U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : Yvonne Keuls - Daniel Maandag.
Deze versie komt van http://www.scholieren.com/boekverslagen/1534 en is laatst upgedate op 21/08/1998.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 948 woorden.

Titel

Daniël Maandag



De titel van het boek is "Daniël Maandag" en het is geschreven door Yvonne Keuls.



TITELVERKLARING: De titel is "Daniël Maandag", omdat de hoofdpersoon van het verhaal zo heet. Dit is een Joods jongetje van 7 jaar Dit boek is voor het eerst uitgegeven in 1988.



HOOFDPERSONEN: De hoofdpersoon van dit verhaal is Daniël Maandag. Hij is een jongen van ongeveer 8 jaar oud. Zijn zusje heet Rosalinde. Zij is ouder als Daniël. Zij komt niet het hele verhaal voor. Daniël's vader is een man van rond de veertig. Hij is muziekleraar en repareert als hobby klokken. Zijn vrouw is in de loop van het verhaal overleden. Daniël's tante wil steeds dat Daniël viool leert spelen. Daniël wil dit niet. Zij neemt het steeds weer op voor Rosalinde als die ruzie heeft met Daniël.



HET VERHAAL: Het verhaal speelt zich af tijdens de tweede wereldoorlog. Daniël zijn moeder is ziek en bevindt zich tijdens het uitbreken van de oorlog in een sanatorium in Zwitserland. Daniël woont met zijn vader, zus en tante in huis. Zijn vader is muziekleraar en repareert als hobby klokken. Zijn zus speelt viool en wordt daarom altijd voorgetrokken volgens Daniël. Zijn tante vind dat Daniël ook moet leren vioolspelen. Daar heeft hij geen zin in. Eind 1940 krijgen ze te horen dat zijn moeder is overleden in Zwitserland. Op de ochtend dat de oorlog begint zijn zijn vader en zijn tante druk bezig om alle instrumenten in kleden te wikkelen. Dit wil hij volgen en hij pakt de cadeautjes die zijn moeder hem geeft toegestuurd in. Zijn zus Rosalinde krijgt vioolles van meneer Labohm. Deze vindt dat Daniël uit de buurt van Rosalinde moet blijven om haar niet te storen. Daniël moet daardoor veel vrije tijd op straat doorbrengen. Dit komt hem wel goed uit, want dan kan hij met andere jongens spelen. Op een dag komen twee tante's van hem op bezoek. Normaal geven ze hem altijd veel, aandacht, maar ditmaal moet hij gaan spelen. Toevallig hoort hij dat de tante's ruzie krijgen met zijn vader. Zij vinden dat hij moet onderduiken, omdat hij Joods is, maar dat wil hij niet. Hij is in het bezit van vervalste papieren en denkt dat dat genoeg is. De dag daarna heeft zijn vader zijn baard eraf geschoren. Daniël is erg verontwaardigd dat zijn vader zonder met hem te overleggen, zijn baard eraf heeft geschoren. Op straat hoort hij van de andere jongens dat hij uit een Joodse familie komt en dat Joden naar kampen in Duitsland worden gestuurd. Als hij thuis aan zijn vader vraagt hoe het precies zit krijgt hij een heel ingewikkeld verhaal te horen. Ook verteld zijn vader hem een verhaal dat past bij de valse papieren die hij bezit. Dit verhaal moet Daniël in noodsituatie's aan de Duitsers vertellen. Omdat het verhaal van zijn vader niet gelooft wordt door de jongens op straat moet Daniël een proef afleggen. Hij moet door een mijnenveld naar de huizen lopen die aan de andere kant van het veld staan. Als bewijs dat hij er echt is geweest moet hij een huisnummer meenemen. Twee weken nadat Daniël de proef had afgelegd liep een hond het mijnenveld op en liep op een mijn. Toen pas realiseerden de jongens hoe gevaarlijk de proef was geweest. Op een dag krijgen ze een brief dat ze zich moeten melden. Vader zegt dat het een vergissing is en wil een brief terug- schrijven. Voor alle zekerheid laten ze Rosalinde toch maar onderduiken. Ze kan terecht bij een kennis van meneer Labohm. Ze kan er ook verder studeren op haar viool. Samen met de buurman (Meneer Prakke) wordt er een schuilplaats gemaakt in de luchtkoker tussen de twee huizen in. Ze moeten oefenen hoe snel ze in de schuilplaats kunnen komen. Daniël vindt het een prachtig spelletje. Met zijn vrienden gaan ze naar een verla- ten stoffenwinkeltje die ooit van een Jood was. Ze nemen allemaal wat mee naar huis. Daniël neemt een rol stof mee, maar hij moet het terugbrengen van zijn vader. Ze eten veel suikerbieten. Als Daniël eens suikerbieten moet schillen snijdt hij zich in zijn vingers. Hij zegt niets tegen zijn tante. Na een tijdje begint het pijn te doen en moet toch de dokter komen. Deze constateert dat Daniël bloedvergiftiging heeft opgelopen. Ze brengen de viool van Roos naar een winkeltje waar allerlei spullen geruild kunnen worden voor eten. Ze vragen er 1 kilo havermout voor. Op een dag beland Daniël met zijn vrienden bij enkele bunkers waar nog munitie ligt opgeslagen. De bunkers zijn helemaal verlaten. Van enkele granaten slaan ze de kop er af en nemen de staafjes trotyl die er in zitten mee naar huis om er de kachel mee aan te maken. Omdat er weinig te eten is gaan ze bij de boeren langs om eten te halen. Ze geven de viool van Daniël zijn tante mee om te ruilen. Bij de vierde boerderij waar ze komen hebben ze succes. De boer wil de viool wel hebben voor zijn zoon. Deze zoon blijkt iemend te zijn die totaal geen gevoel heeft voor het instrument, maar toch gaat de ruil door. Als ze terug komen in hun eigen straat merken ze dat er een razzia aan de gang is. Daniël sluipt gauw hun eigen huis in, en ziet daar hoe zijn vader opgepakt en weggevoerd wordt.



EIGEN MENING: Het is wel een leuk boek om te lezen. Als je eenmaal aan het lezen bent dan heb je het boek ook zo uit. Er is een ding wat ik jammer vind en dat is het einde, want je weet niet wat er verder met Daniël gebeurt.
Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen