U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : Tessa De Loo - De Meisjes Van De Suikerwerkfabriek.
Deze versie komt van http://www.scholieren.com/boekverslagen/1695 en is laatst upgedate op 01/09/1999.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 3240 woorden.

Titel

De meisjes van de suikerwerkfabriek



Zakelijke gegevens

De auteur van dit boek is Tessa de Loo. Dat is een pseudoniem van J.M Duyvene de Wit.

De meisjes van de suikerwerkfabriek, Verhalen, De Arbeiderspers, Amsterdam, 1987-16, 194 blz. (eerste druk 1983, Amsterdam)

De genres van deze verhalen zijn liefde en vriendschap.



Eerste reactie

Ik heb dit werk gekozen omdat ik er al veel over gehoord had. Iedereen die het boek wel eens gelezen heeft zegt dat het een heel mooi boek is. En toen ik in de bieb de achterkant van het boek gelezen had, nam ik het gelijk mee. De achterflap had me nieuwsgierig gemaakt en er stonden allemaal stukjes van verschillende recensies op en deze waren allemaal heel erg positief. Toen ik het werk net gelezen had vond ik het heel erg leuk. Het zijn allemaal heel mooie verhalen. Als je een verhaal gelezen hebt snap je niet gelijk wat de schrijfster er nu precies mee bedoelt, maar als je er iets langer over na gaat denken, kom je er wel achter. De verhalen hebben dus een betekenis, er ligt een diepere gedachte achter.



Verdieping

Het boek bestaat uit 6 verhalen. Ik zal ze hieronder noemen met het aantal bladzijden erachter.



Muziekles 21 blz.

De meisjes van de suikerwerkfabriek 37 blz.

Rose, met bizarre stukjes geel ertussen 23 blz.

De Grote Moeder 41 blz.

Op hoge hakken 43 blz.

Mottenballen en parfum 22 blz.



De verhalen in dit boek gaan vooral over de verhoudingen tussen man en vrouw. In ieder verhaal komt het wel een keer voor. In het ene verhaal is dit onderwerp de hoofdgedachte en in het andere verhaal is het maar een bijzaak. De verhalen zijn ook allemaal zo geschreven dat je er nog wel over na moet denken voordat je snapt wat er nu precies bedoeld wordt. De omvang van de verhalen is verschillend. Er zijn 3 langere verhalen, van rond de 40 bladzijden, en er zijn 3 verhalen van ongeveer 20 bladzijden.

De thematiek in de verhalen is wel hetzelfde. Alle verhalen gaan, zoals ik al eerder geschreven heb, over de verhoudingen tussen mensen en dan vooral over de verhoudingen tussen man en vrouw.



In dit boek staan 6 verhalen. Ik zal deze verhalen hieronder allemaal gaan beschrijven.



Samenvatting

Muziekles

Dit is het eerste verhaal uit deze verhalenbundel. Het is ook gelijk het debuut van Tessa de Loo. Het verhaal gaat over Tom. Tom zit op muziekles, hij speelt blokfluit. Als hij op een dag naar huis fietst van les wordt zijn blokfluit onopgemerkt uit zijn tas gehaald door een paar jongens van zijn voetbalploeg. Zij gooien de blokfluit helemaal kapot. Tom wil nu graag een ander instrument gaan bespelen en hij is druk aan het bedenken wat hij nu precies wil. Hij denkt eraan om te gaan drummen en een vriendje, Felix, vraagt of hij viool spelen niks voor hem is. Maar dan komt Tom er achter dat hij veel liever piano wil gaan spelen, maar als hij het hier met zijn ouders, Johan en Lisa, over heeft, raden zij hem dit idee af. Ze hebben geen plaats voor een piano. Hij weet nu dat hij een klein, handig instrument moet gaan zoeken. Als zijn vader, Johan, hem een keer voor de spiegel ziet rock 'n rollen weet hij dat zijn zoon gemaakt is om gitaar te gaan spelen. Johan speelt zelf ook gitaar en hij besluit Tom ook gitaar te leren spelen.

Na 4 lessen kan Tom nog steeds geen goede snaar aanslaan, het gaat gewoon niet. Dan komen een paar jongens van het voetballen hem ophalen om buiten te gaan spelen, het zijn de jongens die zijn blokfluit kapot gemaakt hebben. Hij besluit met hen mee te gaan. Hij is er achter gekomen dat hij voetballen toch leuker vindt dan muziek maken.





De titel van dit verhaal is muziekles omdat het over een jongen gaat die op muziekles zit.



De meisjes van de suikerwerkfabriek

Dit verhaal gaat over een meisje dat samen met 3 andere vrouwen dagelijks per trein naar de suikerwerkfabriek reist. Ze reist samen met Cora, Trix en Lien. Cora is een dikke vrouw die iedere dag een doos bonbons leeg eet. Ze is heel vrolijk en kijkt nooit sip. Trix is de mooiste van de 4. Zij weet precies wat ze wil. Lien is de stilste en zit de hele dag te breien. Ze maken in de trein veel mee, maar op een dag gebeurt er iets wat ze nooit zullen vergeten.

Als ze op een ochtend weer in de trein zitten komt er een nieuwe conducteur. De maandkaart van de ik-persoon is verlopen. De conducteur schrijft een retourtje voor haar uit, maar daar zijn de anderen het niet mee eens. Ze zijn dit niet gewend. De andere conducteurs lieten hen gewoon zitten, die kenden hen al jaren. Cora wordt kwaad en pakt de conducteur z'n brilletje af. Ze zegt hem pas terug te geven als hij dat retourtje verscheurt. Hij doet dit niet. Vervolgens pakken ze zijn pet af, die ze uit het raam gooien, en hij is ook zijn tas al kwijt. Dan kleden ze hem helemaal uit, tot hij in z'n blootje ligt, en ze houden hem stevig vast. Dan begint Trix hem overal te zoenen, maar ze houdt er mee op als ze ziet dat hij in de schoot van Cora ligt te huilen. Bij het eerstvolgende station zetten ze hem dan uit de trein, allemaal even verwonderd over wat ze gedaan hebben. Niemand anders heeft er iets van gezien, ze hebben altijd een eigen coupé met z'n vieren. Ze spreken af er met niemand over te praten.



De titel van het verhaal is 'de meisjes van de suikerwerkfabriek' omdat het over 4 meisjes gaat die in de suikerwerkfabriek werken.



Rose, met bizarre stukjes geel ertussen.

Dit verhaal gaat over een meisje dat heel erg spijt heeft van iets dat ze over haar vader gezegd heeft en ze beseft dat ze het nooit meer goed kan maken. Haar vader werkt in een laboratorium. Hij is bezig met een onderzoek, maar is nu al een week thuis geweest. Het meisje wil weten wat er is, maar haar ouders willen niks zeggen. Dan vangt ze delen van een gesprek op. Ze hoort dat ene de Gaai chef van research wordt. Haar vader is het hier niet mee eens, want hij denkt dat de Gaai met andermans veren gaat pronken. Hij denkt dus dat de Gaai zijn onderzoek 'afpakt'.

Een paar dagen later komen de Gaai en zijn vrouw op bezoek. De ik-persoon moet zich even voor gaan stellen. Als ze even met de Gaai aan het praten is, vraagt deze of ze van dieren houdt. Ze zegt dat ze dieren wel leuk vindt. Dan zegt ze: " Ik heb gehoord dat u ook veel van dieren houdt". "Hoe bedoel je?" vraagt de Gaai. "Omdat u graag met andermans veren pronkt". Dan rent ze snel weg omdat ze weet dat dit een domme opmerking was.

Ze gaat in de tuin in een donker hoekje zitten en valt in slaap. Een paar uur later wordt ze wakker. Ze hoort de visite en haar ouders in de tuin. Als ze er naar toe loopt merkt ze dat de Gaai en zijn vrouw allebei teveel gedronken hebben. Ze zijn heel vrolijk en niemand is boos op haar. Ze is hier wel blij om en gaat naar binnen. Daar hoopt ze dat alles snel voorbij zal zijn en dat ook haar vader niet boos is of dat hij zijn baan verliest.



De titel is 'Rose, met bizarre stukjes geel ertussen' omdat dat ergens in het verhaal voorkomt als de ik-figuur in het gras ligt en naar een bloemetje aan het kijken is. Dat bloemetje is geel en heeft 'bizarre' stukjes geel ertussen.



De Grote Moeder.

In dit verhaal is Lise de hoofdpersoon. Zij zit in een zomerkamp voor meisjes. Haar ouders en haar oudere zus zijn op vakantie in Parijs. Ze voelt zich een beetje buitengesloten in het gezin. In het kamp beleeft ze heel veel dingen, ze doen veel spelletjes en zo. Ze is verliefd op één van de leidsters, Maritha. De andere leidster, Guido Ravenhorst, is heel streng en geeft niet zo veel om 'haar' kinderen. En ze heeft een beetje een hekel aan Lise. Op een dag gaat Lise samen met Nadine naar een afgelegen strandje. Nadine heeft daar een afspraakje met 2 jongens, zeeverkenners, en ze wil Nadine aan 1 van de jongens koppelen. Ze wordt voorgesteld aan Jaap en ze gaan samen een stukje lopen. Dan wil Jaap meer met haar doen dan de bedoeling is en Lise rent weg. Als ze terugkomt waar Nadine met haar vriendje was, is iedereen weg. Ze doet haar schoenen aan en gaat terug naar het kamp. Die nacht gaan ze een spelletje doen. Er zijn 3 bisons, die moeten zich verstoppen. De andere moeten hen gaan stoppen. Lise is ook een bison. Als het spel begint verstopt ze zich goed. Dan komt er een groepje aan dat haar ziet en ze rent keihard weg. Ze gaat dan het moeras in, terwijl dat verboden was, dat is levensgevaarlijk. Als ze uit het moeras komt, komt ze op een plek waar ze nog nooit geweest is. Ze loopt door en komt uit bij een ander kamp, een kamp voor jongens. Daar valt ze op de grond in slaap, het is midden in de nacht. De volgende ochtend vindt één van de leiders van dat kamp haar, en die vraagt waar ze vandaan komt. Hij brengt haar dan terug. Bij haar eigen kamp aangekomen zit Guido Ravenhorst al op haar te wachten. Ze doet heel vriendelijk als die man er nog bij is, maar als hij weg is wordt ze heel kwaad. Lise moet voor straf 60 boterhammen gaan smeren. Teleurgesteld gaat ze dat doen. Ze is verdrietig, ook omdat ze nog steeds niks van haar vader en moeder gehoord heeft. Als ze de boterhammen aan het smeren is, ziet ze opeens de post liggen. Het is heel veel post, dus ze denkt dat ze het de vorige dag vergeten zijn te geven. Dan ziet ze er een kaart van de Eifeltoren bij liggen. Ze draait de kaart om en die kaart is van haar vader en moeder en haar zus. Ze leest de kaart en zakt op de grond: ze heeft veel om over na te denken.



De titel is 'De Grote Moeder' omdat Guido Ravenhorst als een grote moeder gezien wordt, als de bazin van het kamp. Iedereen is bang voor haar, ziet haar als de machtigste vrouw.



Op hoge hakken.

Het verhaal gaat over Berber en haar vriend Richard. Zij gaan op reis met een boot met nog een heleboel andere mensen. Ze gaan naar het eilandje Paxos aan de Ionische zee. Op het eilandje aangekomen blijkt het een rustig eilandje te zijn en ze besluiten er gelijk met z'n tweeën een hele wandeling te gaan maken. Ze gaan naar een strandje waar niemand anders te bekennen is. Nu zijn ze eindelijk met z'n tweetjes. Ze gaan zwemmen in het meer bij het strandje. Ze blijven die dag op het strandje en aan het eind van de middag gaan ze weer terug, want om 8 uur 's avonds vertrekt de boot terug. Berber loopt op hoge hakken en door het rotsige landschap is dat niet echt handig. Haar voeten zitten vol met blaren. Onderweg gaan ze even ergens iets drinken en pleisters halen voor Berber. Zij heeft hele zere voeten en Ricard is heel chagrijnig, Berber denkt dat dit door haar komt, dat zij niet leuk is. Ze lopen verder en 's avonds, tegen 8 uur, komen ze bij het dorpje aan. Bij de haven aangekomen is er nog niemand en de boot is er ook nog niet. Ze wachten even en zeggen tegen zich zelf dat de boot iets later is en dat de andere mensen ook iets te laat zijn. Dan beginnen ze te denken dat de boot al weg is. Na een uur wachten gaan ze naar het cafeetje achter de haven. Ze vragen daar of de boot al weg is en ze krijgen te horen dat de boot de volgende morgen om 8 uur pas komt. Ze blijven even in het cafeetje wachten en daar ontmoeten ze George. Het is een heel aardige jongen en hij zegt een slaapplaats voor hen te hebben. Ze lopen met hem mee. Weer moeten ze over allemaal rotsen, door zand en door grind. Berber's voeten kunnen niet meer. Eindelijk bij de bestemming aan gekomen krijgen ze te horen dat ze niet welkom zijn. Nu moeten ze weer helemaal terug door dat rotsige landschap. Berber kan niet meer. Ze krijgen van George 2 dekens en ze gaan op een strandje slapen. Berber slaapt die nacht helemaal niet. De volgende ochtend gaan ze vroeg weer terug naar de haven. Berber frist zich even op met het water uit de haven en ze voelt zich weer heel goed. Haar schoenen, die 'rot'hakken, laat ze op de haven staan. Op de boot zijn Richard en Berber weer helemaal verliefd en Berber is heel gelukkig. Als ze weg varen ziet ze de schoenen als 2 steeds kleiner wordende witte stipjes.



De titel is 'Op hoge hakken' omdat Berber heel het verhaal op hoge hakken loopt. Haar voeten zijn hierdoor helemaal open en zitten vol met blaren. Ze wordt echt gek van die schoenen en aan het eind van het verhaal laat ze ze achter op het eilandje. Dat is zeg maar symbolisch voor het verhaal.



Mottenballen en parfum.

Dit is het laatste verhaal uit deze verhalenbundel. Het verhaal wordt verteld door de ik-persoon. Zij heeft haar rapport gehad, maar durft dit niet aan haar ouders te laten zien omdat ze is blijven zitten. Als ze die dag uit school thuis komt is mevrouw Leifbrand bij haar moeder. Zij is bang van haar ex-man. Zij is bang dat hij terugkomt om haar iets aan te doen. Dus vraagt ze of de ik-figuur bij haar komt logeren. Haar moeder geeft hiervoor toestemming zonder dat zij dat weet. Ze gaat er dus wel met tegenzin naar toe. Daar aangekomen ligt mevrouw Leifbrand in bad. De ik-figuur gaat gelijk naar de logeerkamer en gaat daar een beetje rond kijken en gaat dan slapen. Midden in de nacht hoort ze ineens gegil. Het is mevrouw Leifbrand. Ze gaat kijken en mevrouw Leifbrand staat te gillen voor een spin. De ik-figuur gaat er naar toe en gooit de spin uit het raam. Dan gaan ze allebei weer even rustig slapen.

De volgende dag als ze weer thuis is wil ze haar rapport aan haar vader en moeder laten zien. Ze ligt er de hele dag over te piekeren en dan, na lang nadenken, geeft ze het 's avonds aan haar vader en moeder. Die schrikken zich rot, want ze had normaal altijd hele goede punten. En nu is ze blijven zitten. Ze praat er een tijdje met hen over, haar vader is boos. Dan worden ze ineens gestoord door een buurvrouw. Die is helemaal overstuur, want de fiets van de ex-man van mevrouw Leifbrand staat voor haar huis. De moeder van de ik-figuur doet net of ze een geleende schaar terug moet brengen en ze gaan er naar toe. Daar aangekomen bellen ze aan, maar er wordt niet opengedaan en ook de achterdeur is op slot. Ze worden nu heel ongerust. Ze roepen haar naam een paar keer en pas na een tijdje krijgen ze antwoord. Mevrouw Leifbrand staat met een half open ochtendjas op het balkon. Ze is met haar ex-man naar bed geweest en stuurt de andere vrouwen weg. Verbaasd gaan zij weer naar huis, ze snappen er niks van. De ik-figuur vindt het allemaal wel goed, over haar rapport is niet meer gesproken.



De titel van dit verhaal is 'Mottenballen en parfum'. Het verhaal heet zo omdat als de ik-figuur bij mevrouw Leifbrand logeert, ze in een kast gaat kijken met allemaal ouderwetse jurken. Ze ruikt dan een mengsel van de geuren van mottenballen en parfum.



Er zijn wel een paar overeenkomsten tussen deze 6 verhalen. Al deze verhalen gaan dus over de relaties tussen mensen, maar dat had ik al eerder gezegd. Maar in al deze verhalen gaat het ook over dingen die mensen doen die niemand ooit verwacht had of waar diegene achteraf spijt van heeft. Dat zijn de twee grootste overeenkomsten die ik tussen de twee verhalen heb kunnen ontdekken.



Beoordeling

Het mooiste verhaal uit dit boek vond ik 'De meisjes van de suikerwerkfabriek'. Dit verhaal sprak mij heel erg aan omdat het heel geloofwaardig geschreven is. Je zou zo zeggen dat het waar gebeurd is. Het verhaal is ook best wel zielig. Ten eerste is het al zielig voor die conducteur. Hij wordt misbruikt door 4 vrouwen, hij weet natuurlijk niet wat hem overkomt. En hij was ook nog net nieuw ook. Maar het is ook wel zielig voor die 4 vrouwen. Zij lopen nu met een heel groot schuldgevoel over wat ze die man aangedaan hebben en ze zitten er allemaal heel erg mee. Dat vind ik ook wel heel zielig. Het verhaal 'De grote moeder' vond ik ook wel heel mooi. Dat verhaal is heel mooi geschreven, heel goed bedacht. Het is heel origineel en ook wel grappig Er zijn in deze bundel geen verhalen die voor mij een negatieve werking hebben. Er is alleen wel één verhaal dat ik niet leuk vond en dat is het 1e verhaal, 'Muziekles'. Dat vond ik echt heel saai en er zat ook niet echt een goed verhaal in. De gedachte erachter vond ik wel goed, maar het verhaal op zich niet.



Eindoordeel

Ik vond dit echt een heel leuk boek. Het waren allemaal hele leuke verhalen, alleen het eerste verhaal dan niet zo. Achter alle verhalen lag ook een diepere gedachte. Die gedachte was vaak dat je van iets dat je gedaan hebt heel erg spijt kan krijgen. Dat was het geval bij 'De meisjes van de suikerwerkfabriek', 'Rose met bizarre stukjes geel ertussen' en 'Mottenballen en parfum'. Bij de andere drie verhalen was de achterliggende gedachte over het algemeen dat je ook dingen die je niet leuk vindt moet doen, hoe groot je tegenzin dan ook is.

Ik vond de verhalen in dit boek heel goed geschreven. Over alle verhalen was heel goed nagedacht, in de meeste verhalen zat wel een goed verhaal. Ik zou dit boek nog wel een keer willen lezen. Ik zou dit boek ook wel aan willen raden aan iemand anders om te lezen. Ik denk dat iedereen het boek wel leuk vindt. En van de achterliggende gedachtes kan je ook best wel leren. Ik denk dat dit boek voor heel veel mensen wel leerzaam is.



Ik heb over dit boek geen recencies kunnen vinden. Op de achterflap stonden wel recencies, maar dat waren ook zomaar korte stukjes. En er stond wel bij uit welke krant die recencies kwamen, maar niet van waarneer die kranten waren. Dus daar kon ik ze ook niet in opzoeken.
Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen