U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : P.f Thomése - Het Zesde Bedrijf.
Deze versie komt van http://www.studentsonly.nl/uittreksels/bv.asp?BvID=346 en is laatst upgedate op Onbekend.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 1951 woorden.

Samenvatting
Het Boek

P.F. Thomése, Het zesde bedrijf, Querido Amsterdam 1999

De titel is ontleend aan het gedicht ‘Theaterimpressies’ van Wislawa Szymborska, in de vertaling van Gerard Rasch:

Voor mij is het belangrijkste bedrijf van de tragedie het zesde:
De wederopstanding op de slagvelden van het toneel,
Het schikken van pruiken en klederen,
Uittrekken van het mes in de borst,
Aflichten van de strop om de hals,
Opstellen in één rij met de levenden,
Met het gezicht naar het publiek

[…]
De wondere terugkeer van hen die spoorloos waren verdwenen.
Het idee dat ze achter de coulissen geduldig hebben gewacht,
Zonder hun kostuum uit te trekken,
Zonder hun schmink af te wassen,
[…]

De titel wordt door deze notitie van de schrijver verklaard op pagina 277.
De titel heeft verder niets met het boek te maken, wel het gedicht waar het aan ontleend is. Het gedicht beschrijft illusie, het boek beschrijft de illusie die de hoofdpersoon heeft. De hoofdpersoon leeft in de waan dat ze nog belangrijk is, maar ze is helemaal niemand.

Het boek omvat 277 bladzijden en heeft twee delen en een epiloog. De delen, die wel getiteld zijn, zijn weer opgedeeld in hoofdstukken van verschillende lengte.

Het eigenlijke verhaal

Het is het jaar 1792, Etta Palm alias barones d’Aelders, een Groningse van eenvoudige komaf, woont in Parijs. Op het moment dat het verhaal begint woont ze daar al bijna twintig jaar. Ze is in Nederland getrouwd geweest, is er gescheiden en ze heeft een invloedrijke positie gehad aan het hof van de Franse koning als maîtresse. In werkelijkheid is ze helemaal geen barones, maar de titel gaf haar meer macht, dus had ze zich zo genoemd. Haar invloed en macht is eigenlijk al weggeëbd als het boek begint, alhoewel Etta zelf er nog van overtuigd is dat ze invloedrijk is.
Etta is een zeer moderne vrouw, wat ook mogelijk was door de revolutie. Ze had veel interesse in de politiek en ze was dan ook correspondente van de Stadhouder van Holland. Ze informeerde hem over de stand van zaken in Frankrijk. Ze was ook een feministe, ze was voorzitter van een club die streed voor de rechten van de vrouw. Ze was verliefd op een man die twintig jaar jonger was dan zij, zo’n situatie is zeker modern.
De jongeman, Claude Basire, is lid van de Assemblée, Franse volksvertegenwoordiging. Basire toont eenmaal echt interesse in Etta, maar daarna niet meer. Etta blijft van hem houden. Hij verdwijnt pas uit haar gedachten als ze haar missie in Holland tegemoetgaat.
Etta heeft één groot probleem: ze heeft geen geld meer en dat moet ze dus bij elkaar zien te schrapen. Zo mengt ze zich in de illegale wapenhandel.
Door de zwendel met wapens wordt ze een informante van zowel Holland, Frankrijk als Pruisen. Als de oorlog echt uitbreekt lijkt het of ze aan de kant geschoven is, maar dan krijgt ze een missie, uitgaande van Frankrijk, in Holland. De missie is onduidelijk en dan slaat het perspectief over op een persoon die nog helemaal niet is voorgekomen; iemand die bij Etta in de straat woont in Den Haag. Dit individu is een man die heel erg verliefd is geworden op Etta door de verhalen die hij over haar heeft gehoord. Op de dag dat hij haar zal ontmoeten is Etta erg ziek en ze sterft. De eerste keer dat de man haar ziet is als ze dood is. Hij regelt haar begrafenis, maar besluit onderweg dat hij er helemaal niet naar toe wil. Etta is dus in grote eenzaamheid gestorven.

Tijd

Het boek speelt aan het eind van de achttiende eeuw, van 1792 tot 1799. De Franse Revolutie is al begonnen en het rommelt in heel Europa. Dit is in het begin van het boek al duidelijk.
Het boek begint als Etta niet meer invloedrijk is en het beschrijft de laatste jaren van haar leven tot haar dood. Alleen gebeurtenissen die belangrijk waren voor Etta zijn beschreven in het boek, wel chronologisch, maar niet continue.
Er zijn korte gedachten die teruggaan naar de tijd dat zij machtig was en naar het voor haar korte moment waarin Basire haar liefhad.
Het gehele boek is in de verleden tijd geschreven, alles is al voorbij.

Ruimte

Het grootste deel van het verhaal speelt zich af in Parijs en een betrekkelijk klein deel in Den Haag. Pas vanaf bladzijde 225 speelt het niet meer in Parijs. Den Haag en Parijs zijn geheel beschreven zoals ze werkelijk waren. De schrijver moet wel opgezocht hebben hoe de twee steden er in die tijd uit hebben gezien, want vooral Den Haag is erg veranderd. Iedere gebeurtenis, dus ieder hoofdstuk speelt zich over het algemeen op een andere plaats in Parijs of Den Haag af. De beschrijving van de ruimte maakt erg duidelijk hoe de sfeer is, zoals in hoofdstuk 17, als Etta naar de opera gaat. Aan het begin van het hoofdstuk wordt al gezegd dat er demonstranten voor de opera staan, dit geeft al heel goed de gespannen sfeer aan die later in het hoofdstuk verder wordt uitgewerkt. Over het weer wordt veel gesproken, omdat het ook erg van belang is voor de sfeer, regen zorgt voor een ongemakkelijke sfeer, zon juist voor een ontspannen sfeer.

Personen

Hoofdpersoon: Etta Palm alias barones d’Aelders. Etta Palm heeft in werkelijkheid bestaan, in dit boek worden de laatste jaren van haar leven beschreven, alleen niet naar waarheid. Etta heeft geleefd van 1743 to 1799, aan het begin van het boek is ze dus 49 jaar oud. Dit is al erg oud voor die tijd. Ze is dus niet meer zo mooi als ze was in haar jeugd, ze is dikker en haar rode haar bevat grijze plukken. Ze is geboren in Groningen en heeft zich behoorlijk omhoog gewerkt tot vrouw met naam en macht, ze is dus sterk, maar met zwakke momenten.

Claude Basire: De grote liefde van Etta, hij is twintig jaar jonger, maar dat maakt haar niet uit. Zijn karakter wordt niet echt duidelijk. Etta beschrijft hem als charmant en met een groot hart alhoewel hij het laatste niet naar voren laat komen.

Mlle Frey: Een naïef meisje uit de campagne, Etta vindt dat zij het meisje moet beschermen en in de juiste banen moet leiden, wat een goede gedachte is. Etta herkend zich in dit meisje en wil dus voorkomen dat ze net als haarzelf wordt. Als het meisje dus met een fout veel ouder lid van de Assemblée trouwt, vindt Etta dit niet fijn, want zelf is ze ook met een veel oudere man getrouwd geweest en kon dit niet aan.

Claire Lacombe: Introducé in de feministeclub, deze vrouw is sterk van aard en Etta voelt zich bedreigd door deze vrouw, omdat zij misschien wel sterker is dan haarzelf. Deze personage komt maar in twee hoofdstukken voor, maar speelt wel een belangrijke rol in Etta’s leven.

Procureur De Bas: Deze personage neemt in het epiloog het perspectief over. Hij komt een beetje psychopathisch over, want hij is verliefd geworden op Etta door de verhalen die hij over haar heeft gehoord. Als hij aan haar denkt, dan heeft hij de neiging om “met zichzelf te spelen”. Aan eind van het boek, als Etta dood is en begraven wordt, dan wordt de procureur weer nuchter en denkt hij ook “wat heb ik nou voor raars gedaan?”.

Handeling

Het thema is illusie of voor de gek gehouden worden. Etta heeft de illusie dat ze nog wat is, ze ziet werkelijk haar kansen door de revolutie, maar ze ste4rft in eenzaamheid, het bewijs dat ze niks meer was en niks meer is geworden. In het epiloog komt illusie ook naar voren; de procureur is verliefd op de verschijning van Etta, de illusie.
Etta vergelijkt zich met andere mensen, ze herkent gebeurtenissen uit het leven van anderen in dat van zichzelf, daardoor lijkt het of dingen twee maal gebeuren, maar met een ander subject (of lijdend voorwerp).
Sommige beschreven gebeurtenissen staan met elkaar in verband, en andere niet. Het is eigenlijk gescheiden in politiek en liefde, alhoewel deze twee door elkaar heen lopen.
Als het hoogtepunt van het boek gesuggereerd wordt, dan loopt het eigenlijk slecht af; hiermee doelende op Etta’s Missie uitgaande van Frankrijk in Nederland. Deze missie heeft schijnbaar geen inhoud. Het werkelijke hoogtepunt ligt aan het begin van het boek, want daar heeft Etta nog de beste naam en nog een beetje macht.

Compositie

Het boek begint in medias res, er is geen inleiding. Iedere gebeurtenis heeft zijn eigen opbouw qua spanning, er wordt geen spanning door het boek heen opgebouwd. Het einde is treurig, het is niet leuk om alleen te sterven. Het einde is daarmee wel geheel gesloten, er zijn geen echte onduidelijkheden en de hoofdpersoon is gestorven. Het epiloog is zeer verassend doordat het perspectief “overgegeven” wordt.
Het taalgebruik is hedendaagse spreektaal met Franse woorden ertussen.
De vertelinstantie is personaal; het verhaal wordt verteld vanuit Etta. Etta haar gedachten worden ook gegeven.

Genre

Het genre is duidelijk, het staat op de omslag, het is een roman. Volgens de schrijver bevat deze roman essences van Stendhal, Balzac en Tolstoj, zoals de geuren van de jeugd ook gebruikt kunnen worden.

Beoordeling

Ik heb dit boek gelezen, omdat mijn moeder en ik alle boeken delen en zij had het gekocht naar aanleiding van een goede recensie. Het idee van het boek is goed, het is een leuk verhaal, maar het taalgebruik vond ik zeer ergeniswekkend. Het taalgebruik was hedendaags en natuurlijk mag het een beetje plat zijn, de hoofdpersoon komt van het platte land, maar ik miste de ouderwetse woorden. Ik vond het wel leuk dat er Frans in voorkwam, want dat was een zeer modieuze taal in tijd en het speelt natuurlijk voor het grootste deel in Frankrijk. Het einde is erg vergezocht, maar dat maakt het ook weer een kunst om te bedenken. Ik vind het jammer dat het boek niet naar waarheid is geschreven, de hoofdpersoon heeft werkelijk bestaan, maar heeft haar laatste jaren anders doorgebracht. De sfeer was absoluut realistisch, net als de personen, die waren ook niet extreem, zodat je meeleeft met de hoofdpersoon. Toch was het boek niet geheel meeslepend wat komt door het taalgebruik. Ik beveel het boek dus niet aan, het heeft net niet dat beetje extra dat je doet meeslepen en meeleven.
Zoals te lezen in fragmenten van recensies denkt niet iedereen er hetzelfde over.


De pers over het zesde bedrijf:
'Bijzonder knap en met technische brille tekent Thomése een vrouw die niet anders kan dan zich vastklampen aan illusies.(...) Met meesterlijke subtiliteit laat Thomése in bijna ieder hoofdstuk Etta's verlangen stukslaan op de gebeurtenissen.'
Arjan Peters, De Volkskrant

'Etta Palm is een personage dat je bijna kunt aanraken, zo levendig en direct komt ze je voor ogen te staan (...)'
Arnold Heumakers, NRC Handelsblad

'(...) een van de mooiste boeken van het jaar. Mooi is overigens een te smal adjectief. In toon, taal, stijl en aard is ook het vierde boek een lust voor de lezer, na Zuidland, Heldenjaren en Haagse liefde & De vieze engel.'
Jan Paul Bresser, Elsevier

'De nieuwe roman van P.F.Thomése is voor alles bestemd voor het genot. En het genot is het hoogste. (...) De lust in het vormen en scheppen straalt je van elke bladzij tegemoet.'
Ton Bogaard, Het Eindhovens Dagblad

'Evenals in zijn vorige boeken maakte Thomése van Etta Palm een levend, bijna eigentijds personage met een boeiend gevoelsleven.'
Ingrid Hoogervorst, De Telegraaf

'Mijn grootste waardering voor Thomése's psychologisch overtuigende, uiterst vileine, balorige en provocatieve roman betreft de weergaloze dynamiek van het verhaal.'
Jeroen Vullings, De Standaard

'Met humor weet Thomése de beweegredenen van Etta neer te zetten, onbeschaamd, maar ook heel menselijk. Die lichte toon, dat "montere pessimisme" - zoals Thomése het zelf ooit noemde - verhult echter een uiterst sombere kijk op het bestaan. De auteur maakt de dingen vooral niet mooier dan ze zijn, illustreert uitvoering en realistisch de vergaande losheid van zeden tijden de Franse Revolutie, schuwt geen vloeken en ander grof taalgebruik. Dat maakt dit boek voor mij onverteerbaar.'
Enny de Bruin, Reformatorisch Dagblad


Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen