U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : Nw-india - Het Hindoeïsme Ingezonden Door: Lien Categorie:.
Deze versie komt van http://www.scholieren.be/huiswerk/show_stuk.php?id=546 en is laatst upgedate op Onbekend.
De taal ervan is Overig en het aantal woorden bedraagt 1981 woorden.

Hindoeïsme




Inleiding








Zodra Prajapati verscheen uit de lotusbloem en zich van zichzelf bewust werd, huilde hij omdat hij de zin van zijn bestaan niet inzag. De tranen die neervielen werden de aarde, de tranen die hij wegveegde de lucht en de tranen die hij omhoog veegde het hemelgewelf. Prajapati verlangde naar nakomelingen en hij legde zich toe op de ascese. Hij baarde demonen en legde zijn lichaam af, dat de nacht werd. Toen nam hij weer een zelf aan en schiep de jaargetijden uit zijn oksels en de ochtend- en avondschemering uit zijn lichaam. Ten slotte schiep hij de goden uit zijn mond en toen hij zijn volgende lichaam aflegde, werd dat de dag.








Scheppingsmythe over Prajapati uit de Taittiriya, ca. 900-700 v.C.








Ontstaan




Aan de oorsprong van het hindoeïsme kan men praktisch geen duidelijk jaartal of geen specifieke stichter koppelen. Het hindoeïsme reikt terug tot voor 3000 v. Chr. aan de oevers en in de rivierdalen van de Indus (NW-India). Rond 1500 v. Chr. hadden de Perzen dit gebied bezet en kwamen de Indische gemeenschappen in contact met andere religies en sociale opvattingen. Er ontstond een spirituele ontwikkeling die men het Hindoeïsme noemde. Maar het is pas sinds enkele eeuwen dat men de term gebruikt voor degene die geloven in sanatana dharma, d.i. de eeuwige en goddelijke ordening van de kosmos zoals ze is vastgelegd in de Veda’s, de heilige Hindoeteksten.




Het woord Hindoe komt van het Perzisch Sindhu dat de Indus betekent en men duidde daarmee de plaatselijke bevolking aan.








Situering




Het hindoeïsme is de derde grootste wereldgodsdienst en is eigenlijk een groepsnaam voor verschillende religieuze voorstellingen en levensstijlen. Deze religie bevat eigenlijk het hele leven want het houdt ook morele en maatschappelijke regels in zoals het kastensysteem.




In 1983 werd er een wereldcongres van religies gehouden waarop ook de hindoe-asceet Vivekananda aanwezig was. Hij liet daar een enorme indruk op de Westerse wereld achter door zijn verkondiging van de spiritualiteit en het universeel geloof van het hindoeïsme. Hierdoor kwamen vele hindoeïstische vertegenwoordigers naar het Westen en nu nog bestaan er verenigingen in enkele Westerse landen die geloven in de Hindoeïstische visie. (// Hare Krishna, …)








Belangrijkste ideeën








Het hindoeïsme verschilt erg van streek tot streek en het is niet gemakkelijk om dit geloof in het kort uit te leggen, maar er zijn enkele aspecten die zeker vermeld moeten worden.




· Eén van de kernwoorden van het hindoeïsme is reïncarnatie: alle menselijke daden hebben gevolgen in de toekomst. Dit is de wet van het karma, deze kan zowel positief als negatief uitdraaien: mensen die een goed godsdienstig en deugdzaam leven leiden zullen worden beloond met een goede wedergeboorte (= hogere kaste). Hindoes die daarentegen hun godsdienstige verplichtingen verwaarlozen en immoreel handelen, kunnen in een volgend leven in een lagere kaste belanden of – in het ergste geval – buiten het kastenstelsel. Karma is dus in feite een soort natuurwet, een speciaal lot. Het belangrijkste om te weten over het kastenstelsel is dat bovenaan de brahmanen staan (= de priesterkaste) en onderaan de paria’s of onaanraakbaren (<onreinheid). Daartussen zitten nog vier andere kasten. Bovendien is de laagste kaste in 1950 bij wet afgeschaft, maar in de praktijk worden er nog steeds veel paria’s uitgestoten uit de maatschappij. Er is van buitenaf veel kritiek geweest op dit systeem want voor niet-Hindoes betekent het in hoofdzaak een harde ongelijkheid. Toch geldt het in India als een goddelijke instelling en biedt het sociale houvast en identiteit, en een enorme solidariteit tussen de leden van een bepaalde kaste.




· Volgens de wet van het karma lijkt alles een oneindige kringloop van geboorte, dood en wedergeboorte te zijn. Maar er is een verlossing mogelijk: de atman (=ziel) kan bevrijd worden. Volgens het hindoeïsme worden mensen steeds opnieuw geboren omdat ze hun eigen atman niet begrijpen en omdat ze verkeerdelijk geloven dat de atman en de brahman (=wereldziel) gescheiden zijn. De moshka, de verlossing, is alleen mogelijk als die twee als gelijk worden aanzien. De moshka is dus het grootste levensdoel van een hindoe. Wanneer een mens zich heeft kunnen ontdoen van zijn karma, staat hij vrij voor zijn brahman en kan hij zijn moshka bereiken. Dit betekent dat hij niet meer wedergeboren zal worden.




De oneindige cirkelbeweging van de hele kosmos is dus in feite de hoofdgedachte van het hindoeïstisch geloof.








Goden




Het hindoeïsme telt enkele tientallen miljoenen goden, het is namelijk een rijke religiecultuur doordat iedereen een persoonlijke god heeft. Maar boven alle goden staat de Brahmaan, hij is het Eeuwige, het Enige, hij is het absolute, de uiteindelijke werkelijkheid die alles overkoepelt.




Brahmaan wordt verpersoonlijkt door de drievuldigheid van hoofdgoden:




1) Brahma = de schepper:




Hij stijgt op uit de lotusbloem die zich opent uit het oerwater. Hij heeft 4 armen en 4 benen en houdt de 4 Veda’s vast. De Brahma is identiek aan de atman, d.i. de ziel van de individuele mens. Hij wordt niet zoveel vereerd omdat hij in de mythes zich niet veel met de wereld bezighoudt.




2) Vishnu = de redder:




Hij komt af en toe op de wereld en stelt orde op zaken. Hij wordt veel vereerd omdat hij al het goede in de mens vertegenwoordigt en de mens in alle benarde situaties helpt.




Er zijn een tiental verschillende gedaantes van hem zowel menselijke als dierlijke. Eén daarvan is de held Rama van het bekende Ramayana epos. Een andere is Krishna die de wegen aanduidt om tot de Verlossing te komen. Op het einde verschijnt hij als Kalkin die al het kwade samen met de hele wereld zal vernietigen. Sommige hindoes beschouwen zelfs Boeddha en Jezus Christus als één van de 10 gedaanten, maar dit is meer een persoonlijke visie.




3) Shiva = de wreker:




Hij is de god van de verwoesting maar ook de vernieuwer van het leven. Shiva behoort samen met zijn gezellin Parvati en 2 kinderen Ganesha en Skanda tot de goddelijke familie. Ze staan symbool voor alle tegenstellingen: man-vrouw, licht-donker, wit-zwart, … die steeds met elkaar verbonden zijn en onscheidbaar zijn.




Shiva krijgt de energie en kracht om te verwoesten en te herscheppen van zijn vrouw, hij is tevens de god van de kosmische scheppingsdans (Natesha).












Korte vergelijking van het hindoeïsme met het christendom (zie ook video)








Het hindoeïsme…








… is ook een monotheïstische godsdienst, maar de godsfiguur komt voor in heel veel verschillende gedaantes. Bovendien wordt god er gezien als een menselijk wezen.




… kent meerdere scheppingsverhalen. Het oudste komt uit de RigVeda, ca. 1200 v.C.. Het begin en het einde der tijden zijn niet zo belangrijk binnen het hindoeïsme omdat de godsdienst gebaseerd is op de cyclische beweging van de wereld. Er is dus geen enig scheppingsverhaal en ook niet iets als een Dag des Oordeels.




… heeft een gelijkaardige visie op reinheid, maar die wordt meer bepaald door de kasten. Ook vandaag nog wordt die reinheid ver doorgedreven. Naast lichamelijke reinheid kan een hindoe ook via meditatie en mantra’s tot reinheid komen.




… de verlossing komt er ook vanuit het geloof in een liefdevolle godsfiguur, al zijn er dat verschillende.




… er is een fundamenteel respect voor de natuur en de dieren. Ze verschillen enkel in vorm van de mens, maar zijn principieel zijn gelijken.








De voornaamste geschriften








De hindoeïstische teksten zijn geschreven in het Sanskriet, de oude taal van India. Er zijn verschillende heilige teksten uit allerlei periodes en in allerlei vormen.








1. De Rig Veda: vier verzamelingen teksten die de Veda’s vormen, dit zijn de oudste heilige geschriften van India. De belangrijkste is de Rig Veda, een bundel gezangen. Het gaat over de eerste beginselen van de goden en het hindoeïsme, waaruit Shiva en Vishnu later tot de belangrijkste goden zouden uitgroeien.




2. De Mahabharata: het langste dichtwerk ter wereld, het omvat het ‘klassieke hindoeïsme’. Het werk is ongeveer 2000 jaar oud. Het is eigenlijk een soort heldenepos met Yudhishthira, de zoon van de god Dharma, in de hoofdrol. Het hoofdthema is de botsing van zijn dharma (plicht) en zijn persoonlijke oordelen. Een belangrijk onderdeel is de Bhagavad-Gita, het Gezang van de Heer, het beroemdste hindoe-geschrift. Het verhaal leert uiteindelijk dat de liefde tussen mens en God nog belangrijker is dan de moshka te bereiken.




3. De Upanishads: een jongere verzameling, waarin de verschuiving naar een persoonlijkere religieuze beleving. De betekenis van het offerritueel neemt er ook in af. In dit werk zit de basisidee van het hindoeïsme verwerkt: een pessimistische kijk op de eindeloze kringloop.




4. De Purana’s: achttien werken die sinds de oudheid zijn overgeleverd waarin het hindoeïsme verder wordt ontwikkeld. Het zijn eerder mythologische verhalen, de nadruk op de filosofie en abstracte wijsbegeerte hebben plaatsgemaakt voor een persoonlijke god. Een van de beroemdste en belangrijkste is de Bhagavata Purana, dat gaat over Krishna.




5. De Ramayana: naast Mahabharata een belangrijk hindoe-epos. Het is een voorbeeld voor het ideale hindoe-leven, met Rama als mannelijk en zijn vrouw Sita als vrouwelijk model. Het is een geliefd volksverhaal en een bron van inspiratie voor veel hindoes.








Nog enkele rituelen en gebruiken








Allereerst situeert het dagelijks religieus leven van een hindoe zich in de Bhakti en Puja. Bhakti is de weg van de aanbidding en de devotie, het gaat om de aanbidding van een of meerdere godheden, de liefde tussen de god en de vereerder. Het uit zich vooral in muziek, gezangen en dans. De Puja is de dagelijkse eredienst bij de hindoe thuis (ze hebben meestal een eigen altaar). Het is de elementaire, dagelijkse geloofsuitdrukking binnen het hindoeïsme, het gaat gepaard met offeren.




Naast de huisaltaren zijn er ook tempels in alle groottes en voor elke godheid. De parikrama is een dagelijkse religieuze wandeling rond het altaar.








Het hindoeïsme hecht een groot belang aan rituelen of samskara’s. De vieringen van de grote momenten in het leven zijn van groot belang in het familie- en gemeenschapsleven. Een hindoe-leven wordt opgedeeld in 4 verschillende fasen en er zijn 4 algemeen erkende religieuze levenswegen: de yoga’s. Iedere mens kiest een weg die het beste bij hem/haar past:




1. de weg van bhakti = devotie




2. de weg van karma = daad




3. de weg van jnana = kennis




4. de weg van meditatie en spirituele discipline








Ahimsa is het heilig zijn van alle leven voor een hindoe. De heilige koe: de koe vertegenwoordigt in India zowel een religieus als economisch belang.




Bedevaarten: zijn heel belangrijk in het hindoeïsme, want ze scheppen een positief karma. Er zijn vele honderden bedevaartsoorden, maar de belangrijkste zijn de Ganges (bron van leven, ook een vrouwelijke godheid + zijrivier Yamuna) en de Himalaya.








Yoga is geen religie maar een wijze van spirituele ontwikkeling waarin lichaamsdiscipline het bewustzijn beïnvloedt. Het is een beroemde filosofische traditie van het hindoeïsme, het is een zuivering van het hele wezen. Yoga gaat om bevrijding van de ziel en het bereiken van de ware kennis (=Brahmaan)




Een innerlijk evenwicht vinden door meditatie en zelfbeheersing. Er zijn 3 verschillende wegen die naar de Verlossing leiden, deze noemen we de 3 yoga’s.




Een bepaalde vorm van yoga is de Hatha yoga en zijn doel is om de yogi in harmonie met het universum te brengen. Hatha betekent zon en maan, 2 belangrijke natuurelementen.




De Zonnegroet: Soorya Namaskar




Het vermindert het vet ter hoogte van de buik, het verhoogt de ademhalingscapaciteit en het maakt de ruggengraat en ledematen leniger.




Tantra’s zijn de erotische vorm van yoga, een streven om het grootste genot uit het leven te halen.








Om is het heiligste geluid, de klank waaruit de goden zijn gemaakt, het is de mula mantra, de wortelsyllabe waarmee hemel en aarde samengehouden worden. Omdat Om alles voorafgaat, wordt het vaak omgeroepen voor gebed of zang en is het tevens ook vaak de laatste uitroep. Het is het hindoeïstische teken bij uitstek en staat voor de vereniging van alle geloven onder één god. Het symboliseert ook de hindoe-gedachte van de drie-eenheid en het vierde element dat erboven uitsteekt.








Mahatma Gandhi (1869-1948)








Eén van de grootsten op aarde, figuurlijk dan. Hij is de bekendste goeroe van het hindoeïsme. We gaan niet dieper op hem in, omdat we veronderstellen dat er toch nog iets van de godsdienstlessen is blijven hangen.



Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen