U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : Onbekend - Mariken Van Nieumeghen.
Deze versie komt van http://www.scholieren.com/boekverslagen/1961 en is laatst upgedate op 28/07/1999.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 697 woorden.

Titel

Mariken van Mieumeghen



Druk

Eerste druk: ca 1500



Samenvatting



Proloog: hertog Arend van Gelre is door zoon Adolf gevangen gezet te Grave. Mariken (een weeskind) doet het huishouden bij oom Gijsbrecht (een vrome priester); ze woont drie

mijl van Nijmegen af. Ze moet naar de markt in Nijmegen; vraagt onderdak bij haar tante ('moeie'), die haar uitscheldt (ze had met andere vrouwen ruzie gehad over hertog Adolf).

Als ze wanhopig in het donker weer op weg naar huis gaat, ontmoet ze Moenen, de duivel. Ze wil zijn liefje zijn in ruil voor het leren van de zeven vrije kunsten en vooral de Zwarte

Kunst. Moenen belooft haar alle talen te leren, maar niet de "nigromantie"(=Zwarte Kunst).

Ze moet haar naam veranderen (in Emmeken) en mag geen kruisteken meer maken. Een en ander heeft te maken met de voorstelling die men zich in de middeleeuwen maakte van de duivel: deze had altijd een lichaamsgebrek - "Moenen metten eenen ooghe" - was bang om de naam van God of Maria te horen (dus de naam Marieken moest veranderd worden). Ze gaan naar 's-Hertogenbosch. Oom Gijsbrecht gaat Mariken zoeken en bezoekt haar tante. Dan is er een politieke omwenteling: Graaf Arend komt vrij, tante pleegt uit woede zelfmoord.



Mariken en Moenen verblijven in herberg 'De Gulden Boom' in Antwerpen; Mariken draagt een refrein voor (met de 'stockregel': 'Door d'onkonstige gaat die konste verloren'). Jaren lang leiden ze een zondig leven. Na zeven jaar (let op de symboliek van het getal, evenals in de marialegende Beatrijs) gaat Mariken terug naar Nijmegen. Ze ziet een wagenspel

waarin een zekere Masscheroen een beroep doet op Gods rechtvaardigheid, Marieken doet een beroep op Gods barmhartigheid.



Mariken krijgt nu berouw - Moenen is kwaad, neemt haar mee hoog de lucht in en gooit haar naar beneden. Ze wordt gevonden door oom Gijsbrecht, die Moenen verdrijft. (Dit doet hij met behulp van toverspreuken).



Mariken heeft absolutie nodig: ze gaat naar Nijmegen, Keulen en Rome. Moenen probeert hen onderweg te doden. Mariken krijgt ijzeren ringen om hals en gaat naar een klooster in Maastricht om boete te doen. Na twintig jaren vallen de ringen af en sterft ze.



Thema

Het thema van van het verhaal is dat voor de berouwvolle zondaar, door de bemiddelende rol van Maria, altijd vergeving mogelijk is. Al is de mens nog zo diep gevallen, door oprecht

berouw en boete kan hij gerechtvaardigd worden voor God.



Titelverklaring

De titel slaat natuurlijk op de hoofdpersoon van het verhaal.



Personages



Mariken is de hoofdpersoon van het boek. Zij maakt gaande het boek een hele ontwikkeling door en is daarom een round-character: Uit wanhoop en verlangen naar kennis sluit ze een

verbond met de duivel; ze gaat het slechte pad op. Uiteindelijk komt ze echter tot inkeer en berouw. Iemand uit de vijftiende eeuw beschouwde iemand die een verbond met de duivel sloot als een heks. Maar Mariken zoekt het kwaad niet; ze is zwak en hulpeloos, wordt tot slechtheid verleid en is dan ook allerminst een heks.



Ghijsbrecht, de oom van Mariken, is zeer begaan met het lot van zijn nichtje. Hij verjaagt de duivel, gaat zelfs met haar mee naar Keulen en Rome en bezoekt haar trouw vierentwintig

jaar lang in het klooster. Hij is geen type, maar een flat-character. De tante van Mariken is een helleveeg, die om politieke redenen zelfmoord pleegt. Door haar toedoen raakt Mariken op het slechte pad.



Moenen, de eenogige duivel in mensengedaante, weet met mooie beloften Mariken in zijn greep te krijgen. Als de duivel in mensengedaante verschijnt heeft hij echter altijd een lichaamsgebrek: God zou immers nooit toestaan dat duivels op volmaakten mensen leken.



Perspectief

De personages op het toneel presenteren zichzelf. In de prozafragmenten is sprake van een auctoriale verteller.



Tijd

De vertelde tijd is ongeveer drieā€°ndertig jaar. Het tijdsverloop is chronologisch. Af en toe zijn er grote tijdsprongen en daarom is er ook sprake van tijdsverdichting.



Ruimte

Het verhaal speelt zich in vele ruimtes af. Het speelt zich af in Nijmegen, Venlo, 's-Hertogenbosch, Hoogstraten, Antwerpen, Maastricht, Keulen en Rome.



Beoordeling

Ik vond het wel een boeiend verhaal, vooral omdat de proza-stukken in het verhaal niet moeilijk te begrijpen waren, ondanks het oude taalgebruik. Dit in tegenstelling tot de conversaties tussen de personen zelf die ik moeilijker te begrijpen vond. Ik vond het vooral wel een aardig verhaal, omdat het een boeiend en levendig verhaal was.
Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen