U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : Willem F. Hermans - Uit Talloos Veel Miljoenen.
Deze versie komt van http://www.scholieren.com/boekverslagen/1485 en is laatst upgedate op 24/10/2000.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 1225 woorden.

Nederlands boekbespreking “Uit talloos veel miljoenen” van Willem Frederik Hermans



Het boek heeft twee hoofdpersonen, Clemens en Sita, zij zijn getrouwd en wonen al een lange tijd samen. Zij hebben één dochter, Parel. Zij is eigenlijk alleen de dochter van Sita, haar vader is nog voor haar geboorte er vandoor gegaan en daarna had Sita Clemens leren kennen. Van Clemens raakte zij opnieuw zwanger. Clemens wilde met haar trouwen, maar dat mocht niet van zijn vader, tenzij ze het kind lieten aborteren. Dat hebben ze toen gedaan, maar de operatie liep niet goed en Sita zou nu nooit meer kinderen kunnen krijgen.



Clemens is al vijftien jaar docent maatschappij-wetenschappen op de universiteit van Groningen. Het is een klein mannetje, met een slecht gebit. Ook heeft hij een bril en bijna altijd een hoed op. Hij is extreemlinks en heeft in zijn bureaukamer dan ook stapels linkse tijdschriften liggen. Op de universiteit doet hij erg zijn best om professor te worden, maar daarvoor moet hij eerst een goed artikel hebben geschreven en dat lukt hem niet. Hij gaat dan ook elke week naar de psychiater, net zoals bijna alle andere wetenschappers van de universiteit. Maar die kan hem ook niet echt helpen, hij schrijft alleen elke keer een andere kleur pillen voor.



Hij beschouwt zijn carrière als verloren, zeker op het moment dat Klaas van Zeerijp, een jongere collega, wel een betere baan krijgt als lector. Hij probeert van Zeerijp over te halen hem te helpen, want deze kan met zijn functie invloed uitoefenen op Clemens’ promovering, door hem uit te nodigen voor een etentje bij hun thuis. Ze hebben een goed gesprek maar met overdreven geleerd taalgebruik. Maar wanneer Parel binnenkomt heeft van Zeerijp alleen nog maar oog voor haar. Dit vindt Sita erg blij mee, want ze verwacht dat hierdoor niet alleen haar man geholpen wordt, maar ook hoopt ze dat Parel eindelijk met een behoorlijke man aanpapt. De volgende dag blijken Parel en van Zeerijp hoewel ze beiden getrouwd zijn een relatie te hebben. Een tijdje later vertrekken ze samen op vakantie naar Zwitserland, maar niemand weet precies naar welk dorp.



Sita heeft geen werk en is verslaafd aan de whisky, die ze voor een deel in een lege azijnfles giet om het te verbergen. Verder houdt ze zich erg bezig met gedichtjes, haar idool is de kinderboeken schrijver Lionel Prent. Hem schrijft ze uiteindelijk ook een brief met de vragen of hij, als zij een kinderboekje zou schrijven, het zou willen illustreren, en of ze dat boekje in proza of in versjes moet schrijven. Ze heeft namelijk een aantal versjes bedacht over een Beertje dat Bombazijn heet. Haar buurvrouw Alies Neubauer is al een bekend kinderboekenschrijfster die een succesvolle serie kindergedichtjes over vogeltje Parlevliet heeft geschreven. Alies probeert Sita te helpen door een afspraak voor haar te regelen met haar uitgever, Dick Hosselaar, die ook wel beertje brandewijn wordt genoemd, en dat lukt haar ook. Uiteindelijk lukt het Sita alleen niet haar boekje af te maken, want wanneer zij in Amsterdam over het Leidseplein loopt na haar afspraak bij de uitgever, wordt haar tas gestolen met daarin haar manuscript voor haar boek.

Sita voelt zich minderwaardig vergeleken bij de mensen om haar heen, haar man en buren werken allemaal op de universiteit, of zijn geleerd op een ander gebied.



Het boek loopt niet goed af. Sita’s twee grote wensen: een goede toekomst voor haar dochter Parel en het schrijven van kinderboekjes komen allebei niet uit; Parel komt uiteindelijk in een dure seksclub in Bremen te werken, en haar relatie met Klaas van Zeerijp wordt een flop. Ze kan de gedichtjes niet meer opnieuw verzinnen. Clemens heeft nog steeds geen baan als professor. Als ze uiteindelijk beseffen dat ze toch van elkaar houden, komt Sita in het ziekenhuis te liggen met baarmoederkanker.



Analyse

Verklaring van de titel:

Hermans heeft een gezin beschreven, één uit talloos veel miljoenen, dat gedoemd is te mislukken in het leven. Hij probeert duidelijk te maken dat een mens maar een klein stukje is van een veel grotere wereld, en dat er toch altijd maar een kleine groep mensen is die erin slaagt hun idealen te verwezenlijken en iets te bereiken in het leven. Dit is ook het thema van het boek, met als voorbeeld een aantal personages als hoofdpersonen die er niet in slagen iets te bereiken.

Het motto is een citaat van Jacob Winkler Prins: “Niets wordt er, niets, uit talloos veel miljoenen”. Hier zit dezelfde gedachte achter als bij de titel.

Genre: Epiek, een psychologische roman, de handelingen van de hoofdpersonen worden verklaart vanuit hun karakter.

Motieven: Post, brieven, de brief die Clemens in het begin van het boek van zijn vader krijgt, de brief die Sita aan Lionel Prent stuurt, de ansichtkaart die Clemens altijd bij zich heeft, het brievenbusje dat op oudejaarsnacht gestolen wordt, de ansichtkaart die Parel stuurt vanuit Zwitserland. Dit is een structuurmotief.

Het boek is chronologisch verteld. Het verhaal hangt goed samen. De spanningsbogen in het verhaal zijn kort. Soms duurden ze een heel hoofdstuk, bijvoorbeeld wanneer het onduidelijk was wat er precies in Zwitserland was gebeurd. Maar soms ook maar een paar regels, dat je benieuwd bent, omdat iets nog even niet wordt verteld.

Het verhaal begint “in medias res”, er zijn al een paar dingen gebeurt die belangrijk zijn voor het verhaal; Clemens en Sita wonen al lang samen, maar het verhaal begint niet bij het punt dat Sita zwanger was van Clemens en het kind liet aborteren of nog eerder, terwijl dat deel toch belangrijk is in de rest van het verhaal.

Clemens en Sita zijn de round-characters van het verhaal, en de hoofdpersonages.

Alle anderen zijn flat-characters.

Het verhaal speelt zich af in de winter, ongeveer twintig jaar geleden, voornamelijk in en rondom het dorpje Paterswolde, waar vooral medewerkers van de universiteit wonen.

Het boek is in meervoudig personale vertelsituatie geschreven en gedeeltelijk met een algemene verteller. De gebeurtenissen worden voornamelijk beschreven door de ogen van Clemens of Sita maar af en toe lees je ook een gesprek van bijvoorbeeld de buren. Daardoor krijg je ook een beeld van wat andere mensen van hen vinden.

Ik vind dat Hermans een leuke schrijfstijl heeft, het leest fijn, je gaat makkelijk door het boek heen. Hij gebruikt soms grappige woorden als bijvoorbeeld ‘papoeados’ om het haar van van Zeerijp te beschrijven en neemt mensen in de maling. Ze hebben bijvoorbeeld een psycholoog als buurman die overdreven ingewikkelde verhalen houdt waar bijna niemand verder wat van begrijpt en een buurvrouw die overdreven geïnteresseerd is in seks.

Het thema van het boek was wel een beetje pessimistisch, alles mislukt de hele tijd, maar als je het boek leest merk je dat niet echt, doordat veel dingen heel normaal worden beschreven, alsof het niet zo erg is. Bijna alle gebeurtenissen zijn van belang voor het verhaal, het is niet zo dat er iets gebeurd zonder dat er iets anders aan verbonden is. Dat maakt het boek interessant om te lezen. De bouw zit wel logisch in elkaar, het verhaal wordt goed op gebouwd en samen met het taalgebruik maakt dat het een best makkelijk leesbaar boek.

De personages vind ik heel goed gevonden, de karakters verschillen heel leuk van elkaar, Hermans neemt bepaalde figuren op een leuke manier in de maling en dat is erg grappig.
Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen