U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : J. Bernlef - Eclips.
Deze versie komt van http://huiswerk.leerlingen.com/boekverslag/21665/ en is laatst upgedate op Onbekend.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 1651 woorden.

Zakelijke gegevens



Titel:Eclips

Auteur:J. Bernlef

Ondertitel:geen

Uitgever:Querido's Uitgeverij B.V.

Jaar van uitgave:1993

Druk:1e druk



Inhoud



Het verhaal begint als iemand de vaart in rijdt, omdat hij een soort black-out heeft. Als hij onder water is wacht hij tot de waterdruk gelijk is en doet en portier open en trappend met zijn benen komt hij boven water. Wanneer hij boven water is klimt hij met moeite op de kant en valt daarna bewusteloos neer. Als hij wakker wordt merkt hij dat zijn lichaam niet helemaal goed functioneerd. Hij begint door weilanden te lopen en plotseling staat hij voor een kantoor en komt er een bewaker en die vraagt wat hij doet, maar de persoon kan zijn gedachten niet onder woorden brengen en wordt weggestuurd. Even later komt hij terecht in een complex volkstuintjes, hij probeerd zich onder een waterpomp te wassen. Af en toe komt er iets uit zijn verleden terug, bijvoorbeeld het wassen onder de waterpomp in zijn jeugd, dan valt hij in slaap. De volgende ochtend treft hij een oude man aan maar die begrijpt hem niet, hij vind een transistorradio. Als de muziek klinkt, schiet zijn voornaam het te binnen 'Kees' hij gaat dan weer verder. Op zoek naar eten vind op een bouwterrein een vervallen keet die als koffiehuis is ingericht, een zwerfster genaamd Toos, bied hem iets te eten aan. Hij slaapt bij haar in een huis in aanbouw, de volgende morgen gaan ze eten halen bij de vuilnisbelt. Maar Toos vind een naaimachine en gaat er van door en ze laat Kees dan achter. Enkele uren later komt er een auto met twee mannen aan die nummerplaten tussen het afval verstoppen, als ze Kees ontdekken nemen ze hem mee. Hij woont er enkele dagen in het begin wordt hij opgesloten, maar als ze merken dat hij niet normaal kan praten mag hij vrij rondlopen. Op een nacht halen ze hem uit bed hij moet mee voor een 'klus', daar aangekomen moet hij op de uitkijk staan. Wanneer de broers terugkomen van de inbraak verteld Kees hun dat hij weet wat zijn hele naam is namelijk Kees Zomer. Tijdens de rit gooit Karel hem plotseling uit de auto, als hij bijkomen is merkt hij dat hij onder een stuk plastic ligt en valt weer in slaap. Als hij wakker wordt ziet hij een oude man die IJe heet, hij gaat met IJe mee, en eet daar wat. De volgende dag ziet hij een vriendje van IJe die Jules heet Jules heeft een ondergrondse hut bij IJe op het erf. Wannneer Jules weg is ziet Kees het boek van 'Robinson Crusoë' hij herkent de naam vrijdag zonder te kunnen lezen. De dag erna gaat hij met IJe mee om te douchen op het kerkhof, terwijl IJe onder de douche staat ziet Kees een grafsteen met de naam Kees Tol erop en dan rent hij hard weg. In een dorp aangekomen, loopt hij over het erf van een dokter en hij merkt dat hij diens naam op het bord kan lezen. Ook wordt hij herrinnerd aan school, in een boekenzaak zegt hij dat die winkel van zijn vader was, de eigenaar weet van niks, dan rent Kees hard weg. Buiten het dorp komt hij tot rust, na een poosje lopen komt hij weer een dorp binnen, dit dorp herkent hij. Hij kijkt in een boekenwinkel, de man binnen herkent hem en begroet hem met directeur van uitgeverij Discus. Hij loopt de winkel uit en ziet een fiets staan, hij pakt deze fiets die niet op slot staat, en fietst richting de bergen. s'Avonds komt hij bij het strand aan. Daar eet Kees uit afvalbakken en scheld hij een groep baldige jongens uit de hem willen belagen, dan gaat hij zwemmen in zee. Hij herrinnert zich dan ook zijn vrouw Marion en zijn zoon Wouter, hij neemt zichzelf voor om ze morgen te bellen. De volgende morgen herrinnert hij zich zo ongeveer alles, wanneer twee agenten arriveren horen ze dat hij Kees Zomer is en nemen hem mee naar het bureau om te zeggen dat hij vermist is. Dan komt zijn vrouw binnen en vertrekken ze naar huis onderweg vraagt zijn vrouw nog een aantal dingen. Thuis aangekomen praat hij even met zijn zoon en vrouw en dan gaat hij slapen. Kees denkt dan terug aan een schaatstocht dat hij alleen was, op het pikzwarte ijs...



Analyse



Titelverklaring:Een 'eclips' is een verduistering van de zon of van een ander hemellichaam. Het werkwoord 'eclipseren' kan betekenen: verduisteren of verdwijnen, zich uit de voeten maken. De hoofdpersoon verdwijnt ook en zijn geheugen verdwijnt als het ware,want hij weet niks meer van vroeger en hij weet niet hoe hij moet schrijven etc.

Opdracht:geen

Motto:geen

Genre:Het is een psychologische roman omdat de gevoelens en gedachten van de hoofdpersoon centraal staan.

Personages:De hoofpersoon is Kees Zomer, hij verliest door het auto-ongeluk zijn geheugen, dat komt later in het boek wel weer langzaam terug. Hij is de directeur van de uitgeverij 'Discus' door kom je achter want in het boek zelf herkent een boekhandel hem. Kees zal rond de veerig jaar zijn, want hij heeft al een vrouw en kind die al wat ouder zijn. Kees gedraagt zich aardig tegenover alle personen die in het boek voorkomen. Hij kan ze alleen niks vertellen omdat hij geen goede zinnen kan maken in het grootste gedeelte van het boek. In het boek ziet hij er als een zwerver uit omdat hij in de vaart was gereden en zijn kleren vuil waren, ook at hij uit vuilnisbakken. Bijpersonen: Toos een zwerfster die hij tegenkomt, Karel en Cor de twee broers, die een autokerkhof bezitten. IJe een oude man bij wie hij ook overnacht en Jules het jongetjes die een hut heeft bij IJe.

Tijd:Het verhaal speelt zich af in de jaren tachtig of negentig, want er rijden al auto's en er is al veel toerisme bij het strand waar het verhaal zich ook gedeeltelijk afspeelt. De vertelde tijd is 12 dagen, de dagen kun je tellen omdat het verhaal bijna geen tijdsprongen heeft en omdat alles achterelkaar gebeurd. Het verhaal is chronologisch verteld en de gebeurtenissen lopen van woensdag 2 tot en met zondag 13 augustus. Er zijn af en toe kleine stukjes tijd in het verhaal overgeslagen. Citaat:'Hier staat, volgens een verklaring van uw vrouw, dat u op woensdag 2 augustus, 's middags om kwart over vier het huis verlaten hebt, in een Peugeot 203, kenteken DJ-34-ST, bouwjaar 1986.

Plaats/Ruimte:De hoofdpersoon bevind zich overwegend in 'ordeloze' ruimten: braakland, een nieuwbouwproject, een vuilstortplaats, een autokerkhof. Dit zijn plaatsen waar de dingen hun vorm en betekenis grotendeels verloren hebben. Voor Kees wordt de chaos in zijn gedachtenwereld hierdoor alleen maar versterkt. Vanaf de bewoonde wereld in Bergen aan Zee kan hij zich beter oriënteren. Citaat:Aan de muur tegenover mij, boven de witte tegelwand, hangt een kaart van Noord-Holland. Ik sta op en loop ernaartoe. Mijn vinger volgt het traject van Bergen aan Zee naar Heemstede, trekt dan een wijde cirkel om het gebied waar ik rondgezworven moet hebben.

Vertelwijze:We zien de gebeurtenissen door de ogen van Kees Zomer, zo weet de lezer wat er na het ongeluk met Kees gebeurd, maar dat weet hijzelf niet. Het verhaal is verteld vanuit een ik-perspectief. Als ik dit verhaal door mijn ogen zou beleven, dan zou ik liever ergens anders mijn geheugen verliezen, bijvoorbeeld tijdens een vakantie in Italië en dat ik dan daar een tijd rondzwerf dat lijkt me leuker dan in Nederland rondzwerven.

Thematiek:Het hoofonderwerp in deze roman is het verliezen van het geheugen en het langzaam weer terugkrijgen. De motieven zijn: het zwijgen, de stilte, het vergeten, het verliezen en terugkrijgen van het geheugen. Deze thematiek speelt geen

rol in mijn leven, maar het zou best wel eens kunnen gebeuren als ik wat ouder word.



Bedoeling/Boodschap



Ik heb geen boodschap of bedoeling in dit boek kunnen ontdekken.



Mening



Ik vind het een boeiend onderwerp omdat iedereen er wel eens mee te maken kan krijgen. De gebeurtenissen maken het verhaal boeiender maar door de uitgebreide gedachten van de hoofpersoon wordt het boek een beetje langdradig en saaier.

De opbouw is goed het verhaal is heel makkelijk te volgen omdat er bij iedere sprong in de tijd een witregel is of er begint

een nieuw hoofdstuk.

Het taalgebruik is makkelijk, soms is het praten van Kees moeilijk te begrijpen. Maar je snapt het dan toch want wat zijn gedachten zeggen begrijpen wij wel, maar hij kan zijn gedachten niet tot uitdrukking brengen. Er komen ook veel 'vage' personen in voor zoals bijvoorbeeld IJe.



Schrijversinformatie/Secundaire literatuur



J. Bernlef is het pseudoniem van Hendrik Jan Marsman, die in 1937 in Sint-Pancras (Noord-Holland) werd geboren. Hij bracht zijn jeugd door in Amsterdam-West. Na zijn hbs-tijd in Haarlem en Amsterdam had hij allerlei baantjes. Hij verbleef enige tijd in Zweden. In 1960 trouwde hij met Eva Hoornik, een van de dochters van de bekende dichter Ed Hoornik. Hij werkte enkele jaren in een boekhandel en wijdde zich vanaf 1965 geheel aan het schrijven.

Bernlef heeft een uitgebreid oeuvre. Hij debuteerde in 1959 als dichter met de bundel 'Kokkels', waarvoor hij de Reina Prinsen Geerlingsprijs kreeg. Hij was mede-oprichter van literaire tijdschriften die de poezie van de jaren zestig bepaalden:'Barbarber' en 'Raster'. Volgens de redacteuren van die bladen was poezie een verzameling van alledaagse, gewone dingen.

In de jaren zeventig veranderde zijn poezie: ze werd ernstiger en moeilijker. Een belangrijk thema van deze gedichten werd het vergeten. Latere dichtbundels zijn bijvoorbeeld 'Stilleven' (1979) en 'De kunst van het verliezen' (1980). Voor zijn poezie kreeg Bernlef in 1993 de P.C. Hoofdprijs.

Hij schreef ook diverse verhalenbundels, ondermeer 'Stenen spoelen' (1959),'Hondedromen' (1974) en vele romans, onder meer 'Meeuwen' (1975), 'Onder ijsbergen' (1984), 'Hersenschimmen' (1984), 'Publiek geheim' (1987 voor dit boek kreeg Bernlef de eerste AKO literatuurprijs), 'Eclips' (1993) en enkele toneelstukken: 'Sterf de moord' (1973) en 'Deuren' (1977).

In 1985ontving hij de Constantijn Huygensprijs voor zijn gehele oeuvre.

v
Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen