te George, deze valt op Katadreuffe vanwege zijn mooie ogen, Katadreuffe vind haar ook mooi maar laat haar niet tussen hem en zijn werk komen. Zijn toekomst gaat voor alles.
Nu Katadreuffe een baan heeft vraagt zijn vader opnieuw een faillissement aan. Katadreuffe gaat bij zijn vader langs, maar deze trekt zich niets aan van het bloedverband. Zijn zoon is een debiteur, betalen zal hij. Katadreuffe zegt dat hij hem wel kan vermoorden. De scène met het dolkmes volgt. Dreverhaven zegt:" Steek me dan dood!" Katadreuffe priemt het mes in het tafelblad.
Als Rentenstein ontslagen wordt i.v.m. geldverduistering uit de personeelskas, volgt Katadreuffe hem op. Hij is nu "chef de bureau". Hij gaat nu werkelijk studeren voor het staatsexamen, maar hiervoor heeft hij 2000 gulden nodig. Hij besluit deze bij zijn vader te lenen, hij wil hem trotseren! Een lange tijd van hard studeren begint. En als hij vlak voor het staatsexamen staat, vraagt zijn vader opnieuw een faillissement aan. Hij wil zijn zoon het leven zuur maken zo lijkt het. Maar het verzoek tot faillissement wordt afgewezen. Katadreuffe ontmoet zijn vader weer, ditmaal op straat, Dreverhaven biedt hem opnieuw het dolkmes aan maar Katadreuffe werpt het in het riool. Dreverhaven, nu woedend neemt hem mee naar zijn kantoor. En bij deze ontmoeting lijkt hij nog de sterkere maar er zijn al tekenen van een wending.
Het examen verloopt voor Katadreuffe uitstekend en hij slaagt er met glans voor. Zijn vader heeft nog een verassing in petto, hij dient vier bezwaren in tegen het meesterschap in de rechten van zijn zoon. Deze worden allen nietig verklaard, Katadreuffe heeft de laatste slag tegen zijn vader gewonnen. Zijn naam wordt nu verbonden aan het advocatenkantoor. En als zijn vader hem hiermee wil feliciteren wijst Katadreuffe hem af. Hij heeft beslist dat zijn vader niet meer bestaat. Juffrouw te George kan de ontstane spanning tussen haar en Katadreuffe, de twee zo verschillende karakters, niet meer aan, zij neemt ontslag en de volgende maal dat Katadreuffe met haar praat is ze een gehuwde vrouw. Katadreuffe weet dat hij nooit getrouwd zal zijn. Zij is de enige liefde in zijn leven, naast Zij (zijn moeder).
Katadreuffe heeft het maatschappelijk gezien helemaal gemaakt. Maar wat persoonlijke relaties betreft is hij een mislukking. Bij het slot van het boek komt hij hier ook zelf achter. Als zijn moeder dood is heeft hij nog maar een vriend en dat is Jan Maan. Hij weet nu volgens mij dat hij zijn vader destijds verkeerd heeft beoordeeld, maar hij is te koppig om dit ooit toe te geven.

Titel
De titel Karakter gaat vooral over de karakters van de hoofdpersonen
Dreverhaven:sterk karakter, geeft weinig toe
Joba:geeft weinig toe ,is trots,ze neemt van niemand iets aan.
Katadreuffe:erge doorzetter ,geeft niet toe en is trots
alle 3 volharden ze hun ideeen.

Personages
Jacob Willem Katadreuffe heeft een sterke wil en is een echte doorzetter. Het doel in zijn leven is advocaat te worden en hij doet er alles voor. Hij zal zijn vader laten zien dat hij hem niet nodig heeft. Bij al zijn ambities vergeet hij hierbij zelfs zijn liefde voor Lorna Te George, een secretaresse van kantoor. Later krijgt hij hier spijt van als hij haar als moeder en gehuwde vrouw ontmoet.
Dreverhaven is de vader van Katadreuffe. Hij is een wrede deurwaarder die meedogenloos is voor iedereen. Ondanks zijn wreed karakter heeft hij Jacoba verschillende huwelijksaanzoeken gedaan en haar een lange periode geld toegestuurd.
Jacoba Katadreuffe heeft ook een heel sterke wilskracht. Ze wil nooit door anderen geholpen worden, want ze wil haar eer hoog houden.
Jan Maan is de beste vriend van de jonge Katadreuffe. Jan is niet zo leergierig als hem. Hij is ook een enorme aanhanger van het communisme.
b) Relaties van de personages onderling.
Tussen vader en zoon is er een constante strijd. Dreverhaven wil zijn zoon belemmeren in het bereiken van zijn doel. In het begin laat Katadreuffe zich door zijn vader overdonderen, maar naarmate het verhaal vordert, wordt hij zelfzekerder en durft hij zijn eigen mening te verwoorden. Op het einde zegt hij zijn vader ook dat hij niet meer bestaat voor hem. Dreverhaven zei dan dat hij alles had tegengewerkt om zijn zoon te sterken in zijn karakter.
Tussen Katadreuffe en zijn moeder is er slechts een oppervlakkige relatie. Zijn moeder is eerder zwijgzaam en ze zegt hem nooit haar eigen mening over zijn plannen. Ondanks dat, bezoekt hij haar toch elke week. Zij wil wel dat hij het ver schopt, maar dat zegt ze hem nooit. Ze hebben beiden een sterk karakter en geen van beiden wil wijken voor de andere en dat leidt soms tot botsingen. Hij noemt haar ook nooit moeder, maar praat altijd over haar vanop een afstand. Hij gebruikt de termen "ze" en "haar".
Katadreuffe heeft een hele goede vriend, namelijk Jan Maan. In het begin wil Katadreuffe hem van alles bijleren uit zijn boeken, maar na een tijdje beseft hij dat dat bij Jan geen zin heeft. Jan is een aanhanger van het communisme en hij neemt Katadreuffe zelfs mee naar hun bijeenkomsten, maar ondanks hun goede vriendschap laat Katadreuffe zich toch niet ompraten om voor het communisme te kiezen

Ruimte en plaats
Het grootste deel van het verhaal speelt zich af in Rotterdam. Katadreuffe woont ook 5 maanden in Den Haag. Voor zijn studies en examens moet hij dan weer naar Leiden, maar Rotterdam blijft altijd zin uitvalsbasis.
Tijdens heel het verhaal worden ook verwijzingen gemaakt naar de enorme kloof die er in die periode (= de periode tussen de Eerste en de Tweede Wereldoorlog )was tussen de rijken en de armen. Naarmate Katadreuffe de sociale ladder beklimt, komen we meer en meer in contact met de leefsituaties van de verschillende bevolkingsklassen. Het speelt zich ook af in de periode waarin het communisme zijn intrede doet en steeds meer belangstelling krijgt van de Nederlandse bevolking. Bv. Jan Maan.

Tijd
De vertelde tijd zijn de eerste 25 à 30 levensjaren van Katadreuffe. We kunnen de vertelde tijd niet nauwkeurig bepalen, omdat er nergens in het boek juistere gegevens staan dan " en hij was nog geen dertig". De verteltijd is ongeveer 12 uren voor 283 bladzijden.
Er is dus sprake van een tijdsversnelling. Het verhaal verloopt snel.

Perspectief
De verteller in "Karakter" is auctorieel en hij geeft zijn verhaal in de verleden tijd weer. De verteller bouwt spanning op door te werken naar een climax en dan de werke-lijke toedracht van die "spannende" climax achteraf te vertel-len. De autoriële verteller is een buitenstaander en al-wetend. Hij is duidelijk iemand die de advocatuur van binnen uit kent en meent pas aan het slot dat zijn hoofdfiguur enig zicht in deze wereld van advocatuur krijgt.

Thema en motieven
Ik denk dat het erover gaat dat je met een flinke dosis doorzettingsvermogen een heel eind komt, dat afkomst niet van belang is en dat je niet meteen na de eerste tegenslag moet opgeven.
Het thema is 'macht'. Jacob wil zijn vader laten merken dat hij niet zo snel over zich heen laten lopen.
Het onderwerp is naar mijn mening de relatie tussen een vader en een zoon die elkaar nooit echt hebben gekend.
Het motief is het 'willen winnen'. Vanwege de strijd tussen Jacob en zijn vader. Deze komt duidelijk naar voren dat ze in elkaar hen meerdere niet willen erkennen.
Ik denk dat de titel terugslaat op de botsende karakters van Jacob en Joba Katadreuffe, Jacob en Jan Maan (vanwege de communistische gezindheid van Jan Maan), en Jacob en zijn vader Dreverhaven. Het karakter van de verschillende mensen speelt een heel grote rol in het boek.
Het boek heeft geen echt motto, voorin staat alleen dat het boek is opgedragen aan.

Taalgebruik
De taal in het boek is erg deftig, misschien komt dat omdat men in de jaren '30, het moment waarin het boek geschreven is, een andere taal gebruikte dan nu. Nu roept iemand in een boek makkelijk 'Godverdomme!' Dat gebeurt in het boek niet omdat er toen veel zinniger over god gedacht werd. Er komt in de boek én in de film geen beeldspraak voor. Veel humor zit er niet in het boek, het is erg serieus. Mike van Diem (de regisseur van de film 'Karakter') heeft wel humor in zijn film gebracht door een personage een vreemd uitziend uiterlijk te geven. De Gankelaar kreeg namelijk een soort gebitje in waardoor zijn onderkaak erg ver naar voren kwam, hij keek ook altijd een beetje omhoog. Ik vond hem wel een erg grappige verschijning in de film. Voor de rest was de film wel erg serieus. Er worden weinig stijlfiguren gebruikt. Het wordt zo makkelijk mogelijk verteld en ook in de film worden nauwelijks stijlfiguren gebruikt. Het boek en de film sluiten erg op elkaar aan.
Er worden in het boek wel dialogen gebruikt maar niet uitzonderlijk veel.
In de film wordt alleen maar gebruik gemaakt van dialogen, van een verteller is geen sprake. Het verhaal wordt af en toe afgekapt en wordt aan elkaar gelijmd door stukjes van het verhoor te tonen. Dit neemt een zekere mate van spanning met zich mee.

Structuur
De structuur in dit boek is niet-logisch-niet-chronologisch geschreven. Er af en toe terugblikken in waardoor je er achter komt wat er precies in het verleden gebeurd is.
Toch is het grootste deel van het boek logisch-chronologisch verteld, de ene gebeurtenis komt logisch voort uit de andere. In de film is de structuur helemaal anders, de film begint met het eind en blikt de hele tijd terug. Dat is absoluut niet-logisch-niet-chronologisch.
Het motorisch moment is in het boek het moment dat Katadreuffe het advocatenbureau binnenstapt en zich voorneemt er te gaan werken. Dat verandert zijn leven drastisch.
De gebeurtenissen zijn nauw aan elkaar verbonden dus het is een hechte structuur, als je de eerste gebeurtenis niet gelezen hebt dan begrijp je de rest ook niet goed.
Er loopt maar een verhaallijn in het boek, alleen wordt het steeds vanuit andere personen verteld, dat komt voort uit het alwetende perspectief. In de film zie je ook maar één verhaallijn. Het motorische moment in de film is het moment dat Katadreuffe verhoord word, want anders was je niet achter het verhaal gekomen. Zonder dat moment was er geen film geweest.

Stijl
De schrijver verteld dingen graag helder en kort. Kort maar krachtig zal ik maar zeggen.
Hij gebruikt dus geen vloekwoorden, alleen een wat dreigender taalgebruik bij Dreverhaven, deze jaagt de mensen hun huizen uit en dat doet hij dan door af en toe 'Rot op!' te roepen.

Verwerkingsopdracht
Omdat ik alle verwerkingsopdrachten nu al eens gedaan heb, en omdat er op het formulier stond dat eigen initiatieven zeer op prijs worden gesteld, ben ik naar de bibliotheek geweest en heb ik op het internet verschillende informatie over de schrijver gevonden, ik heb dus een soort biografie gemaakt:
Ferdinand Bordewijk werd op 10 oktober 1884 in Amsterdam geboren. Hij stierf op 28 april 1965. Toen hij klein was verhuisde hij naar Den Haag. In 1904 ging hij rechten studeren in Leiden. In 1913 wordt hij beëdigd als advocaat. In 1914 trouwt hij met de componiste Johanna Roepman. In 1916 debuteert hij onder het pseudoniem Ton Ven met de poëziebundel Paddestoelen. Bordewijk bereikt pas een breed publiek als in 1938 Karakter verschijnt.
Andere werken van Bordewijk: Fantastische vertellingen (1919, 1923, 1924 - 3 delen), Blokken (1931), Knorrende beesten (1933), Bint (19934), Rood paleis. Ondergang van een eeuw (1936), De wingerdrank (1937), Eiken van Dodona (1946), Nooderlicht (1948), enkele verhalenbundels (1947-1951), Bloesemtak (1955), Tijding van ver, De Golbertons (1965).
Bordewijk ontving in 1957 de Constant Huygensprijs voor zijn gehele oeuvre.
Later is er van Karakter ook een film gemaakt die in 1998 de oscar voor 'beste niet-engelstalige film' kreeg.
Bordewijk verwerkt veel levenselementen in zijn verhaal. Zo is hij zelf advocaat en is hij bekend met de havenstad Rotterdam. Als decor voor de roman fungeert het advocatenkantoor aan de Boompjes, waar hij als jonge man werkte tot hij in 1919 een zelfstandige advocatenpraktijk begon.

Bibliografie
Voor mijn verwerkingsopdracht heb ik natuurlijk de nodige secundaire literatuur gebruikt, vooral uit een oud boek, literama, hier stond een uitgebreide biografiein, verder heb ik op internet nog een paar bronnen gevonden die me hebben geholpen bij deze biografie. Verder heb ik na het lezen van het boek ook nog de film gekeken.

Mening
Om tot een beter eindoordeel te komen heb ik deze keer, mijn mening aan de hand van aspecten beschreven, deze staan hier onder beschreven;
Onderwerp:
Het onderwerp van de tekst is me goed duidelijk geworden, ook nu ik de film gezien heb is het onderwerp me nog duidelijker geworden. Ik vond het onderwerp best wel interessant, eerst vond ik het niks, bij het idee over een advocatenbureau begon ik haast te kotsen, omdat het helemaal mijn wereldje niet was. Nu ik het boek en de film gelezen heb, vind ik het toch best wel een leuk onderwerp, het is alleen maar hoe je het onderwerp uitwerkt, en dat heeft Bordewijk goed gedaan. Door 'Karakter' ben ik een stuk positiever over advocaten gaan denken, ik dacht dat het allemaal balletjes waren, maar dat blijkt heel erg mee te vallen.
Ik had gedacht dat het onderwerp op een saaie manier uitgewerkt zou worden, omdat ik al niet zo'n goed idee had over het onderwerp advocatuur. Ik vind het onderwerp erg goed uitgewerkt, door dit boek heb je ook een beetje een idee over hoe het advocatenleven in elkaar zit. Ik vond de film iets mooier uitgewerkt maar bij het boek kan je een eigen mening vormen, en het verhaal vóór je zien en dat lukte helaas niet bij de film.
De gebeurtenissen:
De belangrijkste gebeurtenis in het boek is het moment dat Katadreuffe het advocatenbureau binnenstapt en zich voorneemt advocaat te worden. Dat heeft de hele verdere loop van het verhaal bepaald.
Het verhaal bevat genoeg verdere gebeurtenissen om me te boeien, elke keer wanneer Katadreuffe weer een beetje opgeklommen is, komt zijn vader de boel weer verzieken, dat boeit gewoon en dat blijft boeien. De nadruk ligt over het algemeen meer op de gedachten en de gevoelens van de hoofdpersonen.
De gebeurtenissen komen logisch uit elkaar voort en daarom is het ook grotendeels een logisch-chronologische volgorde.
De gebeurtenissen zijn over het algemeen erg dramatisch maar absoluut niet herkenbaar. Je verwacht ze wel een beetje, wanneer het een tijdje goed gaat met Katadreuffe verwacht je al dat Dreverhaven wel eens langskomt om de boel te komen verstieren. Dat maakte het boek niet minder leuk ofzo, want je weet natuurlijk nooit hóe Dreverhaven het goede humeur van Katadreuffe weer uit de wereld helpt.
De gebeurtenissen spelen zich in een gespannen sfeer af, dat komt omdat de relatie tussen Katadreuffe en zijn vader erg gespannen is. Omdat je wilt weten wat er gebeurt, ga je doorlezen.
De gebeurtenissen maakten niet echt indruk op mij, maar ik zag ze wel voor me, dat was ook het nadeel van de film, je kunt je fantasie dan niet meer gebruiken bij het kijken, want de figuren blijven er hetzelfde eruitzien en daar kun je (hoeveel fantasie je ook hebt) niks aan doen. De gebeurtenissen bleven me boeien van begin tot het eind, ik vond het telkens jammer als ik zo moe was, dat ik wel móest slapen, terwijl ik liever gelezen had. Ik vond de tekst aan de ene kant iets beter omdat je er dus je eigen personages kunt inbeelden en kan fantaseren, de film was ook heel erg goed omdat er fantastische acteurs inspeelde en het verhaal heel erg goed in elkaar zat, de effecten waren ook heel erg mooi.
Personages:
Ik zou qua karakter wel wat van de hoofdpersoon weg willen hebben, hij is hartstikke slim en leert snel, hij heeft ook een doorzettingsvermogen wat ik erg waardeer, daar zou ik nog wel eens wat van kunnen leren.
Ik kon me niet zo goed verplaatsen in de hoofdpersoon door de manier waarop de tekst geschreven is, als het verhaal in de ikvorm geschreven zou zijn dan kon ik me er denk ik beter in verplaatsen.
Ik begrijp de beslissingen van de hoofdpersoon best wel, hij wil gewoon alles bereiken en daar neemt hij alle risico's voor. Als Katadreuffe geen geld had geleend van Dreverhaven dan had hij niet kunnen studeren en was hij niet geworden wat hij nu wel was.
Ik vind Dreverhaven in de film een erg sympathieke man om te zien, qua karakter vind ik 'm veel minder sympathiek.
Ik denk dat Jacob Katadreuffe me wel beïnvloed heeft wat betreft zijn doorzettingsvermogen, ik denk dat ik nu minder snel opgeef als het niet lukt.
Dreverhaven reageert best wel voorspelbaar, wanneer het goed gaat met Katadreuffe dan weet je dat Dreverhaven weer gaat toeslaan. Je komt bijna niks over Dreverhaven te weten en dat is erg lastig want nu weet je niet waarom hij Katadreuffe altijd zo tegenwerkt. Het gedrag van Katadreuffe jegens zijn vader is wel te begrijpen, het is logisch dat Jacob boos is, omdat zijn vader hem altijd tegenwerkt.
Bouw:
Het verhaal is erg spannend, dat komt omdat je een heleboel dingen eigenlijk niet weet, die weet je pas nadat er iets gebeurd is. De film is ook erg spannend omdat het verhaal soms onderbroken wordt door het verhoor.
In de film word er veel met de tijd gespeeld, in het boek wat minder, dat is niet opvallend vervelend of leuk, bij de film hebben ze er heel goed gebruik van gemaakt.
In het boek zou veel terugblikken niet gepast zijn, in de film kon dat wel door de het feit dat Katadreuffe verhoord werd omdat hij werd verdacht van de moord op zijn vader, dat blijkt later trouwens niet te kloppen, Dreverhaven heeft zelfmoord gepleegd na een vechtpartij met Katadreuffe.
In de tekst zitten nauwelijks terugblikken of herinneringen in de film wel. Het boek heeft een heel ander eind dan de film, bij de film lijkt het alsof er op het eind iets achtergehouden wordt, later valt dan toch alles op zijn plaats. Bij het boek blijf je bij het eind niet met vragen zitten.
Je ziet alles door de ogen van de verteller, je leest minder over de andere personages dan van Jacob Katadreuffe.
Taalgebruik:
Het boek is erg oubollig geschreven, dat komt doordat het boek al van voor de oorlog is en toen gebruikten ze andere woorden. Het taalgebruik is een beetje deftig, dat past goed in het onderwerp, want het advocatenwereldje is ook een deftig wereldje. De tekst bevat nauwelijks beeldspraak of symbolische verwijzingen, om eerlijk te zijn helemaal geen. De verhouding tussen beschrijving, dialoog en weergave van de gedachten/gevoelens is precies goed, er wordt niet te veel gekletst, er wordt niet te veel gedetailleerd op de gebeurtenissen ingegaan en er is eigenlijk een hele goede verhouding.
Eindoordeel
Mijn oordeel van dit boek is, dat ik erg blij ben dat ik gelezen heb, het was zeer de moeite waard, als ik er een cijfer voor zou moeten geven zou het een 8.5 zijn.
Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen