U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : Verzetsbeweging - Wereld Oorlog Ii Ingezonden Door: Anoniem Categ.
Deze versie komt van http://www.scholieren.be/huiswerk/show_stuk.php?id=707 en is laatst upgedate op Onbekend.
De taal ervan is Geschiedenis en het aantal woorden bedraagt 2230 woorden.

A. Interview met mijn grootvader Gesprek.



Mijn grootvader is altijd al goed geweest in verhalen vertellen, wat nogmaals blijkt.

En door deze verhalen kreeg ik ook een goed beeld van de oorlog en wist ik hoe het er toen aan toe ging.



• Zijn familie



Wij waren thuis met 10 kinderen 6 broers en 3 zussen. Je kunt je dan wel voorstellen dat we het zeker niet breed hadden. En daarom nogal geregeld ruzie werd gemaakt voor het minste. Als jongens in onze groeiperiode hadden we dikwijls honger omdat we dikwijls maar net voldoende hadden om te eten. Ons vader ging bij de boeren eten kopen en smokkelde dat onder zijn kleren vastgebonden naar huis. Die boeren vroegen heel veel geld daarvoor en wilden soms ook niet verkopen. De man van mijn zuster werkte voor de Witten (verzetsbeweging) Hij bestreed de Duitsers. Ik wist dat hij heel gevaarlijk werk deed maar hij heeft er na de oorlog nooit veel over willen vertellen. Het was te gruwelijk wat hij allemaal had meegemaakt. Mijn neef werkte ook bij het verzet. Hij is opgepakt. De Duitsers hebben mijn nonkel en zijn gezin zo hard aangepakt tot mijn nichtje vertelde waar ze hem konden vinden. Mijn neef is naar het fort Van Breedonk gevoerd en daar zwaar gemarteld. Hij is daar gestorven. De kleren die mijn tante nadien mocht ophalen stonden stijf van het bloed. Zij is die schok nooit te boven gekomen.



• Het begin van WO II



Eigenlijk was de oorlog al een jaar vroeger begonnen. Toen waren hier al Duitse soldaten (info: dit was de bezetting). De Duitsers sliepen in houten barakken.Toen waren ze loopgraven aan het maken van 1,5 meter diep en 1 meter breed. Het gebeurde op 10 mei 1940. Er vlogen 3 bommenwerpers niet zo ver van ons dorp.Dit gebeurde al vroeg in de morgen. Dit zal rond een uur of 7 moeten zijn geweest. Ik was op dat moment met enkele kameraden op een plein.We zijn direct naar huis gereden om daar het nieuws te horen over de oorlog op de Piratenzender, de Engelse Radio. Deze was verboden door de Duitsers. Op het einde van de uitzending zei men iets van we zullen ze wel krijgen of zoiets. Dit was het begin. Op 28 mei gaf België zich over. Het land was nu door de Duitsers bezet. De Belgische vlag werd door de Duitse vlag vervangen. Duitse wetten kwamen in de plaats van de Belgische. Wie niet met de Duitsers meewerkte, werd in de gevangenis gestopt of naar Duitsland gevoerd om er te werken.



• Bommen



Als de bommenwerpers kwamen dan werden de sirenes opgezet. Als de mensen dit hoorden dan vluchtte men altijd zo snel mogelijk naar de schuilkelder en men verliet deze pas als de sirenes gestopt waren met loeien. Maar dit was enkel voor de V1 want de V2 hoorde men niet komen. Wij hadden een schuilkelder in de tuin, war ook onze buren inkropen. Dikwijls sliepen we in die kelder uit grote schrik. Mei 1940, er vlogen 3 grote bommenwerpers over Schoten. Er werden vele huizen vernield en heel wat ramen sneuvelden. Veel van deze bommen kwamen ook op verkeerde plaatsen terecht omdat ze te vroeg gelost waren. Zo werd er in Schoten een houtzagerij met de grond gelijk gemaakt. De bruggen werden opgeblazen door de Duitsers. Op sommige plaatsen van het Albert kanaal werden er vlotten of smalle bruggen gelegd. Deze werden vooral gebruikt om te smokkelen.

Informatie over de V-1 en de V-2 bom

De V-1 (projectnaam: Fi[eseler]-103) is een kruisvluchtwapen met een pulserende straalmotor en een indirect geleidingssysteem (zie geleid wapen). De romp werd gebouwd door een vliegtuigfabriek (Fieseler Flugzeugbau), de motor door Argusmotoren en het geleidingssysteem door Askania, een fabrikant van stuurautomaten. Aanvankelijk (1939) verwierp de Duitse Generale Staf het voorstel voor de ontwikkeling van deze ‘vliegende bom’, omdat de bom een ongewenste uitwerking op de burgerbevolking zou hebben. In 1942 werd toch toestemming gegeven om het geheime project ‘Kirschkern’ voor de V-1 uit te voeren. Al na een jaar ging men over op massaproductie. Het wapen voldeed echter niet en in 1944 werden 100 exemplaren naar Peenemünde gestuurd. Daar werd aan de ontwerpers van de A-wapens, waarvan de V-2 er een was, gevraagd m.n. de snelheid van het wapen op te voeren. In 1944 werden de verbeteringen doorgevoerd en werden duizenden wapens naar grotten en bunkers in Normandië gebracht om op 12 juni bij de start van de ‘Aktion Rumpelkammer’ naar Londen afgevuurd te worden.Op 13 juni vond de eerste succesvolle lancering plaats. De V-1 werd met een katapult, die op de gebombardeerde bases waren geplaatst, gelanceerd. 8000 stuks werden tegen Londen ingezet en nog eens 19 000 tegen Antwerpen en Luik. Enkele duizenden bereikten hun doel. In 1945 werd nog vanuit Rotterdam gelanceerd. In april 1945 werden alle V-1's in Berlijn en omgeving vernietigd.



Figuur 1 : V-1 Bom



De V-1 had een lengte van 8 m en een diameter van 0, 85 m en spanwijdte van 5,7 m. Het wapen woog 2200 kg met een oorlogslading van 850 kg en 550 kg brandstof. Het bereik ging van 250 tot 370 km bij een vlieghoogte van 300 tot 2000 m en een snelheid van 600 tot 800 km/h. Voor de geleiding werd een standgyroscoop, een hoeksnelheidsgyroscoop en een barometrische hoogtemeter gebruikt. De afgelegde weg werd met een luchtafstandmeter (mijlenteller in de vorm van een vrijdraaiende propeller) gemeten.



2. V-2

De V-2 (projectnaam A-4 [zie A-wapen]) is een ballistisch wapen met een vloeibare stuwstofraketmotor en een indirect geleidingssysteem (zie geleid wapen). In 1929 werd door de materieelafdeling van het Duitse leger een begin gemaakt met de ontwikkeling van raketmotoren, daarmee het Verdrag van Versailles (1919) omzeilend. In de jaren daarna werden in Kummersdorf onder leiding van Walter Robert Dornberger en Wernher von Braun zowel vaste als vloeibare stuurstofmotoren ontwikkeld. In 1936 was het detailontwerp van de A-4 gereed en werd begonnen met de bouw van het testcentrum in Peenemünde. In 1942 vond de eerste lancering van de V-2 plaats met een stuwkracht van 250 000 N; in datzelfde jaar gaf Hitler toestemming voor de serieproductie van de V-2.



De eerste van een springlading voorziene V-2 werd op 8 sept. 1944 vanaf een lanceerplaats bij Wassenaar naar Londen afgevuurd. In totaal werden meer dan 3000 V-2's gelanceerd naar doelen in Engeland en België. Van dit aantal is meer dan de helft op of nabij het doel neergekomen. De V-2 is de voorloper van de raketten voor de ruimtevaart.



De V-2 was een raket met een totale lengte van ruim 14 m en een maximale diameter van 1,65 m. De raketmotor werkte op vloeibare zuurstof en alcohol, waarvan in totaal 8750 kg in de raket aanwezig waren. De meegevoerde springlading, inclusief mantel, woog 980 kg en het totale startgewicht bedroeg ca. 13 ton. De maximale snelheid bedroeg ca. 5400 km/h; maximale hoogte 90 km. De raket werd na de lancering in een vooraf berekende baan geleid; op het moment dat een van tevoren bepaalde snelheid werd bereikt, werd de raketmotor uitgeschakeld, waarna het wapen verder een zuiver ballistische baan volgde



Figuur 2: V-2 Bom

Microsoft® Encarta® Encyclopedie 2002 Winkler Prins. © 1993-2001 Microsoft Corporation. Alle rechten voorbehouden.



• Gevlucht



Wij zijn gevlucht naar een klein dorpje ik kan me de naam niet herinneren.Toen we terug kwamen hadden de Duitsers bij ons thuis alles gebruikt wat ze maar konden gebruiken. Ze hadden alles opgegeten. Onze dieren geslacht, de grootste dan toch de andere had men onder de grond gestopt. Het huis was helemaal besmeurd. De afwas stond bij wijze van spreken tot aan het plafond.



• Zwarte brigade (SS)



Als wij terug kwamen zagen we enkel Duitsers. Maar er waren ook vele Belgen die bij de Duitsers stonden. Dit waren de zwarten (collaborateurs). Vele deden dit omdat ze schrik hadden van de Duitsers. Als de SS iemand oppakte, en dit gebeurde regelmatig, dan vloog men meteen op de trein naar een concentratiekamp. Het tegenovergestelde van de SS was de witte brigade. Deze waren bij de Engelsen, Frankrijk, Amerika en Canada. Dit zijn de landen waarvan hier de meest soldaten zaten. Als er na de oorlog mensen waren waarvan men kon bewijzen dat ze hebben meegestreden met de Duitsers dan werd men zwaar gestraft. In onze gemeente was er de gewoonte om al het hoofdhaar af te scheren van deze overlopers.



• Een Concentratiekamp



Dit gebeurde onder andere als men geen papieren op zak had. Als men dan toch overleefde na een concentratiekamp dan was men dikwijls verminkt of hield men er een trauma aan over. Ik ken iemand en die heeft het overleefd. Hij is vertrokken als een jongeman en teruggekomen met grijs haar en geestelijk helemaal in de war. Hij moest jaren worden verzorgd door zijn familie.



• De rantsoenering



De Duitsers wilde in de eerste plaats zorgen dat het leger voldoende brandstof, kledij en voedsel kreeg. Wat er dan nog overbleef, was voor ons. Om de voedselverdeling enigszins rechtvaardig te laten verlopen, krijgen de mensen rantsoenzegels. Deze kon men per persoon gaan afhalen op het stadhuis. Wie bijvoorbeeld boter wil kopen, moet naast het geld ook een zegel afgeven. Wie geen boterzegels heeft, eet geen boter of gaat boter kopen op de zwarte markt. Gevolg hiervan is dat er zeer veel voedsel werd gesmokkeld. Wie iets te veel heeft, probeert dit duur te verkopen. Wat toen zeer logisch was in die moeilijke tijd. Er stonden zware straffen op dat smokkelen. Sommige mensen zijn door het leed van andere mensen rijk geworden onder de oorlog.



• Het einde van WO II

Op 7 juni was het D-day, de beslissende dag. De geallieerde legers landden in Normandië.



Figuur 3: Troepen landen in Normandië

Amerikaanse stormtroepen landen op de stranden van Normandië in het noordwesten van Frankrijk op 7 juni 1944.

Microsoft ® Encarta ® Naslagbibliotheek - Winkler Prins. © 1993-2001 Microsoft Corporation/Het Spectrum. Alle rechten voorbehouden.

In nog geen 24 uur tijd brachten meer dan 4000 schepen en duizenden kleiner vaartuigen ongeveer 250 000 manschappen naar de Franse kust. De bevrijding van Frankrijk en daarna ook van de rest van Europa kon beginnen. Traag maar zeker.



B. Interview met inwoner : Vraaggesprek.



1. Beschrijf de laatste dagen voor de Duitse inval in ons land. (Hoe werden de Duitsers/Hitler voorgesteld? Hoe verliep de mobilisatie? Hoe reageerden de burgers? Radioberichtgeving?)



De mensen werden gewaarschuwd langs de radio. Ik weet nog dat er eerst een valse oproep kwam en nadien pas de echte. Alle mannen van 18 tot 35 jaar moesten soldaat worden. De Belgische bevolking was razend toen ze dit hoorden. Mijn vader moest ook mee gaan vechten.



2. Hoe verliep de Duitse intocht in uw woonplaats? Datum? Hoe werden zij onthaald? Eerste Duitse maatregelen?



De Duitsers stalen veel samen met die paar burgers die niet gevlucht waren. En alles wat men niet kon stelen, vernielden ze. Ze pikten allerlei bedrijven in om hiervan hun slaapplaats te maken.



3. Beschrijf het dagelijkse leven tijdens de oorlog en bezetting van ons land. ( Rantsoenering, verzet, collaboratie, berichtgeving via Duitse ( of Engelse ) radio, verplichte tewerkstelling, oostfrontstrijders, houding van de kerk, ingekwartierde Duitsers, Jodenvervolging, persoonlijke ervaringen….)



Rantsoenering was met bonnetjes, daar moest men mee naar ‘de kas’ gaan en dan kon men brood of aardappelen kopen. De Engelsen verzetten zich tegen de Duitsers. Er was een Duitse radio maar de mensen verstonden de Duitse taal niet. De kerk was kapot geschoten. In het stuk dat bleef rechtstaan deed men nog misvieringen. Dit gebeurde soms ook bij mensen in een grote schuur. Van de Joden vervolging merkte je niet zoveel omdat dit meestal in de grotere steden was. Mijn persoonlijke ervaring was dat het héél lang duurde men had niet veel om zich mee bezig te houden en zo de tijd te doden.



4. Beschrijf de bevrijding van uw gemeente/stad. (Wanneer, hoe, door wie bevrijd, mogelijke gevechten, reactie van het verzet, reactie van de bevolking op de bevrijding).



De oorlog eindigde in 1944. Dan begonnen de klokken weer te luiden. De Duitsers en de Engelsen verdwenen langzaam aan. De Duitsers hadden veel mensen dood geschoten, soms zelfs hele gezinnen uitgemoord.

De mensen waren zeer gelukkig en vierden feest.









5. Gevolgen van de bevrijding : festiviteiten, vervolging van collaborateurs (‘zwarten’), hoe veranderde het dagelijks leven, wat betekende het voor u persoonlijk,….



Er werd ook veel getrouwd na de oorlog en vele kinderen zagen voor het eerst daglicht. Er waren stoeten en feesten. De bruggen werden gemaakt en opnieuw ingehuldigd want deze waren door de Duitsers vernield. Bij de collaborateurs sloegen ze thuis alles kapot en ze schilderden het huis vol met hakenkruizen.



6. De periode tussen de bevrijding en het einde van WO II : V1- en V2 bommen, strijd om Antwerpen, terugkeer van mensen uit concentratiekampen, ontdekking van de gaskamers en Jodenvervolging, atoombom,…



V1 en V2 werden veel gebruikt die tijd. Hier in de buurt vielen 5 doden. Antwerpen was helemaal plat gegooid door de Duitsers en mensen die concentratiekampen overleefden werden gevierd aan de kerk. Mensen waren mager, hadden veel honger, weinig kleren, ze moesten hard werken en ze konden zich daar niet verzorgen. Boodschap aan jongeren van vandaag die nooit een oorlog hebben meegemaakt ( en eigenlijk niet weten wat dat is)?

Ik hoop dat ze dit niet moeten meemaken. Want volgens mij zal een nieuwe oorlog met veel zwaardere wapens gebeuren en zullen er veel meer slachtoffers vallen op lange termijn.





Bedankt voor het lezen van mijn jaarwerk over Wereld Oorlog II. Ik hoop dat u nog iets bij geleerd heeft ik alleszins wel.

Ik vond dit een interessant werk omdat ik nu toch ietsje meer weet over de Wereld Oorlog.
Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen