U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : Theo Hoogstraten - De Sprong Van De Jaguar.
Deze versie komt van http://www.verslagen.com/index.php?page=boek_toon&boek_id=453 en is laatst upgedate op 30/11/-0001.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 681 woorden.

Het grootste deel van het verhaal speelt drieduizend jaar geleden. In Mexico woonde destijds een volk dat we de Olmeken noemen.



De dertienjarige Pintar verzorgt de zwarte jaguar Nezar. Dit dier is in de Olmeekse beschaving heilig, want de god die men aanbidt is de Jaguargod. Pintar woont bij het paleis Van de koning, de Heer van Coyolxautal. Elke dag brengt hij Nezar bij de koning en hij houdt toezicht op het dier. Daardoor is Pintar bijna altijd aanwezig bij belangrijke besprekingen.



Op een dag roept de koning zijn twee zoons, Elmar en Maro, bij zich. Er dreigen problemen te ontstaan : er is te weinig land om de snel groeiende bevolking te voeden. Het volk begint te morren en de priesters zullen van die ontevredenheid gebruik maken om de macht over te nemen. Maro stelt voor het land achter de bergen te veroveren, maar dat vindt de koning te riskant. Elmar komt met het idee van een expeditie over zee. Misschien vinden ze een land waarmee ze gunstig handel kunnen drijven : een deel van hun rijkdom aan bijzondere gesteenten in ruil voor voedsel. Dit vindt de avontuurlijke Maro ook een goed idee en hij biedt aan de expeditie te leiden.



Een half jaar later vertrekt het schip. De koning geeft Nezar als geluksbrenger mee. Pintar verschuift zich aan boord, omdat hij Nezar niet alleen wil laten gaan. Al direct bij het vertrek blijkt dat Pintar onmisbaar is : alleen naar hem luistert de jaguar. De expeditie zet vanuit Mexico koers naar het oosten en volgt de Atlantische zeestroom. Via de Caribische eilanden zeilen ze de oceaan op. Tijdens een hevige storm raakt de oude Sidar zwaar gewond. Hij is de navigator en daarom ontstaat er lichte paniek. Na wat wikken en wegen ma g Pintar Sidars taak overnemen, omdat hij de oude man al een tijdje helpt.



Na de storm eilen e dagenlang zonder dat ze land zien. De bemanning wordt ongerust en wil terugkeren. Maro kan ze ompraten. Kort daarop bereikt de expeditie een onbekende kust. Ze hebben Ierland bereikt. De mannen worden gastvrij ontvangen door Viros, de leider van het dorpje. Tijdens hun verblijf ontdekken de Olmeken dat de bevolking wapens en gereedschappen maakt van een materiaal dat hun onbekend is, namelijk: brons. Maro wil weten waar het gedolven wordt en hoe het verwerkt moet worden. De Ieren vertellen dat het uit een ander land komt: Engeland. Maro besluit daarheen te reizen.



Ondertussen zijn er moeilijkheden ontstaan. De vissers vinden dat de Olmeekse mannen te veel belangstelling hebben voor de meisjes en jonge vrouwen uit het dorp. Het komt tot een gevecht, waarbij Pintar Nezar moet inzetten. Daarna vertrekken de Olmeken hals over kop. Na een korte reis komen ze aan in een Engelse haven. Van de Ieren weten ze dat ze naar de plaats Bronzehenge moeten. Terwijl het schip in de haven achterblijft. vertrekt een deel van de mannen over land naar die plaats. Hoewel de Engelsen behoorlijk gewend zijn aan vreemdelingen, trekken de Mexicanen veel aandacht.



In Bronzehenge worden ze gastvrij ontvangen door Asov, de plaatselijke heerser. Tijdens de feestelijkheden probeert een edelman uit de buurt, Bosoek, Asov en zijn gasten te vergiftigen. Pintar kan dit voorkomen. Kort daarna vertrekken de Olmeken, rijkelijk beladen met geschenken. Als ze terugkomen bij het schip wil Maro zo snel mogelijk vertrekken. Iedereen is blij over de succesvolle expeditie, behalve kapitein Bocas. Hij ziet met zorg dat het schip nu zo zwaar beladen is, dat het veel te diep in het water ligt.



Hierna maakt het verhaal een tijdsprong van drieduizend jaar. naar onze tijd. Tijdens het vissen komt het sleepnet van een Ierse boot vast te zitten. De visser, O'Sean, trekt het los. Zijn dertienjarige zoon Patrick ziet dat er in het gedeeltelijk vernielde net een vreemd stuk hout zit. Hij bewaart het en vraagt later aan zijn leraar, wat het kan zijn. Die neemt contact op met de Archelogische Dienst. Na onderzoek blijkt dat het misschien een deel van het boegbeeld van een Olmeeks schip is. Helaas heeft Patricks vader de vindplaats niet genoteerd, zodat de archeologen daarover nooit zekerheid zullen krijgen.
Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen