U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : Rene Appel - Vlekkeloos.
Deze versie komt van http://www.collegenet.nl/studiemateriaal/verslagen.php?verslag_id=13948 en is laatst upgedate op Onbekend.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 2788 woorden.

Algemene gegevens



Titel: Vlekkeloos

Auteur: René Appel

Uitgever: Bert Bakker

Jaar van eerste uitgave: 1993

Aantal bladzijden: 244



A Verwachtingen en eerste reactie



Waarom heb ik voor dit boek gekozen?



Ik heb niet speciaal voor dit boek gekozen. Ik heb het gekozen, omdat het binnen het toegestane jaartal viel. Verder heb ik natuurlijk wel een beetje gekeken naar het onderwerp en dit beviel mij wel voor zover ik dit al kon bepalen.



Wat zijn mijn verwachtingen vooraf?



Mijn verwachting vooraf is, dat het een meeslepende romantische thriller zal zijn, waarin je je perfect kunt verplaatsen. De titel zegt mij verder niets, maar ik vermoed dat het te maken heeft met de wasserette die de hoofdpersoon runt.



Kwamen mijn verwachtingen uit?



Mijn verwachtingen zijn inderdaad uitgekomen. De roman was zeer zeker meeslepend en ik kon mij perfect verplaatsen in de hoofdpersoon, ik kreeg zelfs meelijden met haar.

Hoewel het een romantische thriller hoort te zijn, vind ik het meer een roman dan een thriller. Ik vond het boek best spannend, maar ik was meer met het verloop van de relatie bezig.





B Samenvatting en analyse



1 Chronologische samenvatting



Als Liesbeth aan de bar van de buurtkroeg zit, waar haar dochter Jenny smartlappen zingt, biedt een onbekende man, die Rob blijkt te heten, haar een drankje aan. De man bevalt Liesbeth wel en gaandeweg ontstaat er een romance.



Liesbeth is helemaal in de wolken en als Rob haar vraagt hem drieduizend gulden te lenen, doet zij dit zonder aarzelen. Timo, de zoon van Liesbeth bekijkt de relatie tussen Liesbeth en Rob met argusogen en vindt het maar niks dat zijn moeder de voor haar nog steeds vreemde man zomaar geld leent.

Liesbeth luistert niet naar de twijfels van haar zoon en vertrouwt op de belofte van Rob dat zij haar geld terug krijgt.



Als Rob met een verhaal komt over een handel in Roemenië die hij niet kan laten schieten heeft hij een probleem, namelijk geld Hij vraagt Liesbeth nogmaals om hem geld te lenen, dit keer gaat het om nog vijftigduizend gulden. Liesbeth wil het hem wel geven, maar kan niet zomaar bij het geld van haar wasserette, deze runt ze samen met Timo, hij doet de boekhouding. Liesbeth wringt zich in allerlei bochten om aan het geld te komen. Ze verzint een smoesje bij de bank en vertelt Timo dat de machines vervangen moeten worden. Als ze uiteindelijk het geld heeft, spreekt ze met Rob af, dat ze iedere maand een bedrag terug krijgt. Rob stemt hiermee in.



Wanneer Liesbeth al een tijd niets meer van Rob heeft gehoord, gaat ze nadenken. Ze wilt hem bellen, maar ze heeft helemaal geen telefoonnummer. Ze kan ook niet naar hem toen, want ze heeft geen adres. Ze bedenkt zich, dat ze eigenlijk maar heel weinig van hem weet, niet eens zijn achternaam.



Als Rob eindelijk weer eens langskomt, vraagt ze naar een telefoonnummer, maar Rob praat erom heen. Als ze naar zijn achternaam vraagt, krijgt ze ook geen antwoord. Ze besluit om Rob te volgen als hij ’s avonds weggaat. De auto van Rob stopt bij een flat en liep flat nummer negentien in. Ze volgde hem met haar ogen, toen zag ze dat er op driehoog een licht aanging. Ze stapte uit en keek op het naambordje van driehoog. Er stond F. Vermeulen.



Thuis zocht Liesbeth het nummer dat bij de naam F. Vermeulen hoorde op in het telefoonboek. Toen ze opbelde, kreeg ze een vrouw aan de telefoon.

Wanneer Liesbeth later nog een keer belde om Rob om hulp te vragen, omdat ze was aangevallen voor zijn flat, kreeg ze Rob werkelijk aan de telefoon. Rob begon op haar te schelden en vroeg haar hoe ze aan het nummer kwam. Toen Rob later langskwam ontstond er een hevige ruzie nadat Liesbeth hem had verteld hoe ze aan het nummer kwam.



Als ze later weer een hele tijd niets van Rob heeft gehoord besluit ze om naar hem toe te gaan. Ze treft een dronken vrouw aan in een rommelig huis. Toen ze naar Rob vroeg, zei de vrouw, Lottie, dat ze geen Rob kende. Liesbeth vroeg haar om een foto van haar man. Lottie liet een foto van Ferry, haar man, zien. Het bleek daadwerkelijk Rob te zijn.

Lottie vertelde Liesbeth dat ze het geld waarschijnlijk niet meer terug zou krijgen, zo ging dat wel vaker bij Ferry.



Wanneer Rob niet op komt dagen op het afgesproken tijdstip, besluit Liesbeth om naar hem toe te gaan. Ze nam een keukenmes mee, voor het geval ze weer aangevallen zou worden door die vent van voorheen. Wederom doet Lottie open en Rob is niet thuis. Liesbeth mag van Lottie blijven wachten tot Rob thuiskomt. Zijzelf gaat naar bed.

Het was al laat en Liesbeth begon langzaam weg te doezelen. Toen ze wakker schrok van een geluid werd ze van achter gegrepen en haar mond werd dichtgehouden. Ze kon in haar tas komen en het keukenmes grijpen. Ze begon te steken en ze hoorde een bekende stem schreeuwen. Ze stak nog een paar keer in het lichaam en haalde het mes eruit. Ze rende de flat uit en vertrok naar huis. Ze besefte dat ze de vijftigduizend gulden nu voorgoed kwijt was.



Thuisgekomen vertelt ze Timo dat ze Rob vermoordt heeft. Timo is geschokt, maar haalt haar over om niet naar de politie te stappen, want die zullen nooit geloven dat ze het uit zelfverdediging was. Toen de telefoon ging, schrokken beide. Ze dachten dat het de politie was, Liesbeth was immers gezien door Lottie. Maar het was de politie niet, het was Rob. Hij was dus niet dood. Liesbeth was opgelucht.



Op een avond belde haar zwangere dochter Jenny helemaal in paniek op. Marco, de man van Jenny was vermoord. Het was op dezelfde avond gebeurd als de gebeurtenis in het huis van Rob. Liesbeth legde de link, zij had Marco vermoordt.



Als Liesbeth later met Rob praat, blijkt hij te weten dat zij Marco vermoordt heeft, hij heeft namelijk haar bril gevonden. Hij wilde meer geld zien, nog vijftigduizend gulden, anders zou hij naar de politie en naar Jenny stappen.



Toen Liesbeth op een avond naar Rob toe gaat om over alles te praten, treft ze hem in zijn woning op de grond aan. Hij bloedt en kan amper nog praten. Ze loopt naar hem toe en hij vraagt haar te bellen, maar Liesbeth kijkt hem aan maar doet niets. Rob blaast zijn laatste adem uit, hij is dood. Voor ze naar buiten loopt ziet ze een honkbalknuppel liggen. Aan de knuppel zit het bloed van Rob. Ze raapt de knuppel op en leest het opschrift. Het is de knuppel van Timo. Ze neemt hem mee naar buiten, onderweg komt ze een klein meisje tegen.

Ze gooit de knuppel en haar bebloede jasje in een container ver uit de buurt van de flat.



Thuisgekomen kijkt ze Timo aan en Timo weet genoeg. Ze gaan zich voorbereiden op de komst van de politie, die zal vermoeden dat zij erachter zitten.

De politie komt inderdaad en Liesbeth wordt meegenomen voor verhoor. Liesbeth blijft ontkennen dat zij Rob heeft vermoordt. Maar door het rode jasje dat ze aanhad en het meisje dat haar gezien had, wordt het de politie duidelijk dat Liesbeth achter de moorden zit.



Ze draait de gevangenis in voor de moord die zij begin en de moord die Timo pleegde.

Timo zal nu verder de wasserette runnen.





2 thema/hoofdgedachte



Het thema van het boek is de ingewikkelde relatie tussen Liesbeth en Rob, zowel een liefdesrelatie als een geldrelatie.



3 motieven



Er zijn mij geen motieven opgevallen, het enige dat steeds terug keert, is het geld. Het hele verhaal draait eigenlijk om het geleende geld.



4 titelverklaring



De titel van het boek is Vlekkeloos. Dit duidt op de wasserette. Als Liesbeth in de gevangenis zit voor de moorden, vertelt Timo haar zijn plannen om de wasserette te moderniseren. Hij wil een nieuwe naam en komt met als voorstel om de wasserette de naam Vlekkeloos te geven.



5 hoofdpersonages



Liesbeth van der Werf: Een weduwe van 47 jaar. Is twintig jaar getrouwd geweest met Paul, die vroeg stierf. Liesbeth heeft twee kinderen, Timo en Jenny. Ze runt een wasserette met haar zoon, hij doet de boekhouding. Liesbeth is een lieve vrouw die alles en iedereen wil helpen, dit gaat vaak ten koste van zichzelf. Ze is ook wel een beetje ongeduldig.



Timo van der Werf: Een jongen van in de twintig. Hij studeert economie. Hij heeft twijfels over de relatie van zijn moeder. Is erg wantrouwend, maar toch behulpzaam. Hij probeert zijn moeder veel te steunen, maar heeft ook zelf ook steun nodig, die hij niet altijd krijgt.



Rob alias Ferry Vermeulen: Een man van ongeveer 45 jaar. Is getrouwd met Lottie, maar bedriegt haar. Wat zijn werk is, is moeilijk te zeggen, maar ik vermoed dat hij iets in de criminele wereld onderneemt. Hij heeft al eerder vergelijkbare streken uitgehaald. Hij is heel egoïstisch en absoluut niet behulpzaam. Hij wil niets van de problemen van andere weten. Hij is heel kortaf, snel kwaad en opvliegerig.



6 plaats



Het verhaal speelt voornamelijk zich op drie plaatsen af. Het begin van het verhaal speelt zich af in het huis van Liesbeth van der Werf en in de wasserette van Liesbeth.

Het einde van het verhaal speelt zich af op de plaats van de moorden, namelijk de flat van Rob ofwel Ferry Vermeulen.

Verder zijn er nog twee minder belangrijke plaatsen waar zich kleine gebeurtenissen afspelen. Dit is de buurtkroeg waar Jenny zingt en waar Liesbeth Rob ontmoet en het politiebureau waar Liesbeth verhoord wordt over de moorden op Marco en Rob.







7 tijd



Ik denk dat het verhaal zich zo’n twintig jaar geleden afspeelt, maar dit weet ik niet zeker. Ik vermoed dit, omdat er nu niet veel mensen meer zijn die gebruik zullen maken van een wasserette. En omdat er in het verhaal wel veel mensen zijn die gebruik maken van de wasserette, zal het zich enige tijd geleden hebben afgespeeld.



Het verhaal zelf zal ongeveer een zes maanden in beslag nemen. Dit is een schatting, omdat er in het boek weinig aanwijzingen zijn over het tijdsverloop.



Het boek is niet volledig chronologisch. Het begint met het beschrijven van de moord op Rob, ditzelfde verhaaltje lees je in het midden van het boek weer.

Ook wordt er gebruik gemaakt van flashbacks. Vaak werd een gebeurtenis afgebroken, om vervolgens in het volgende hoofdstuk terug te komen als een flashback, waardoor de gebeurtenis compleet wordt.



8 vertelsituatie / perspectief + verteller



Het verhaal wordt verteld vanuit het oogpunt van Liesbeth, zij is dus de hoofdpersoon. Er wordt op geen enkele wijze overgestapt op een andere persoon.

Het verhaal is geschreven in het hij-perspectief. Er wordt niet vanuit de hoofdpersoon verteld, maar er wordt een verhaal over haar verteld.



9 begin van het verhaal/boek



Het boek begint met het moment, waarop Rob vermoord wordt en Liesbeth hem dood achterlaat in zijn flat. Dit is het eerste hoofdstuk. Later is dit nog eens te lezen, als deze gebeurtenis in het verhaal past.



Het boek gaat verder met de eerste gebeurtenis, de ontmoeting van Liesbeth en Rob.



10 genre



Het genre van het boek is zeer zeker een romantische thriller. Er is romantiek in de relatie van Liesbeth en de moorden en het oplossen hiervan levert enige spanning.





C Verwerkingsopdracht



Biografie René Appel



René Appel werd geboren in 1945 in Hoogkarspel, een dorpje tussen Hoorn en Enkhuizen. Hij bezocht de Rijks HBS te Enkhuizen, waar hij in 1962 het diploma HBS-B behaalde. Na een korte, maar teleurstellende studie Scheikunde van een half jaar, schreef hij zich in voor de universitaire studie Nederlands MO. Het diploma Nederlands MO-B behaalde hij in 1967. Tijdens de studie Nederlands ontwikkelde hij – zoals veel collega studenten – een voorzichtige ambitie om te gaan schrijven, maar hij publiceerde nooit iets. Na een korte militaire carrière van 2½ maand, voortijdig afgesloten wegens gebleken psychische instabiliteit, werd hij leraar Nederlands op de Gemeentelijke Scholengemeenschap te Hilversum.



In 1969 pakte hij zijn studie Nederlands weer op, waarbij hij zich ging specialiseren op de Nederlandse taalkunde, vooral omdat – naar eigen zeggen – al z'n vrienden zich al met letterkunde bezighielden. In 1970 hield hij op met lesgeven en werd kandidaat-assistent bij de Faculteit der Letteren, aanvankelijk bij Nederlandse Taalkunde, later bij Algemene Taalwetenschap. In 1972 studeerde hij af bij Algemene taalwetenschap, waar hij zich voornamelijk met de onderdelen taalverwerving en sociolinguïstiek bezighield. Hij werd wetenschappelijk medewerker bij de vakgroep Ontwikkelingspsychologie van de Universiteit Utrecht.



In de loop van de jaren zeventig ging hij zich binnen zijn universitaire werk vooral richten op de tweedetaalverwerving van allochtonen en het Nederlandse taalonderwijs voor deze groep.

Begin jaren zeventig leidde de ambitie om te gaan schrijven ook tot daadwerkelijke productie. Hij schreef korte verhalen in onder meer studentenweekblad Propria Cures (was ook een tijdje aspirant-redacteur), Hollands Maandblad en Maatstaf.

Daarnaast publiceerde hij enkele gedichten in Hollands Maandblad. In deze periode was hij ook enige tijd freelance voetbalverslaggever bij de Volkskrant. Met name door persoonlijke omstandigheden stopte de (korte) stroom aan eigen creatief werk. Vanaf 1976 was hij wel recensent voor misdaadliteratuur van NRC-Handelsblad, een functie die hij tot 1986 uitoefende.



Wat betreft zijn academische activiteiten het volgende. In 1980 keerde hij terug naar de vakgroep Algemene Taalwetenschap van de Universiteit van Amsterdam. In 1984 promoveerde hij daar cum laude op Immigrant children learning Dutch; sociolinguistic and psycholinguistic aspects of second language acquisition. Mede op basis van dat proefschrift ontwikkelde hij zich steeds meer tot een (landelijk erkend) deskundige op het gebied van taal en minderheden. Hij heeft dan ook verschillende publicaties op zijn naam staan over dit en aanpalende onderwerpen, vaak geschreven in samenwerking met collega's, zoals het boek Nederlands als tweede taal in het basisonderwijs (met Folkert Kuiken en Anne Vermeer) en Bilingualism and language contact (met Pieter Muysken). Sinds 1994 is René Appel bijzonder hoogleraar 'Verwerving en didactiek van het Nederlands als tweede taal' namens de Gemeente Amsterdam.







Rond 1985 werd de ambitie om zelf fictie te gaan schrijven weer groter, met name omdat het bespreken van boeken van anderen op den duur weinig bevredigend was. Daar kwam bij dat René Appel als recensent had kennis gemaakt met psychologische thrillers van auteurs als Patricia Highsmith en Ruth Rendell, die hem mede inspireerden tot het schrijven van een misdaadroman. Dat werd Handicap, dat in 1987 verscheen (zie verder de bibliografie op deze site, ook voor vertalingen, nominaties voor prijzen e.d.). Na een flinke serie boeken voor volwassenen verscheen in 1999 zijn eerste (spannende) kinderboek, Complot voor de leeftijdsgroep 10+. In 1997 schreef hij het scenario voor de korte tv-film Betaalde liefde, uitgezonden door de IKON.



Sinds voorjaar 2000 vormt René Appel samen met Tomas Ross de redactie van het tijdschrift over misdaad en misdaadliteratuur Kaliber.

René Appel is getrouwd en heeft twee kinderen. Hij woont in Amsterdam.





René Appel heeft de volgende boeken geschreven:



Zinloos geweld (2001)

De Echtbreker (2000)

Spanning (1998)

Tweestrijd (1998)

Geweten (1996)

Vlekkeloos (1993)

Persoonlijke omstandigheden (1992)

Oppassen (korte verhalen) (1991)

De derde persoon (1990)

Spijt (1989)

Handicap (1987)





D Eindoordeel en evaluatie



Dit boek vond ik echt een heel goed boek. Het verhaal is goed en de manier waarop het geschreven is, is nog beter.



De manier waarop Appel het verhaal vertelt is echt heel goed. Ieder hoofdstuk gaat over een bepaalde gebeurtenis, die niet helemaal af wordt verteld in dit hoofdstuk. Je weet in principe dus niet hoe het afloopt. Hier kom je pas achter als je het volgende hoofdstuk leest.

Het wordt niet direct verteld, maar het wordt verteld in de vorm van een flashback, er wordt dus aan terug gedacht.

Ik zal dit verduidelijken met een voorbeeld uit het boek:



Hoofdstuk 14

…….. ‘Kom je me morgenavond afhalen op de zaak?’ vroeg ze. ‘Om negen uur? Dan drinken we nog wat in de stad.’



Hoofdstuk 15

…….. Gisteravond had ze tot negen uur gewacht, maar Rob was niet op komen dagen.

……..



Dit voorbeeld is geen spannend voorbeeld, maar wel zeer duidelijk.



Deze manier van schrijven is echt heel erg motiverend, je blijft lezen. Omdat ieder hoofdstuk eigenlijk een open einde heeft, word je bijna gedwongen om door te lezen, zodat het open einde wordt ingevuld.





Het verhaal op zichzelf was ook zeer goed. Het was zeer meeslepend en spannend. De omschrijvingen van bijvoorbeeld de moorden waren echt doordacht. Het voelde bijna alsof je er zelf bij was.



Ook werden sommige verklaringen voor dingen niet verteld, zoals wat deed Marco bij Rob thuis, hij was daar immers vermoord. Waren ze vrienden of deden ze samen zaken, criminele zaken. Dit zijn van die vragen waar de lezer zelf een antwoord op kan verzinnen. Dit vind ik wel leuk in een boek, maar ik hou niet van een open einde, en dat heeft dit boek niet. Het is duidelijk hoe het afloopt. Liesbeth draait de gevangenis in en Timo gaat de wasserette runnen.





E Extra



Ik heb nooit eerder een boek met een vergelijkbaar thema gelezen. Ik heb niet veel boeken gelezen, maar die ik wel heb gelezen waren vrijwel allemaal oppervlakkige romans zonder diepgang of met een vergelijkbare spanning. Dit boek is echt uitzonderlijk voor mij.
Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen