U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : Jos Vandeloo - Het Gevaar.
Deze versie komt van http://www.scholieren.com/boekverslagen/2216 en is laatst upgedate op 01/09/1999.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 1067 woorden.

Titel

Het gevaar



Titelverklaring

De titel slaat op het gevaar, dat twee uitgebroken radioactief-bestraalde mannen voor de samenleving zijn. Ze zijn er zich goed van bewust. Van de ene kant proberen ze zo min mogelijk sociaal contact te hebben, van de andere kant hebben ze lak aan de maatschappij, die hen tenslotte heeft uitgestoten.



Samenvatting

Proloog

Benting zit in een trein. Angstig voor 'het gevaar'. Een man gaat uitdagend recht tegenover hem zitten en kijkt hem brutaal aan. Voor Benting is de man een groot raadsel.

De man, 'Lava is de naam', haalt zijn oog uit zijn kas en legt het naast zich neer op het tafeltje; dan loopt hij weg, met één oog. Benting walgt ervan. Hij dacht dat hij gek werd omdat niemand het blijkbaar gemerkt had, maar wanneer het oog van het tafeltje rolt merkt een vrouw het op en valt van haar stokje. Nu valt de twijfel van gekheid van Bentings schouders en voelt hij zich eigenlijk opgelucht wanneer er paniek ontstaat in de wagon.

Drie mannen; Martin Molenaar, Alfred Benting en Harry Dupont, worden bij een ongeluk in een studiecentrum voor kernsplitsing bestraald. Ze worden na een onderzoek naar een verlaten afdeling van het academisch ziekenhuis gebracht. Molenaar is er het ergst aan toe. Na een onderzoek met een mislukte verdoving komt hij terug met een ontstellend bericht, hij gaat dood en de andere twee hebben maximaal nog acht dagen te leven. De dag daarna wordt hij afgevoerd.

Tussen de twee lotgenoten, Benting en Dupont, ontstaat er een vriendschapsband. Ze beslissen om te vluchten met in het achterhoofd: als we vrij en van alle onderzoeken en medicatie af zijn zal alles beter gaan.

De ontsnapping is een feit, ze beslissen dat uit elkaar te gaan het veiligste is. Dupont sterft kort daarop, Benting neemt de trein.



Epiloog: (Vervolg op proloog)

Benting kan zich niet bewegen. Hij hoort de mensen om zich heen zeggen dat hij dood is. Een doktor komt en stelt de dood vast. Benting probeert erop te reageren, maar kan zich niet bewegen. 'Zijn lichaam was hem ontsnapt'. Benting ontwaakt na een lange slaap. Hij ligt in een holle, naargeestige ruimte bij nog twee andere lichamen. Eén lichaam beweegt, Benting herkent het en beseft dat hij werkelijk dood is. Het is de man met één oog…







Tijd, plaats, perspectief, motief, thema, boodschap

Het verhaal speelt zich af rond de jaren '60 - '80. De verteltijd bedraagt ca. twee weken. De plaats: in een (universiteit-) stad, waarschijnlijk in Nederland of België, in een speciale, verlaten afdeling van een academisch ziekenhuis en later in de stad zelf. Het perspectief ligt voornamelijk bij Dupont en Benting, maar in het begin ook bij Molenaar. In de derde persoon krijg je een achtereenvolgende toegang tot beide gedachtewerelden, ook tot hun mening over elkaar. Uitzonderlijk ook naar professor Wens. In de epiloog ligt het uiteindelijk bij Benting (leeft het langst). De motieven zijn: de dood: hun vooruitzicht door Shakespeare: "Hopeloze ziekten worden door hopeloze middelen genezen, of in het geheel niet genezen". De angst: hun angst voor de dood, uitgezet in de proloog. De eenzaamheid: in de kliniek, afgesloten van de buitenwereld; ondanks hun groeiende vriendschap, zijn zij in wezen eenzaam: in lichamelijk en geestelijk isolement. Het thema: de (over)levensdrang. De instinctieve levensdrang is groter dan het gezond verstand. De boodschap: "hoe fantastisch is het om gezond te zijn".



Inhoud

Het verhaal bestaat eigenlijk uit de lijdensweg van het drietal. Na veel onderzoeken en medicatie bezwijkt Martin Molenaar aan de bestraling. Hij vertelt met zijn laatste krachten het verontrustende bericht dat Benting en Dupont maar maximum acht dagen te leven hebben. Dupont in beslist niet van plan om in zijn bed in het academisch ziekenhuis wachten op de eerste rottingsverschijnselen. Hij doktert een plan uit en legt het voor aan Benting, die met enige wroeging toch toestemt. Hij denkt aan alle onschuldige burgers die in de buitenwereld door hen, het gevaar, kunnen worden geslachtofferd. Bij de uitvoering van hun plan slagen ze erin via het labo naar de kelder te vluchten waar een uitstekend vluchtmedium ter beschikking staat, een ziekenwagen. Verkleed als verplegers rijden ze naar Dupont zijn vrouw die de opdracht krijgt twee stapeltjes kleren, ondergoed, sokken en wat geld in de lift te leggen. Dan rijden ze verder tot aan een park. Daar gaan ze uiteen, de één (Dupont) gaat uiteidelijk een café binnen, de ander (Benting) gaat naar een tante van zijn vader, waar Benting vroeger in zijn studentenperiode nog kot gelopen heeft. Dupont kwetst zich in het café aan de scherven van een gebroken bierglas en bloed dood t.g.v. de terugloop van het aantal thrombocyten. Thrombocyten zijn een soort witte bloedcellen die instaan voor het stollingsproces van het bloed. Zelfs de kleinste wonde was al genoeg voor een doodsoorzaak. Met Benting gaat het wat beter (denkt hij). Onder het voorwendsel dat hij moet studeren voor een groot examen verhuurt de 'tante' hem de kamer. Hij eet bijna niets en valt diezelfde avond direct in een loden slaap. De volgende ochtend is de toestand niets verbeterd, zo ook ziet de 'tante' het en is van plan een dokter te laten komen, wat voor Benting wil zeggen; terug naar het ziekenhuis. Benting vlucht, is van plan de trein te nemen, maar bezwijkt onderweg. Een groep omstanders ontfermen zich over hem en laten snel een dokter komen, die kan enkel de doodsoorzaak vaststellen. Benting begrijpt het niet want voelt, ziet en hoort alles, hij kan enkel geen actie in zijn lichaam krijgen. Wanneer hij ontwaakt ligt hij in een enge zaal naast nog twee andere lichamen. Dan beseft Benting dat hij werkelijk dood is.



Eigen mening

Ik vind het niet direct het indrukwekkendste boek dat ik ooit gelezen heb. Er zitten weinig tempoversnellingen in, bijna geen spanning en ik voelde geen echt verlangen om het vervolg van het boek te lezen, wat ik wel had bij 'Met mij gaat alles goed'. Wat ik wel nuttig vond was de verwerking van het menselijk leed van het leven. Het geeft je stof om na te denken. Een groot minpunt vind ik dat Jos Vandeloo soms -voor mij- onbegrijpelijke beeldspraken gebruikt. Ook de symboliek van de man met het ene oog. Wat wil hij ermee aantonen? Mijn beste gok is dat Benting zich bekeken voelt omdat hij schuldig is aan het blootstellen van het gevaar (radioactiviteit) aan de gewone burger.



Mijn quotatie zou zijn: 6/10.
Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen