U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : Anoniem, - Esmoreit.
Deze versie komt van http://www.collegenet.nl/studiemateriaal/verslagen.php?verslag_id=21 en is laatst upgedate op Onbekend.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 4168 woorden.

Esmoreit

Inleiding

In dit werkstuk willen wij, [auteurs], het toneelstuk Esmoreit nader bekijken.
Het nader bekijken van Esmoreit willen wij gaan doen door Esmoreit niet te gaan herschrijven, maar door haar te gaan analyseren. Bij het doen van deze toneel-analyse willen wij aan de volgende punten aandacht schenken :
Wat is het intrige van Esmoreit
Tot welk genre hoort Esmoreit
Waar zie je dat aan.
Welke emoties komen allemaal aan bod bij Esmoreit
Wat zijn de cultuureel-historische bijzonderheden van Esmoreit.
Hoe was het onvangst van Esmoreit
Ons motto bij het analyseren van Esmoreit was : Een goede analyse van een boek, naderd de dikte van het orginele boek.
Wij hopen dat u veel plezier zult beleven aan het lezen van deze toneel-analyse van Esmoreit.

Met vriendelijke groeten,
[auteurs]

Intrige

1.1 Inleiding

In dit hoofdstuk wil ik een aantal dingen van Esmoreit nader bekijken. De dingen die ik nader wil bekijken zijn:
  1. het intrige
  2. de personen
  3. de vermodelijke schrijver

1.2 Het intrige

Er was eens een koning op Sicilie, die geen troonopvolger had. In het paleis had hij zijn oomzegger Robbrecht opgenomen, die volgens geldend recht troonopvolger zou worden, wanneer de koning zonder nakomelingschap zou overlijden. Maar de zaak verandert nu er een prins, Esmoreit, geboren is. Robbrecht, die zijn aanstaand koningschap in gevaar ziet komen, wil de jonge prins vermoorden.
In Damaskus waarschuwt de sterrenwichelaar Platus de sultan tegen een dreigend gevaar. Hij heeft de tekenen waargenomen aan de hemel. Zij voorspellen onafwendbaar onheil voor de oosterse vorst. Het gevaar komt van de pasgeboren siliciaanse prins, die de sultan zal doden, zijn dochter zal huwen en haar tot het Christendom zal overhalen. De sultan gaat accoord met het voorstel van Platus om de prins ongevaarlijk te maken. Het plan van Platus was, dat hij naar Sicilie zou gaan om Esmoreit mee te nemen naar Damaskus, om hem als een heiden op te voeden. Hij vertrekt onmiddelijk. In Sicilie verkoopt Robbrecht Esmoreit aan Platus, want hij schrikt terug voor een moord op een bloedverwant, bovendien is het een onmondig kind. De sultan geeft Esmoreit aan zijn dochter Damiet. Zij moet hem opvoeden, wat ze graag doet. Damiet mag de afkomst van het kind niet weten. Daarom vertelt de sultan haar dat het een vondeling is.
Aan het siciliaanse hof beschuldigt Robbrecht de koningin valselijk van ontrouw jegens haar man en van moord op haar kind. Als de koning dit hoort, stuurt hij zijn vrouw gelijk de gevangenis in, waar zij 20 jaar blijft in diepe ellende.
Esmoreit is opgegroeid tot een echte Mohammedaanse prins. Als Esmoreit op een dag in de tuin ligt te rusten, komt Damiet hardop denkend langs: ze vraagt zich af hoe het mogelijk is zo te houden van Esmoreit, die denkt haar broer te zijn en die eigenlijk een vondeling is. Esmoreit, die dit ongewild hoort, komt haar ontsteld tegemoet en vraagt om uitleg. Damiet zegt dat hij dit allemaal moet vergeten; zij verzekert hem van haar liefde en stelt een huwelijk in het vooruitzicht na de dood van haar vader. Esmoreit wil haar de schande, een vondeling te huwen, niet aandoen en besluit op staande voet te vetrekken om het geheim van zijn geboorte op te helderen. Hij belooft haar terug te komen, zodra hij zekerheid heeft. Hij krijgt de bestikte doek mee, waarin hij gevonden werd en die steeds bewaard is als bewijs van zijn hoge afkomst, als hoofdband. Weggereisd uit het sultanaat van zijn pleegvader, landt Esmoreit op het eiland Sicilie en komt door een ingeving van God, vlak voor de tralies terecht van de gevangenis waar zijn moeder is. Daar herkent de moeder haar zoon aan de hoofdband. Robbrecht moet de koningin nu uit de gevangenis halen. Maar hij zegt niet dat het zijn schuld is dat zij in de gevangenis gekomen is. De koningin vergeeft de koning alles en de koning erkent Esmoreit als zijn zoon. Hij verzoekt Esmoreit te geloven in een God. In Esmoreits eerste gebed betrekt hij het welzijn van Damiet. In Damaskus is Damiet ongerust geworden over het lange wegblijven van Esmoreit en vraagt aan Platus haar te vergezellen op haar tocht Esmoreit te zoeken. Zij zullen als pelgrims de reis ondernemen. Spoedig belanden ze op Sicilie, waar Damiet aan haar stem door Esmoreit herkend wordt. De koning verwelkomt Damiet en zal afstand doen van de troon ten voordele van zijn zoon en zijn aanstaande vrouw. Robbrecht juicht dit plan toe. Op hetzelfde ogenblik wordt hij door Platus herkend. De beschuldiging wordt gelijk gevolgd door de terechtstelling van Robbrecht.

1.3 De personen

(Alle citaten in dit stukje komen uit Esmoreit. Ik heb eronder geen verwijzingen gezet, omdat de schrijver onbekend is)
  • Robbrecht. Robbrecht, de oomzegger van de koning en de oudere neef van Esmoreit, is de schurk van dit toneelstuk. Hij is erg tevreden met zichzelf. Hij is ook een egoist, want hij kan het niet hebben dat er een prins geboren is, die volgens geldend recht troonopvolger zou worden:
    Ay mi! ay mi der leider gheboert,
    Die hier nu es comen voert
    Van Esmoreit, den neve mijn!
    Ic waende wel coninc hebben ghesijn,
    Als mijn oem hadde ghelaten dlijf-
    Nu heeft hi al bi sijn wijf
    Een kint gecreghen, die oude viliaert.
  • Meester Platus. Hij is een sterrenwichelaar en de adviseur van de sultan. Hij is een rustige man, die eerst goed over een situatie nadenkt en dan een beslissing neemt. Dit blijkt uit het plan hoe hij Esmoreit onschadelijk wil maken.
  • De sultan. De sultan is een oosterse trotse vorst, die zetelt in Damaskus. Natuurlijk wil hij niet benadeeld worden door een net geboren prins in het westen:
    Wilt hulpen vinden enen raet,
    Soe dat ic blive in minen staet
    Ende vanden jonghelinc onghequelt,
    Daer ghi mi dus vele af telt,
    Dat ic sijns mach wesen vri.
    Hieruit blijkt dat hij een trotse koning is en wil blijven. Je ziet dat hij geen koppig figuur is die zelf beslissingen wil nemen zonder overleg. Hij vraagt Platus om hulp.
  • Damiet. Zij is de dochter van de sultan. Ze is een zorgzaam type, want zij wil graag een kind verzorgen, die ze niet eens kent. In het citaat dat nu volgt krijgt ze het kind van haar vader. Ze is er erg blij mee.
    Vader here, bi Tervogant,
    Noit en sach ic scoender kint.
    Heeften ons Mamet ghesent,
    Dies willic hem dancken ende Apolijn;
    Ic wil gerne suster ende moeder sijn.
  • De koning. Hij is een zorgzame vader. Hij is dan ook erg droevig als hij hoort dat Esmoreit weg is. Hij kan erg boos worden; zo boos dat hij zijn eigen vrouw in de gevangenis gooit. Hij is ook goedgelovig, want hij gelooft gelijk het verhaal van Robbrecht. Misschien komt dit ook door het feit dat hij gebrek heeft aan mensenkennis. En dat is wel nodig als je koning bent.
  • De koningin. Zij wordt de dupe van dit hele verhaal. Dat zij trots en stralend is, kun je zien door haar hele manier van voorkomen. Als alles weer op zijn pootjes is terecht gekomen, vergeeft zij natuurlijk de misstap van haar man, want ze kan niet leven met hem als er iets mis is tussen hun twee. Ze staat er dus op dat ze een goede relatie heeft met haar man:
    Nu willen wi leven in vrouden groet
    Ende alle droefheit willen wi vergheten,
    Want met vrouden onghemeten
    Soe es mijn herte nu bevaen.

  • Esmoreit. Daar draait het om. Als hij iets in zijn gedachten heeft krijg je er niet meer uit. Omdat hij van lager afkomst is, wil hij niet met Damiet trouwen:
    O edel vrouwe, die onnere
    En sal u nemmermeer ghescien;
    Dien lachter moet verre van u vlien,
    Dat ghi sout nemen enen vondelinc.
    U vader es een hoghe coninc
    Ende daer toe sidi soe scoene;
    Ghi mocht met rechten draghen croene
    Voer elken man die nu leeft.
    Mijn herte van groten scaemde beeft,
    Dat ic al dus hebbe ghevaren.
    Hij is ook een doorzetter, want hij zoekt net zo lang naar zijn ouders totdat hij ze vindt.

1.4 De vermoedelijke schrijver

De schrijver is waarschijnlijk een Brussels rederijker geweest, n.l. Jan Dille. Hij schreef zijn stuk in de 14e eeuw. Sommige mensen denken dat hij uit het westelijk deel van Belgisch Limburg stamde, maar de heersende opvatting is dat hij uit het oostelijk deel van Zuid-Brabant komt, want in zijn werk zitten veel kenmerken van de Brabantse taal.

1.5 Hoe de dichter de voorstelling voorstelde

Naar alle waarschijnlijkheid dacht de dichter de zaal in twee ruimten; de ene helft stelde Sicilie voor, aangeduid met een Christelijk cimbool, de andere helft Damaskus, herkenbaar aan een islamitisch teken bijv. de halve maan. Een koningszetel suggereerde de troonzaal. Met tralies kon worden volstaan, omde plaats van de gevangenis te bepalen. Miniaturen uit de 14e eeuw laten ons zien, dat de kenmerken van de hoofdfiguren stereotiep moeten zijn geweest. De koning had een kroon op en wanneer hij op zijn troon zat, hield hij een scepter vast. De sultan had een tulband op. Meester Platus droeg een wichelaars-puntmuts en verscheen met een imitatie-kijker in zijn hand. Robbrecht was herkenbaar aan het kostuum van een hofknaap, dus geen ridder met helm.
Bij al deze attributen was het om een algemene typering te doen, dus: om dadelijke herkenbaarheid als koning, als sultan, als astroloog, als oosterse prinses, enz., maar niet om persoonlijke karakterisering.

Het genre

2.1 Inleiding

Met dit hoofdstuk wil ik uitzoeken tot welk genre het toneelspel Esmoreit behoort en wat de kenmerken van dat genre zijn. Ook wil ik onderzoeken hoe in het stuk het genre is weer te zien.
Ik wil dat doen op het nivo van het intrige en op dat van de stijl.

2.2 Tot welk genre behoort Esmoreit?

Het toneelspel Esmoreit is een abel spel. Het is niet helemaal duidelijk wat de betekenis is van het woord "abel". Er worden verschillende betekenissen voor gegeven.
Tot de talrijke suggesties die in de loop der jaren gedaan zijn, behoren: kunstig, verheven, ernstig, mooi, stichtend, voortreffelijk, een schrijffout voor tafelspel. De abele spelen sluiten qua inhoud en sfeer aan bij de hoofse ridderepiek. Hoewel het mogelijk blijft dat bestaande ridderromans tot toneelstukken werden omgewerkt, is voor geen van de spelen een duidelijke bron aanwijsbaar.
(H. Adema, 88, 7)
Veel gebruikte betekenissen zijn schoon, kunstig en verheven.

2.3 Hoe is in het intrige van het verhaal terug te zien dat Esmoreit een abel spel is?

Als je "abel" vertaalt met "verheven", dan kun je dat in het verhaal terugzien, want Esmoreit vindt het belangrijk om van hoge afkomst te zijn en hij vindt het een vernedering om van lage afkomst te zijn. Het verhaal speelt zich ook af aan hoven en bij koningen. Esmoreit zelf is ook een koningszoon. In dit verhaal is alle macht aan de koning.
Wij zagen ook de mogelijkheid, dat de abele spelen omgewerkte ridderromans zouden kunnen zijn. Als dat zo is, kun je dat wel zien aan het feit, dat de mannen het belangrijkst zijn en tegen vrouwen wordt vaak grof gedaan. Ook is er veel misdaad in het toneelspel.
Je kunt een abel spel ook zien als een 'schoon spel'. Ook daarvoor zou je argumenten kunnen vinden. Er bloeit namelijk een liefde tussen twee koningskinderen, Esmoreit en Damiët. En als de koningin onschuldig veroordeeld wordt, dan berust ze in het vertrouwen op God.

2.4 Hoe kun je aan de stijl zien, dat Esmoreit een abel spel is ?

De personen, die in het toneelstuk voorkomen spreken elkaar vaak aan met "Hoogheid", "Meester", "vermaarde ridder", "Mijn koning" en zulke aanspraken. Dat zijn dingen, die te zien geven, dat dit stuk met een verheven taalgebruik geschreven is. Het is ook echt een serieus toneelstuk. Er wordt nauwelijks op een vrolijke manier gesproken, maar eerder op een wat ernstige, serieuze manier.
Sommigen vinden, dat je het woord "abel" hier beter kunt vertalen met "kunstig".
Aan die verklaring gaf R. Verdeyen de voorkeur en hij aanvaardde de gevolgtrekking, dat de schrijver er zich bewust van was wel niet een speciaal soort drama te schrijven, maar dan toch een spel, dat zich van andere spelen onderscheidde door een "abelheit", d.i. een "vaardigheid", een "handigheid", een "kunnen", een "conste", zonder dat uit het woord zelf direct is af te leiden, waarin die "conste" precies bestaat.(C. G. Kaakebeen, 60, 9)

2.5 Slot

Aan het eind van dit hoofdstuk zijn we erachter gekomen, dat Esmoreit een abel spel is en dat voor het woord abel verschillende verklaringen zijn. Het kan heel goed "verheven" betekenen. In het stuk wordt op een verheven manier gesproken en vindt men hoge afkomst belangrijk. Ook kan het "schoon" betekenen. Dat kun je zien aan het feit, dat er liefde in voorkomt en vertrouwen. Het kan ook afgeleid zijn van een ridderroman en het kan ook nog "kunstig" betekenen.

Emoties

3.1 Inleiding

In dit hoofdstuk wil ik de emoties die bij het toneelstuk Esmoreit aanwezig zijn onderzoeken/analyseren. Ik wil dat doen door eerst naar de emoties te kijken die zich op het toneel voordoen, en daarna te kijken welke emoties zich bij het publiek voordoen. En als laatste wil ik in de laatste paragraaf kijken of er een verband is in de soort emoties. Bijvoorbeeld of er een bepaald patroon is van emoties, zoals goed, slecht, goed, slecht. En ik wil kijken hoe bijvoorbeeld de emoties die door negatieve dingen worden veroorzaakt zich verhouden ten opzichte van de emoties die worden veroorzaakt door positieve dingen.

3.2 Emotie op het toneel

Als Robbrecht te horen krijgt dat Esmoreit is verkocht, komt bij hem een gevoel van opluchting op :
Mijn hart is nu werkelijk bevrijd van wat me zo bezighield, want ik ben er zeker van dat hij voor altijd verdwenen is in het rijk der heidenen.(H. Adema, 83, 19)
Maar niet alleen Robbrecht is blij met het feit dat Esmoreit is verkocht, ook Damiët krijgt een gevoel van blijdschap met de "verhuizing" van Esmoreit
Lieve vader, bij Tervogant, ik heb nog nooit zo'n mooi kind gezien. Heeft Mohammed hem ons gezonden.(H. Adema, 83, 23)
Maar wat bij de één een gevoel van blijdschap geeft, geeft de ander een verdrietig gevoel
Ik word zo door verdriet gekweld dat ik vrees dat mijn hart zou breken. Ik ben mijn lieve kind kwijt, mijn zoon Esmoreit.
(H. Adema, 83, 25)
Ook bij de koning heeft de "verhuizing" van Esmoreit een hoop verdriet te weeg gebracht
Zwijg, moge God u verdoemen, gemene slet! Alle angst en smart die u me hebt aangedaan, zal u opbreken, want ik heb precies gehoord hoe alles in zijn werk is gegaan.(H. Adema, 83, 27)
Gelukkig is niet alles een en al verdriet, er bestaat ook nog een gevoel van blijdschap, ook al is het aan de andere kant
Oh Esmoreit, uitverkoren held, vanaf het ogenblik dat mijn vader je vond - en dat is achttien jaar geleden, ik weet het precies - ben je mijn lieveling geweest.(H. Adema, 83, 31)
Als Esmoreit zijn moeder op gaat zoeken, heeft dit tot gevolg dat het verdriet van de koningin, omslaat in vreugde/blijdschap
Ach God, schenker van alle weldaad. Gij zijt geloofd. Ik ben zo blij dat ik nog de dag beleef dat ik mijn kind aanschouwen mag. (...) Wees welkom, lief kind! Esmoreit, ik ben je moeder en jij bent mijn kind.(H. Adema, 83, 39)
Als Esmoreit op zoek is naar zijn moeder, en haar vind, geeft hem dit zo'n blij gevoel dat hij wat langer blijft. Maar dat geeft Damiët een onzeker gevoel
Ach, waar blijft Esmoreit? Waarom komt hij niet? Ik ben bang dat hem iets ergs overkomen is, of dat hij op een vreselijke manier is gestorven.(H. Adema, 83, 47)

3.3 Emotie bij het publiek

Je merkt heel goed dat de schrijver van dit toneelstuk Robbrecht als een gemene man heeft geschreven, want heel veel gevoelens van kwaadheid bij het publiek worden door het doen en laten van Robbrecht veroorzaakt
Ik was ervan overtuigd dat ik koning zou worden na de dood van mijn oom. Nu heeft de oude grijskop een kind gekregen bij zijn vrouw. (...) Het maakt me zo bedroefd dat het mijn dood zal betekenen.(H. Adema, 83, 11)
Haast elke keer als Robbrecht wat zegt is het wel iets waar uit blijkt dat hij zijn oom en tante wel wat kan aandoen. Dat leid natuurlijk tot verontwaardiging bij het publiek
Ik zal ook mijn uiterste best doen om schande te brengen over de koningin, de vrouw van mijn oom, zodat hij nooit meer met haar zal slapen.(H. Adema, 83, 12)
En alsof het nog niet erg genoeg is speel hij z'n oom tegen z'n tante uit, wat natuurlijk weer tot gevolg heeft dat het publiek een gevoel van woede krijgt
Al doet mijn tante nog zo bedroefd, ze heeft geen echt verdriet. Dat weet ik zeker (...) Hoogheid, ik ben bang dat ze u nog eens op een sluwe manier zal vermoorden.(H. Adema, 83, 25)
Gelukkig word er op het toneel ook voor blijde emotie gezorgd, in dit geval door Damiët
Als mijn vader sterft, zal ik met je trouwen, mijn ridder. Dan zal je heerser over Damascus zijn.(H. Adema, 83, 33)

3.4 Slot

Bij het analyseren van emoties bij dit toneel stuk is het me opgevallen dat de auter van Robbrecht een persoon heeft gemaakt, die allen maar voor nare gevoelens zorgt. Alle minder leuke emoties zoals kwaadheid en lafheid worden door Robbrecht veroorzaakt, terwijl Damiët en haar vader een aantal keer voor blijde emoties bij het publiek zorgt. Verder is het mij opgevallen dat "slecht" en "goede" emotie elkaar wel afwisselen, zadt het geen treurig geheel word.

Cultuur-historische kenmerken

4.1 Inleiding

In dit hoofdstuk wil ik een aantal kenmerken die in Esmoreit voorkomen, nader bekijken. Ik wil mij voornamelijk richten, en de nadruk leggen op de cultuur-historische kenmerken van Esmoreit.

4.2 Cultuur-historische kenmerken

Het belangrijkste kenmerk van die tijd, namelijk de verschillen tussen het christendom en de heidenen, krijgt ook in dit toneelstuk de meeste aandacht. Ook in die tijd gingen de meeste toneelwerken of andere literatuur over vondelingen, christelijke en heidense grootheden, de liefde tussen een christen en een heiden, zoals ook in Esmoreit het geval is. Ook in de Esmoreit hebben de christenen duidelijk waardering voor de oosterse cultuur:
Daardoor staan Moslims en christenen als vijanden tegenover elkaar, al is wederzijdse waardering en bewondering niet uitgesloten. Huwelijken, al dan niet na ontvoering van de bruid, zijn in de literatuur niet zeldzaam; maar dan is wel de bekering tot het Christendom vereist, dat van zelfsperkend superieur wordt geacht aan de heidense dwalingen van de Islam.(Duinhoven:33)
Door deze waardering zijn Deze verschillen tussen beide godsdiensten zijn eigenlijk alleen maar bedoeld om een bepaalde sfeer op te wekken en om een goed verhaal voor de toehoorders op het toneel te brengen:
De tegenstelling tussen West en Oost of tussen kerstenrijc en heydenesse groeit niet uit tot een motorisch element, omdat ze geen enkel probleem oproept. Esmoreit gaat zonder verpinken in op het verzoek van zijn vader de vreemde goden af te zweren en te geloven in God, de schepper van hemel en aarde. Over Damiet wordt zelfs met geen woord gerept, zo evident was het dat zij zich zou bekeren. Dit moge ons verwonderen, maar voor de auteur en voor het publiek was de tegenstelling tussen deze twee werelden meer uiterlijk dan innerlijk en krijgt ze aldus voor al een sfeerscheppende waarde. Toch staat ook dit abelspel volledig in het licht van de theocentrische levensopvatting van de middeleeuwer. Dit blijkt niet alleen uit de gebeden van de koningin maar ook uit het eerste gebed van de zogezegd bekeerde Esmoriet, die onmiddellijk God om bescherming smeekt voor Damiet.
Dat er in het verhaal eigenlijk geen probleem bestaat van welke godsdienst je bent, blijkt ook als je kijkt naar de volgende feiten:
  • Er wordt nergens negatief gesproken over de sterrenwichelarij van Platus.
  • Platus wordt op zijn woord gelooft als hij zegt dat Robbrecht een huichelaar en bedrieger is.
  • Het is de christen Robbrecht die de bedrieger is.
  • Over de bekeringen van Esmoreit en Damiet en hun toekomstige huwelijk wordt vrij makkelijk gedaan. Je hoort namelijk nergens dat er iemand op tegen is, terwijl daarom eigenlijk het toneel is begonnen, want daarom nam Platus, Esmoreit mee naar Damascus.
Verdere bijzonderheden:
  • Esmoreit is in Damascus terechtgekomen omdat hij een gevaar vormde voor de Koning van Damascus. Hij wordt daar heidens opgevoed zodat hij geen gevaar meer is. Als hij echter aan het eind van het toneel weer christen is, komt het gevaar gewoon niet meer terug, ook het huwelijk van Esmoreit met en de bekering van Damiet is dan plotseling geen enkel probleem meer.
  • Waarom weerhield Platus, Robbrecht ervan Esmoreit te doden, daarvoor was hij immers zelf ook gekomen.
  • Platus is aan het begin van plan alles te verhinderen, wat hij voorspeld had, aan het eind echter helpt hij eraan mee!!
  • De koningin wordt door Robbrecht zo in de gevangenis gegooid dat zij geen enkel kontact meer had met de buitenwereld, maar als Esmoreit terugkomt, kan Esmoreit wel met zijn moeder door de tralies praten.
  • Terwijl Esmoreit in Damascus 18 jaar ouder wordt blijft Damiet gewoon even oud.
Toch is het een goed in elkaar gezet toneelstuk, vooral omdat het de kijker blijft boeien en ook helemaal op de middeleeuwse kijker is gericht: Aan alle verwachtingen van de kijker wordt voldaan: Door de godsvoorzienigheid blijft Esmoreit leven, vind Esmoreit zijn ouders weer, bekeerd hij zich, verder vind Damiet Esmoreit weer, wordt Robbrecht gestraft, trouwen Esmoreit en Damiet en wordt de Koningin weer in eer hersteld.
Het commentaar dat de auteur geeft op politiek, sociale, godsdienstig leven geeft.
  • Politiek, weinig, alleen dat hij volgens mij de heerszucht van de koning van Damascus afwijzt en dat hij vrijwel geen verschil tussen Oost en West aangeeft, en daarmee te kennen geeft dat wat hem betreft iedereen gelijk is.
  • Sociaal, negatief, voornamelijk het onrecht dat Robbrecht de koningin heeft aangedaan, verder positief, dat de koning van Damascus Esmoreit opvoed als zijn eigen zoon en de goede sociale omgang tussen christenen en heidenen.
  • Godsdienstig, positief, geen problemen, haat, enz, tussen de heidenen en christenen. Verder dat de koningin wat er ook gebeurd op God blijft vertrouwen.
    Waar dit toneel vandaan komt / van afgeleid is weet niemand, de meningen erover zijn zeer verschillend, de meesten denken dat het gebaseerd is op verschillende overleveringen uit die tijd, maar Duinhoven bijvoorbeeld beweerd met stelligheid dat het afgeleid is uit de bijbel: De geschiedenis van Mozes. Hiervoor is echter algehele herschrijving van de Esmoreit noodzakelijk. Het meest waarschijnlijke is volgens mij ook dat het gebaseerd is op meerdere verhalen uit die tijd, omdat zoals ik al eerder zei er zeer veel overeenkomsten zijn met verhalen uit die tijd.

De receptie

5.1 Inleiding

Dit laatste hoofdstuk word een iets korter hoofdstuk, dan de andere hoofdstukken omdat het alleen maar om de receptie, het ontvangst gaat. Maar toch draagt dit hoofdstuk goed bij aan een volledige analyse van Esmoreit.

5.2 Het ontvangst

Voor de tijdgenoten was het een zeer boeiend stuk omdat het goed aansprak op de gevoelens van die tijd. Bij het begin zit de spanning er tegelijk goed in en het blijft de hele tijd boeiend. Omdat de spelers een eenvoudig karakter hebben, of radicaal goed, of radicaal slecht, valt bijna iedere gebeurtenis te voorspellen en daardoor blijft het spannend. Ik denk dat daardoor ook door de eeuwen heen zo positief op de toneel is gereageerd, omdat het gewoon van begin tot het einde spannend en voorspelbaar is.

Bibliografie

  • Smulders, D.T.
    Script
    Malmberg Den Bosch
  • Adema, H.
    Esmoreit
    Taal & Teken Leeuwarden 19882 (1983)
  • Kaakebeen, C.G. en Verdeyen, R.
    Een abel spel van esmoreit
    J.B. Wolters Groningen 198917 (1960)
Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen