U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : Ward Ruyslinck - De Ontaarde Slapers.
Deze versie komt van http://www.scholieren.com/boekverslagen/2064 en is laatst upgedate op 28/07/1999.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 938 woorden.

Titel

De ontaarde slapers



Auteur

Ward Ruyslinck



Titel verklaring

Twee mensen die na de oorlog de zin van hun bestaan niet meer weten en de tijd met slapen doorbrengen. Ontaard= zijn ware aard verloren hebbend.



Eerste druk: 19572.



Opbouw

Het boek bestaat niet uit hoofdstukken, het wordt achter elkaar doorverteld.



Samenvatting

De beide hoofdfiguren, Silvester en Margriet, zijn reeds 22 jaar getrouwd. Als het verhaal begint, raast een storm over het huis. Een dakpan rammelt en Margriet spoort haar man aan het dak te herstellen. Verder moet hij een waskom solderen en het broodmes slijpen. Silvester verwijt zijn vrouw dat ze geen knoop aan zijn broek zet. Als Silvester eindelijk is opgestaan, begeeft hij zich met tegenzin naar het stempellokaal in de voorstad. Tot zijn grote schrik hoort hij van de ambtenaar, dat hij zich moet melden als hulptuinier bij baron Van Speyk de Groet, die op het kantoor "de vier Torekens" woont. De terugtocht van Silvester verloopt hoogst merkwaardig. Om de regenvlagen te ontlopen, gaat hij in de luwte van een lijkstoet lopen. De nabestaanden nodigen hem uit in een volgkoets te stappen en Silvester doet of hij een oude vriend van de overledene is. Hij woont de begrafenis bij en na afloop gaat hij naar het kasteel. Hij wordt door de huisknecht ontvangen, die de tuinman voor hem roept. Deze merkt al gauw, dat Silvester tot niets in staat is. Het spijt Silvester overigens niets, dat hij niet voor deze betrekking in aanmerking komt. Tevergeefs tracht hij nog de tuinman nog wat eendeeieren af te troggelen. Als hij thuiskomt, ligt Margriet nog in bed. Hij vertelt haar dat hij heeft gehoord dat de metaalbewerkers in staking zijn. Margriet schrikt hevig, ze vreest dat er oorlog zal komen. 's Morgens doet Silvester niets, maar in de middag klimt hij uiteindelijk op het dak om de pan recht te leggen. Als hij weer binnen komt, slaapt Margriet nog steeds. Op een gegeven moment komt er een wending in het verhaal. Het is lente en dit inspireert hen tot enige activiteiten. Margriet ontdekt dat ze 22 jaar getrouwd zijn, maar ze vindt dat "de verjaring van een groot ongeluk in stilte herdacht moet worden." Ze informeert bij Harry, de broodbezorger, of er oorlog is uitgebroken. Van een meisje hoort ze dat de burgemeester is overleden, hetgeen haar angst nog doet toenemen. Ook de mycoloog(iemand die paddestoelen bestudeert) is niet in staat haar te kalmeren. Een poosje later komt Silvester thuis; hij heeft van een pastoor-deken een kalender losgekregen. Na Pasen worden ze plotseling opgeschrikt door geweerschoten. Margriet raakt in paniek en is niet meer te kalmeren, ook niet als Silvester haar verzekert dat het slechts oefeningen zijn. Als de soldaten even pauzeren, gaat Silvester met een jonge officier praten. Het is de bedoeling dat er een schijnaanval op hun huisje zal plaatsvinden. De officier begrijpt zijn bezwaren, maar bevel is bevel. DeÜr aanval begint. Tijdens het gevecht verschijnt er plotseling een gehelmd hoofd voor het raam; Margriet gooit er een schoen heen. Enige tijd later verdwijnen de soldaten. Toch is bij Margriet de angst nog niet verdwenen. Ook Silvester is onrustig; alles is deze dag anders, maar wat de zin ervan is, begrijpt hij niet. Hij gaat naat het akkersmaalsbos. Als Margriet even naar buiten komt, vindt ze een lege patroonhuls en ze peinst over de onontkoombaarheid van de oorlog. De broodbezorger vertelt over een gruwelijk ongeval, dat zijn vader overkomen is. Als hij weg is, hoort ze een vreselijke knal. Ze gaat naar buiten, ziet rook opstijgen en gaat weer naar binnen. Na een poosje komt een rijkswachter binnen. Hij vertelt dat Silvester het slachtoffer is geworden van een granaat uit de vorige oorlog. De mycoloog heeft het gezien. Als Margriet weer alleen is, grijpt ze een touw en een stikdraad.



Tijd

Het verhaal is geschreven in 1957 en het speelt na de Tweede Wereldoorlog. Het verhaal begint in de herfst en eindigt in het voorjaar daarop. In het begin is een ontwikkeling vanaf het begin, hoewel de gedachten, vooral van de vrouw, steeds terug zijn bij de oorlog, in de vorm van flash-backs. Er zijn ook vooruitverwijzingen. De tragische dood van Silvester wordt als het ware al aangekondigd door de ontmoeting met een begrafenisstoet en de kraaien.



Ruimte

Het boek speelt zich af in een schamel huisje, enige kilometers buiten de voorstad.



Personen

*Silvester

- kan liegen alsof het gedrukt staat.

- lui.

- werkloos, werkschuw.

- ongeveer 43 jaar.

*Margriet

- lui.

- werkschuw.

- ziekelijk angstig voor een nieuwe oorlog. Silvester en Margriet zijn een echtpaar. Ze zijn reeds 22 jaar met elkaar getrouwd.



Perspectief

In het boek is sprake van een alwetende verteller. Je kijkt als het ware door de ogen van een ander de verhaalwerkelijkheid in.



Motieven

* angst

* dood



Thema

Mensen die in de oorlog veel meegemaakt hebben en nu de zin van het bestaan niet meer zien.



Stijl

De zinsbouw en de woordkeus zijn niet erg moeilijk. Het boek is gemakkelijk te begrijpen.



Genre

Novelle. Het aantal hoofdpersonen is beperkt en het gaat om een korte periode uit hun leven.



Mening

Bij het zien van de titel dacht ik ook wel aan hetgeen er verteld zou gaan worden. Ik had het als het ware al verwacht. Het boek is zeker niet de leukste, of ik kan beter zeggen de meest boeiende, die ik gelezen heb. Toch was het wel de moeite waard om het te lezen. Het verhaal zou best echt gebeurd kunnen zijn, tenminste wat het meeste betreft van dit verhaal. Ik kan me best voorstellen dat iemand de zin niet meer inziet, na het meemaken van een oorlog.
Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen