U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : Belcampo, - Het Grote Gebeuren : De Verhalen Van Rijssen En Amsterdam.
Deze versie komt van http://www.collegenet.nl/studiemateriaal/verslagen.php?verslag_id=1856 en is laatst upgedate op Onbekend.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 1333 woorden.

Jaar & plaats van uitgave: Amsterdam, 1965(eerste druk)

Titelverklaring:

De titel 'Het grote gebeuren' heeft betrekking op die ene dag waar eigenlijk het hele verhaal om draait, namelijk de dag des oordeels. Deze dag is voor Belcampo 'Het grote gebeuren'

Biografie:

Herman Pieter Schönfeld Wichers werd geboren op 21 juli 1902 te Naarden. Zijn jeugd bracht hij in Rijssen door. Hij studeerde in Amsterdam rechten en medicijnen, en bleef er wonen tot na de tweede wereldoorlog. Na een huisartsen praktijk van enige jaren in het Overijsselse Bathmen, was hij van 1953 tot 1967 studentenarts in Groningen. Hij schrijft onder de naam Belcampo, het pseudoniem Belcampo is een vertaling van Schönfeld.

Korte inhoud:

Op een zekere dag wordt in het kleine - van de wereld afgezonderde - plaatsje Rijssen een vreemde ontdekking gedaan. Belcampo hoort een gil vanuit het huis van zijn buurman genaamd Hendriks. Belcampo gaat naar zijn buurman toe en vraagt wat de oorzaak was van de gil van zijn buurvrouw. De oorzaak was een zeer merkwaardig beest in de slaapkamer van de buren. Belcampo en Hendriks besluiten om het beest te vangen, dit lukte ze ook. En het was inderdaad een zeer vreemd dier, een dier dat zelfs Hendriks niet kon, dit moest een heel nieuw soort ras zijn van een reeds nog niet ontdekte familie. Ze waren dol enthousiast over de zojuist gedane ontdekking en besluiten het hele verhaal in een brief naar de plaatselijke krant te sturen. Even later toen Hendriks de brief in de bus wilde gooien kwam er uit de brievenbus nog zo'n eigenaardig beest uit de brievenbus, dit was zeer uitzonderlijk of liever gezegd onmogelijk volgens Hendriks. Ze waren opeens enorm bang en vluchtte zo snel mogelijk naar huis, tijdens de weg naar huis gebeurde iets geheel onverklaarbaars namelijk, de lucht werd groenachtig. Maar daar schonk het geheel verbaasde duo geen aandacht meer aan. De volgende ochtend was de hel en de hemel letterlijk los gebroken. De straten krioelde van de vreemde en rare wezens. Opeens ontstonden twee soorten luiken in de lucht; uit de een kwamen de engelen met rozen en alle tierlantijnen in een fel licht uit de hemel neerdalen en uit het andere luik kwamen tal van duivels naar beneden tezamen met een heleboel modder en andere rotzooi in een soort van rood licht uit de lucht naar beneden vallen. In het dorpje was de chaos uitgebroken. Mensen werden uit hun huizen gehaald door zowel de engelen als de duivels. Ze werden naar een gezamenlijk plek geleid. De engelen handelden geraffineerd en gevoelig, de duivels in tegenstelling sleurde mensen over de straat aan kettingen en aan ringen die door lichaamsdelen bevestigd waren. Soms kwamen er duivels voorbij met mensen waar de lichaamsdelen vaak niet helemaal erop zaten of vast zaten. Maar de door de duivel opgejaagde mensen schenen geen pijn te hebben ze waren namelijk onsterfelijk geworden. Belcampo was alweer overdonderd en bedacht hoe hij aan deze chaos kon ontkomen opeens wist hij het, hij zou zich gewoon verkleden als duivel, dan zou hij hoogstwaarschijnlijk niet opvallen in de reeds enorme chaos. En inderdaad hij viel helemaal niet op. Hij zocht de het centrale punt op waar iedereen heen geleid werd, het bleek het marktplein te zijn. Op het marktplein ontstonden twee enorme groepen; een groep was omgeven door engelen de ander door duivels. De ene groep was hoogstwaarschijnlijk bedoeld voor de hemel en de andere voor de hel. Op dat moment realiseerde Belcampo dat de dag des oordeels zich vandaag afspeelde, niet alleen in het plaatsje Rijssen maar ook in Groningen, New York, London, Parijs en de rest van de wereld. Opeens werd hij bijna omver gereden door de apocalyptische ruiters, het scheelde niet veel of hij was dood geweest, oh nee dat kon niet realiseerde hij zich weer, hij was namelijk ook onsterfelijk. Hij wilde een plan uitbroeden en dacht na wat hij het beste kon doen. Hij besefte dat hij de alleenheerser van de gehele wereld kon worden, de eigenaar van het Louvre, het Rijksmuseum, de piramiden van Egypte, hij kon dan geheime akten en documenten gaan lezen, en ga zo maar door. Maar hij moest eerst nog iets doen, hij heeft al gedurende enkele jaren een verhouding met een gehuwde vrouw. Die vrouw moest hij gaan redden. Toen Belcampo bij haar thuis kwam leek het alsof er niemand aanwezig was maar even later vond hij haar in een kast, de vrouw schrok enorm en was enorm bang voor de duivel die voor haar stond, toen deed Belcampo zijn masker af, en nadat hij haar wat gekalmeerd had bracht hij haar naar het centrale verzamelpunt en geleidde haar naar de poort van de hamel, het hele plan lukte. Na enige tijd was hij alleen over en was hij dus als het ware de alleenheerser van de gehele aarde, alles lag nu voor het grijpen, maar waarvoor eigenlijk? toen opeens realiseerde hij zich dat alles wat hij deed zinloos was, hij kon wel geheime documenten gaan lezen maar er viel niets meer te onthullen, iedereen had nu toch zijn vonnis gekregen. Alles was nu van hem, maar het allemaal geen zin. Eten, slapen en inspannen om iets te verkrijgen hoefde nu niet meer. Steeds maar genot opzamelen zonder ooit weer iets daarvan te kunnen mededelen, hij vroeg zich af of dat nog wel genot zou zijn. Hij bedacht opeens een taak die hij kon gaan uitvoeren gedurende de komende dagen namelijk het vrij laten van vogeltjes die in een kooitje waren opgesloten. Op weg naar 't Volkspark, om de eerste vogels te bevrijden uit hun volière, kwam hij een groepje engelen tegen die aan Belcampo (die nog steeds verkleed was als duivel) vroegen of hij nog ergens mensen had gezien, nee antwoordde hij. Dat woordje vervulde de engelen met wanhoop, Belcampo kreeg medelijden met de engelen en vroeg op een zo'n menselijke manier als mogelijk wat er aan de hand was, de engelen antwoordde dat ze een speciale opdracht hadden, de opdracht luidde dat ze Belcampo op moesten halen. Met een : Daarissie-dan! Rukte hij zijn masker af, en bevond zich op hetzelfde moment door 5 engelen omringd. En bij helder engelengezang werd hij opwaarts gevoerd.

Nadere gegevens over de inhoud:

Wanneer het verhaal precies afspeelt is uit de tekst niet af te leiden, maar ik denk zo ongeveer in ±1950. Het verhaal speelt zich af in twee dagen. Het verhaal verloop chronologisch en heeft een gesloten einde.

Hoofdpersonen:

Er is in dit verhaal eigenlijk maar een hoofdpersoon en dat is Belcampo zelf, hij vond het kennelijk leuk om zichzelf in het verhaal te betrekken. De voornaam van Belcampo wordt in het gehele verhaal niet genoemd. Belcampo is een man van rond de 35 en hij is niet getrouwd, hij heeft echter wel een relatie met een gehuwde vrouw waarvan de naam ook niet genoemd is. Belcampo heeft een goed karakter want hij is uiteindelijk door de engelen naar de hemel gevoerd.

Thema:

Dit verhaal is een fictief verhaal en gaat over het bijbelse verhaal van de dag des oordeels, vandaar dat het waarschijnlijk een religieus verhaal is. Verder valt er niet erg veel op te merken betreffende het thema omdat het verhaal zeer kort was en tevens een gebeurtenis centraal staat (de dag des oordeels).

Eigen mening:

Mijn mening over dit boek is uitzonderlijk goed. Het was een verhaal wat soms wat moeilijk te lezen was maar doorgaans was het boek spannend en zeer mooi geschreven. Het grote gebeuren vond ik vooral leuk om te lezen omdat je nooit wist wat komen ging. In eerste instantie dacht ik dat het een zeer saai boek zou zijn, mede omdat het zo enorm dun is (32 blz.) maar het tegendeel is waar. Ik vind het bijzonder knap gedaan om zo'n goed verhaal te schrijven in slechts 32 blz.
Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen