U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : Anatol Feid - Hinter Der Fassade.
Deze versie komt van http://www.scholieren.com/boekverslagen/41 en is laatst upgedate op 12/10/2000.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 2308 woorden.

Hinter de Fassade- Anatol Feid



7. Recherche (Hasner+ Willig) komt langs bij fam. Segschneider. Frau S is alleen thuis. Ze schrikt van de recherche en denkt dat er iemand verongelukt is.

8. Willen slaapkamer van zoon Klaus doorzoeken.

9. Frau S. is nerveus.

10. Leggen uit dat het om drugs gaat. Ze vinden niks.

11. Op z’n kamer zien ze tekeningen van wietplanten hangen.

12. Klaus is op zoek naar een stageplek en komt laat thuis.

13. Klaus is 17 jar.

14. Frau S. gelooft niet dat Klaus aan de drugs is.

15. Recherche drinkt nog even koffie.

16. Ze denken dat het Klaas is, omdat sommige mensen drugs hebben gekocht bij een Klaus van de Fliederweg die 17 jaar is.

17. Frau S. stuurt recherche weg, omdat het te veel wordt.

18. Klaus moet volgende dag langs bureau komen.

19. Buurvrouw Wessel heeft medicijnen voor Frau S. gehaald en ze komt precies als de politie weggaat. Raad dat het de politie is door de 2 antennen op de auto. Frau S. verzint snel een smoes:

20. “Zochten getuige van een ongeluk. Diegene heette ook Segschneider en ze zaten aan verkeerde adres.”

21. Frau S. is bang dat ze ook bij de buren hebben gevraagd naar Klaus.

22. Wilfried komt uit school. Twijfelt niet aan Klaus en zegt dat hij zeker weet dat ie niks met drugs te maken heeft.

23. Wilfried (15) is de jongste, intelligentste en zelfstandige zoon (aldus Frau S.). Klaus daarentegen is dat niet.

24. Herr. S. (heet Klaus Dieter) komt thuis van z’n werk. Hij vraagt elke dag: “ is er nog wat gebeurd?” als hij binnenkomt.

25. Frau S. vertelt dat de politie is langs geweest.

26. Herr S. wordt er stil van. Hij is vooral bang dat mensen de politie bij hun huis hebben gezien.

27. Hij gelooft niet dat z’n zoon verslaafd is, maar hij wantrouwt wel een beetje.

28. Klaus (K) komt thuis.

29. Hij wil gelijk naar boven gaan. Wordt geroepen en ze vertellen dat de politie is langs geweest. Hij reageert ongeïnteresseerd.

30. Hoort dat het om drugs gaat.

31. K. ontkent dat hij hasj rookt. Herr S. als je liegt en ik kom er achter gooi ik je het huis uit. Als je het nu toegeeft en stopt is er geen probleem.

32. K. doet bijdehand en blijft ontkennen.

33. Herr S. schrikt dat hij als stadsbestuur zo weinig van drugs in de stad afweet.

34. Pa neemt nog een biertje en K. steekt er te gek mee. Politie belt 14 dagen later op. K. is nog steeds niet langs geweest op bureau.

35. Frau S. kan het niet geloven. K. had gezegd dat hij langs geweest was en dat het allemaal goed was.

36. K. wordt ook verdacht van heroïnebezit.

37. Hij moet zich nu wel melden op bureau. Frau S. neemt rustgevende pillen die de buurvrouw heeft gehaald (zijn al bijna weer op). K. praat niet meer met z’n ouders.

38. Frau S. zegt tegen d’r man dat K. waarschijnlijk een drugsprobleem heeft.

39. Herr S. wil het niet geloven en reageert boos en agressief: “natuurlijk niet”

40. Frau S. praat met K.

41. Hij wil niet naar de politie, omdat hij dan misschien namen moet gaan noemen.

42. K. gaat naar de recherche. Belt op naar huis dat alles goed gaat.

43. Staf: 100 uur werken en naar drugsverslaafde centrum

44. Hij wordt aangenomen bij bedrijf. Voor 4 dagen per week.

45. Komt braaf op tijd thuis en alles lijkt goed te gaan.

46. Dan gaat het weer slecht. Hij komt dagenlang niet thuis. Herr S. zegt: hij is al bijna 18 en dan hebben we helemaal niks meer over hem te zeggen. Misschien wel het beste als hij niks meer met ons te maken heeft.

47. K. weer thuis en wil koffie. Hij commandeert z’n moeder en Herr. S. gaat tegenin. Frau S. mag geen koffie voor ‘m zetten als hij het nog geeneens normaal kan vragen. Hij wordt boos op K. en vindt dat hij een heel ander persoon is geworden.

48. Klaus ook boos en zegt: als jullie zo doorgaan dan neem ik straks nog echt drugs. K gaat weer weg.

49. Herr S. wil K. z’n kamer doorzoeken, maar Frau S. houd hem tegen. Het is helemaal niet opgeruimd.

50. Hij gaat toch en vind een lading roze slaappillen. Zijn gejat van Frau S.( zijn haar slaappillen).

51. Frau S. neemt 2 pillen om rustiger te worden. Er hangt een rare lucht in K zijn kamer. (parfum)

52. K. komt weer niet thuis de volgende avond. Herr S. is naar een ouderavond en W. is naar Judo. Frau S. belt Michael op (vriend van K.).

53. M. gaat bijna niet meer met K. om. K heeft een vriend uit Frankfurt die vaak in “Narzisse” (discotheek) komt.

54. Vriend heet Roland en is drugsdealer, maar kan ook roddel zijn. Meer kan M. niet zeggen.

55. W. komt thuis. Hij vraagt of er wat is en Frau S. begint te huilen en te schreeuwen en hij wordt weggestuurd.

56. Frau S. neemt te veel slaappillen. De buurvrouw vraagt hoe het met K. gaat, want ze ziet hem zo weinig de laatste tijd.

57. Frau S. zegt: “K. werkt ver weg en kan niet altijd thuis komen i.v.m. de lange reistijd”. Ze belt naar het bedrijf waar K. werkt om zich te verontschuldigen voor die zondag. (met die koffie)

58. K. schijnt al een hele tijd ziek te zijn. Het bedrijf wil een ziektemelding van de arts, maar nog steeds niks gekregen.

59. Na de 3e dag was hij al ziek. Nu is het 2 weken later en hij is nog steeds ziek. Frau S. liegt weer. Zegt dat het aan de arts ligt.

60. W. komt thuis. Vind zijn moeder slapend met fles cognac naast zich. Hij gaat naar de snackbar. Frau S. verteld van gesprek met M., Haser en bedrijf. W. komt niet thuis en het valt zijn ouders geeneens op.

61. Rode sportwagen voor de deur met frankfurts kenteken. (had Roland ook). Klaus belt aan.

62. Komt samen met R. binnen. Frau + Herr S. schrikken, maar R. doet zeer beleefd en heeft bos bloemen meegenomen voor ze. Ze kunnen zich niet voorstellen dat R. drugsdealer zou zijn.

63. Herr S. bedenkt zich dat K. misschien homo is. (ruikt weer naar parfum). R. voelt zich ongewenst en wil weggaan.

64. Hoeft ook weer niet......Tenslotte zijn ze helemaal uit Frankfurt gekomen om iets te vertellen. Nieuws is: ze willen met z’n 2en een zaak beginnen.

65. De vader van R. heeft een grote meubelfabriek en hij wil dat zijn zoon ook wat bereikt. 5000 Mark van z’n vader gekregen als ondersteuning.

66. Plan: willen een soort meubel-opknap-bedrijf. R. zorgt voor meubels en K zorgt voor restauratie en verft ze. (die is creatief).

67. Kennen elkaar van de firma waar hij daarvoor werkte. R. verteld dat hij niet met een drugsverslaafde wil werken.

68. K. is al in therapiegesprek. K. kan bij R. intrekken, maar zodra hij drugs gebruikt wordt ie eruit gezet. K. wil geld van z’n ouders lenen, omdat R. dat tenslotte ook heeft gekregen.

69. R. zegt dat ze het ook van de bank kunnen lenen. K vindt de rente dan te hoog. R. zegt dat K z;n ouders zijn ouders maar moeten bellen, maar dan mogen ze niks zeggen over K. z’n drugsprobleem. Anders dan kunnen ze de steun van R z’n vader wel vergeten.

70. K. z’n ouders storten bedrag op de rekening van R. 3800 Mark. Ze komen 1x per week langs.

71. Laten gekochte machines zien. Ze zijn 2e hands maar nog goed te gebruiken. Herr S. geeft in het geheim geld aan K. Frau S. doet precies hetzelfde. Ouders geen tijd meer voor W. W= stil en treurig.

72. Herr+ Frau S. krijgen een brief. K. heeft 20000 Mark opgenomen. (geleend)

73. Zij zouden toestemming daarvoor hebben gegeven. Nou moeten ze het terugbetalen.

74. W. wil over zijn practicum vertellen en heeft nog handtekening nodig, maar zijn ouders hebben geen aandacht voor hem.

75. Bang dat K. zijn kans verspild.

76. Pa S. belt de vader van Roland op. Eerst moeder aan de telefoon, die vraagt meteen of hij van de politie is. Dan komt z’n vader.

77. Horen dat Roland junk is en hen heeft bedrogen.

78. Advies van Herr Reiffenburg: ga naar een drugsadviesbureau. Vader K. bang voor geruchten over K zijn verslaving.

79. Die zijn er al. Frau S. wordt overal nagekeken. K. en R. komen langs. Hebben auto verkocht voor hun bedrijf.

80. Herr S.: heb gister je vader opgebeld. R begint met uitleggen: Ik wou me bewijzen tegenover mijn ouders. Zonder geld kon ik niks beginnen. Daarom handtekening vervalst. Gaat geld met rente terugbetalen.

81. Heeft ook handtekening Herr S. vervalst. Zegt: dat wilde K. Herr S. wordt woest en wil K. in elkaar rammen aan. R: schiet niks mee op, heeft mijn vader ook met mij gedaan.

82. Ze beloven morgen de ouders van K. op te halen om bedrijf te komen bekijken.

83. Recherche komt langs. K. is die middag opgepakt en vastgezet. Moet voor de rechter komen.

84. K. gezien in discotheek “Narzisse”. Had 4 gram heroïne bij zich. Wou het verkopen. K. wil geen advocaat. Herr S. verteld over plannen van R en K. Hij vertelt niks over de vervalsingen en het gesprek met vader van R.

85. 8 mensen zaten op de drugs van K. te wachten. Al 2 maanden kochten ze bij hem.

86. R. cocaïneverslaafd. Vermoeden dat R de hoofdhandelaar is, want hij is ook constant in de buurt.

87. Ouders schamen zich voor K. De rechtszaak afspraak: K komt thuis wonen en moet afkicken. En moet 100 uur werken. Laatste kans. K mee naar huis.

88. K. is wit en trilt heel erg. Hij drinkt een ½ fles whisky leeg.

89. Daarna neemt ie een lading roze pillen van z’n moedr. Frau S. heeft niet helemaal door dat het de afkickverschijnselen zijn. K zegt dat ie overal spijt van heeft en dat hij nooit meer zal liegen.

90. Al 2 jaar verslaafd. Begint te huilen, hij wil van de drugs af. Drinkt de pruimendrank (champagne?) ook in 1 keer leeg. Hij wil afkicken.......

91. Pleegt zelfmoord als het niet lukt. Heeft geld nodig voor medicijnen. “Als ik geen geld krijgt moet ik wel gaan inbreken.” Zegt ie.

92. Hij beloofd te getuigen tegen R.

93. K. gaat naar Frankfurt om naar de dokter te gaan. Met 500 Mark voor medicijnen.

94. K. komt niet thuis. Frau S. belt Hasner (recherche) op. Hij had gehoopt dat het dreigen met hogere straf wel zou werken, maar blijkbaar niet. W. komt thuis. Ziet zijn moeder met fles rode wijn. Frau S. probeert hem nog te verstoppen, maar hij ziet het.

95. Herr. S. zegt dat hij alles heeft gedaan voor K. Hij heeft besloten niks meer voor hem te doen. Hij kan het niet meer en neemt een biertje. Frau S. begint te janken en neemt pillen. W. doet de boodschappen. W. wordt heel de dag door met zijn broer lastiggevallen.

96. Frau S. boos op d’r man. Ze vindt dat hij helemaal niet zoveel voor K. heeft gedaan en dat hij alleen maar kan eisen. Herr S. wordt boos op zijn vrouw. “jij kan alleen maar verwennen”!!! Dan komt W. thuis. Hij heeft gedronken en zegt: “iedereen drinkt toch in onze gelukkige familie”. Vader wordt boos.

97. W. weet al vanaf zijn 13e dat K. drugs gebruikt.

98. Als hij het aan zijn ouders had verteld hadden ze toch niet geluisterd. Z’n vader had het verboden en vervolgens nog een biertje genomen. Z’n moeder had waarschijnlijk nog meer slaappillen genomen. Vind zijn ouders ook aardig verslaafd aan het worden.

99. Herr S. denkt dat W. ook aan de drugs is.....

100. W. wordt huis uitgesmeten. Belt volgende dag op dat ie in een woongemeenschap blijft. Vader dreigt de politie te bellen. W lacht hem uit.

101. W. komt zijn spullen halen en gaat ergens anders wonen. 2 andere erbij. 1 daarvan geeft adres en telefoonnummer aan Frau. S. Het is 3 kilometer van Saalheim.

102. W. komt vaak ’s middags thuis om boodschappen te doen. Frau S. komt alleen huis uit om naar de dokter te gaan. Dat doet ze dan ’s ochtends als het nog rustig is. Er zijn 2 doden gevonden in Frankfurt (2 junkies). Frau S. is bang dat het K. is.

103. Herr S. heeft zijn vakantie opgezegd, omdat hij wil doorgaan met werken. Hij voelt zich een beetje opgesloten in zijn huis. Hij zegt tegen Frau S. dat er veel zieken zijn en dat hij moet invallen.

104. K. wordt 18. Frau S. belt naar jeugd en drugsadviesbureau. Moet d’r verhaal kwijt.

105. De vrouw heet Wallhausen. Ze wil graag dat ze een keer langs komt met familie. Anders nog een keer bellen. Ze hangt op en telefoon gaat. Ene Dr. Holzen.

106. Gaat niet goed met K. Hij ligt momenteel in coma. Veel te veel drugs gebruikt. Ze gaan naar ziekenhuis. Hij ziet er slecht uit.

107. Hij is net op tijd gevonden op station. 5 minuten later dus, was ie dood. Wordt weer wakker, kan bijna niet praten. Maar hij belooft wel af te kicken.

108. W. feliciteerd K. met zijn verjaardag. Ouders waren dat helemaal vergeten. Gaan met gelukkig gevoel naar huis. W. verteld over de gemeenschap.

109. Gaan verjaardag vieren met z’n 3en en W. blijft thuis slapen.

110. Telefoon: Dr. Holzen. K. is weg. Mochten hem niet tegenhouden: sinds gister meerderjarig. R. was langsgekomen en hij was meegegaan.

111. Frau S. gaat naar Wallhausen.Is in gesprek en moet wachten.

112. Dan gaat ze naar binnen en verteld haar verhaal.

113. Het gezin gaat er aan onder door (ook bijna verslaafd).
Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen