U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : Ferdinand Bordewijk - Bint.
Deze versie komt van http://www.collegenet.nl/studiemateriaal/verslagen.php?verslag_id=5561 en is laatst upgedate op Onbekend.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 3396 woorden.

Titelbeschrijving

F. Bordewijk, Bint. Roman van een zender.
Groningen, 1998. [1e druk 1934]
Handeling

De Bree is de hoofdfiguur in dit boek. Hij is een vrij norse stugge man. Hij gaat op een school werken als leraar. Wanneer hij de eerste dag op deze school komt wordt hij ontvangen door de directeur, Bint genaamd. Deze vertelt De Bree dat de eerste klas die hij krijgt zijn voorganger heeft weggetreiterd. Het is de favoriete klas van Bint, zijn gaafste werk noemt hij het. Bint eist van De Bree stalen tucht. De klas heet 4D, maar De Bree noemt deze klas de hel omdat hij deze klas voelt als een hel. De eerste lessen geeft De Bree geen les; hij 'temt' alleen maar zoals hij dat noemt. Hij verklaart in de eerste les meteen de oorlog aan de hel. De Bree heeft voor al de leerlingen een speciale naam. Hij neemt ze één voor één in zich op en geeft ze een naam. Zo noemt hij er bijvoorbeeld een de gorilla en een ander roofvogel. Hij geeft ze overigens alleen in zijn gedachten deze namen en spreekt ze er niet mee aan. In één leerlinge heeft hij in het bijzonder interesse; ze is het enige meisje in de hel en heet Schattenkeinder. De Bree noemt haar de vrouw Schattenkeinder. Zelf wil hij kortweg De Bree genoemd worden. In het begin heeft De Bree veel nablijvers omdat leerlingen te veel bewegen of hardop ademhalen. De Bree wil volgens de regels van Bint een grote afstand tussen de leraar en de klas en zo weinig mogelijk geluid.
De Bree heeft naast de hel nog twee andere klassen: de bloemenklas, een klas met allemaal lieve zoetsappige kindjes vindt De Bree. In deze klas valt één jongen op, Jêrome Fléau genaamd. Een jongen als een beeldschone vrouw. De Bree heeft direct een afschuwelijke hekel aan hem. Dan heeft hij nog de grauwe klas waar men hard zijn best doet, maar De Bree ziet dat deze klas in een klap kan omslaan in rebellie en behandelt hen hard. En als zijn vierde en laatste klas heeft hij de bruine klas, die zo heet omdat hier twee bruine jongens in zitten. Deze klas is erg knap en hij wordt er overspoeld met vragen. Maar om te zorgen dat de klas geen hoogmoed krijgt doet De Bree of het allemaal nog veel beter kan.

Ook de leraren komt De Bree langzamerhand allemaal tegen, en daarmee komt hij wat meer te weten over Bint, die hem erg interesseert. Zo wordt hem verteld dat Bint het nieuwe beleid van stalen tucht is begonnen vijf jaar geleden. Dit leverde een hoop klachten op van ouders en de wethouder maar Bint trok zich hier niks van aan. Veel leerlingen vertrokken en daarom staat een deel van de school nu leeg. En als het aan de wethouder ligt moet de school helemaal dicht. Hij krijgt ook te horen dat Bint zijn Dochter en haar twee kinderen onderhoudt. Maar al deze informatie krijgt hij niet al te gemakkelijk, want volgens de regels van Bint wordt er niet veel gepraat. Alle leraren mag De Bree eigenlijk wel behalve een leraar Keska geheten. De Bree heeft extra interesse in To Delorm een vrouwelijke collega van hem. De Bree vindt zichzelf aseksueel maar kan zich er op een gegeven moment niet van weerhouden naar een vrouwelijke schoonmaakster te kijken. Bint ziet dit en kijkt De Bree spottend aan. De Bree maakt zich hier erg boos over. Hij is boos op zichzelf en vindt zichzelf stom Bint is zo superieur en De Bree vindt dat hij zelf nog veel moet leren. Zijn woede reageert hij af op zijn leerlingen. En hij stort zich helemaal op zij werk.
Voor de kerst is er een rapportvergadering. Bint gaat erg snel door alle cijfers heen zonder er veel woorden aan vuil te maken. Bint legt De Bree uit dat mensen met een onvoldoende schoolcijfer niet over zullen gaan. Een laag kerstrapport is niet meer op te halen en mensen met zo'n rapport zullen niet over gaan. De ouders van deze kinderen wordt geadviseerd hun kroost van school te halen. Na de rapportvergadering houdt Bint een toespraak. Hierin laat hij duidelijk merken hoe hij over het te voeren beleid denkt. Sommige leraren staan nog steeds te dicht bij hun klassen; ze moeten volgens Bint zorgen voor een grotere afstand. Ook heeft Bint het even over een tweetal leerlingen; als eerste waarschuwt hij voor Fléau, een onruststoker volgens Bint. Bint wil deze leerling dan ook zo snel mogelijk van school hebben maar dat mag niet van de wethouder, omdat de vader van Fléau een aanzienlijk burger is. Daarna heeft Bint het nog over Van Beek, een leerling die gedreigd heeft zelfmoord te plegen waneer hij geen voldoende schoolcijfer krijgt. Bint wil absoluut niet ingaan op deze dreigementen al verwacht hij wel dat van Beek zelfmoord zal plegen. Als argumenten voor zijn keuze heeft hij dat wanneer hij er wel op in zou gaan het einde ver zoek zou zijn en dat de school bovendien niets heeft aan een neuroot als Van Beek. Als gevolg van de verwachte zelfmoord van Van Beek verwacht Bint veel oproer, dit oproer wil Bint gebruiken om zijn school van de laatste rotte appels te zuiveren.

Twee dagen later leest De Bree in de krant dat Van Beek zelfmoord heeft gepleegd. Het nieuws verbaast hem niet. Wanneer de kerstvakantie afgelopen is, is er oproer bij de school. Bint wordt uitgescholden en er worden ruiten ingegooid door alle leerlingen van de school behalve door de hel. Deze gaan gewoon naar binnen en worden door Bint weer naar buiten gelaten via de achteruitgang van de school. De hel valt de relschoppers van achteren aan en slaat hen letterlijk naar binnen. Een aantal leerlingen weet te ontvluchten en wordt niet meer op de school toegelaten. Fléau is een van deze mensen. De conciërge wordt ontslagen omdat hij een lijst met adressen van leerlingen aan Fléau heeft gegeven zodat die een opstand kon organiseren. Het laatste deel van de zuivering van Bint is voltooid. En hij beloont de hel voor hun hulp met sigaren.


Na Pasen gaan de leerlingen op excursie. De Bree wil erg graag mee maar omdat hij het kortst op school werkt van alle leraren krijgt hij geen klas mee. Maar omdat een van zijn collega's niet kan mag De Bree met de helft van de hel naar Vlaanderen. De Bree is hier erg blij mee en neemt zich voor de hel wat meer ruimte te geven, zodat hij na de tocht weer aan gezag kan winnen, dat geeft hem een kick. Ze maken een lange fietstocht van Zeeuws-Vlaanderen naar de grens van Frankrijk. De Bree heeft eigenlijk veel schik met de hel en merkt hoe samenhorig ze zijn. Hij leert ze iets beter kennen en krijgt een soort waardering voor hen.
Op een dag van de excursie dat er afgesproken was rustig aan te doen, zijn er 's ochtends vroeg twee leerlingen verdwenen. De Bree maakt zich eerst vreselijk zorgen. En dan niet zo zeer om de verdwenen jongens, want jongens uit de hel redden het wel een dagje alleen, maar De Bree vindt het een schande voor zichzelf omdat er onder zijn gezag twee zijn weggelopen. Zoiets zou bij Bint volgens hem nooit gebeurd zijn. Na een tijdje doet De Bree ineens heel rustig, en de rest van de dag verloop verder heel rustig zonder dat er een woord over de twee weggelopen jongens gewisseld wordt. En wanneer ze die avond na een klein stukje fietsen in de plaats van hun bestemming zijn, komen de twee jongens eraan gefietst. De Bree wordt niet echt kwaad; hij eist alleen van de twee jongens dat ze hem voortaan meneer noemen in plaats van De Bree. De rest van de hel straft de twee echter wel omdat ze zich afgezonderd hebben van de groep, ze krijgen een flink pak slaag. De rest van de excursie verloopt rustig.

De Bree praat na de excursie met een collega van hem die met de andere helft van de hel op excursie is geweest. Hij vertelt hem van het voorval met de twee weggelopen jongens en vraagt of er bij hem ook zoiets gebeurd is. Wanneer hij hoort dat dat niet zo is maakt hij zichzelf eerst verwijten, maar hij kan zichzelf troosten met het feit dat het pas zijn eerste keer was en de ander een stuk meer ervaring heeft dan hem. De Bree ontdekt daarna nog een fout van zichzelf die hij naar zijn mening veel te laat inziet. Wanneer hij namelijk bij een les van Bint in de bruine klas staat te kijken valt hem op dat er hier helemaal geen leerlingen hun vingers opsteken. Terwijl bij De Bree er juist elke les veel vingers in de lucht steken van leerlingen met vragen. Hij beseft dat dit tegen de regels van Bint is waaraan hij zo graag een voorbeeld neemt en waarvoor hij zo veel ontzag heeft. De eerstvolgende les in de bruine klas verbiedt De Bree het vragen en iedereen die wel een vinger opsteekt moet nablijven. De eerste week na de nieuwe regel zijn er veel nablijvers uit de bruine klas.
Het schooljaar loopt ten einde en op de laatste dag loopt De Bree 's ochtends vroeg door de school. Het is zijn laatste lesdag op de school van Bint. Hij loopt langs alle lokalen, langs het oude stoffige museumpje achter in de school en langs de verouderde bibliotheek. Hij beseft dat het een ontzettend verouderde school is in vergelijking met andere scholen. Hij vermoedt dat het komt doordat er simpelweg geen geld is in de school van Bint voor vernieuwingen. Maar hij komt ook tot de conclusie dat er in de school van Bint geen vernieuwingen nodig zijn. Hij loopt ook de kamer van Bint binnen, en daar zit Bint. Dit had De Bree niet verwacht. Hij verontschuldigt zich en gaat in de lerarenkamer zijn pijp zitten roken. Hij vindt het een raar idee om alleen met Bint in een gebouw te zijn. Ook denkt hij iets van sentiment te voelen van afscheid van de school.
De Bree moet nog een aantal keer surveilleren bij de eindexamens van de vijfdeklassers. Er zijn ook mensen van de overheid om te controleren dat de examens volgens de regels verlopen. De Bree vraagt zich af hoe de hel zich volgend jaar met de eindexamens zal gedragen. Alle vijfdeklassers slagen.

De Bree besluit geen afscheid te nemen van zijn collega's. Op de laatste dag dat hij op school is wordt besloten dat alle vierdeklassers over gaan met uitzondering van één leerling, maar die is door zijn ouders dan ook van school genomen. Bint vraagt aan De Bree of hij volgend jaar ook nog les wil geven op zijn school. De Bree vertelt hem dat hij zich voorgenomen had weg te gaan en dit ook zal doen. Wanneer De Bree dan thuis zit en zijn plannen om de wetenschap te dienen nog eens bekijkt krijgt hij het gevoel dat hij een verkeerde beslissing heeft genomen, en stuurt hij een briefje aan Bint dat hij toch graag zou blijven. Hij krijgt eerst geen antwoord van Bint maar in augustus krijgt hij dan toch te horen dat hij opnieuw aangesteld is. De Bree kan niet wachten tot de school weer begint.
Op de eerste schooldag krijgt De Bree te horen dat Bint ontslag heeft genomen, en hij is hier erg door geschokt. Maar na enkele uren komt hij weer een beetje bij van de schrik en besluit hij gewoon verder te gaan volgens het beleid van Bint. Bint mag dan weg zijn, maar zijn school blijft voortbestaan. Ondertussen wordt er door zijn collega's druk gespeculeerd over de reden van het vertrek van Bint. Ze denken dat het te maken heeft met de dood van Van Beek. Dit wordt later door de nieuwe directeur bevestigd. De Bree komt voor zich zelf tot de conclusie dat Bint niet meer tegen zijn eigen beleid kon, dat hij gewoon maar een mens was en moest wijken voor het beleid . Hij neemt zich voor de nieuw ontstane klassen tot een geheel te vormen. In de samenstelling van de hel is niets veranderd. De leerlingen echter zijn wel veranderd. De duivels van vorig jaar zijn menselijker geworden, vindt De Bree. Ze zijn gegroeid, echte kerels geworden. De Bree wil graag nog een keer met Bint praten en gaat langs bij zijn huis. Maar elke keer als hij langskomt wordt hem gemeld dat meneer Bint er niet is. En ook wanneer hij een boodschap achterlaat krijgt hij niks van Bint te horen. Na een tijdje begrijpt De Bree dat Bint voor hem dood is en dat ook zo wil. Bint heeft vrede met deze situatie.
Perspectief

Het auctoriaal hij perspectief ligt bij De Bree. Een verteller verteld over wat er allemaal met de Bree gebeurt, wat hij denkt, voelt en vindt. Dit blijkt onder andere ui de volgende zinnen.

- " De Bree kreeg de helft van de hel. Hij liet niets van zijn blijdschap merken."

- De Bree overdacht dat Bint ook niet onfeilbaar was.


Thema en motieven

Het thema is stalen tucht zonder medelijden. En fascisme.


HIER: Het beleid van Bint en ook van De Bree is stalen tucht. Ook wil Bint de school zuiveren op fascistische manier, van volgens hem minderwaardige personen. Hij wil de neuroot, Van Beek, weg hebben en Fléau die meisjesachtige jongen ( een homo) en eveneens de conciërge waar hij ook een hekel aan had.

Motieven zijn:

- vrouwelijke figuren, De Bree heeft een soort bewondering voor de vrouwen in zijn leven. Een soort extra aandacht. Hij wil eigenlijk aseksueel zijn en geen gevoelens van verlangen naar vrouwen hebben. Hij schaamt zich dan ook dood wanneer Bint hem betrapt wanner hij naar een schoonmaakster kijkt. Ook heeft hij extra veel gedachten over een leerlinge uit de hel Schattenkeinder genaamd. En ook heeft hij extra interesse in To Delorm zijn enige vrouwelijke collega.

- De pijp van De Bree. Er wordt elke keer appart vermeld wanneer de Bree een pijp opsteekt.

- Het grauwe weer, het is vaak grauw weer en waneer dat zo is wordt het vaak ook even beschreven. Het grauwe weer wordt soms ook in relatie gebracht met de gelaatskleur van figuren uit het verhaal.

Tijd

- De vertelde tijd is een jaar en een dag.
- De tijd van de verteller wordt niet aangegeven.
- De verteltijd is 72 bladzijden.
- Het verteltempo is vijf en één tiende dag per bladzijde.
- Het verhaal is chronologisch en niet-continu. Er worden af en toe tijdsprongen gemaakt.


Ruimte

- De topografische ruimte is de school Bint waarin het grootste deel van het verhaal zich afspeelt. Vooral het lokaal van de hel wordt nauwkeurig beschreven. Ook speelt een deel van het verhaal in Vlaanderen en noord Frankrijk. (de excursie) En een heel klein deel in het huis van De Bree.
- De Klimatologische ruimte is vooral grauw weer. Dit is ook een motief.
- Historische ruimte, het verhaal speelt waarschijnlijk een tijdje terug niet (meer dan zeventig jaar)als je kijkt naar de manier van lesgeven, maar voor de rest zou het verhaal ook net zo goed in deze tijd kunnen spelen. Er zijn niet echt dingen in het verhaal waaraan je de tijd waarin het speelt kunt afleiden.



Figuren

De Bree is de hoofdfiguur je leest over zijn gedachten en gevoelens, hij is een round character. Bint is een belangrijke bijfiguur, hij is ook een round character. Andere bijfiguren zijn de leerlingen uit de hel en de collega's van De Bree. Figuranten zijn de andere leerlingen van de school, de conciërge, de schoonmaakster en de dochter van Bint met haar twee kinderen. Zij zijn allen flat characters.

Structuur

Het boek bestaat uit kleine hoofdstukjes van maximaal drie bladzijden per stuk. De hoofdstukjes zijn getiteld en ongenummerd. Sommige titels komen meerdere keren voor. Zo zijn er drie delen die de tocht heten.

Stijl & taalgebruik

Een stukje tekst uit het boek:
'Jullie wilt oorlog. Het zal oorlog tussen ons zijn, zonder ophouden, het hele jaar door…'
Hij wachtte even en keek keurend rond. Hij moest er nu ineens doorheen. Hij vertrouwde op zijn kracht en wenkte: 'Kom jij hier.'

Je ziet dat er af en toe wat kromme zinnen tussen zitten dit komt waarschijnlijk, omdat het in het begin van de jaren veertig is geschreven. Ook valt op dat het allemaal losse, korte, stijve zinnetjes zijn wat wel past bij de figuren uit het verhaal. Het is in het begin even wennen, maar daarna is het niet storend met lezen. Het taalgebruik is niet al te moeilijk, de pv's staan in de verledentijd en er zijn vrij veel dialogen.


Eigen mening


Ik vond het een heel aardig boek. Het wat afwijkende taalgebruik af en toe vond ik leuk en ik vind het heel goed beschreven hoe zo'n stijve leraar tegen een klas aan kijkt. Hoe De Bree al zijn leerlingen ziet en de leerlingen uit de hel beschrijft. Het viel me op dat het boek weinig ouderwets klinkt terwijl het al meer dan zeventig jaar geleden geschreven is. Ik vond het niet echt een spannend boek. Er wordt niet echt spanning opgebouwd. Toch maakte dat het voor mij niet saai. Ik kwam er makkelijk doorheen al waren er soms wel wat langdradige stukjes over De Bree zijn gedachten met veel moeilijke woorden erin die me wat minder boeiden. Een mooi stukje waarin je het verschil in wat De Bree denkt en wat hij laat blijken goed kan zien vind ik bijvoorbeeld wanneer De Bree nog geschokt door het nieuws van het vertrek van Bint de leerlingen uit de hel ziet binnenkomen. Hij ziet ze en denkt vol ontzag wat een grote kerels het zijn geworden. Maar wanneer ze dan allemaal zitten begint hij met ze kereltjes te noemen en te zeggen dat de oorlog tussen hem en hen nog steeds woed en dat hij ze makkelijk aankan vanachter zijn vesting. (zijn buro)
Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen