U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : Anke De Vries - Blauwe Plekken.
Deze versie komt van http://huiswerk.leerlingen.com/boekverslag/21617/ en is laatst upgedate op Onbekend.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 4513 woorden.

Titel: De titel van het boek is "Blauwe plekken".

Auteur: Anke de Vries



Uitgeversinformatie:

De uitgever van dit boek is Lemniscaat. Dit boek is van de 15e druk in 1999. Verder drukt Lemniscaat alleen op milieuvriendelijk, chloorvrij gebleekt en verouderingsbestendig papier.

De kaft van het boek is getekend door Dirk van der Maat. In het boek staan verder geen illustraties.



Personen:

Hoofdpersoon

Judith wordt door haar moeder geslagen. Hierdoor is ze heel stil in de klas en legt ze weinig contacten. Als ze bevriend raakt met Michiel gaat er een wereld voor haar open. Ze ziet hoe open mensen met elkaar kunnen leven en hierdoor is ze zelf ook af en toe vrolijker. Judith is een stil en verlegen meisje met een goed hart. Ze doet alles voor haar moeder omdat ze anders geslagen wordt. Maar ze doet ook vaak dingen die niet hoeven, goede bedoelde dingen, maar die worden altijd verkeerd opgevat en dan wordt ze weer geslagen. Ze denkt dat praten niets oplost en verbergt haar blauwe plekken of verzint smoesjes. Aan weglopen heeft ze, totdat Michiel er mee kwam, nooit aan gedacht. Uiteindelijk heeft ze de moed, om bij haar moeder en haar broertje weg te lopen. Het is vreselijk om te lezen dat zo'n onschuldig meisje met zo'n goed hart mishandeld wordt.



Bijpersonen:

Judith’s moeder:

Zij mishandelt haar dochter geestelijke en lichamelijk. Als er maar even iets tegenzit, reageert zij dat op Judith af. Ze is buitengewoon gemeen en onberekenbaar. Het mishandelen gebeurt tijdens plotselinge woedeaanvallen. Op die momenten lijkt moeder geestelijk gestoord. Vaak heeft ze na afloop spijt en probeert ze het goed te maken, maar dat duurt nooit lang.

Ze geeft Judith overal de schuld van. Door allerlei gebeurtenissen uit het verleden kan je haar gedrag verklaren. Vroeger werd haar jongere broertje ook voorgetrokken. Ze pikte dat niet en ging er tegenin, ze sloeg er oplos. Daar werd ze weer voor gestraft. Toen haar broertje door het ijs zakte, kon ze hem niet meer redden, wat ze ook deed. Dat gaf haar een groot schuldgevoel, en nog meer toen zij ook echt de schuld ervan kreeg.

Moeder is niet bereid om over haar problemen en die van Judith te praten. Elk contact met wie dan ook, gaat ze uit de weg.



Michiel:

Een klasgenoot van Judith, is een aardige en hulpvaardige jongen die goed zijn woordje kan doen. Hij is nog maar pas op school. Eerder woonde hij bij zijn vader in Amerika, waar hij ook geboren is (hij spreekt met een Engels accent). Michiel's vader had weinig aandacht voor zijn zoon en het ging niet zo goed tussen die twee. Nu woont hij in Nederland bij zijn tante. Michiel is dertien jaar, wat ouder dan de rest van de klas. Omdat hij woordblind is, heeft hij een paar klassen over moeten doen. Hij neemt de stille en eenzame Judith onder zijn hoede, omdat zij hem doet denken aan een meisje dat hij in Amerika gekend heeft en dat veel voor hem betekende.

Hij neemt haar op een dag me naar zijn huis omdat hij de lekke band van Judith wil plakken. Hij vindt dat ze er hulpeloos uitziet. Ondanks dat Michiel problemen heeft, gaat het goed met hem. Hij krijgt wel de liefde en aandacht (van zijn tante), die Judith zo graag zou willen hebben.

Zelfs Michiel's vader verandert na een aantal jaren. Hij denkt anders over hem en heeft geleerd om zijn zoon te begrijpen en te waarderen zoals hij is.

Michiel merkt dat er iets aan de hand is met Judith en wil haar heel graag helpen, maar het lukt hem niet. Hij heeft er geen idee van dat Judith mishandeld wordt, maar er gebeuren wel enkele dingen die hem aan het denken zetten.

Zijn favoriete sport is zwemmen, en doet dat heel goed. En basketball en hardlopen vindt hij ook heel leuk om te doen.



Overige personen die een minder belangrijke rol spelen:

 David en Frank, de tweeling broertjes van Michiel

 Dennis het broertje van Judith,

 Michiels vader,

 Ineke van de crèche,

 Judiths tante Lies,

 Michiels tante Elly,

 De onderwijzer Rien van de Heuvel,

 De bovenburen van Judith,

 De familie van Klaveren ,

 Nico de vriend van Judiths moeder,

 Steffie, het oud buurmeisje van Michiel in Washington die zoveel op Judith leek



De verhoudingen tussen de personen is als ze elkaar kennen best goed. Alleen de verhouding tussen de nieuwe en oude moeder van Judith zal niet goed zijn maar die staat niet in het boek beschreven.



Waar/ wanneer/ hoe speelt het verhaal zich af?

Het verhaal speelt zich af in Den Haag en heel even in Leiden(na de verhuizing). De flashback van Michiel speelt zich af in Washington, Amerika.

Er staat niets in over de tijd maar ik denk dat het rond deze tijd zich afspeelt, omdat er materialen van rond deze tijd worden gebruikt zo als: een Boeing 747, een trein, auto's en een telefooncel.



Het probleem:

Judith wordt mishandeld en weet eigenlijk niet hoe ze daar mee om moet gaan. Ze verbergt alles totdat haar beste vriend achter haar probleem kwam. Toen is ze over de drempel heen gestapt.



Hoe wordt het probleem opgelost?

Judith krijgt als advies van haar beste vriend om bij hem te komen wonen als ze dan op een gegevenmoment weer mishandelt wordt volgt ze zijn raat



Thema:

Het thema is heel duidelijk; mishandeling. Het hele boek gaat over mishandeling en de gevolgen hiervan. De persoon die mishandeld wordt, krijgt een heel andere persoonlijkheid. Hij/ zij wordt vaak gesloten en staat niet open voor nieuwe vriendschappen. Als je door zo iemand heen weet te prikken ben je al heel ver, maar moet je toch nog een heel stuk, want je moet er voor zorgen dat die persoon inziet wie hij/ zij zelf is. Als je zo iemand wil helpen moet je er eerst voor zorgen dat hij/ zij jou vertrouwd en dat is vaak heel moeilijk omdat die persoon vaak moeilijkheden heeft met de omgang van andere mensen. Maar zulke mensen moeten wel geholpen worden omdat ze vaak zelf niet inzien dar het niet hun fout is dat ze mishandeld worden.

Het genre van het boek is Drama .



De samenvatting:

Judith hoort haar moeder thuiskomen, snel kijkt ze om zich heen of ze alles opgeruimd heeft. De radio staat nog aan, te laat, haar moeder is al binnen. Dennis rent naar haar toe, haar moeder tilt hem op. Dennis trekt aan haar haar, het mag, Dennis mag alles maar zij mag niets. Judith moet van haar moeder Dennis in bad gaan doen. Als ze water in het bad heeft laten lopen en ze zich even omdraait heeft Dennis zijn schoentje in het water gegooid. Ze haalt het eruit maar als ze zich omdraait staat haar moeder in de deuropening. Ze geeft Judith de schuld van het natte schoentje en slaat haar. Ze slaat zo hard dat Judith op de grond valt en een bloedneus krijgt. Judiths moeder schreeuwt dat ze heus wel gehoord heeft dat Judith de radio aan had. Het bonst Judith in haar hoofd als haar moeder eindelijk ophoudt met slaan.

Judith woont samen met haar broertje Dennis bij haar moeder. Waar Judiths vader woont is niet helemaal duidelijk, hij is er in ieder geval niet meer en hij heeft haar moeder met haar opgescheept. Dennis heeft een andere vader dan zij, die ook bij hen weg is. Haar moeder slaat alleen haar, ze kan niets goed doen. Het zal wel aan haar liggen, zij kan gewoon niets.

Judith kan alweer niet meedoen met de gymles. Haar moeder heeft een briefje geschreven dat Judith hoofdpijn heeft, maar in werkelijkheid kan ze niet meedoen omdat ze onder de blauwe plekken zit. Als Judith na school naar haar fietst loopt, ziet ze dat ze een platte band heeft, ook dat nog. Ze moet Dennis van de crèche halen, en als ze te laat is, wordt haar moeder woest. Michiel, een jongen uit haar klas komt naar haar toe. Hij vraagt of ze een platte band heeft en als ze knikt biedt hij aan om hem te plakken. Voordat ze antwoord kan geven zit ze al bij Michiel achterop en fietsen ze samen naar zijn huis. Als ze er zijn, komen er meteen twee kleine jongetjes uit het huis gerend. Het is een tweeling en ze willen alles van Judith weten. Judith probeert op zoveel mogelijk vragen antwoord te geven, maar ze is een beetje opgejaagd omdat ze Dennis moet halen en Michiel schiet maar niet op. Er komt nu ook een vrouw naar buiten gelopen. Ze vraagt of Judith wat wil drinken. Judith wordt mee naar binnen getrokken door de tweeling omdat ze naar hun trein moet kijken. Als ze een tijdje heeft staan kijken schrikt ze, ze is de tijd helemaal vergeten en Dennis zit nog op de crèche. De vrouw die net ook buiten was, vraagt of er iets is. Ze vertelt haar dat ze haar broertje moet halen, en de vrouw zegt dat ze gerust even mag bellen. Ondanks de geruststellende woorden van Ineke, de juffrouw van Dennis, is Judith toch nog opgejaagd, stel je voor dat haar moeder er achter komt dat ze te laat op de crèche was... Als ze bij Michiel gaat kijken vertelt ze hem dat hij leuke broertjes heeft. Michiel zegt dat het zijn neefjes zijn. Hij wil er verder niet over praten.

Als Judith even later buiten adem bij de crèche aankomt, zegt Ineke dat ze zich niet zo had hoeven haasten omdat Dennis zich goed heeft geamuseerd. Judith maakt een zorgelijke indruk en Ineke verbaast zich een beetje over hoe Judith zich om haar broertje bekommerd. Als ze vraagt waarom Judith Dennis niet kon komen halen, vertelt Judith haar het hele verhaal. Ineke zegt dat Michiel haar een aardige jongen lijkt, Judith schrikt en vraagt of ze niets over Michiel tegen haar moeder wil zeggen. Ineke zegt dat ze het niet zal doen, maar ze vindt het wel vreemd. Als ze het s'avonds allemaal aan haar vriend vertelt zegt hij dat ze misschien geslagen wordt. Ineke zegt dat dat onmogelijk is want Judiths moeder is altijd heel bezorgd om Dennis. Ze praten er verder niet over.....

Zo gaan de weken voorbij en Judiths moeder blijft Judith slaan zodat ze steeds vaker niet mee kan doen aan de gymles, of zelfs helemaal niet naar school komt. De lichtpuntjes in Judiths leven zijn de keren dat ze met Michiel mee naar huis gaat om te lunchen. Ze voelt zich een soort lid van de familie, iedereen is aardig voor haar bij Michiel thuis. Als ze een keer een opstel moeten schrijven op school over mijn grootste droom, schrijft Judith over een moeder en een dochter die samen heel gelukkig zijn. De meester leest het opstel en hij vindt het een beetje vreemd dat Judith zoiets als haar grootste droom ziet. Hij laat het verhaal aan zijn vrouw lezen en die suggereert dat Judith misschien geslagen wordt. De meester gelooft dat niet, maar hij besluit om een afspraak met Judiths moeder te maken om met haar over Judith te praten, met name over de vele keren dat Judith ziek is. Als de meester de volgende dag bij Judith thuis opbelt, weet haar moeder hem af te wimpelen door te zeggen dat ze de komende weken geen tijd heeft en nog wel eens terugbelt. De meester besluit om dan maar eens met Judith zelf te praten. Judith heeft die dag pijn aan haar enkel, en als de meester vraagt hoe dat komt zegt ze dat ze gevochten heeft met een groepje jongens omdat die haar plaagden. Hij vraagt of haar moeder dat weet en Judith zegt dat ze het niet tegen haar moeder gezegd heeft omdat die toch al zo bezorgd is. De meester vindt het allemaal maar vreemd en als Judith haar mouwen opstroopt en hij al die blauwe plekken ziet worden zijn vermoedens steeds sterker bevestigd. Hij besluit om het nog even aan te zien omdat hij niet zomaar iemand kan gaan beschuldigen. Bij Judith thuis gaat het op het moment beter omdat er een zus van haar moeder op bezoek is. Het is heel gezellig met haar erbij en zelfs Judiths moeder is vrolijker. Judith heeft een geweldige week en vergeet even al haar zorgen. Haar tante vertelt haar dat ze zoveel op Dicky lijkt, een broer van haar, en dus ook een broer van haar moeder. Dicky is verdronken onder het schaatsen, en Judiths oma heeft haar moeder daarvan de schuld gegeven. Judith heeft nu eindelijk de reden gevonden waarom haar moeder haar af en toe niet uit kan staan. Als haar tante weer weg is, valt er een stilte in huis die haar moeder niet kan verdragen. Ze slaat Judith weer om de meest stompzinnige redenen. Judith merkt wel dat haar moeder er steeds vaker spijt van heeft als ze haar geslagen heeft. Ze is dan heel aardig en het is dan echt hartstikke gezellig. Maar dan vertelt Judiths moeder aan Judith dat ze gaan verhuizen. De meester heeft al een aantal keren gebeld en Judiths moeder kan er niet meer onderuit komen. Als ze niet gaan verhuizen zal ze met hem moeten gaan praten en daar heeft ze echt geen zin in. Judith heeft niet de kans om afscheid te nemen van Michiel want die zit in Amerika bij zijn vader. Michiels moeder is al heel vroeg gestorven en Michiel heeft het nooit goed met zijn vader kunnen vinden. Totdat zijn oom en tante op bezoek kwamen. Die vonden dat het zo niet langer kon en hebben hem mee naar Nederland genomen. Michiel heeft daar tot op de dag van vandaag nog nooit spijt van gehad. Een aantal weken geleden kwam zijn vader opeens onverwacht op bezoek. Hij is helemaal veranderd doordat hij een nieuwe vrouw heeft ontmoet. Michiel kan het nu goed met hem vinden maar hij heeft besloten om bij zijn oom en tante te blijven wonen. Daarom is hij nu een paar weken bij zijn vader op bezoek.

Judith is dus hals over kop vertrokken en ze heeft ook geen briefje achter kunnen laten. Als Michiel terugkomt uit Amerika wil hij meteen alles aan Judith vertellen. Hij besluit om naar haar huis te gaan. Als hij daar aankomt is alles leeg, een buurvrouw vertelt hem dat ze weg zijn en dat ze vermoedt dat Judith geslagen wordt omdat ze haar wel vaker heeft horen schreeuwen. Michiel schrikt zich dood en besluit om alles aan de meester te vertellen. Samen zoeken ze uit waar Judith nu op school zit en Michiel besluit om haar de volgende dag op te gaan zoeken. Hij vertelt haar dat hij alles weet en Judith schrikt enorm. Hij zegt haar dat ze altijd naar hem toe kan komen als hij haar nodig heeft en gaat weer naar huis. Als Judith thuiskomt, komt ze erachter dat ze is vergeten om boodschappen te doen. Als Judith’s moeder s'avonds thuiskomt en ziet dat Judith een beer heeft, denkt haar moeder dat zij die van haar geld gekocht heeft, ze maakt de beer stuk en slaat Judith in elkaar, dat was de druppel die de emmer liet overlopen. Judith pakt haar koffer en neemt de eerste de beste trein naar Den Haag.



Bedoeling

De bedoeling van het boek is dat ze wil laten zien, dat slaan niks oplost en dat je sommige dingen beter kunt zeggen en uitpraten, omdat ze je dan kunnen helpen.

Titel verklaring

Het boek heet blauwe plekken, omdat Judith steeds bont en blauw wordt geslagen; ze heeft steeds blauwe plekken



Einde

Het einde heeft 2 kanten, het loopt goed af maar toch weer niet.

1. Michiel is er achter gekomen dat Judith mishandeld wordt en hij kan haar nu helpen.

2. Judith is weggelopen en dat lost ook niet zo veel op. En, het probleem tussen Judith en haar moeder is niet opgelost.



Eigen mening en beoordeling

Ik vind het een best goed boek.

Ik heb het boek gekozen, omdat de titel en de illustratie me aanspraken, ik dacht dus al dat het over mishandelingen zou gaan, en dat spreekt me wel aan, van die probleem boeken.

Het boek heeft me best aangegrepen, het liefst zou ik zou het boek in willen springen als Judith weer een mishandeld werd en voor Judith opkomen. Als het namelijk bij mij zou gebeuren, was ik er absoluut tegen in gegaan. Ik laat me echt niet zomaar slaan, maar aan de andere kant kan ik haar ook wel begrijpen.

Het is een normaal lettertype, en het is gemakkelijk te lezen.

De zinsopbouw in soms wat vreemd. Verder snapte ik alles goed.

Het is een spannend boek en ook best verdrietig, het is zo spannend omdat, je altijd nieuwsgierig bent, wat Judith's moeder nu weer gaat doen. En het is zo verdrietig omdat, Judith zo geslagen wordt, en dat ze er niks tegenin kan brengen.



Schrijfster: Anke de Vries

De vleugels van Wouter Pannenkoek, dat boek verscheen in 1972.

Haar favoriete schrijver is Guus Kuyer.

In 1993 won ze de prijs van de kinder- en jeugdjury voor Blauwe plekken.

Anke de Vries woonde het grootste deel van haar jeugd op de Veluwe. Na de middelbare school in Ede ging ze reizen, onder andere in Griekenland en Frankrijk. In 1957 trouwde ze met een Fransman. Ze woonde met hem een aantal jaren in het buitenland, onder andere in Pakistan. Sinds 1963 wonen ze een Den Haag. Haar man stimuleerde haar om te gaan schrijven. Ze volgde een cursus creatief schrijven en in 1972 verscheen haar eerste boek. Ze werkte ook mee aan een aantal jeugdtijdschriften. Ze heeft een zoon en twee dochters.

Andere boeken van Anke de Vries met daarachter het jaartal waardoor ze door de kinderjury zijn bekroont:

Het keteldier

Bij ons in de straat.

Wedden dat ik durf!

De blauwe reus

Belledonne kamer 16

Kladwerk

Medeplichtig

Weg uit het verleden

Opstand!

Memo zwijgt

Blauwe plekken verscheen in 1993



Geboren: 5 december 1937

Studie: schrijverscursus

Debuut: De vleugels van Wouter Pannenkoek (1972)

Genres: Prentenboeken, volksverhalen, kinder- en jeugdboeken

Bijzonderheid: Baseert haar boeken meestal op feiten, waarbij ze de namen verandert.

Citaat: 'Al de personen in mijn boeken zijn mensen die in me zitten. Er komen soms verschrikkelijke figuren in m'n boeken voor. Ook dat zit in me.' (Reformatorisch Dagblad, 19-11-1996)



Biografie:

Anke de Vries woonde het grootste deel van haar jeugd op de Veluwe. Na de middelbare school in Ede ging ze reizen, onder andere in Griekenland en Frankrijk. In 1957 trouwde ze met een Fransman. Ze woonde met hem een aantal jaren in het buitenland, onder andere in Pakistan. Sinds 1963 wonen ze een Den Haag. Haar man stimuleerde haar om te gaan schrijven. Ze volgde een cursus creatief schrijven en in 1972 verscheen haar eerste boek. Ze werkte ook mee aan een aantal jeugdtijdschriften. Ze heeft een zoon en twee dochters.



Profiel:

Anke de Vries beschrijft het leven en de problemen van gewone kinderen en volwassenen. In haar boeken voor beginnende lezers lossen de kinderen hun problemen met veel fantasie op. Haar boeken voor kinderen van een jaar of 8 beschrijven de avonturen van kinderen en volwassenen in een stadsbuurt. De boeken voor wat oudere kinderen gaan over serieuze problemen als discriminatie, criminaliteit, mishandeling en vluchtelingen. De problemen worden over het algemeen door een groep kinderen samen opgelost. De boeken voor tieners hebben vaak detective-achtige elementen en spelen zich af in kleine dorpjes in Frankrijk. In deze boeken speelt het verleden een grote rol.



1972 Verschijning De vleugels van Wouter Pannekoek, Ankes debuut bij uitgeverij Lemniscaat dat meteen werd bekroond door de Amsterdamse kinderjury.

1936 Geboren op 5 december in Sellingen (Groningen)

1957 Getrouwd met de Fransman Laurent Félix-Faure

1958 Geboorte van zoon Jean-Laurent

1960 Geboorte van dochter Elisabeth

1961 Geboorte van dochter Karin

1964 Definitieve vestiging van het gezin Félix-Faure in Den Haag, nadat ze eerst een tijd in Griekenland, Pakistan en Frankrijk hadden gewoond vanwege het werk van Ankes man

1970 Cursus creatief schrijven



Interview met Anke de Vries

Anke de Vries werd in 1936 geboren. Tijdens haar jeugd woonde ze op de Veluwe en ging ze naar de middelbare school in Ede. ‘Ik heb er weinig geleerd,’ vertelt Anke. ‘Alleen Nederlands vond ik leuk, ik kon me helemaal uitleven in de opstellen. Toen ik jaren later boeken ging schrijven, kreeg ik van mijn leraar Nederlands al mijn opstellen terug - hij had ze al die tijd bewaard!’

Toen Anke de Vries zeventien was ontmoette ze haar man, de Fransman Laurent Félix-Faure en drie jaar later trouwden ze. Voor Laurents werk moesten ze veel reizen en het gezin woonde in Pakistan, Griekenland en Frankrijk. Tegenwoordig woont Anke met haar man in Den Haag, maar ze gaan ook vaak naar Frankrijk.

Anke de Vries is begonnen met schrijven op aanraden van haar man. ‘Hij zag een schrijfster in me,’ vertelt Anke, ‘en hij heeft me altijd gestimuleerd.’ Zelf had ze nooit plannen in die richting, totdat ze op een dag bij de wasserette een advertentie zag voor een cursus creatief schrijven. ‘Ik heb me opgegeven en zo is het begonnen. Ik schreef en ik schreef en hield niet meer op. Ik was zo enthousiast dat ik na een tijdje een brief kreeg van de docenten of ik alsjeblieft niet zo snel wilde schrijven - ze konden het niet bijhouden! Tijdens die cursus schreef ik een verhaal over een jongen die heel graag wilde vliegen. Met dat manuscript ben ik naar Lemniscaat gegaan. Het werd mijn eerste boek: De vleugels van Wouter Pannekoek. Mijn man heeft de tekeningen ervoor gemaakt.’

Als kind hield Anke veel van lezen. Ze vond Alleen op de wereld een prachtig boek omdat het zo zielig was, maar dat boeken later zo’n belangrijke rol in haar leven zouden gaan spelen, had ze niet kunnen vermoeden.



- Wat leek u dan een mooi beroep toen u kind was?

‘Ik had geen flauw idee wat ik later wilde worden. Wel had ik veel korte bevliegingen. Ik wilde een poosje niets liever dan schoonspringen van de allerhoogste duikplank. Maar ik had hoogtevrees - ik durfde nauwelijks van de lage duikplank en als ik sprong belandde ik altijd op mijn buik. Balletdanseres worden leek me ook wel wat, maar ook dat zat er niet in. Ten eerste mocht ik van mijn ouders niet op balletles en ten tweede was ik als kind veel te dik om een elegante ballerina te zijn. Ik heb ook nog een poosje over de kunstacademie gedroomd. Tegenwoordig maak ik collages dus die droom is nog een beetje uitgekomen. Sinds ik schrijf, kan ik al mijn heimelijke wensen kwijt in mijn boeken.’



- Waar haalt u de ideeën voor uw boeken vandaan?

‘Ik schrijf over wat ik meemaak, hoor of lees. Door Laurent kreeg ik voor mijn huwelijk een Franse familie cadeau. Ik heb gemerkt hoe een andere cultuur je leven kan verrijken - daar kun je ook over schrijven.

Bepaalde delen van Frankrijk ken ik erg goed: ik ben vertrouwd met de sfeer, de geluiden, zelfs met de geur die in sommige dorpen hangt. Die indrukken heb ik proberen vast te leggen in een aantal van mijn boeken. Maar er zijn ook concretere aanleidingen voor een verhaal. Zo kwam ik op het idee voor Belledonne kamer 16 toen mijn zoon in de nalatenschap van zijn Franse opa een oud reisverslag vond.’

Het is voor Anke de Vries van belang dat ze haar onderwerpen en personages dicht bij huis zoekt. ‘Kinderen uit de buurt staan vaak model voor mijn boeken - ze herkennen zichzelf alleen nooit omdat ik hun naam en hun uiterlijk verander. De gebeurtenissen die ik in mijn verhalen beschrijf moeten voor mij herkenbaar zijn, ik moet er iets van af weten en me bij het onderwerp betrokken voelen, anders wordt het niks. Ik zou bijvoorbeeld nooit een boek schrijven over een ruimtevaarder of over een land waar ik nog nooit ben geweest, omdat ik onmiddellijk door de mand zou vallen. Lezers zijn heel kritisch, ze voelen het meteen als iets onecht is.’

Recensenten hebben wel eens opgemerkt dat onrecht een grote rol speelt in de boeken van Anke de Vries. ‘Dat klopt wel,’ zegt ze, ‘ maar er is ook nogal wat onrecht in de wereld, daar raak je nooit over uitgeschreven!’ Kladwerk en Blauwe plekken zijn daar voorbeelden van.

Het idee voor Kladwerk kreeg Anke toen ze een lezing gaf op een school waar net die nacht was ingebroken en waar van alles was vernield. Die gegevens verwerkte ze in haar boek.

In Blauwe plekken wordt het verhaal van Judith verteld, die door haar moeder wordt geslagen. Kindermishandeling hield haar al langer bezig, maar Anke aarzelde om zo’n zwaar onderwerp aan te pakken. Totdat ze op een dag een artikel in een tijdschrift las over een moeder die haar kind mishandelde. ‘Die vrouw sloeg haar kind omdat hij op haar broer leek die vroeger thuis altijd werd voorgetrokken. Door dat stuk ben ik begonnen met Blauwe plekken. Ik ben altijd enorm geboeid door de relaties die mensen met elkaar hebben en die soms op een onbegrijpelijke manier uit de hand lopen. Kindermishandeling is een voorbeeld van zo’n uit de hand gelopen relatie tussen mensen.’



- Weet u van tevoren al precies hoe een boek gaat worden?

‘Nee, ik heb meestal geen duidelijk plan in mijn hoofd, maar voor ik begin met schrijven denk ik wel veel over het onderwerp na. Tegen de tijd dat ik mijn pen pak of achter de computer kruip, weet ik wie de hoofdpersoon is, hoe hij eruitziet, wat voor karakter hij heeft... ik probeer in de huid van mijn personages te kruipen.

Tijdens het schrijven kan er dan altijd nog van alles gebeuren: situaties ontstaan, mensen duiken plotseling op zonder dat ik weet waar ze vandaan komen. Die onverwachte wendingen maken het schrijven voor mij leuk en verrassend. Toen ik begon met Het geheim van Mories Besjoer wist ik alleen dat ik een boek wilde schrijven over een Fransman die in Nederland woonde en met wie iets aan de hand moest zijn. Al schrijvend is het boek ontstaan, ik moest het zelf ook ontdekken!’

Soms gaat het echter ook wel eens anders. Het prentenboek Mijn olifant kan bijna alles heeft Anke de Vries geschreven naar aanleiding van de schilderijen van Ilja Walraven en Memo zwijgt is gebaseerd op het scenario Mohammed zwijgt van Lou Brouwers voor de film De jongen die niet meer praatte, onder regie van Ben Sombogaart.

De boeken van Anke de Vries hebben altijd op een groot lezerspubliek kunnen rekenen. Ze zijn vele malen bekroond en er zijn vertalingen van gemaakt in het Duits, Frans, Engels, Fins, IJslands, Spaans (Castilliaans, Catalaans en Baskisch), Deens, Zweeds, Italiaans en Zuid-Afrikaans. Zelf is Anke ook een echte lezer: ‘Maar ik lees heel langzaam, zin voor zin, woord voor woord. Mijn man leest me elke ochtend voor. Dat deden we ook toen de kinderen nog thuis woonden, maar dan ’s avonds na het eten. Ook de zondagochtend was vaak een voorleesochtend. Die gewoonte zit er nog steeds in. Ik kan het iedereen van harte aanbevelen!’

Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen