U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : Ferdinand Bordewijk - Bint.
Deze versie komt van http://www.studentsonly.nl/uittreksels/bv.asp?BvID=419 en is laatst upgedate op Onbekend.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 2005 woorden.

Samenvatting
Als er op een school een leraar is weggepest, wordt er een tijdelijke vervanger aangesteld. Dit is De Bree. Als hij door de rector/directeur van deze school, Bint, naar klas 4D wordt gebracht wordt hem uitgelegd dat dat de ergste klas van allemaal is en dat Bint extreme tucht eist. De Bree komt binnen en begint zijn psychologische oorlogsvoering met het zeggen dat er oorlog heerst tussen de klas, die hij vanaf dat moment 'de hel' noemt, en De Bree. Eerst probeert de klas hem nog in de maling te nemen door allemaal op andere plaatsen te gaan zitten, maar De Bree heeft ze al meteen door, dus dat lukt hen helaas niet. Hoewel hij veel mensen moet laten nakomen, krijgt hij ze wel onder de duim.
Zijn andere klassen, de grauwe, de bruine en de bloemen zijn allemaal niet zo interessant als de hel.
Er is een rapportvergadering en alleen het eerste cijfer telt voor Bint. Er wordt een cijfer gegeven voor de algemene indruk. In één van De Bree's klassen, de grauwe klas, zit een jongen, Van Beek, die zichzelf dreigt te doden als hij een onvoldoende op zijn rapport komt te staan. Bint maakt hen allen duidelijk dat het hem allemaal niets kan schelen. Ook het geval Fléau wordt besproken. Bint wil hem van school hebben, omdat hij al te lang onrust stookt. Tijdens de kerstvakantie pleegt Van Beek inderdaad zelfmoord, waarna Fléau, uit de bloemenklas, een oproer organiseert. Bint heeft echter van tevoren een strategie en laat de hel, die zich bij de school aansluit, het uitvechten met de andere leerlingen. Daarna gaan de lessen door alsof er helemaal niks is gebeurd en of de oproer helemaal niet gebeurd is. Bint is zelfs trots op 'de mannen'. Na onderzoek blijkt dat de conciërge een namenlijst aan Fléau heeft doorgegeven, zodat hij tijdens de vakantie leerlingen kon bezoeken en opstoken. De conciërge wordt hierna ontslagen en Fléau keert hierna niet meer terug naar school.
De tijd breekt aan dat er uitstapjes gemaakt worden. Met zulke uitstapjes wordt de hel altijd in tweeën gesplitst. Remigius krijgt de ene helft en Nox de andere helft. Er is geen klas meer over voor De Bree. Gelukkig voor hem krijgt Remigius twee dagen voor de uitstapjes een kind en krijgt De Bree de ene helft van de hel. De bree vindt dit heel prachtig om te doen, maar laat zijn blijdschap niet aan de anderen zien. Op een gegeven moment moeten ze een kortere weg nemen, omdat één van de leerlingen een langere weg toch niet aankan. Twee leerlingen nemen stiekem toch de langere weg.
Een tijd later komt de conciërge bij De Bree bedelen om geld, maar De Bree stuurt hem weg. Aangezien hij slechts een jaar wil blijven is de tijd van afscheid gekomen. De Bree gaat de school verlaten, maar Bint vraagt hem of hij nog niet langer wil blijven. De Bree wijst dit eerst af, maar thuis schrijft hij Bint een briefje waarin hij zegt dat hij de baan toch accepteert. Op de eerste dag van het nieuwe schooljaar hoort De Bree dat Bint zijn ontslag heeft genomen. De Bree hoort van de plaatsvervangende directeur dat het ging om de dood van Van Beek. Als De Bree probeert Bint te bezoeken, wordt hem verteld dat Bint niet te spreken is en De Bree vertrekt. De Bree dat jaar vervolgens verder met 5c, de hel. De klas is nog niks veranderd.


Analyse:
Titel Titel: Bint
Auteur: F. Bordewijk
Uitgever: Nijgh & van Ditmar
Eerste druk: 1931
Titelverklaring: 'Bint' is de directeur van de school in het verhaal, die een systeem van stalen tucht heeft bedacht en wil handhaven en hier uiteindelijk zelf aan ten gronde gaat. Hij is één van de hoofdpersonen uit het verhaal en daarom is het boek uiteindelijk naar hem vernoemd.

Genre
Korte roman

Thema
Dictatuur - omdat er op deze school een systeem van stalen tucht is ingebracht door de directeur Bint en deze vind dat de leerlingen moeten gehoorzamen en naar de leraar moeten luisteren. Hij geeft weinig aandacht aan de leerlingen en het interessert hem allemaal heel erg weinig. De leerlingen hebben absoluut geen inbreng en de leraren zijn de baas.
Tucht - door middel hiervan probeert en wil Bint echte mannen van de leerlingen maken, ookal is dit niet altijd de manier.

Opbouw
Het verhaal is chronologisch opgebouwd en beslaat één schooljaar; vanaf de aanstelling van De Bree.

Personen
De hoofdpersonen:
-Bint: Bint is een lange, droge, kaarsrechte en rietmagere man, in overeenstemming met zijn innerlijk. Hij heeft een afschuw van de bandeloosheid en verwildering die gaande is. Zijn remedie hiervoor is gehoorzaamheid en zelftucht. Zij ideaal is om zijn land groot te maken als in het verleden. Dit verklaart zijn fanatisme, want het systeem, de school, gaat boven alles. Dat wordt duidelijk bij de zelfmoord van Van Beek en de affaire met de conciërge. Hij heeft de werkster aangesteld om hem te verleiden tot dingen waardoor Bint hem kan ontslaan. Dat gebeurt overigens op een andere manier (Je-rome Fleau). Bint gaat dus over lijken om zijn doel te bereiken: reu-zen kweken: geen biologische, maar maatschappelijke.
Bint is streng tegenover anderen, maar ook tegenover zichzelf: hij moet de rest van zijn leven ploeteren om de schuld van zijn dochter af te betalen. Bint is een Round Character want je leert hem steeds meer als een emotioneel mens kennen. Vb: Het voorval 'Van Beek' grijpt hem meer aan dan hij laat blijken en hij neemt daardoor ontslag.

-De Bree: De Bree is een hoekig en nors mens: leeft alleen op een kamer die heel zuinig is ingericht, a-seksueel, lacht (bijna) nooit en doet wetenschappelijk werk: hij schrijft een studie over Anna Maria van Schuurman, een 17e eeuwse intellectuele vrouw. De school doet hij erbij als afleiding en test voor het echte leven. Hij gaat langzaam aan in het systeem van Bint geloven. Hij pakt 'de hel' zeer streng aan, maar heeft met de andere klassen geen moeite. Wel verbiedt hij aan 'de bruinen' het vragen, omdat dat, in overeenstem-ming met een theorie van Bint, 'een geraffineerde poging is om een ander om-laag te halen door te schijn te wekken tegen hem op te klimmen'. Hij vindt dat in de gezinnen te weinig tucht heerst, maar als hij moet kie-zen, kiest hij toch voor school en niet voor de wetenschap. De tucht die hij zichzelf oplegt komt voornamelijk voort uit zijn ijzeren wil, want diep in zijn hart is hij te romantisch. Als hij de leerlingen na de zomervakantie terugziet zijn het geen monsters meer, maar mensen, en hij denkt dat hij hen te fantastisch heeft gezien, en hij weet niet of dat aan hem of hen lag, maar hij heeft wel een sterk vermoeden. Ook dat a-seksuele weet hij op een moment niet meer zo zeker, als Bint hem spottend toekijkt wanneer hij een sluikse blik naar de werkster werpt. Ook heeft hij op een zeker moment een niet definieerbaar gevoel over To Delorm, maar dat is snel over als zij aankondigt zich te gaan verloven. Hij is daar diep van onder de indruk en wijdt zich weer volledig aan zijn werk. Hij is ook een beetje bedroefd als Bint ontslag neemt maar die wil van geen medelijden of iets dergelijks weten en doet net alsof hij niet thuis is. De Bree is een Round-Charchter, je volgt hem eigenlijk in zijn eigen ontdekkingsreis op zoek naar zich zelf.

Bijpersonen
Van Beek: Pleegde zelfmoord nadat hij het advies kreeg van school te gaan, wat een wending gaf aan het verhaal en er uiteindelijk voor zorgde dat Bint het volgende jaar stopte met zijn werk.
Remigius: Praatgrage collega van de Bree, verteld de Bree steeds dingen over Bint en de school.
Jerome Fleau: Stookte de leerlingen op tegen de school, wat uitliep op een chaos met door stenen kapot gegooide ruiten, waardoor hij werd geschorst.
De conciërge: Onbetrouwbaar, omdat hij alle lijsten met leerlingen en hun adressen meegaf aan Fleau, die vervolgens iedereen thuis ging overtuigen om in oproer te komen.
De werkster: Een donker type, de Bree verdacht haar ervan samen met Bint en de conciërge in een complot te zitten.

Nog wat belangrijke begrippen:

De hel: De verschrikkelijke klas met vreselijke figuren met verschrikkelijk moeilijke namen die de vorige Nederlandse leraar weggepest heeft.
De bloemenklas: De beste leerlingen en Fleau.
De grauwe klas: Normale leerlingen met de door zelfmoord gedode Van Beek.
De bruine klas: Die komt het minst ter sprake.

Tijd
Het verhaal speelt zich af in de 20e eeuw. Ergens rond 1950, maar het zou zich ook nu kunnen afspelen; het is niet speciaal aan een bepaalde tijd verbonden. De tijd waarin het geschreven is alleen belangrijk voor de invloed op de stijl van het boek, maar is niet erg belangrijk voor het verhaal zelf. Bordewijk schrijft namelijk in de tijd van de Nieuwe Zakelijkheid en het opkomende fascisme. Dit kan je merken aan zijn korte, staccato zinnen.

Perpectief
Er is sprake van een personale vertelsituatie; je ziet het verhaal door de ogen van een personage, maar het verhaal staat in de hij/ zij-vorm. Je beleeft het verhaal door de ogen van De Bree. Bijv. “Hij merkte het van zichzelf. Hij voelde dat hij toch nog niet zo was doorijzerd als de meesten.

Plaats
Nederland: de school van directeur Bint, die zich bevindt in een niet nader genoemde stad, die op p.74 'de werkstad' wordt genoemd. Dit kan in verband staan met Rotterdam, de stad waar de auteur enkele jaren als leraar aan de handelsschool, aan het Van Alkemedeplein, les gaf.
België: vb. p.49 M: Het ging die dag over Brugge op Torhout aan.
Frankrijk: vb. p.57 B: Ze Overnachtten in Roubaix, en de volgende dag passeerden zij weer de grens op weg naar Yperen

leeservaring:
Ik vond het een redelijk eentonig boek en het is me een klein beetje tegengevallen. Bijna het gehele boek bestaat uit beschrijvingen van personen, situaties of gebeurtenissen. Ik vind persoonlijk dat er meer beschreven is dan dat er verteld wordt. Hierdoor zit er weinig verhaal in en beschouw ik het als één grote beschrijving van een verhaal. Aan het begin van het boek viel dit wel mee, maar nadat ik het boek gelezen had bleek dat het hele boek hetzelfde was. Het is meer een soort samenvatting vind ik. Eerlijk gezegd zou ik het ook niet aan anderen aanraden om dit boek te lezen.
Ik vond het taalgebruik (woordkeuze en zinsbouw) erg moeilijk omdat de woorden echt zo zijn als hoe ze werden gebruikt in de tijd wanneer het werd geschreven. Het is meer een oude taal zo, het leest daarom niet zo vlot. De gebeurtenissen waren ondanks de moeilijke taal toch goed genoeg beschreven om er een voorstelling van te maken. Er kwamen niet veel dialogen in voor en de dialogen die er waren, waren met Bint en van de collega’s vooral Remigius en ze waren op een natuurlijke wijze weergegeven..


Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen