U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : F. Springer - Quissama.
Deze versie komt van http://www.scholieren.com/boekverslagen/2137 en is laatst upgedate op 28/07/1999.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 2378 woorden.

Inleiding

Ik had een boek nodig voor mijn boekbespreking, en omdat ik nooit weet welk boek ik moet kiezen omdat ik nooit wat lees, ging ik maar weer eens in mijn zeer summiere boekenkast een boek uitzoeken. Ik zag daar Quissama liggen. Mevrouw Hos had vaker gezegd dat F. Springer wel leuke reisverhalen vertelde, en ik dacht: Misschien vertelt ze niet altijd onzin over boeken, en ben toen Quissama maar gaan lezen.



Schrijver

Quissama is geschreven door F. Springer. Dit is pseudoniem voor Carel Jan Schneider. Deze werd op 15 januari 1932 geboren in Batavia, in het toenmalige Nederlands Indië. Zijn vader moest vechten in de oorlog, en toen het gezin in 1946 weer samenkwam, verhuisden ze allen naar Nederland. Daar volgde Springer het gymnasium en daarna volledig ongemotiveerd een studie rechten. Hij publiceerde in verschillende bladen. In 1958 vertrok hij met zijn vrouw naar Nederlands Nieuw-Guinea. Daar kwamen zijn zoon en dochter ter wereld. In 1962 kwam hij weer terug naar Nederland en de verhalen die hij had geschreven verschenen in de bundel Bericht uit Hollandia. Hij werkte nog in New York. Dat de basis was van zijn werk Tabee, New York. Ook werkte hij in Bangkok en in Brussel. Over zijn ervaringen bleef hij schrijven. In 1972 werkte hij in Bangladesh, Iran en in Angola, waar hij de eerste Nederlandse ambassadeur werd. Springer was lang een onderschat schrijver, maar de belangstelling voor zijn werken groeide, en toen zijn eerste roman Bougainville in 1981uitkwam brak hij door. Hierin grijpt hij terug op eerdere ervaringen uit Bangladesh. Bougainville bevat een sleutelzin voor de levens- en schrijfopvatting van Springer. ‘Afstand nemen, relativeren, jezelf bijna weg relativeren, dat is de enige manier om er iets van te maken, op papier en ook elders.’ Voor deze roman krijgt hij de F. Bordewijkprijs. 4 jaar later kwam Quissama uit. Hierin grijpt hij terug op zijn ervaringen in Angola. Hierna ging hij in de DDR werken. En een paar maanden voor de val van de Berlijnse muur verhuisde hij naar Scheveningen. Meteen moest hij flink aan de slag omdat hij werd gevraagd om het boekenweekgeschenk van 1990 te schrijven. Dit was de eerste keer dat hij onder druk van een deadline stond. Sterremeer verscheen in een oplage van 500.000 stuks. Het boek van deze “onbekende schrijver” werd goed ontvangen en binnen de kortste keren was Springer een bekend Nederlander. In 1991 verscheen Teheran, een zwanezang die als basis zijn tijd in Iran had. Dit boek werd niet erg goed ontvangen, maar dit maakte Springer goed met zijn volgende boek Badoeng-Bandung dat in 1993 verscheen. In dit boek maakt Springer gebruik van zijn ervaringen uit zijn Indische jeugd, die hij tijdens de oorlog daar in kampen doorbracht. In 1995 kreeg hij de Constantijn Huygensprijs toegekend voor zijn hele oeuvre. Zijn laatste boek is Kandy dat in 1998 verscheen.



Hoofdpersonen

Charles Enders King Velderman



Inhoud

Charles Enders is een succesvol zakenman, en heeft voor zijn bedrijf al verschillende belangrijke projecten tot een succesvol einde gebracht. Hij heeft vooral in Zuid Amerika en Noord Afrika gewerkt. Dalenoord zijn directeur besluit dat het tijd wordt om nu ook de markt in Zuid Afrika aan te boren, en omdat Enders de enige is die Portugees spreekt is hij de pineut. Hij kan in zijn eentje zijn bedrijf gaan vertegenwoordigen in het pas onafhankelijk geworden Angola. Nadat hij aankomt op het vliegveld van Luanda. Komt hij in de problemen omdat de reisorganisatie alleen gezorgd heeft voor de vliegreis en hij het op het vliegveld zelf maar moet uitzoeken. Hij wacht op een taxi, maar die komen er niet op het vliegveld, en 2 soldaten spreken hem aan. Ze vinden dat hij zich verdacht gedraagt, en vragen wat hij komt doen. Hij zegt dat hij in Hotel Panorama moet zijn, maar de soldaten geloven hem niet. Een man, King Velderman genaamd, maakt even een praatje met de soldaten en redt Enders van 4 dagen eenzame opsluiting. King neemt Enders mee naar zijn huisje. Waar Enders João ontmoet. Kings knechtje. Hij neemt een bad, en schrijft daarna een bericht terug naar zijn baas. Enders besluit maar bij King te blijven wonen, en op een avond wijst King hem een foto van een vrouw aan. King begint over de vrouw op de foto te vertellen. Ze heet Pauline, en was in Luanda een fenomeen. Ze was welbekend voor haar goedgeorganiseerde feesten, en natuurlijk ook vanwege haar uiterlijk. King vertelt hoe hij overal in de wereld de meest uiteenlopende dingen verkocht heeft. Zijn bedrijf had veel aan hem te danken, maar toen King om opslag vroeg bleef een antwoord uit. Enders schrijft hierna een 2e bericht terug naar Dalenoord. Hierin meldt hij dat de zaken goed gaan, wat hij vooral aan King te danken heeft, die hem aan iedere belangrijke persoon in Angola voorstelt. Die avond gaat King verder met zijn verhaal over Pauline. Hij vertelt hoe hij in Bombay in 1964 werkte met een zeker Dupuy. Deze vertelde elke avond aan de bar van een hotel over Pauline. Hoe zij veel over een Nederlander had gehoord, en hem wel eens wilde ontmoeten. King had niet door dat Pauline hem bedoelde, maar nadat Dupuy hem dat duidelijk had gemaakt werd hij ook nieuwsgierig. Bij een polowedstrijd ontmoette hij Pauline, die voor hem zat op de tribune. Na een korte onderbreking naar aanleiding van de vraag van Enders die wil weten hoe King aan zijn naam kwam, gaat King met zijn verhaal verder. Op de tribune hadden King en Pauline een keer oogcontact, en na de wedstrijd had Pauline Bonjour tegen King gezegd. King wilde nou ook meer, maar de volgende dag toen hij Pauline weer wilde zien, bleek dat zij naar Nieuw Zeeland was vertrokken. Hij dacht dat hij Pauline nooit meer zou zien, en zette haar maar uit zijn hoofd. Enders ziet in dat dit een mooi verhaal is, en begint het op te schrijven. De volgende dag laat King Enders de stad zien. Die avond is Enders echt benieuwd naar Kings verhaal en wil het helemaal horen om het op te schrijven. Maar King begint over een ander verhaal. Een verhaal over ene Eduardo die met een zangeres neerstortte en in hun tocht om terug naar de bewoonde wereld te komen gedood werden door schorpioenen. King vertelt dit verhaal met zoveel details dat Enders het eerst niet geloofd dat King een verhaal met zoveel details kan navertellen, maar als King hem verzekerd dat alles echt gebeurd is gelooft Enders King. Enders wil nou toch echt weten hoe Kings verhaal over Pauline verder ging en probeert King te verleiden om zijn verhaal voort te zetten. Eerste hapt King niet, maar daarna vertelt dat hij zich snel in zijn bedrijf omhoogwerkte. Door zijn werk ontmoette hij de Fransman Claude Grillet, en samen met hem werkte in Cambodja. Op een dag stelt Grillet King in Ankor Vat voor aan 2 dames. Marcelle en Pauline. Het verhaal over Pauline wordt kort onderbroken door een telefoontje voor Enders. Maar King vervolgt zijn verhaal hierna onverstoord. Hij vertelt hoe ze dichter bij elkaar kwamen en hoe Grillet en Marcelle ook anders met elkaar omgingen. De volgende dag schrijft Enders nog een bericht terug naar Dalenoord. En King begint weer over Pauline. King vertelt hoe hun culturele uitstapjes alleen nog maar voor elkaar werden georganiseerd, en de 2 paartjes dichter bij elkaar kwamen. Grillet was het ook niet ontgaan dat het wel klikte tussen Pauline en King, en stelt dan ook voor dat ze met elkaar trouwen. Dit zou in Bombay gebeuren. King trouwde met Pauline en Grillet hield ook nog een feestje. Daarna gingen de zaken goed voor King. Maar zijn bedrijf wilde hem niet meer toen hij om opslag vroeg en hij vertrok met Pauline naar Frankrijk. Daar was hij getuige van een auto ongeluk, en door zijn vlotte babbel weet hij Joe Browning als vriend te winnen. Deze vroeg King om zaken voor hem te doen, en King moest dus naar Angola. Pauline ging met hem mee. Enders doet samen met King nog wat zaken voor zijn bedrijf, en ze worden later beiden uitgenodigd voor een groot feest, waar een nieuwe film vertoond zou worden. Het is een geweldige avond, en thuis verklaart King aan Enders dat Enders voor hem een goede vriend is geworden. En hij wil daarom dat Enders met hem meegaat naar Park Quissama om met de olifanten te praten. Enders weet dat hij zijn vriend niet teleur kan stellen en zegt dat hij meegaat. Er worden uitgebreide voorbereidingen getroffen. Op een morgen vertrekken ze om half 6. Na een paar uur rijden komen ze in park Quissama aan. Daar komt King de volgens hem enige goede gids van het park, José, tegen en vraagt hoe ze olifanten kunnen zien. In hun kamp komt er een bekende van King langs. Het is Jules. Een Belg. Hij heeft 2 dames meegenomen en vraagt of ze de volgende dag mee mogen met King op zoek naar de olifanten. King weigert eerst en zegt dat het te gevaarlijk is omdat ze te voet op zoek gaan naar olifanten. Maar de beide dames zeggen van gevaar te houden en King stemt dan maar toe om Jules en Inge en Walda met hen mee te laten gaan de volgende dag. Die avond vertelt King weer een deel van zijn verhaal, hoe hij samen met Pauline de onafhankelijkheidsoorlog in Angola meemaakte. Pauline bekent hem dan dat ze voor hem naar Angola is gekomen en even een tijdje voor zichzelf terugwil naar Frankrijk. King stemt in en regelt voor Pauline een vlucht naar Frankrijk. Die avond neukt Jules beide dames, en King is hier nogal van overhoop. De volgende dag vertrekken ze op zoek naar de olifanten. Het zit niet mee, en na een urenlange wandeltocht hebben ze nog altijd geen olifanten gezien. José zegt dat het omdat het al middag is geweest en ze nog altijd geen olifanten hebben gezien de kans om olifanten te zien al heel klein is geworden. King stormt dan onverwachts de berg af waar ze even een pauze hielden, en verdwijnt in de struiken. Na een half uur afdalen via een ander pad dan dat wat King koos om de berg af te dalen zien ze hem bij de rivier staan. Hij staart voor zich uit. En pas nadat beide dames flink geschreeuwd hebben draait hij zich in hun richting. In hun verdere afdaling om King te bereiken zagen ze plotseling de olifanten waar ze die hele dag naar hadden gezocht. De groep werd geleid door 4 grote mannetjes. 2 mannetjes maakten zich klaar om King aan te vallen, maar die maakte echter geen aanstalte om zich uit de voeten te maken. De groep op de berg schreeuwde om de olifanten af te leiden, maar ze waren al tot de aanval overgegaan, en plette King en vertrappen hem daarna. De troep olifanten trekt daarna verder, en Enders blijft maar voor zich uit staren. Hij wordt door João uit zijn shock gehaald, en loopt mee naar King. Deze heeft zo ongeveer alle botten in zijn lichaam gebroken, en is op sterven na dood. Hij wordt dan naar een ziekenhuis gebracht. En een paar uur later hoort Enders dat King dood is. Hierna gaat hij terug naar Kings huis, en praat daar met mannen die de familie van King zoeken om deze op de hoogte te stellen van Kings dood. Maar er is niks te vinden wat op nabestaanden van King duidt. Enders vertelt over Pauline die nou in Frankrijk moet wonen. Maar die is nergens te vinden. Uiteindelijk weten ze een dronken graaf naar Kings huis te halen, en deze vertelt dat de Pauline waarnaar ze zoeken nooit heeft bestaan, en haar foto een nepfoto was uit 1938. Dat er wel een vrouw Velderman geweest is, maar dat die gauw weer bij King weg is gegaan, en dat King vooral voor korte tijd vrouwen heeft gehad, omdat hij met zijn vlotte babbel iedere vrouw die hij maar wilde kon krijgen. Enders geloofde niet dat Pauline nooit had bestaan, en nadat iedereen is vertrokken schrijft hij verder aan zijn verhaal.



Titelverklaring

De titel is niet moeilijk te verklaren. Quissama slaat namelijk op het park dat King met Enders bezocht.



Thema’s

Thema’s in het boek zijn: de betekenis van het schrijven. Enders is vrijwel het hele verhaal bezig met het schrijven over King zijn levensverhaal. Ander thema is de verhouding verbeelding/ werkelijkheid. Beide hoofdpersonen zijn op de vlucht voor de werkelijkheid en verzinnen een verhaal om in weg te kruipen.



Eigen Mening

De schrijfwijze van Quissama sprak mij nogal aan. Het commentaar dat tussen haakjes staat is een manier waarop ik zelf ook zou schrijven. De schrijver die vooral op de achtergrond blijft, en zelf geen grote invloed in de gebeurtenissen lijkt te hebben is ook iets wat ik goed aan dit boek vond. Toen ik het boek las, ontstond er voor mij een verlangen om King te horen vertellen over Pauline net zoals dat verlangen er ook voor Enders was. Het verhaal zelf is ook boeiend en het waarom van wat in het park gebeurde is toch wel een groot mysterie. Het boek kan ook makkelijk gelezen worden door iemand als ik die niet gauw naar thema’s op zoek gaat. Dat doet niks af voor het verhaal wat zondermeer het grootste deel van het boek spannend is en me maar 3 keer een kort gedeelte heeft gegeven waar ik even moeilijker doorheen kwam. Het is zelfs zo dat ik de avond nadat ik het boek uit had gelezen nog een lange tijd heb liggen nadenken over wat nou echt is geweest, en wat verteld of verzonnen is geworden door King of misschien wel door Enders die gebeurtenissen anders heeft verteld of heeft toegevoegd aan Kings verhaal. En de reden van Kings vreemde handelen in Park Quissama is mij nog altijd niet duidelijk. Als je van boeken houdt die niet stikken van de thema’s met ellenlange beschrijvingen en veel beeldspraak, maar van boeken die een gevatte beschrijving van de situatie geven dan is dit zeker een aanrader.



P.S. Er staan nog flink wat tikfouten in dit boekverslag, de formulering kan vaak ook beter, maar het ging hier om een mondeling en dit boekverslag was geschreven als hulpmiddel om mijn mondeling uit mijn kop te leren.
Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen