U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : Betje Wolff En Aagje Deken - De Historie Van Mejuffrouw Sara Burgerhart.
Deze versie komt van http://www.studentsonly.nl/uittreksels/bv.asp?BvID=322 en is laatst upgedate op Onbekend.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 1103 woorden.

Bibliografie
Eerste uitgave: 1782
Gelezen editie: Uitgeverij L.J. Veen, Utrecht/Antwerpen, 1989 tweede druk met aantekeningen van Dr. H. Postma-Stamperius
Bezorger: Dr. Hannemieke Postma-Stamperius


Samenvatting
2. Feiten van het werk

opbouw: 175 brieven, 44 van Sara, 35 aan Sara een 96 over Sara.
taal: schrijftaal van die tijd, vrij formeel als je bedenkt dat sommige brieven geschreven zijn aan hartsvriendinnen. Het taalgebruik wisselt als de briefschrijver wisselt, maar blijft tamelijk vormelijk in onze ogen.
perspectief: telkens vanuit een briefschrijver, dus wisselend ik-perspectief.
tijd: In de briefroman komt een tijd van zes jaren aan de orde, in de laatste 25 jaren van de 18e eeuw.
personages: verdraagzamen: Ds. E. Redelijk
fijnen: Benjamin, Brecht, C. Slimpslamp, S. Hofland
savantes: C. Hartog, freule van Kwastama
losbollen: Heer R. en Jan G.
verstandigen: Wed. Spilgoed-Buigzaam
vromen: S. Doorzicht
onbeduidenden: Ch. Rien-du-Tout, P. Degelijk
vriend(inn)en: W. Willis, A. Willis, J. Brunier, A. Brunier, H. Edeling
Sara en Hendrik
ontwikkeling: Sara Burgerhart: Sara is in rijkdom opgevoed, maar wordt op haar zeventiende wees. Ze is ontwikkeld, geestig, belezen, charmant en ‘onkerkelijk vroom’. Uit de narede blijkt dat ze een uitstekend moeder is. Ze is een rond karakter.
De meeste namen van de overige typen zijn zogenaamde ‘speaking names’ en weerspiegelen het karakter van de persoon. Initiaalnamen komen ook voor (de losbol R. en zijn vriend G.).
ruimte: O.a. Amsterdam
titel: De Historie van Mejuffrouw Sara Burgerhart, niet vertaald. In die tijd werden nogal wat werken uit het Duits en Engels vertaald en in het voorwoord hekelen de schrijfsters dit fenomeen. Ze benadrukken het feit dat dit een oorspronkelijk stuk werk is, dus niet vertaald. Bovendien merken ze nog op dat zij wel degelijk de schrijfsters zijn en dat ze daar dus wel toe in staat zijn. Blijkbaar een reactie op de positie van vrouwen in de kerk.
genre: briefroman
motieven: liefde oprechtheid, trouw, kerkgang is niet hetzelfde als geloven en goed leven, bedrog, vriendschap, roddel.


3. Thema van het werk

Het deugdzaam leven staat centraal in het boek. De ratio (het verstand) wordt gezien als middel om de mens zedelijk te verheffen.
Tweede, onderliggende thema: je kunt een uitstekend en deugdzaam mens zijn, ook al loop je niet weg met de kerk. Geloofsbeleving is geen privilege van kerkgangers.


4. Periode waarin werk geschreven is

Verlichting, zie thema: ratio. Regelmatig Franse zinnetjes en woordjes, dus Franse tijd. Het rommelt in Europa, er zijn Duitse en Engelse oorlogen en in Frankrijk is verzet voelbaar tegen de koning. De burgerij heeft geld genoeg op zich te onderscheiden van boeren en arbeiders, in die zin is het redelijk welvarend. Onderwijs is toegankelijk voor de beter gesitueerden. Opvallend veel vrouwen gaan schrijven. Literatuur wordt gezien als een mogelijkheid om het eigen innerlijk te doorgronden. De psyche is een belangrijk onderdeel van literatuur, vrijheidsdrang is groot (leve de patriotten). Overgangstijd tussen Classicisme en Romantiek.


5. Gegevens over de auteurs

Betje Wolff: Elizabeth (Betje) Wolff-Bekker wordt geboren op 24 juli 1738 in Vlissingen en overlijdt op 5 november 1804 te ’s Gravenhage. Betje wordt geboren in een welvarend koopmansgezin. Na een kort liefdesavontuur met Mattheus Gargon in 1755, trouwt ze in 1759 met de dan 52-jarige predikant Adriaan Wolff uit Beemster, die ze kent door intensieve briefwisselingen. In 1763 debuteert ze met haar eerste verzenbundel Bespiegelingen over het genoegen, waarin ook Brieven over den weg tot het waar genoegen is opgenomen. Naast haar verzen schrijft ze ook bijdragen voor het spectatoriale tijdschrift De Gryzaard (1767 – 1769). Ze raakt bevriend met ds. Cornelis Loosjes, oprichter van het tijdschrift Vaderlandsche letteroefeningen.
Aagje Deken: Agatha (Aagje) Deken wordt geboren op 10 december 1741 in Amstelveen en overlijdt op 14 november 1804 in ’s Gravenhage. Al op jonge leeftijd raakt Aagje haar ouders kwijt. Ze wordt opgevoed in het weeshuis van de Collegianten in Amsterdam en gaat werken voor de familie Bosch. Ze raakt bevriend met het ziekelijke dochtertje, Maria Bosch. Met haar schrijft ze in 1775 de dichtbundel Stichtelijke gedichten.

Samen voorstanders van de Franse Revolutie.

Het begin van de briefwisseling tussen Betje en Aagje dateert van 1776. Aagje en Betje worden hartsvriendinnen. Als ds. Wolff in 1777 overlijdt, verbreekt Betje haar lidmaatschap van de Nederlands Hervormde Kerk en trekt Aagje bij haar in. In 1778 verhuizen ze naar De Rijp.
Samen publiceren ze Brieven over verscheidene onderwerpen (2 delen, 1780-1781) en Economische liedjes (3 delen, 1780-1790). In 1782, als Betje en Aagje zich vestigen op ‘Lommerlust’ in Beverwijk, verschijnt het werk dat beiden blijvende roem bezorgt: Historie van mejuffrouw Sara Burgerhart (niet vertaald)

Ander werk:
Brieven van Abraham Blankaart (1787-1789, 3 delen), Wandelingen door Bourgogne (1789), Mejuffrouw Cornelia Wildschut, of De gevolgen van de opvoeding (1793-1789, 6 delen), Geschrift eener bejaarde vrouw (1802, onvoltooid).

6. Samenvatting van het werk

Sara Burgerhart is een bijna twintigjarige wees, die onder voogdij van Abraham Blankaart en haar tante Suzanne Hofland staat. Ze is in de kost bij haar tante, maar heeft het daar niet naar haar zin. Ze besluit weg te lopen en komt uiteindelijk in pension bij de weduwe Spilgoed-Buigzaam. Samen met Sara wonen ook Letje Brunier (Sara’s jeugdvriendin), Cornelia Hartog en Charlotte Rien-du-Tout in het pension. Sara ontvangt duizend gulden van haar voogd en gaat regelmatig uit.

Diverse mannen vragen Sara ten huwelijk, maar Sara blijft de vrijheid trouw. Pas als ze bijna wordt aangerand door de losbol R., komt ze tot inkeer. Sara ziet in dat ze liefde voor Hendrik heeft en beseft dat ze de verkeerde weg heeft gekozen. Samen besluiten ze te gaan trouwen. De vader van Hendrik heeft echter bezwaar tegen het huwelijk tussen de Lutherse Hendrik en de gereformeerde Sara. Cornelia Hartog, die ook een oogje op Hendrik heeft, schrijft Sara vervolgens een lasterlijke, anonieme brief. Met hulp van Abraham Blankaart en dominee Everard Redelijk wordt uiteindelijk toch toestemming voor het huwelijk verkregen.
In de narede trouwen er nog meer meisjes. Anna Willis trouwt met ds. Smit, Aletta Brunier trouwt met Willem Willis en Adriana Nijverhart met Cornelis Edeling. De anderen vergaat het minder goed. Tante Hofland wordt beroofd door broeder Benjamin en Cornelia Slimpslamp en Cornelia Hartog gaat samenwonen met freule Van Kwastama. Sara en Hendrik hebben een gelukkig huwelijk en krijgen samen vijf kinderen.


7. Socio-culturele invloeden in het werk

Het kerkverleden van Betje Wolff komt heel duidelijk tot uitdrukking in het werk. Zij is duidelijk van mening dat een kerklidmaatschap niet automatisch impliceert dat een mens goed is. Zij ziet vele goede mensen buiten de kerk en maakt dat duidelijk in haar boeken.
Verder twijfelt zij regelmatig tussen verstand en gevoel en ze komt vaak tot de conclusie dat het gevoel meestal wint van het verstand, dit in tegenstelling tot de verlichtingsideeën. Enorme vrijheidsdrang, vergelijk: vrijheid, blijheid, broederschap=Franse revolutie.

8. Waardering

cultuur-historisch: Geeft een goed beeld van de belevenissen van de gegoede burgerij op het einde van de 18e eeuw. Geeft ook een goed beeld van de kerkelijke stromingen en denkbeelden van die tijd.
didactisch: Vooral op gereformeerde scholen een must!
esthetisch: Een van de leukere boeken om te lezen omdat er onderhuids een heleboel te beleven valt.


Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen