U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : Kolet Janssen - Het Duivelskind.
Deze versie komt van http://www.scholieren.com/boekverslagen/1508 en is laatst upgedate op 16/06/2000.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 1031 woorden.

“Het Duivelskind”, door Kolet Janssen

Schout Willem Brant en zijn soldaten komen naar het dorpje Nijle. Eenmaal daar nemen ze Anneken Faes, een klein maar vreemd meisje gevangen op beschuldiging van hekserij. Ze wordt opgesloten in een kerker en moet wachten op haar eerste ondervraging. Haar ouders, vooral haar vader, is blij dat ze weg is. Het kind is immers zeer onaangenaam, brutaal en ongehoorzaam. Haar advocaat vertelt haar dat ze gefolterd zal worden, maar omwille van het feit dat ze nog maar een kind is zal ze enkel zweepslagen krijgen. Ze houdt de foltering uit en bekent niets. Tussen de vele ondervragingen en folteringen door blijft ze opgesloten en denkt ze terug aan vroeger. De rechters willen echter weten wie haar tot het kwaad heeft geleid en haar de toverkunsten heeft geleerd. Anneken weigert na de zoveelste foltering te praten en ze wordt weggebracht.

Het kind heeft een rug bedekt met bloed van de zweepslagen en ze denkt terug aan haar moeder en nieuwe vader, waarmee ze niet kan opschieten. Ze maakt kennis met twee andere kinderen die haar kunnen zien door een raam met tralies. Ze zijn eerst nogal bevreesd voor het kind, ze wordt immers van hekserij beschuldigd.

Na een tijdje verdwijnt hun angst en praten ze steeds meer met elkaar. De twee kinderen leveren het meisje wat stof en koord zodat ze zich niet zou vervelen. Anneken maakt met het materiaal een popje dat ze steeds moet verbergen voor de beul. Vanuit haar cel ziet ze een vrouw voorbijkomen die ze herkent als Cathelyne, een oude bekende die ze hielp met het huishouden. De vrouw negeert Anneken volledig ondanks haar luid geschreeuw. Anneken zakt wanhopig en kwaad ineen, alleen met haar gedachten. De volgende dag wordt het kind voor enkele wetsdienaars gebracht. Ze wil wraak op Cathelyne. Ze bekent en vertelt haar verhaal.

Cathelyne kon immers kruidendranken en zalfjes maken die vele kwalen kunnen genezen. Toen haar man dodelijk ziek werd probeerde ze al haar drankjes gedurende weken op hem uit. Wonder boven wonder genas de man stilletjes aan. Cathelyne gaf haar kruidenkennis aan Anneken door. De vrouw had ook een persoonlijke duivel, Moonvaeyer. Dit wezen stond haar bij en hielp haar telkens als ze een probleem had. Zij overhaalde Anneken om ook haar eigen duivel te ontmoeten. Een duivel, genaamd Crisis, die ook van haar een heks zou maken. Anneken was bang maar stemde toch in. Het onzekere meisje werd ingewreven met een zalf en even later vloog ze hoog in de lucht. Ze landde bij een kampvuur waar Crisis haar opwachtte. Ze moest hem trouw beloven en op de billen kussen. Nadat Anneken dit had gedaan nam zij met Crisis deel aan een Heksensabbat, waar heksen en hun duivels feestvierden. Na het feest dwong de duivel Anneken om met hem te vrijen. Crisis begon Anneken te verkrachten. Het meisje werd kwaad en schopte hem op zijn verstijfde lid. Een ogenblik later was Anneken terug bij Cathelyne die haar wegstuurde.

Dankzij Annekens bekentenis wordt Cathelyne gearresteerd. Enkele Nijlse dorpelingen getuigen over Cathelyne en Anneken. Het meisje doet haar verhaal aan de rechter, wat genoeg is om Cathelyne te beschuldigen van hekserij. Cathelyne wordt naakt aan de palei gehangen en na de folteringen bekent ze alles. Haar zoon is ooit de vriend van Anneken geweest en ze zorgt er dus voor dat men hem niet kan beschuldigen van tovenarij. Anneken krijgt de kans Cathelynes zoon te spreken. De jongen is razend op het veertienjarige meisje. Hij vindt dat ze alles heeft overdreven en dat ze zijn onschuld niet moet bewijzen in haar getuigenis, omdat hij zelf niet wordt beschuldigd van hekserij of medeplichtigheid. Er worden nog enkele getuigen naar voren geroepen, voordat het uiteindelijke oordeel wordt uitgesproken. Anneken wordt vrijgelaten omdat ze nog maar veertien is en zelfs op een elfjarige lijkt.

Als straf moet ze elke vrijdag vasten. Ze mag dan enkel water en brood eten, gedurende een periode van één jaar. Cathelyne wordt terechtgesteld, ze sterft op de brandstapel.





Het verhaal speelt zich af in onze streken, want Anneken woonde in het dorp Nijle en volgens het boek was ze opgesloten in Lier. Verder is er weinig aandacht besteed aan plaatsbeschrijvingen. Deze zijn niet noodzakelijk voor het verloop van het verhaal en hebben ook geen invloed op de karakters en gebeurtenissen.

Het boek verloopt allesbehalve chronologisch. Anneken denkt voortdurend aan gebeurtenissen in het verleden, zoals haar ontmoeting met Cathelyne en de ruzie met haar vader. Het eigenlijke verhaal, zonder de talrijke terugblikken, loopt over een periode van enkele maanden. De schrijver vermeldt duidelijk dat de rechtszaak tegen Cathelyne in 1589 plaatsvond.

Het boek telt een 155 bladzijden en heeft dus toch een gemiddelde verteltijd. De grammaticale tijd die bij het schrijven van dit boek gebruikt werkt is de O.T.T..

Het drukwerk heeft normale afmetingen met hier en daar haast lege bladzijden, zoals in het begin van elk hoofdstuk. De bladzijden zijn allesbehalve volgeschreven.

Er is een epiloog aan het verhaal en het boek bevat geschriften, teksten en documenten die met het proces en de andere gebeurtenissen te maken hebben. Zoals een getuigenis van Willem Brant over de arrestatie van Anneken en letterlijke verklaringen destijds afgelegd door de hoofdpersonages. Het verhaal, dat gebaseerd is op waargebeurde feiten, kon worden geschreven dankzij de teruggevonden historische documenten omtrent de rechtszaak van Anneken Faes.

De periode, waarin het verhaal zich afspeelt, heeft veel met de gebeurtenissen in het boek te maken. De mensen waren in de zestiende eeuw zeer bijgelovig en bij het minste dat men ongewoon vond, sprak men van hekserij. Dus zij die zich raar gedroegen, een buitengewone kennis van bloemen, planten en kruiden hadden of gewoon gek waren, noemde men al snel tovenaar of heks. Deze mensen werden opgejaagd als wild en ter dood veroordeeld. Zij werden onschuldig op de brandstapel gezet, onthoofd of met een zware rotsblok in het water gegooid met de verdrinkingsdood als gevolg.



Persoonlijk vond ik het een boeiend boek door de geschiedkundige achtergrond en de mysterieuse sfeer. Het boek is best spannend, maar dit wordt soms tenietgedaan door de vele en lange terugblikken, die weleens storend en verwarrend kunnen zijn. Niettemin blijft dit boek een aanrader.
Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen