U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : Paul Kustermans - Voor Paulien.
Deze versie komt van http://www.scholieren.be/huiswerk/show_stuk.php?id=1139 en is laatst upgedate op Onbekend.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 403 woorden.

Het gaat over een een arm meisje, Paulien (11 jaar), die, nadat haar broer een ongeluk heeft gehad in de St-Mariannes mijn in Charleroi (1860), mee met haar vader moet gaan werken in de plaats van haar broer.

Als Paulien aankomt in Charleroi, moeten ze de volgende dag al in de mijnen gaan werken. Beneden in de aders van de mijn ontmoet ze een jongen. Hij heet Giel. Ze worden vrienden. Als Paulien weer eens lastig word gevallen door Armend, beschermt Giel haar. Op een dag gebeurt er een vreselijk ongeluk in de mijn. Door het mijngas is er een groot gedeelte van de mijn ontploft. Giel, Paulien, haar vader Marcel, Armend en andere mijnwerkers zitten opgesloten en het water stroomt en stijgt naar alle kanten. Het is pikdonker in de mijn. Paulien voelt opeens handen langs haar benen tasten. Armend! Dacht ze verschrikt. “Blijf van haar af!” zei een van de meisjes die mee zat opgesloten. “We zitten hier al genoeg in de moeilijkheden!” De vader van Paulien begon te vechten met Armend omdat hij vond dat alleen hij zijn dochter mag aanraken. Het werd stil in de mijn. Giel gaat naar Paulien en zegt dat het water gezakt is. Samen stappen ze weg in het duister om een uitgang te zoeken. Ze weten dat de lift niet meer werkt omdat de reddingsploeg anders al lang naar beneden zouden zijn gekomen. Dus Giel besluit om naar de scheiding te gaan van de Oude mijn en de St-Mariannes mijn. Na een lange tocht komen ze aan bij de scheiding. Om te beurt geven ze reddingssignalen door door 3 keer te kloppen op de want. Dagen verstrijken. Het enige wat hen in leven houd is hoop en het sprankelende water dat uit de spleten sijpelt. “Als je dit water zag Paulien, zal je het verbazen, het is zo zuiver als kristal en toch stroomt het door deze zwarte stenen. Als ik je gezicht nog maar eens één keer kon zien...!”

Paulien verzamelde haar laatste krachten. 'Tonk. Tonk. Tonk.' “We zijn verloren Giel.” Giel antwoorde niet meer.

“We zijn er!” Riepen de reddingsploeg met vreugde. Ze zagen de 2 kinderen liggen. Een redder stapte op de jongen af. “Hij is dood.” Zij hij. Een andere pakte het meisje op en keek naar haar ingevallen gezicht. “Ze leeft nog. Ik ken haar.” Zei hij met een schorre stem en tranen in zijn ogen. “Het is Marcel's dochter. Paulien.”
Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen