U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : Piet Paaltjens - Snikken En Grimlachjes.
Deze versie komt van http://www.scholieren.com/boekverslagen/1977 en is laatst upgedate op 28/07/1999.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 1651 woorden.

Titel

Snikken & Grimlachjes.



Titelverklaring

Snikken: De emotie die opgeroepen wordt door de droevige sfeer. Grimlachjes: De emotie die opgeroepen wordt door de manier van schrijven.



Auteur

Piet Paaltjes (pseudoniem van François Haverschmidt)



Uitgever

Uitgeverij Goossens, oorspronkelijk door Uitgeverij H.A.M. Roelans te Schiedam in 1867. Ik heb de 8e druk gelezen.



Illustraties

Op de omslag is een soort van wapen te zien, maar er wordt niet vermeld wie het heeft ontworpen of wat het nu eigenlijk is.



Voorwoord/e.d.

Het boekje wordt ingeleid door Rob nieuwenhuys.



Wat voor boek/genre

Het is een romantisch-ironische of humoristisch-realistische verzenbundel.



Stroming

Duidelijk de romantiek, deze verzen waren een vlucht van de werkelijkheid met behulp van de humor.



Samenvatting verhaal

"Levensschets"

Wie Piet Paaltjes precies is en waar hij vandaan komt is een groot raadsel. Bekend is dat hij een Fries is die van Friesland hield ook al denken sommige mensen van niet. Na acht jaar verdwenen te zijn werd hij twee keer gezien; de eerste keer aan de Friese kust en de tweede keer in Parijs op de wereldtentoonstelling. In 1853 studeerde hij aan de universiteit in Leiden en woonde boven een bidder op de Hoogewoerd. Toen de ondergetekende, F.H. (François HaverSchimdt) Piet Paaltjes tegenkwam besloot hij hem op te vrolijken met een paar vrienden. Dit bleek te mislukken. Wanneer Piet zijn gedichten voordroeg werden die vaak niet begrepen. Op negen oktober 1953 verdween hij weer. F.H. verwacht meer gedichten te krijgen van Piet Paaltjes in de toekomst om die ook door te geven. F.H. vind de gedichten zelf akelig. Hierna volgen er nog opmerkingen die wel van belang zijn voor 'De Friesche poëet'. De weduwe in dit gedicht was vroeger heel rijk en toen ze iets kostbaar had besteld en ze tarwekorrels kreeg i.p.v. goud, liet ze dit over boord gooien en op die plaats kwam een zandbank die de haven afsloot zodat de stad haar welvaart kwijt was. Er werd ook over 'Jan van Zutphen's afscheidsmaal' nog een opmerking gemaakt. Mensen die dat maal hebben meegemaakt herinneren zich nog wel iemand die nu niet meer leeft.



Voetnoot "Levensschets"

Dr. J. van Vloten heeft Piet na lange tijd weer gezien op het strand. Wat hem ontroerde waren de natte ogen van Piet omdat die zo'n kleur blauw hadden die niet te omschrijven is. Van Vloten dacht iemand anders te herkennen en toen hij diens naam wilde noemen draaide Piet zich om en keek hem aan. Nu herkende Van Vloten hem, het was Piet Paaltjes. Hij riep verrast zijn naam en Piet grimlachte terug waarna hij snel verdween in een boot naar Schiermonnikoog. Piet (per ongeluk?)was z'n tas met gedichten vergeten. Deze werd meegenomen door Van Vloten.



"De bleeke jongeling"

Wanneer de avond valt volgt een lijdende jonge man huilend de zonsondergang. 's Nachts blijft hij gewoon zitten en 's morgens blijkt hij te zijn overleden door een gebroken hart.



"Immortelen"

I. Het is niemands zaak waarom hij verdriet heeft.

III. Hij heeft geen verklaring voor zijn verdriet.

IX. Zijn beste vriend liet hem in de steek.

XVI. Hij krijgt een vreemd gevoel bij het roken van een bepaald soort sigaretten; komt het door die lucht of doordat iemand van vroeger ze rookte.

XXV. Hij krijgt opborrelende gevoelens bij het horen van bepaalde instrumenten, misschien heeft het met de goede oude tijd te maken.

XXXIII. De liefde die eerste mooie gevoelens bracht, geeft nu verdrietige gevoelens af.

XLIX. De stille minnaar huilt op de stoep bij de melkboer om zijn liefdesverdriet.

LX. Zijn fysieke aftakeling komt door liefdesverdriet.

LXXII. De wetenschap dat zijn heftige, stille liefde al iemand heeft is geeft hem verdriet.

LXXXIII. Hij vertrouwt niet aardige, maar onaardige mensen.

LXXXIV. Hij heeft zijn vertrouwen verloren in het goede omdat hij gekwetst is en nu gigantisch lijdt.

XCVI. Omdat hijzelf nooit bidt is hij blij dat iemand anders het voor hem doet.

C. Na zijn geloof in het goede verloren te hebben en daarna alleen maar geklaagd heeft over de slechte dingen, zwijgt hij nu.



'Tijgerlelies'

Aan Betsy Een mooie dag werd verpest doordat zijn meisje te veel alcohol had genuttigd en haar roes uit moest drinken.

Aan Rika Het meisje uit zijn droom flitste langszij toen hij in de trein zat, daarna heeft hij alleen nog maar liefdesverdriet gehad en zou samen met haar willen sterven.

Aan Jacoba Zijn vriendin wil alleen over algemene, oppervlakkige dingen praten en niet over zijn eigen problemen zodat hij deze gaat opkroppen.

Aan Hedwig Een meisje heeft zijn vrolijkheid in verdriet omgezet en nu zou hij met haar willen sterven.



"Romancen"

Liefdewraak: Als de jongeman geen reactie krijgt van zijn geliefde op zijn lied wordt hij kwaad en gooit een sneeuwbal door haar raam en zingt op de terugweg een liedje van Van der Vliet, die dit soort reacties voorspelde in zijn liedjes.

Des zangers min: Een dichter maakt elke morgen liederen over een denkbeeldig meisje. Als dan een meisje passeert die precies op zijn denkbeeld lijkt maakt de dichter alleen nog maar klaagzang omdat hij haar waarschijnlijk nooit meer zal ontmoeten en hij haar niet kan gaan zoeken omdat dichters dat niet doen.

De zelfmoordenaar: Een man, die genoeg had van zijn leven, hangt zichzelf op in de herfst. Wanneer dan de volgende zomer een koppeltje naar het bos gaat om te vrijen zien ze het verrotte lijk van de man hangen. Ze schrikken zo erg dat ze spierwit werden en geen woord meer uit konden brengen en dat de lust voor het vrijen is weggegaan.

De Friesche poëet: Een dichter zit op een boot op de Zuiderzee en is zo bedroefd over het feit dat de echte Friezen uitsterven, dat hij overboord springt. Vroeger was er een welvarend stad, Oud-Staavren, die door de Zuiderzee is opgeslokt. De dichter komt in de stad terecht, de stad is nog intact maar er leven alleen nog maar vissen. Als hij ergens op een deur aanklopt wordt er open gedaan en hij verliest plotseling het bewustzijn. Als hij weer bijkomt ziet hij een mooie vrouw, 'het weeuwtje van Staavren'. De vrouw, die in een waterdichte kamer leeft, geeft hem te eten en te drinken en wil graag een kus. De dichter eet en drinkt niet omdat de vrouw geen echte Friezin is. In plaats daarvan gaat hij naar buiten om opgegeten te worden door haaien.

Jan van Zutphen's afscheidsmaal: Jan van Zutphen gaat naar het Oosten om zijn broers te bevrijden. Op zijn afscheidsmaal klopt er een "dode" minstreel aan die vier jaar daarvoor is verdwenen. De aangeschoten Jan laat hem binnen om een liedje voor te dragen.

Drie studentjes: Drie studenten hebben de tijd van hun leven tijdens hun studie en ze zuipen zich lam. Na hun studie zouden ze elkaar nog opzoeken alleen dit gaat niet door omdat de ene sterft in een oerwoud, de andere stierf langzaam aan vooroordelen en domheid en de laatste had het ergste lot want hij werd een braaf en fatsoenlijk burgerman.



Overheersende element

Gedachten en gevoelens van de ikpersoon.



Hoogtepunt

Er is niet een hoogtepunt aan te geven want het zijn aparte op zich staande gedichten.



Personages

De ikpersoon Piet Paaltjes en een paar onbelangrijke personages.



Karakter hoofdpersonen

De ikpersoon heeft een depressieve blik op het leven en totaal geen geluk in vriendschap en in de liefde en kent geen humor.



Houding auteur tegenover de hoofdpersoon

Hij neemt geen houding aan tegenover Piet Paaltjes (in feite zichzelf dus), maar beschrijft zijn gevoelens en gedachten.



Mogelijke bedoeling auteur

Spotten met het leven omdat het leven eigenlijk zielig is.



Thema

Spotten met het leven en in zekere mate ook met romantiek.



Motieven

Verdriet, zelfdoding, dood, afscheid en gebrek aan levensmoed.



Perspectief

De gedichten worden verteld door één persoon. In het eerste gedicht "Levensschets" praat François Haverschmidt over zijn alter-ego Piet Paaltjes alsof het een ander persoon in werkelijkheid is. "Immortelen" en de "Tijgerlelies" zijn in de vertellende- en belevende-ik geschreven. In "De bleeke jongeling" en de "Romancen" (De Friesche Poëet uitgezonderd, dat is in de belevende-ik geschreven) beschrijft de schrijver zichzelf van buitenaf gezien.



Tijd

De tijd is moeilijk te bepalen vanwege de verschillende korte verzen. Sommigen gedichten hebben ook grote tijdsprongen (De zelfmoordenaar, ongv. 1 jaar). De verteltijd is 5 dagen.



Ruimte

De plaatsen zijn vaak verschillend en worden ook wel eens niet genoemd. Enkele genoemde plaatsen: Harlingen, Enkhuizen, Friesland, Stavoren, Leiden, de Zuiderzee, Woerden, Oud-Stavoren en in een bos.



Tegenstelling Realisme/Romantiek

De realiteit wordt zó overdreven dat het romantisch werd, als een vlucht in de humor.



Gegevens auteur

Haverschmidt werd te Leeuwarden geboren op 14 februari 1835. Hij studeerde theologie te Leiden van 1852-1858; werd predikant te Foudgum (bij Dokkum) in 1859; in december 1862 ging hij naar Den Helder en in 1864 naar Schiedam, waar hij tot zijn dood (januari 1894) toe bleef. Als vrijzinnig predikant in een orthodoxe gemeente was zijn positie moeilijk. Hij hield vele voorlezingen uit zijn werk voor allerlei verenigingen, waarvan slechts een deel bijeengebracht werd in de bundel Familie en kennissen (eerste druk 1876). Fragmenten uit andere voordrachten zoals over Hans Andersen en Lincoln en over eigen ervaringen is te vinden in De dominee en zijn worgengel.



Reacties bij het uitkomen

Zeer positief en de verzen werden snel bekend. Nu nog beschouwen we zijn gedichten als de beste uit zijn tijd.



Verband van dit boek met andere werken van de auteur

De andere werken zijn allemaal gedichtenbundels en hebben allemaal een depressieve blik op het leven.



Welke andere boeken van de auteur ken ik

Familie en kennissen, De dominee en zijn worgengel.



Leeservaringen

Waarom dit boek

Het was een verplicht boek voor mijn lijst. Zelf zou ik het nooit gekozen hebben.



Waar ik dit boek vandaan heb

Bezat nog een kopie van het boek.



Hoe ik het boek gelezen heb

Voordat ik ging slapen want overdag had ik niet veel tijd meer. Ik had hem in ongeveer 5 dagen uitgelezen.



Wat ik goed en niet goed vind aan het werk

Ik zag er in het begin gigantisch tegenop op zo'n verzenbundel te gaan lezen, maar het viel wel mee alhoewel het soms erg moeilijk te begrijpen was. Dit was zeer tijdrovend.
Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen