U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : Joost Van Den Vondel - Gijsbrecht Van Amstel / Gysbreght Van Aemstel.
Deze versie komt van http://www.scholieren.com/boekverslagen/2256 en is laatst upgedate op 12/10/2000.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 707 woorden.

Joost van den Vondel

Gysbreght van Aemstel



Samenvatting:

Eerste bedrijf:

Gysbreght licht in een lange monoloog het publiek in over de situatie met betrekking tot Amsterdam: de Kennemers en Waterlanders hebben na een jaar het beleg rond de stad opengebroken. Gysbreght is betrokken geweest bij de samenzwering tegen graaf Floris V (die zich vergrepen had aan de nicht van Gysbreght, Machteld van Velzen). Floris' aanhangers zijn nu uit op wraak. De aanvoerders, Willem van Egmond en Diederick van Haarlem, houden hoofdkwartier in het klooster (even buiten de stad). Abt Willebrord vertelt, dat de aanvoerders ruzie hebben gekregen en het beleg opengebroken hebben. Arent, de broer van Gysbreght, heeft de vijand nagejaagd en een gevangene meegebracht: Vosmeer. Die vertelt over het plan de stad in te nemen met behulp van het "Zeepaerd" (schip met soldaten en rijshout), de ruzie tussen de aanvoerders, zijn ter dood veroordeling en vlucht. Gysbreght gelooft zijn verhaal, schenkt hem de vrijheid en laat het "Zeepaerd" binnen de stad brengen. De Rei van Amsterdamsche Maegden (=meisjes) bezingt de overwinning.

Tweede bedrijf:

Willem en Diederick dwingen de abt hen opnieuw onderdak in het klooster te geven. Egmond heeft een ontmoeting met Vosmeer (de spion); ze bespreken het aanvalsplan. De burgers gaan naar de kerk (het is kerstavond). De Rei van Edelingen zingt een kerstzang (laatste strofe is een gebed).

Derde bedrijf:

Gysbreghts vrouw, Badeloch, heeft een angstige droom gehad waarin de onteerde nicht Machteld verscheen. De huisgeestelijke, Broer Peter, meldt dat Vosmeer de stad in handen van de vijand heeft gespeeld. Gysbreght gaat de situatie bekijken en bereidt de strijd voor. De Rei van Klaerissen heft een klaagzang aan over de kindermoord in Betlehem ('O, Kerstnacht, schoner dan de dagen...').

Vierde bedrijf:

Gozewijn (ex-bisschop van Utrecht, oom van Gysbreght) is gevlucht naar het Klaerissenklooster, waar Klaeris van Velzen (dochter van Machteld) moeder-overste is. Samen met de nonnen zingt hij de lofzang van Simeon. Allen zijn bereid te sterven en willen niet door Gysbreght in veiligheid gebracht worden. In het kasteel wacht Badeloch angstig de gebeurtenissen af. Arent doet verslag van de strijd: Gysbreght zit in het nauw en moet terugtrekken. De Rei van Burghzaten verheerlijkt de huwelijkstrouw ('Waar werd oprechter trouw...').

Vijfde bedrijf:

Gysbreght vertelt dat hij ternauwernood ontkomen is; het klooster staat in brand. De bode vertelt wat er in het klooster is gebeurd: Gozewijn is vermoord, Klaeris verkracht en vermoord. Arent raakt tijdens een uitval dodelijk gewond. De Heer van Vooren eist overgave, maar Gysbreght weigert. Badeloch verzet zich tegen zijn plan het kasteel aan de IJ-kant te verlaten, maar geeft uiteindelijk toe. Tijdens het afscheidsgebed van Peter verschijnt de aartsengel Rafaël om Gods plan mee te delen: Gysbreght moet met zijn gezin uitwijken naar Pruisen en daar een stad, Nieuw Holland, stichten. Amsterdam zal eens herrijzen. Gysbreght onderwerpt zich aan Gods wil en verlaat de burcht, hoewel het hem zwaar valt ('Vaer wel, mijn Aemsterland, verwacht een and'ren heer').



Structuur:

De titel verwijst naar de hoofdpersoon.

Onderitel: D'ondergang van zijn stad en zijne ballingschap. Treurspel'.

Motto: 'Urbs Antiqua Ruit' (D'aaloude Stad gaat te grond).

Hoofdpersoon is Gysbreght van Aemstel (hoewel de stad Amsterdam ook een zeer belangrijke rol speelt!):

-is een 'christelijke held', vrome figuur, die meer praat dan handelt;

-gaat zelf niet tenonder (de stad Amsterdam wel);

-was een van de samenzweerders tegen graaf Floris V, maar wilde als enige een veroordeling door een wettige rechtbank;

-zijn vrouw Badeloch is gevoelig, vastberaden en sympathiek;

-zijn broer Arent is moedig en strijdvaardig;

-heeft twee kinderen: Adelgund en Veenerick.

Plaats van handeling: 'voor en in de stad' Amsterdam en in het kasteel van Gysbreght (geen eenheid van plaats).

Tijd: het jaar 1304 (verovering van Amsterdam).

Motieven:

-lokale historische gebeurtenis: verovering van Amsterdam in 1304

-Troje-motief (vergelijking 'Zeepaerd' met het houten paard van Troje; belegering en ondergang van de stad);

-kerstfeest;

-huwelijkstrouw;

-stadsmotief (Amsterdam/Troje/Bethlehem);

-verraad en bedrieg (vergelijking Vosmeer);

-moord en verkrachting (Machteld van Velzen, Klaeris van Velzen)

-droom (Badeloch) en geestverschijning;

-ingrijpen van God via engel; (Rafaël); lotswisseling.

Thema: Gods wonderbare voorzienigheid en ondergang van aardse grootheid tegenover eeuwige waarden.



Stroming en genre

Stroming: Renaissance

Genre: klassiek drama met christelijke visie, tevens gelegenheidsstuk (opening van de schouwburg).

Doel van het treurspel was volgens Vondel 'meedogen en schrik uit te werken'.
Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen