U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : Joris Moens - Bor.
Deze versie komt van http://www.scholieren.com/boekverslagen/1829 en is laatst upgedate op 28/07/1999.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 1216 woorden.

Titel

Bor (1993)



Auteur

Joris Moens



Uitgeverij

De Bezige Bij, Amsterdam.



Aantal pagina's

154.



Hoofdpersonen

Bor van Rossum: 16-jarige Havo-scholier, afkomstig uit een eenvoudig milieu; jeugdde-linquent; kan goed leren; is door de reclassering voor de keus gesteld: naar school of anders naar een jeugdin-richting; agressief.

Ruth: 16-jarige VWO-scholier, leeftijdgenoot; komt uit gegoede kringen; ver-liefd op Bor; tuttig

John: vriend van Bor, leeftijdgenoot; werkt als vakkenvuller bij de super-markt; niet al te snugger

Toon: vriend van Toon; leeftijdgenoot; onduidelijke maatschap-pelijke positie. Intelligent en, naar Bor zegt, onvoorspelbaar Dick: vriend van Bor, leeftijdgenoot; onduidelijke maatschap-pelijke positie; niet bijster slim, wel sterk

Peter: twee jaar oudere broer van Bor; werkloos. Volgens Bor weinig slim; ijdel.

Vader van Bor: portier in de VUT; luie, drankzuchtige man; achterbaks.

Moeder van Bor: opvliegende, dominante vrouw



Wendingen

1. Bor en zijn drie vrienden slaan twee mormonen in elkaar;

2. in de loop van de week worden de vrienden van Bor een voor een opgepakt;

3. opgefokt door de ontwikkelingen vergrijpt Bor zich op een verjaardagsfeest aan Ruth.



Thema's

Agressie; jeugdcriminaliteit; ontluikende seksualiteit; banaliteit; misverstand.



Motieven

De schrijver laat een jeugddelinquent van binnen uit zien, opdat men begrijpt hoe hij tot zijn daden komt



Compositie

Chronologisch tijdsver-loop, plaats van hande-ling: Amsterdam-Nieuw West/Osdorp (een naoorlogse nieuwbouw-wijk); hoofdstukindeling: 11 hoofdstukken, ingedeeld naar de opeenvolgende dagen van de week en ook daar naar genoemd (hoofdstuk 1 heet 'maandag', hoofdstuk 2 'dinsdag' en zo voorts). Elk hoofdstuk behandelt 1 dag uit het leven, en sugge-reeert een toenemende spanning richting afloop. Op deze wijze wordt de voortschrijdende geestelijke aftake-ling van de hoofd-persoon aannemelijk gemaakt.



Stijl

Ik-verteller, geschreven in de tegen-woordige tijd; vrijwel geen flashbacks, geen versnellingen. Woordkeuze: eenvou-dig, grof. Zinsbouw: eenvoudig, korte zin-nen, veel gesproken taal. Toon: brutaal, cynisch. Beeld-spraak: weinig, voornamelijk voor het maken van beledigende opmerkin-gen. Er zijn veel dialogen, de overige tekst bestaat volledig uit de ge-dachten (beschouwingen) van de hoofdpersoon.



Genre

Proza; epiek, (in zekere zin behorend tot de litera-ture engagé, boeken afhankelijk van een uit tijdsproblematiek geboren levenshouding; sociologisch en psychologisch geaard.)



Stroming

Naoorlogse literatuur; jaren negentig. Na ver-schijnen vormde dit boek voor de media mede de aanleiding tot de introductie van een nieuwe stroming in de Nederlandse letteren, de zogenaamd Generatie Nix. Schrijvers die tot deze stroming worden gerekend (onder meer Ronald Giphart en aanvan-kelijk ook Joost Zwagerman en Arnon Grunberg) zouden jong zijn, over het hedendaagse leven schrijven, het ik-vertelper-spectief hanteren en veel hard realisme in hun werk stoppen.



Auteur

Joris Moens (Amsterdam, 1962). Arts en journalist. Verklaarde in een interview over dit boek dat hij 'de banali-teit een stem had willen geven'. Verzette zich tegen het predikaat Generatie Nix. Richtte met Ronald Giphart en Rob van Erkelens het literaire tijdschrift Zoetermeer op. Schreef verhalen voor bladen enverhalenbundels, en publiceerde in 1995 zijn tweede roman Zondagskind.



Eigen oordeel

Pakkend, humoristisch, hard. Het Parool zette boven een recensie van dit boek de kop 'Geknipt voor middelbare scholieren'. Daar ben ik het mee eens.



Samenvatting

De 16-jarige scholier Bor is door de reclas-sering voor de keuze gesteld om ofwel zijn best te gaan doen op school of naar een jeugdinrichting te gaan. Het boek begint met de mededeling dat hij zojuist met zijn vrienden twee Mormonen in elkjaar heeft geslagen. Hij geeft af op zijn fami-lie bij wie hij zich niet thuis voelt en op school ver-veelt hij zich. Het school-gaan ver-vreemdt hem van zijn drie boezem-vrien-den, John, Toon en Dick. Op school stelt een de VWO-leerling Ruth belang in hem. Dit ergert hem, hoewel hij aan de andere kant hongerig is naar het opdoen van seksuele ervaring. Wanneer zijn vrienden in de loop van een week een voor een worden opgepakt, raakt hij zo opgefokt dat hij naar het luxe ver-jaardagsfeest van Ruth krijgt en haar in aangeschoten toe-stand aanrandt. In grote verwarring wordt hij opgebracht naar het politiebureau, en het boek eindigt met de conclusie: krijg allemaal maar de tering.



Evaluatie

Emotie, gevoelens tijdens het lezen

Het boek is grappig en shockerend door z'n taalgebruik. Het is grove achterbuurten taal. Heel direct dus, agressief: 'Die is niet helemaal goed uit de kut gekomen?'.



Normen en waarden

De hoofdpersoon, Bor, zet zich af tegen school en zijn ouders. Medescholieren worden beoordeeld op uiterlijkheden: puisten-kop, de uitstraling van een loempia. Meisjes moeten een beetje hoerig zijn: je praat wel een beetje min over ze (die doet het met iedereen), maar je kijkt er graag naar en in je dromen staan ze voor je klaar. Nette meisjes zijn droge trutten. In de tram zijn ouderen, dikkerds en jongens uit de polder een gewillig slachtoffer. Elke onzekerheid bij ze wordt door bluf aangeboord. Met zijn vrien-den wordt een knokpartij niet uit de weg gegaan. Bor heeft geen problemen met helen. Als hij behoefte heeft aan een stereootje of aan een nieuwe motor dan zorgen zijn vrienden daar wel voor. Een fiets steelt Bor zelf wel. Minderheden spelen geen belangrijke rol in het boek. Toch zijn er vier 'baklava's' in de klas (die hele goede cij-fers halen).



Manier van schrijven

Het boek beschrijft in een daverend tempo de gebeurtenissen die zich binnen elf dagen afspelen. Bor levert (vooral in gedachten) commentaar op iedereen in zijn omgeving. Hij vindt zichzelf de slimste en de flinkste. Het eerste is waar, maar zijn vrienden en zijn broer zijn veel verder als het op daden aankomt (diefstal, omgang met meis-jes). Bij Bor is vooral het woordgebruik belangrijk.



Realiteitswaarde

Bor gaat het liefst met zijn vrienden stappen in de Amsterdam-se binnenstad. Hij kijkt het liefst naar vrouwen en denkt aan rammen en prammen. De jongen is zelf een woordvlugge nietsnut, die niet verder wil op school. Hij vindt zijn vader een misluk-keling en zijn broer Peter een achterlijke sukkel die bij ieder meisje denkt dat hij beet heeft. Zijn moeder is 'dat mens', maar die wel de baas is in huis. Het gezin is een soort 'Ma Flod-der' gezin. Iedereen voelt zich het lekkerst te midden van zijn eigen rotzooi. Bor is geen echte held. Alleen komt hij niet vlug tot daden. Het liefst staat hij te gluren naar meisjes (met de verrekij-ker - net zoals zijn vader...), of brutaal naar hen te staren in de tram. Meisjes spreken hem eerder aan dan andersom, tenzij hij zich moed heeft ingedronken met de nodige sterke drank. Maar met zijn vrienden gaat een en ander vlugger, ze zwepen elkaar op. In Bor's omgeving is drank wel belangrijk, roken echter niet en verdovende middelen ook niet. Dit is misschien te wijten aan dat de schrijver ook arts is. Voetbal op de tv is ook belangrijk. Bor is door zijn uitdagende maar toch ook schuchtere gedrag interessant voor meisjes. Speciaal voor Ruth, die uit het wat chiquere Amsterdam-Zuid komt (Bor komt uit Amsterdam-West) is hij aantrekkelijk wild.



Structuur

Het boek begint met het aftuigen van enkele mormonen. In de loop van de daaropvolgende week worden Bor's vrienden achter-eenvolgens ontboden op het politiebureau. Uiteindelijk belandt Bor daar ook. Er wordt een spanning opgebouwd of hij ook echt gezocht wordt voor het mormonen incident.



Bedoeling, idee

Bluf, spierkracht en vrouwen zijn van belang in de beschreven lagere milieus. Onderwijs is van geen enkel nut. Impulsief gedrag bepaalt het dagelijks gebeu-ren. Dit blijkt ook uit zoiets belangrijks als de naamgeving van je zoon: Bor is ge-noemd naar Bor de Wolf uit de Fabeltjeskrant, de figuur die zijn vader het meest aansprak.
Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen