U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : Harry Mulish - De Aanslag.
Deze versie komt van http://huiswerk.leerlingen.com/boekverslag/21646/ en is laatst upgedate op Onbekend.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 2059 woorden.

Boekbespreking: De aanslag van Harry Mulish

1) Zoek iets op over de auteur



Harry Kurt Victor Mulish wordt op 29 juli 1927 in Haarlem geboren. Zijn ouders zijn niet van Nederlandse origine. Zijn vader was geboren in het toenmalige Oostenrijk-Hongarije(nu Tsjechië). Zijn moeder komt uit Antwerpen en is Joods. Thuis wordt Duits gesproken, maar Harry krijgt een Nederlandse opleiding. Na de scheiding van zijn ouders in 1936 is hij bij zijn vader gaan wonen waar hij werd opgevoed door de huishoudster Frieda. In 1944 stopt Harry met school zonder eindexamen te hebben gedaan.

In 1946 ontdekt hij plots het schrijversschap. Tot op dat moment had hij nog geen letter literatuur gelezen. In snelle opeenvolging werkte hij aan een reeks verhalen in diezelfde stijl van Edgar Allan Poe. In 1947 werd er één van deze verhalen, De kamer, gepubliceerd. Om in leven te blijven, verkocht Harry beetje bij beetje de bezittingen van zijn vader. Na enkele baantjes besluit hij zich helemaal op het schrijven te richten. Zijn debuut was Archibald Strohalm die de Reina Prinsen Geerlingprijs kreeg. Van de ene op de andere dag was Mulish’ naam als schrijver gevestigd.

In 1958 ging Mulish in Amsterdam wonen. Hij trouwt er in 1971 met Sjoerdje Woudenberg en krijgt twee dochters, Anna en Frieda.

Tot Mulish’ omvangrijke oeuvre behoort slechts een klein aantal romans. De belangrijkste daarvan zijn:

Archibald Strohalm(1952), Het stenen bruidsbed(1959), De verteller (1970), Twee vrouwen (1975), De aanslag(1982), Hoogste tijd (1985), De ontdekking van de hemel (1992), De procedure (1998) en Siegfried (2001).

Daarnaast heeft hij ook wat poëzie en theater geschreven.

Dit jaar is Mulish 75 geworden.



2) Bespreek de structuur van de roman



Het boek bestaat uit 236 bladzijden, die zijn onderverdeeld in een proloog en vijf episodes.

Deze episodes zijn op hun beurt weer onderverdeeld in hoofdstukken.

Elke episode speelt zich in een bepaald jaar af en vertelt de gebeurtenissen van het personage in deze periode:



- Proloog (3 bladzijden)

- Eerste Episode, 1945 (54 bladzijden)

- Tweede Episode, 1952 (26 bladzijden)

- Derde Episode, 1956 (20 bladzijden)

- Vierde Episode, 1966 (64 bladzijden)

- Laatste Episode, 1981(43 bladzijden)



3) Bespreek de historische achtergronden van elke episode in het boek



Elke episode in het boek is gekoppeld aan belangrijke historische gebeurtenissen en belangrijke ontmoetingen voor het hoofdpersonage.



Eerst Episode, 1945:

De Tweede Wereldoorlog loopt op zijn einde. Het is een hongerwinter. Voor het huis van Anton Steenwijk ligt Fake Ploeg, hoofdinspecteur van de politie. Hij is neergeschoten en voor hun huis gesleept door de buren. De Duitsers komen, steken hun huis in brand en vermoorden Anton’s familie. Anton zelf wordt in een cel opgesloten samen met een vrouw.

Het is dus een triestige periode, een periode van honger en kou, verdriet en verlies. De Duitser (fascisten) overheersen en maken van hun leven een hel. Naar de Tweede Wereldoorlog wordt gedurende de hele episode verwezen.



Tweede Episode, 1952:

Koreaoorlog. Militair dienst is nog steeds verplicht en men kan zich vrijwillig aanmelden om in Korea mee te vechten. Anton zit in het tweede jaar medicijnen en wordt door een studiegenoot uitgenodigd op een feestje in Haarlem. Zo komt hij voor het eerst in 1952 weer terug in de stad die hij in 1945 verlaten heeft. Het feestje wordt een teleurstelling omdat een paar studenten flauwe opmerkingen maken. Op bladzijde 77 en 78 wordt dus duidelijk verwezen naar de Koreaoorlog en wordt aangespoord om zich vrijwillig aan te melden voor de oorlog.



Derde Episode, 1956:

bladzijde 106: De tweede helft van de 1956 was een luilekkerland voor krantenlezers: krach in Polen, schandalen in de koninklijke familie, Frans-Engelse aanval op Egypte, opstand in Hongarije, interventie door de Sovjet – Unie, landing van Fidel Castro op Cuba. Een paar weken voordat dit Caraïbische bravourestuk plaatsvond, dreunde in Nederland nog de echo na van de Russische tanks, die Boedapest waren binnengerateld. Niet ver van waar Anton woonde was het hoofdkwartier van de communistische partij gevestigd. Overal door de stad trokken razende meutes, die alles vernielden wat met communisten te maken had.



Vierde Episode, 1966:

Anton gaat samen met zijn vrouw Saskia naar de begrafenis van een goede vriend van Saskia’s vader. Aan tafel (zie bladzijde 134-137) wordt fel gediscussieerd over de vergelijking van het Vietnamese Bevrijdingsfront met de nazi’s. Ze waren in 1945 ook bevrijd door de Amerikanen. Volgens sommigen gaat deze vergelijking niet op.

De historische achtergrond in deze episode is dus de Vietnamoorlog: Noord-Vietnam was communistisch, Zuid-Vietnam kapitalistisch. Zuid-Vietnam probeerde met behulp van de Amerikanen Noord-Vietnam te veroveren en ook kapitalistisch te maken.



Laatste Episode, 1981:

bladzijde 208: In de tweede helft van november 1981 was er in Amsterdam een demonstratie tegen de atoombewapening waar Anton onder druk van zijn tandarts (die in ruil zijn kiespijn wegnam) in mee liep. ( (bladzijde 210) Atoombommen waren er voor de afschrikking, om niet gebruikt te worden en de vrede te bewaren. Als deze werden afgeschaft, werd de kans op een conventionele oorlog groter, met in het eindstadium toch weer atoomwapens.)

Deze demonstratie was de grootste ooit in Nederland. Doel van de demonstranten was om te verhinderen dat nieuwe kernwapens in Europa gestationeerd zouden worden. Ruim vierhonderdduizend betogers kwamen bijeen op het Museumplein en liepen daarna een vreedzame tocht door het centrum van Amsterdam. Het Nederlandse protest stond niet alleen. Ook in Engeland, Duitsland, Frankrijk, Italië en andere landen vonden vergelijkbare protestdemonstraties plaats. Aan het begin van de tachtiger jaren groeide de weerstand tegen de wapenwedloop. Velen beseften, dat de Verenigde Staten van Amerika en Rusland inmiddels genoeg atoomwapens beheerden om de aarde een paar keer te vernietigen.



4) Schets de evolutie van het hoofdpersonage (gebruik aanhalingen en

vermeld de bladzijde)



Doorheen de verschillende episodes maakt Anton duidelijk een evolutie door. Eerst en vooral van kleine jongen tot volwassen man. Maar hij komt ook steeds meer te weten over wat er die bewuste nacht in 1945 gebeurt is en waarom.

In de proloog is Anton nog een gewone jongen van twaalf die geen zorgen heeft. Hij kan gewoon buitenspelen en naar het water kijken.

In de tweede episode gebeurt er iets dat zijn leven zal veranderen. Fake Ploeg, de hoofdinspecteur van de politie wordt neergeschoten voor het huis van de Beumers, de buren van de familie Steenwijk. Even later ziet Anton dat de Beumers het lijk voor hun huis legt. De daarop volgende momenten gaan aan hem voorbij zonder dat hij goed beseft wat er gebeurt. Voor hij het weet zit hij in de cel en is zijn familie vermoord door de Duitsers. In de cel leert hij een meisje kennen waarvan hij de naam niet weet, noch hoe ze eruit ziet. Zij probeert hem te troosten en praat met hem over het liefde en haat. Blz. 49: “ In dat gedicht wilde ik de liefde vergelijken met het soort licht, dat je vlak na zonsondergang soms tegen de bomen ziet hangen:….

De haat is de duisternis, dat is niet goed. Hoewel, de fascisten moeten we haten en dat is wel goed.

Zij zegt hem dat hij de fascisten moet haten. Op dat moment begreep hij er niet veel van, maar hij was blij dat ze tegen hem sprak als tegen een volwassene. Hij komt voor het eerst echt in contact met haat en bedrog. Blz.43: “Ze zullen proberen misschien proberen van alles wijs te maken…”

In de tweede episode wordt hij geconfronteerd met het verlies van zijn ouders en broer. Toch reageert hij zich beheerst en gaat hij niet op onderzoek. Het is alsof hij zelfs niet wil weten wat er precies gebeurt is die nacht. Het zijn manier om het te verwerken. In 1952 wordt hij voor het eerst weer geconfronteerd met zijn verleden wanneer hij naar een feestje gaat in Haarlem. Hij verlaat het feestje en besluit na lang aarzelen om in zijn oude straat een kijkje te nemen. Hij komt er mevrouw Beumer tegen. Het verleden dat hij al die jaren verdrongen had kwam weer naar boven. Blz.91: “Wat die doorgemaakt moeten hebben… …. Toen je moeder die kerel aanvloog… Eenvoudig afgemaakt als beesten. Het was Anton of hij, van zijn nek tot zijn stuitje, een elektrische schok kreeg……. Hij moest onmiddellijk weg.

Er was weer een tipje van de sluier onthuld over de manier waarop zijn ouders vermoord waren.

In 1956 (derde episode) komt hij in contact met Fake Ploeg de zoon van de vermoorde Fake Ploeg tijdens een betoging tegen het communisme voor Anton’s deur. Hij vraagt hem mee naar binnen en er ontwikkelt zich een heftig gesprek waar Anton de geschiedenis van de familie Ploeg kennen en ook hun standpunt ziet. Anton verwijt Fake dat het de vrienden van zijn vader waren, die Anton’s familie hebben vermoord. Blz.114: “Maar je moeder leeft, … en je zusters leven ook”. Anton vind het niet eerlijk dat zijn familie niet meer leeft en de familie van de ‘moordenaar’ van zijn familie, wel.

Blz.116: “Mijn familie… is niet door de communisten uitgeroeid, maar door de vrienden van jouw vader.” Anton probeert Fake ook te doen inzien wat voor slechte dingen zijn vader had gedaan. Alhoewel hij probeert die gruwelijke nacht te vergeten, wordt hij er toch voortdurend mee geconfronteerd.

1966, Anton is nu al ongeveer 37 en heeft al heel wat meegemaakt in zijn leven. Hij krijgt assistentschap in de anesthesie en gaat in de buurt van het Leidsplein wonen. In Londen ontmoet hij Saskia de Graaff en zij wordt zijn eerste vrouw. Samen krijgen ze een kindje Sandra. Ook dat verandert hem. Hij moet zich nu niet alleen meer inzetten voor zichzelf, maar een gezin onderhouden en beschermen. Saskia’s vader is ambassadeur in Athene en speelde tijdens de oorlog een belangrijke rol in het verzet. De begrafenis van een vriend van de Graaff is nog één van de vele gebeurtenissen die zijn leven een andere wending geeft. Hij ontmoet er Cor Takes, een verzetsstrijder. Hij hoort van hem dat hij Fake Ploeg heeft doodgeschoten. Alhoewel hij liever niet meer terugdacht aan die nacht, wordt hij er voor de zoveelste keer in zijn leven opnieuw mee geconfronteerd. Anton hoort ook het eerst over Truus Coster, het meisje waar hij destijds mee in de cel had gezeten. Zij had zijn hele leven lang al iets voor hem betekend en hij had haar nooit vergeten. Blz.153: “Zij stierf. Op dit moment stierf zij voor hem, eenentwintig jaar geleden, en tegelijk daarmee verrees zij als wat zij voor hem betekend had,…Daarstraks nog had hij haar gezocht, in de kerk….Daarom ook was hij naar deze begrafenis gegaan, waar hij niets mee te maken had.” Op de een of andere manier had hij dus toch bewust gezocht naar connecties met de moord op zijn ouders en broer.

Hij realiseert zich ook de reden waarom hij op slag verliefd was geworden op Saskia en waarom hij met haar getrouwd was: zij was het beeld dat hij al die jaren in zijn hoofd had gehad van Truus!

Toen hij hoorde dat Truus geëxecuteerd was, kreeg hij het moeilijk en moest hij huilen. Het gesprek was een emotioneel moment in zijn leven geworden, een gesprek dat hem veranderde en dat hij nooit zou vergeten.

Anton en Saskia scheiden en Anton hertrouwt met Liesbeth. Samen krijgen ze een zoon Peter. Tijdens de vredesdemonstratie in Amsterdam in 1981 komt Anton Karin tegen, zijn vroegere buurmeisje. Zij ontsluiert het laatste tipje van de sluier over die nacht in januari 1945. Van haar verneemt hij dat Peter bij hen is binnengevlucht en neergeknald door de Duitsers. Hij komt ook te weten waarom Korteweg het lijk voor hun huis heeft gelegd en niet voor dat van de familie Aarts. In het huis van Aarts zaten Joden ondergedoken. Karin vertelt dat haar vader zelfmoord heeft gepleegd. Wanneer hij alles weet, laat hij Karin achter. Blz. 233: “Zonder op antwoord te wachten, haar hulpeloos achterlatend, wendde hij zich af en drong tussen de mensen, met slingers en kronkels, als om er zeker van te zijn dat zij hem niet terug zou vinden.”

Hij wil haar niet de schuld geven van wat er gebeurt is, maar toch wil hij haar liever niet meer zien. Ondanks alles zijn zij en haar vader de moordenaars van zijn familie.

Blz. 235: “Een lange, slanke man loopt met zijn zoon aan zijn hand in en demonstratie. Hij ‘heeft de oorlog meegemaakt’, nog net, als een van de laatsten. Tegen zijn zin is hij er bij betrokken, bij die demonstratie….

Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen