U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : Willem F. Hermans - Nooit Meer Slapen.
Deze versie komt van http://www.scholieren.com/boekverslagen/1481 en is laatst upgedate op 21/08/1998.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 2329 woorden.

Titel

Nooit meer slapen



Auteur

Willem F Hermans



Datum van uitgave

tiende druk, mei 1972. Eerste druk februari 1966.



Karakterbeschrijving

De hoofdpersoon in dit boek is Alfred Isendorf, een pas afgestudeerde geoloog die (net begonnen aan zijn proefschrift) afreist naar het Noorden om daar een geologisch onderzoek omtrent meteorieten te doen. De wat onzekere hoofdpersoon probeert in het verhaal zijn geestelijke en lichamelijke krachten te meten met zijn medereizigers die in zijn ogen alles beter doen dan hijzelf. Wat ook erg naar voren komt in dit verhaal is de drang van de hoofdpersoon tot het ontdekken van iets nieuws. Een nieuwe uitvinding doen. Niet al het voorgekauwde wat andere geleerden al lang en breed hebben ontdekt nog eens moeten leren, dit om zijn vader te overtreffen. Alfred betekent letterlijk: de rede uit de taal der dwergen, hier: die van de kleine burgers. Issendorf betekent te dorps, onmondig. Arne betekent oorspronkelijk in het Noors haardstede, dus vuur. Mikkelsen is de zoon van Mikkel (Noors voor Reinaert de vos), dus listig en onbetrouwbaar. Sibbelee zou kunnen verwijzen naar Cybele, een Griekse godin die onder andere wordt vereerd in de vorm van meteorieten.



De fabel

Alfred Issendorf gaat in opdracht van zijn leermeester Sibbelee naar Finnmarken in Noorwegen om een theorie van zijn hoogleraar over het ontstaan van gaten in de bodem te onderzoeken. Hij moest van tevoren naar Oslo om bij professor Nummendal luchtfoto's op te gaan halen. Deze waren er niet en hij werd doorgestuurd naar de geologische dienst. Daar waren ze ook niet zodat hij zonder foto's aan zijn expeditie moest beginnen.



In het plaatsje Alta ontmoet hij Arne, zijn reisgenoot. Met twee tochtgenoten Qvigstad en Mikkelsen trekken zij, zwaar bepakt, door Finnmarken. Alfred is ongetraind en heeft constant een zwerm muggen om zich heen de tocht is voor Alfred daardoor niet aangenaam. Ze trekken naar de berg Vuorje. Als Alfred onderweg ontdekt dat Mikkelsen luchtfoto's bij zich heeft wordt hij kwaad. Op de foto's vindt hij geen enkele aanwijzing om de theorie van zijn hoogleraar te bewijzen.



De volgende dag gaan Mikkelsen en Qvigstad hun eigen weg, Alfred en Arne krijgen een meningsverschil over de te volgen weg. Alfred trekt dan alleen verder maar merkt na een tijdje dat hij zich heeft vergist, hij gaat via een omweg terug naar de plek waar hij Arne heeft achtergelaten, hij ziet dan dat Arne in een kloof is gevallen en gestorven is, hij neemt Arne's dagboek mee en loopt met z'n laatste restje energie terug naar de bewoonde wereld. Onderweg hoort hij een slag die overgaat in gerommel; in het vliegtuig leest hij dat het waarschijnlijk de inslag van een meteoriet is geweest. Als hij thuiskomt krijgt hij twee manchetknopen die zijn vader hem wilde geven toen hij zeven werd, maar die net daarvoor verongelukte. Ze zijn gemaakt van een in tweeën gezaagd meteoriet...



Structuur

Deze roman (251 bladzijden) is onderverdeeld in zeer korte hoofdstukken, in totaal 47. De kortste bedragen minder dan één bladzijde, de langste telt er elf. Het verhaal speelt zich voornamelijk af in Finnmarken, Noorwegen in de zomer van 1965 tussen ongeveer 15 juli en 5 augustus en is niet chronologisch verteld. Er zitten namelijk enkele flashbacks in. Het verhaal is bijna volledig in de tegenwoordige tijd geschreven. Het verhaal wordt verteld in de eerste persoon, de hoofdpersoon vertelt tijdens zijn reis wat hij meemaakt. Opmerkelijk gegeven: Nooit meer slapen is geen autobiografische roman, maar op alle plaatsen die er in voorkomen is Hermans zelf geweest.



Opbouw

De opbouw van het boek is cyclisch. Alfreds reis van Oslo naar Finnmarken in het begin wordt aan het eind in omgekeerde volgorde herhaald. Het verhaal eindigt in Nederland, waar het eigenlijk via flashbacks ook begint.



Titelverklaring

De titel Nooit meer slapen wijst aan de ene kant op de dood van Arne dit maak ik duidelijker door een citaat. Op pagina 218 merkt Issendorf over de dood van Arne op: 'Dit is geen slapen, dit is nooit meer slapen.' Aan de andere kant wijst de titel op het feit dat Alfred zich bevindt in het land waar de zon niet onder gaat en daardoor niet (of nauwelijks) kan slapen.



Thema

"De portier is een invalide." Met deze zin opent het boek, en zet meteen de trend voor de rest van het verhaal. Vaak wordt Alfred Issendorf als een mislukt persoon gezien, maar naar mijn mening heeft hij best zij talenten. Jammer genoeg kan Alfred deze niet bij zichzelf vinden en beschouwt hij zichzelf ook als een mislukkeling. Net als in veel andere boeken van Hermans is ook hier de hoofdpersoon opzoek naar iets, in dit geval is dat een meteoriet. Het thema kan dus worden samengevat tot "Iets proberen te bereiken, en doordat dit gedoemd is te mislukken jezelf met andere personen te gaan vergelijken (om te kijken waardoor het bij die personen wel lukt) die het in jou ogen allemaal veel beter doen waardoor je allen maar meer aan jezelf gaat twijfelen."



Achtergrondinformatie

Op 1 september 1921 werd Willem Frederick Hermans geboren in Amsterdam. Hij is tweede en laatste kind van Johan en Henrika Hermans. In 1927 vindt hij de elektromagnetische rem uit. Pas in 1932 komt hij erachter dat deze uitvinding al eerder door iemand was gedaan en schrijft in 1979 hierover een boek "Scheppend nihilisme" geheten. Hij studeerde van 1933 tot 1940 aan het Barleus gymnasium. Tussentijds, twee jaar voor zijn afstuderen wordt hij lid van de letterkundige vereniging DVS en wint de eerste prijs in een opstellenwedstrijd. Hij gaat dan tegen zijn zin op aandrang van zijn vader sociografie studeren. Hetzelfde jaar plegen zijn zus en zijn neef zelfmoord wat terug komt als thema in het boek "Ik heb altijd gelijk". Een jaar na het Barleus gymnasium stapt hij over naar de studie fysische geografie. Hij doet kandidaatsexamen en schrijft intussen gedichten en verhalen. Ook verschijnt zijn eerste roman "Conserve".



Van 1946 tot 1948 is hij redacteur van Criterium. Twee jaar later legt hij zijn doctoraal examen af en treedt in het huwelijk. Hij wordt dan redacteur van Podium. In 1952 wordt er een proces tegen hem gevoerd vanwege zijn boek "Ik heb altijd gelijk" omdat dit kwetsend zou zijn voor Rooms-katholieken. Hiervan wordt hij vrijgesproken. Drie Jaar later gaat hij werken als fysisch geograaf, onder andere in Scandinavië. Dan wordt zijn zoon Rupert geboren. Weer drie jaar later wordt hij benoemd tot lector fysische geografie aan de Groningse Universiteit.



Op een gegeven moment raakt hij in conflict met zijn uitgever G.A. van Oirschot over het herdrukken van boeken en zijn honorarium. Zijn verdere werken worden nu bij de Bezige Bij gepubliceerd. In 1963 wordt zijn roman "De donkere kamer van Damocles" verfilmd onder de titel "Als twee druppels water" en drie jaar later krijgt hij de Vijverbergprijs voor zijn roman "Nooit meer slapen". Hij weigert deze prijs en laat hem overmaken aan de actie "Eten voor Afrika" en ook in 1972 weigert hij de P.C. Hooft prijs. In 1973 neemt Hermans ontslag als lector en vestigt zich als schrijver in Parijs. Vanuit Parijs verzorgt hij drie jaar lang onder het pseudoniem Age Bijkaart een wekelijkse rubriek in het Parool, gebundeld onder de titel "Boze brieven van Bijkaart". In 1977 vindt er een bekroning plaats van zijn oeuvre met de grote prijs der Nederlandse letterkunde, die aan hem wordt uitgereikt door de Belgische koning in Brussel. Een tijd later, in 1986 zijn exposities van foto's van zijn hand te zien in het Stedelijk Museum te Amsterdam. Maar een jaar later wordt hij in Amsterdam als ongewenst persoon verklaard, omdat hij de culturele boycot tegen Afrika aan zijn laars lapte. Dan verhuist hij naar Brussel.



In 1990 wordt Hermans benoemd tot ere doctor in de letterkunde en wijsbegeerte aan de Universiteit van Luik en drie jaar later is hij weer welkom in Amsterdam, waar hij het boekenweekgeschenk "In de mist van het schimmenrijk" presenteerde. Willem Frederik Hermans stierf op 27 april 1996 in Utrecht.



Recensie

De recensie die bijgevoegd is aan dit verslag is geschreven door Jannetje Koelewijn. Zij vat Nooit meer slapen kort samen en interviewt Prof. Dr. Frans A. Jansen en dr. Jan Fontijn. Allereerst geeft ze haar visie op Nooit meer slapen, zij zegt over de roman: "Alles hierin is gedoemd te mislukken", wat ook duidelijk het thema van het boek is. Jannetje verwerkt ook een deel van een interview met Hermans in haar stuk, waarin Hermans verteld dat een groot aantal van de personages op bestaande mensen is terug te voeren. Wat het grootste deel van haar stuk inneemt is het interview met Prof. Janssen en dr. Fontijn. Deze blijken uiterst interessant personen voor haar te zijn op het gebied Hermans. Janssen bekijkt Hermans werk vanuit het standpunt van de wetenschap. Hij is in een vakantie begonnen zich te verdiepen in Hermans' werk, en dan vooral de wetenschappelijke kant. Hij onderzoekt bijvoorbeeld de boeken van Hermans op technische schrijf fouten. "Alleen dit soort onderzoeken zijn de moeite waard," zegt Janssen. "Je hebt als onderzoeker geen oordeel te geven," zegt hij. "Je hebt waar te nemen. Het gaat om feiten. De rest is voor de wetenschap niet interessant." Ook met de bedoeling van de schrijver heeft Janssen niets te maken. Hij heeft namelijk te maken met zijn werk, de rest is volgens hem psychologie, en dat is zijn vak niet. Daarentegen is Fontijn wel geïnteresseerd in het leven en de bedoelingen van Hermans. Hij vindt de pessimistise kijk op de wereld van Hermans prachtig "Het vermogen van de mens om zichzelf te kennen en de wereld om hem heen te begrijpen" - dat is wat hij telkens weer demonstreert. De twee Hermans-kenners zijn totaal verschillend van aard. Het verschil in antwoord op de vraag: Heeft Hermans in Nooit meer slapen persoonlijke ervaringen verwerkt? Maakt dat duidelijk. Janssen antwoordt namelijk: "Weet ik niet, ik ken zijn vak niet. En zijn proefschrift begrijp ik niet. Ik zie alleen dat het in prachtig Frans is geschreven." In tegenstelling tot Fontein, die antwoordt: "Ik vermoed dat Hermans in Nooit meer slapen afrekent met zijn illusie om een groot wetenschap man te worden. Ik kan dat niet bewijzen, maar dat denk ik."



Interview

Waar het hoofdzakelijk om gaat in dit interview is Hermans' afgunst voor al het Amerikaanse, de cultuurbarbarij in Nederland en de ontoereikendheid van het menselijk bestaan als thema om te leven en te schrijven. Hermans leefde tijdens het interview in Brussel, waarom daar? Hermans vindt dat literatuur in Nederland niet voldoende serieus genomen wordt. Dit zal een rede zijn waarom hij liever in een land woont waar de nationale literatuur hoog wordt gehouden. Hij maakt een mooie vergelijking tussen literatuur en een stemmetje van binnen. "Alle mensen hebben een stemmetje van binnen", de literatuur is het stemmetje van binnen van een natie. Als die natie geen literatuur meer heeft, dan is er geen natie meer", aldus Hermans.



Hermans vindt Amerika ten eerste op politiek gebied een onbeschaafd land. Ook vindt hij de schrijvers daar erg ordinair. Dat hij daarbij Harry Mulisch als typisch Amerikaans bestempeld vind ik een beetje onbeschoft. De Amerikaanse begroetingen vindt hij eveneens ordinair, dit omdat hij zelf geleerd heeft altijd met twee woorden te spreken. Mijn opmerking hierbij is dat ik het vreemd vind waarom Hermans later in het interview bijna met trots spreekt over het feit dat hij indertijd één van de eersten was die seks in een roman uitvoerig besprak (met de bijbehorende onvertogen woorden). Tenslotte stelt de interviewer de vraag of Hermans zijn thema wil prijsgeven. Want dat is juist het ietsje meer dat zijn boeken zo bijzonder maakt. Hermans twijfelt er niet over om het te vertellen, maar de interviewer komt met een verklaring van het steeds terugkomende thema waar Hermans hem geen ongelijk in kan geven. Hermans feliciteert hem met z'n ontdekking. Hiermee eindigt het interview.



Opstel

Na het lezen van "De donkere kamer van Damocles" begon ik me meer te interesseren voor Hermans' boeken. Ik liep naar onze boekenkast en zag Nooit meer slapen staan, het boek werd me eerder al eens aangeraden dus pakte ik het uit de boekenkast. Voordat ik het boek in m'n handen had gehad, leidde ik uit de titel op een of andere manier af dat het boek over een patiënt in een ziekenhuis zou gaan. Nu ik het boek in m'n handen had en de kaft zag met de persoon op die uitgestrekte vlakte (tiende druk) was die gedachte snel verdwenen.



Ik begon te lezen, maar kwam met moeite door de eerste vijftig bladzijden. Daarna begon het me meer te boeien, waarschijnlijk omdat ik me meer concentreerde en de zinnen beter in me opnam. De korte hoofdstukken vielen meteen op, ik vond dit gunstig, het zorgt voor afwisseling. Zoals de meeste niet al te ervaren lezers haalde ik niet meteen alles uit het boek wat eruit te halen valt, wat het lezen van recensies van andere wel ervaren lezers alleen maar aantrekkelijker maakte.



Nu dan, het verhaal zelf. De hoofdpersoon Alfred heeft behoorlijk veel indruk op mij gemaakt. Niet alleen zijn benauwende gedachten maar ook zijn onhandigheid wekte medelijden bij me op. Verder vond ik het verhaal zelf minder indrukwekkend dan dat van bijvoorbeeld "De donkere kamer van Damocles", dit mede doordat Nooit meer slapen wat eentoniger is. Wat wel veel indruk op me maakte waren de vele verbanden in het verhaal. Hella Haasse schrijft hierover in de bijgevoegde recensie; 'Alfred ziet onbewust in zijn reisgenoot Arne zijn vader, waardoor diens dood onontkoombaar is.



Ondanks het feit dat het verhaal mij niet zo geboeid heeft, heb ik mede dankzij recensies, een interview en de uitgebreide bespreking in Lexicon veel uit het boek kunnen halen en ben ik meer over de schrijver Hermans, zijn werk en schrijfstijl te weten gekomen. Hiermee sluit ik dit uitgebreide boekverslag van Nooit meer slapen af. Ik ben er van overtuigd dat mijn literatuurkennis op vele vlakken weer een stukje is uitgebreid.



Bij dit boekverslag zijn gebruikt: Lexicon, MLA bibliotheek mappen, internet en niet te vergeten Willem Frederik Hermans' Nooit meer slapen. Het opstel telt 346 woorden.
Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen