U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : Simon Vestdijk - Het Glinsterend Pantser.
Deze versie komt van http://www.scholieren.com/boekverslagen/2233 en is laatst upgedate op 28/07/1999.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 1524 woorden.

Titel

Het glinsterend pantser



Over de schrijver

Simon Vestdijk werd op 17 oktober 1898 geboren in Harlingen, als zoon van gymleraar Simon Vestdijk en de uit Amsterdam afkomstige Anna Mulder. In 1912 meldde hij zich aan aan de gemeente HBS van Harlingen voor een driejarige cursus. Vanaf september 1915 voltooit hij aan de Rijks HBS in Leeuwarden zijn vijfjarige middelbare schoolopleiding. Op aandrang van zijn vader gaat hij in 1917 in Amsterdam medicijnen studeren. In deze tijd raakt hij vervult van muziek en hij denkt er zelfs nog een tijdje over om zijn studie medicijnen op te geven en met zijn muziek verder  te gaan. Hij besluit uiteindelijk om toch door  te gaan met zijn medicijnen studie en doet in 1927 zijn artsexamen. Hierna trekt hij weer bij zijn ouders in die inmiddels naar Den Haag zijn verhuisd. Tot 1933 werkt hij vervolgens als invaller voor artsen die ziek zijn, op vakantie zijn of die om andere redenen niet kunnen werken. In deze tijd is Vestdijk inmiddels begonnen met het schrijven, wat hij vanaf 1934 fulltime gaat doen.

Zijn debuut was de bundel Verzen (1932, poëzie). Hij was actief in meerdere genres: Poëzie, roman, novelle, kort verhaal, essay. En hij was een zeer actief schrijver. Dit blijkt ook uit een citaat dat goed zijn instelling t.o.v. het schrijven weergaf: 'Ik ken schrijvers, die na het voltooien van een boek langdurig gaan uitrusten. Zoiets snap ik niet; je wordt er toch niet moe van,  je kunt er toch bij blijven zitten?' (J. A. Dautzenberg, Nederlandse literatuur. Geschiedenis, bloemlezing en theorie. 1991) Roland Holst schreef ooit over hem: 'O, Tegenpool van Bloem! O, Gij, die sneller schrijft dan God kan lezen!' Op 23 maart 1971 overleed Simon Vestdijk in Utrecht. In totaal schreef hij 52 romans.



Korte inhoud

Het verhaal is een soort speurtocht naar een geheim van Victor Slingeland. S. wil weten waarom Stan zelfmoord heeft gepleegd na een relatie met Victor.

De sterke binding van S. aan Victor is niet zonder belemmeringen, die minder gelegen zijn in haat, verweer of ijverzucht dan in de betovering door een geheim. Aan de onthulling van dit geheim en de voorbereidingen, die ver in het verleden van beide vrienden teruggrijpt naar gemeenschappelijk doorleefde jeugdjaren in een klein stadje.

Later ontmoeten zij elkaar opnieuw, en het toeval, of meer dan het toeval voert tot tweemaal toe dezelfde vrouw op hun weg. Een aanvaring lijkt onvermijdelijk. Totdat de onthulling van het geheim, Victor lijdt aan 'psoriasis', een huidziekte, de dreigende vijandschap verjaagt en de betovering vervangt door medelijden.



Plaats van handeling

Het verhaal speelt zich in het eerste deel voornamelijk af in de ruïne op het terrein van de familie van Voorde. Daarnaast ook nog bij de 'familie' van Adri Duprez in huis en op de verblijfplaats van S. in D. (waarschijnlijk is dat Doorn, de plaats die in de verantwoording (p.253) wordt genoemd.) Het tweede deel speelt zich voornamelijk af in het ouderlijk huis van Bert en van S. en ergens op een eilandje. Het derde deel speelt zich meer af in het huis van Adri Duprez, maar ook weer in de verblijfplaats van S. in D.



Hoofdfiguren

-Victor Slingeland (naam van tien letters met een S, dus een afsplitsing van Vestdijk):

Jeugdige: op zijn twaalfde kwam hij bij Bert en S. op school. Hij raakte direct bevriend met de twee. Gedrieën liepen ze vaak te discussieren. Victor deed dat het liefst over God of een andere vorm van geloof.

Veertiger: Later is hij zeer beroemd, maar strenge, dirigent geworden, ondanks de vele tegenwerkingen van zijn vader. Hij scheldt om zijn emoties te verbergen.



-S. (te D.):

Jeugdige: vriend van Victor en Bert.

Veertiger: schrijver. Hij heeft nog schriftelijk contact met Bert en heeft sinds kort weer contact met Victor.



-Bert Duprez:

Jeugdige: al vanaf z'n zesde jaar bevriend met S. Hij stelt enorm veel vragen. Victor ergert zich er vaak aan.

Veertiger: een getrouwd huisarts met vijf kinderen.



-Tante Stan Vastenou:

'de tien jaar jongere zus van mevrouw Duprez.' (p.93) waar Victor een relatie mee heeft gehad.



-Alice 'Lies' van Voorde:

Een jongedame die S. heeft ontmoet tijdens een wandeling op het terrein waar Alice woont. Maar S. was daar toen niet van op de hoogte. Zij spreken vrij regelmatig met elkaar, in het heden.



-Adri Duprez: zij is de dochter van de minnares en de voormalige echtgenoot van Mw. Duprez. Ze is opgevoed door '…een neef, of achterneef…' (p.13) van Bert en diens vrouw, Annie. Adri is zeer muzikaal. Ze is zeventien.



Nevenfiguren

-Meneer Duprez (ook wel 'de oude Duprez'): 'ene heer Duprez met rood haar en een grote mond.'

-Vader Slingeland: 'die vreselijke vader' (p.102) van wie Victor geen pianolessen mocht volgen. Overlijdt als Victor ± 20 jaar is.

-Hendrik van Groeningen: vriend van meneer Duprez, die een relatie met Stan heeft gehad, voor Victor.

-Anna Richter: een vlam van Bert in z'n jeugd.

-Netekamp: degene bij wie Victor in zijn jeugd in de kost was, want zijn ouders woonden nog in Amsterdam.



De tijd

De roman bestaat uit drie delen. In het tweede deel worden gebeurtenissen uit de jeugd van Victor, de schrijver en Bert Duprez opgehaald, waarin het verband van heden en verleden wordt onthuld. Het is alleen niet duidelijk wanneer deze jeugd zich afspeelt.

Het eerste en het derde deel spelen in het heden. Deze worden beheerst door vrouwen die een rol spelen in het leven van de schrijver en die met een zekere berusting doorgeeft aan Victor, die ze op gelijkvormige wijze teleurstelt. Want hij is de drager van het glinsterend pantser, d.w.z. aan de ene kant onbenaderbaar erachter verstopt, maar ongelooflijk gemakkelijk daaronder. Aan de andere kant heeft het betrekking op de schilferige huid, die hij als lijder aan 'psoriasis' zijn leven lang meedraagt. Schaamte voor zijn lichaam verklaart èn zijn onmacht èn zijn kunstenaarschap.



Het thema

Ik wil als neventhema schaamte noemen. Want schaamte is een thema dat aansluit bij mijn thema emoties. Deze schaamte komt in de volgende passages goed naar voren:

· 'Terwijl hij met uitgestoken hand en een 'dat is…!' op ons afkwam, gaf hij aan zijn bedwongen ongeduld lucht door met de andere de wollen sjaal los te rukken, zodat zijn hals blootkwam, mager, en wat gerimpeld, wat verweerd naar mij voorkwam; hij volgde mijn blik, en trok de sjaal weer vaster.' (p.49)

· 'Tegen de zomer merkte we dat hij nooit zwom'. (p.84)

· '… op de dag van de foto Victor ons vertelde dat hij voor de militaire dienst was afgekeurd. Zelf schreef hij dit aan zijn voet toe, maar daar merkten wij juist weinig meer van in die tijd.' (p.97)

· Wanneer Bert na een tijd twijfelt aan zijn relatie met Anna stuurt hij Victor om te informeren. Deze komt terug met de boodschap dat het maar beter uit kan zijn. Victor vertelt S. dat hij met haar gezoend heeft. Later spreekt S. haar en 'Zij vertelde mij, dat zij Victor had willen betasten, en dat hij dat niet toe had gestaan. Hij was nogal uit zijn slof gesloten, toen. Hoezo, uit zijn slof gesloten? Ja, hij was nogal tegen haar uitgevaren. Zoiets had ze nog nooit meegemaakt. Een eigenaardige jongen.'  (p.130)

· '… hij zei, dat hij nooit trouwde. En toen ik vroeg waarom, schoten we allebei in de lach, omdat ik nu vroeg als Bert, … (p.133)



In de volgende passages noem ik enkele aanwijzingen voor 'het geheim':

· '…deze huidverharding viel des te meer op…' (p.50)

· 'Toen zag ik hem tersluiks zijn hand achter zijn rug brengen. Zo betastte hij zijn ribben, of kneedde zich in de zij: een ridder, voelend naar een deuk in zijn harnas.' (p. 96)



In de volgende passage komt schaamte ook voor:

· '… voor de vrouw is schaamte wat energie en eerzucht zijn voor de man.' (p.191)



Mijn eigen beoordeling

Het boek begint vreemd, want ik snapte het doel van de schrijver nog niet. Maar toen ik door de eerste hoofdstukken heen was, snapte ik waar de schrijver naar toe wilde. Het ontdekken van het geheim van Victor, door z'n met Victor gemeenschappelijk doorleefde jeugd te herhalen in het tweede deel van het boek. Daar werd mij een heleboel duidelijk. Victor heeft een aantal malen stiekem aanwijzingen gegeven dat hij een huidziekte had. De een wat duidelijker dan de ander. Maar hij durfde er nooit voor uit te komen. Ik begreep Victor niet zo goed in het tweede deel, maar toen de schrijver achter het geheim kwam in het derde deel, en dus ik ook, begrepen wij allebei hoe moeilijk het voor Victor is geweest om met zijn huidziekte te (over)leven.

Zo nu en dan is er wat ouderwets taalgebruik, maar dat went.

Ik vind de opbouw van het boek heel duidelijk. Niet ieder keer afwisselend het heden en het verleden, maar gewoon: In het eerste en het derde deel gaat het over twee verschillende vrouwen in het heden, die Victor kennen als dirigent, maar verder niet. Ze komen wel in contact met hem door S. En midden in het boek, dus in het tweede deel gaat het over de jeugd van Victor Slingeland en zijn vrienden. Dit maakt het boek heel leesbaar.
Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen