U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : P. 3 - Taliban Ingezonden Door: Michèle Corthals Categ.
Deze versie komt van http://www.scholieren.be/huiswerk/show_stuk.php?id=497 en is laatst upgedate op Onbekend.
De taal ervan is Overig en het aantal woorden bedraagt 2621 woorden.

INHOUD








1. Inleiding (p. 3)









2. Het ontstaan van de Taliban




(p. 4/5)








3. De onderdrukking van de vrouwen (p. 6/7/8)








4. De beeldenstorm (p. 9)








5. Terroristen hebben vrij spel




(p. 10)








6. De aanslagen (p. 11/12)








7. De Afghaanse machtsstrijd




(p. 13/14/15/16/17/18)








8. Conclusie over de Taliban (p. 19)








































1.Inleiding:








Toen ik dinsdagmiddag 11 september van school kwam, werd ik meteen overrompeld door de tragische gebeurtenissen van die middag. Ik zag de beelden op tv en kon eerst niet geloven wat er gebeurd was.




Ik wist, eerlijk gezegd, voordien nog niets over de Taliban en toen ik hoorde over de onderdrukking van het Afghaanse volk, en dan vooral de vrouwen, de waanzinnige regels en de verkrachting van de islam was ik wederom geschokt.




De Taliban, de toestand in Afghanistan en alles daarrond werden druk in de media besproken en zo werd mijn interesse gewekt.




Ik was vooral geïnteresseerd in de toestand van de vrouwen en al het onrecht dat de bevolking aangedaan werd.




Daarom heb ik besloten mijn eindwerk over de Taliban te doen.
































































2.Het ontstaan van de Taliban









Afghanistan is met zijn bergketens, valleien en woestijnen een moeilijk toegankelijk gebied. Perzen, Grieken, Mongolen, Turken en Britten getroostten zich om de beurt grote moeite om dit land en zijn weerbarstige bewoners te onderwerpen. Wie Afghanistan beheerste, controleerde immers ook de toegang tot de rijkdommen die via de Zijderoute vanuit het Verre Oosten hun weg naar het Westen vonden. In 1979 raakte Afghanistan na een communistische machtsgreep dan ook nog verstrikt in de Koude Oorlog. Na tien jaar gruwelijke (burger)oorlog dropen de vernederde Sovjets af.








De moedjaheddien zetten hun strijd verder totdat de communistische stroman Mohammed Najiboellah in 1992 uit Kaboel verdreven was. Daarna stortten krijgsheren het land opnieuw in anarchie en terreur. In 1994 verschenen plots duizenden Taliban op het toneel. Deze ‘studenten’ waren in Pakistaanse koranscholen doordrongen van de wahhabitische* versie van de Islam. De wahhabieten, een ultra-orthodoxe sekte die in de 18de eeuw ontstond, keren zich fel tegen heiligenverering en vertier als roken, musiceren, dansen en het drinken van koffie. Sinds de jaren ’30 zijn zij aan de macht in Saoedi-Arabië. Geen wonder dat de Taliban, met Pakistaanse logistieke steun en door de Saoedi’s betaalde wapens, over hun tegenstanders heen walsten. In 1996 namen ze Kabul in en sindsdien beheersen ze het grootste deel van het land. Najiboellah werd prompt uit het VN-gebouw gesleurd en aan een verkeerspaal opgehangen.








Aanvankelijk konden de Taliban op sympathie rekenen, omdat ze eindelijk voor orde zorgden. Maar dat sloeg snel om toen de ‘studenten’ steeds schokkender decreten uitvaardigden.













































































































3.De onderdrukking van de vrouwen.








Vrouwen zijn de grote verliezers van de fundamentalistische machtsovername in Afghanistan. De Revolutionary Association of the Women of Afghanistan (RAWA) is een organisatie die in 1977 opgericht werd door linkse intellectuelen die voor de vrouwenrechten wilden strijden.




Toen de RAWA werd opgericht, was de situatie van de Afghaanse vrouwen nog niet zo dramatisch. Meisjes gingen gewoon naar school en er waren vrouwelijke dokters, advocaten en leerkrachten. Als ze al een burqa droegen was dat omdat ze er zelf voor kozen. Vooral plattelandsvrouwen werden onderdrukt en konden wel een vrouwenbeweging gebruiken.




Nadat de Sovjettroepen Afghanistan binnenvielen om de toenmalige communistische regering te steunen, begonnen de moedjahedien, de voorlopers van de Noordelijke Alliantie, echter een guerrillastrijd. Toch hadden de vrouwen in die Sovjettijd veel vrijheid. In de Afghaanse steden konden meisjes en vrouwen bijvoorbeeld gewoon naar school of naar de universiteit gaan. Ze lieten hun gezicht zien en droegen zelfs westerse kleren en make-up. (zie foto)




Dat veranderde echter toen de moedjahedien aan de macht kwamen die de vrijheid van de vrouw wilden beknotten. Maar het werd nog veel erger toen de Taliban de moedjahedien naar het noorden verdreven. Alhoewel nergens in de koran staat dat vrouwen uit het openbare leven moeten gebannen worden, is het eerste wat de Taliban deden toen ze het in 1996 voor het zeggen kregen, scholen voor meisjes en vrouwen sluiten. Meisjes mochten na hun achtste niet meer naar school, vrouwen werden verbannen aan de universiteiten.




Onder het mom van ‘een strikte interpretatie van de koran’ zijn de vrouwen sindsdien al hun rechten verloren. Ze mogen niet alleen niet naar school gaan of werken, ze mogen ook niet zonder begeleiding hun huis verlaten en de burqa, een gewaad dat hen van top tot teen bedekt, is verplicht. Verder hebben ze een zeer beperkte toegang tot gezondheidszorg, na een periode waarin zij daarvan regelrecht waren uitgesloten. Ze mogen enkel naar ziekenhuizen en klinieken met aparte afdelingen voor vrouwen en met vrouwelijk personeel, maar er zijn niet veel gezondheidszorginstellingen die aan deze voorwaarden voldoen en de afstand daartussen is groot.




Als vrouwen toch betrapt worden op inbreuken tegen de regels, of als de Taliban dat nog maar vermoeden, worden ze in het openbaar afgeranseld en vernederd.




Mensen zijn bang, of ze nu man of vrouw zijn. Mannen vrezen dat ze gestraft zullen worden als hun vrouw zich niet aan de strikte regels houdt en werken daardoor braafjes mee aan haar totale isolatie. Amper 4 procent van de Afghaanse vrouwen en meisjes kan lezen en schrijven. Bovendien krijgen vrouwen, vooral in landelijke gebieden, amper informatie uit de buitenwereld omdat ze hun huis haast nooit verlaten. Velen weten niet eens waarom de Verenigde Staten hun land bombarderen, als ze al merken dat er iets aan de hand is.
















































































































4.De beeldenstorm








Ook hadden de Taliban het volgende idee, namelijk het vernietigen van beelden. Zo heeft men tweeduizend jaar oude beelden, 53 en 38 meter hoog, vernietigd. Dit was een onderdeel van het streven van de Taliban naar de ultieme moslimstaat. Niet-islamitische kunst hoort daarin niet thuis. Er bestaan verschillende internationale verdragen rond de bescherming en het onderhoud van het historisch patrimonium. Een honderdtal landen heeft die ondertekend en erkent de richtlijnen. Maar dat geldt niet voor regimes zoals dat van de Taliban. Zij zijn niet gebonden door die internationale regels. Deze fundamentalistische cultuur beschouwt de beelden niet als erfgoed, maar als iets dat deel uitmaakt van hun dagelijks leven en waar ze zwaar aanstoot aan nemen. Voor hen zijn die beelden even shockerend als porno op straat zou zijn voor de meeste mensen bij ons. Bij ons is er een diepe kloof tussen kunst en de maatschappij. Bij hen is dat iets dat deel uitmaakt van het dagelijks leven, het vertegenwoordigt iets. Vandaar dat die oude beelden hen zo diep kunnen raken.

























5.Terroristen hebben vrij spel








De Taliban protesteerde heftig toen de VN-veiligheidsraad besloot sancties in te stellen tegen het land. Afghanistan had toen al eerder een maand tijd gekregen om de terrorist Osama Bin Laden uit te leveren en alle opleidingskampen voor terroristen te sluiten. Als dat niet gebeurde zou een wapenembargo en andere strafmaatregelen tegen de Taliban van kracht worden. Alle buitenlandse Talibankantoren zouden gesloten worden en Taliban-kopstukken zouden niet meer naar het buitenland mogen reizen. Verder zou het luchtembargo worden verscherpt en ook de internationale export naar Afghanistan aan banden worden gelegd. De Talibanregering reageerde toen woedend op de strafmaatregelen van de VN. Het land veroordeelde de VN-resolutie en beschuldigde de organisatie ervan een vijand te zijn van de Islam.





































6.De aanslagen








De gruwelijke aanslagen op het symbolische hart van Amerika (het World Trade Center is het economische middelpunt van de VS; het Pentagon het militaire en het Witte Huis het patriottische) tarten elke verbeelding en doen de hele wereld met afschuw reageren. Dat een samenleven die de vrijheid hoog in het vaandel draagt, zo in paniek kan gebracht worden door een bende nietsontziende terroristen, maakt de schok des te groter.








Het begon allemaal op wat een mooie zonnige nazomerdag had moeten worden in New York.




8:45(lokale tijd) Een vliegtuig van American Airlines (93 inzittenden) boort zich in de noordelijke van de Twin Towers. (WTC1)




9:06 Een tweede vlucht van American Airlines (65 inzittenden) stort zich op de zuidelijke toren. (WTC2)




9:40 In Washington stort zich op de westelijke vleugel van het Pentagon een derde vliegtuig neer (64 inzittenden). Dit deel van het 5 verdiepingen tellende ministerie van defensie zakt in elkaar.




10:10 United Airlines vlucht 93 New York-San Francisco (45 inzittenden) crasht, afgeleid richting Washington (en Witte Huis?), in Shanksville nabij de stad Pittsburgh (Pennsylvania).




Terwijl de wereld verbijsterd toekijkt, stort om 9:59 WTC2 rechtstandig naar beneden. Een half uur later, om 10:28 overkomt WTC1 hetzelfde. De ramp is compleet. Al snel wordt duidelijk dat het aantal slachtoffers immens zal zijn.






























Twee Boeing-vliegtuigen vliegen in op de Twin Towers




van het WTC. Het begin van een nooit geziene terreurgolf













Deze mensen weten dat hun laatste uur geslagen heeft.




Sommigen springen liever dan levend te verbranden.













Na de instorting van de twee WTC-torens wordt New York in een enorme rookwolk gehuld.









7.De Afghaanse machtsstrijd




Stap voor stap maken de VS zich klaar voor militaire acties. De Amerikaanse bombardementen beginnen op 7 oktober 2001. Meteen roert zich de Noordelijke Alliantie of het 'Verenigd Islamitisch Front ter Redding van Afghanistan', dat al jaren vastzit in haar strijd tegen de Taliban.









De Alliantie rukt vanaf het begin van de bombardementen op naar hoofdstad Kabul. Toch is een mogelijke inname van de stad niet meteen een prioriteit voor de Amerikanen: het zou zelfs niet erg wenselijk zijn. Als samenraapsel van etnische minderheden (Oezbeken, Tadzjieken, Hazari's...) maakt de Alliantie slechts zowat de helft van de Afghaanse bevolking uit. Zij kan onmogelijk het hele Afghaanse volk vertegenwoordigen.
























de luchtoorlog








De noordelijke rebellen spreken de Taliban tegen die beweren dat de aanvalsgolven weinig schade aanrichten aan strategische installaties.




De Alliantie maakt steeds meer melding van Taliban-oversten en -troepen die overlopen. Bovendien zou de Alliantie de weg naar het noorden afgesloten hebben, waardoor de noordelijke stad Mazar-e-Sharif geïsoleerd is geraakt. Ook meldt zij op 12 oktober de inname van de belangrijke centrale provincie Gur.




Op 17 oktober zegt Bush dat de luchtaanvallen 'de weg bereiden voor bevriende troepen op de grond'.




Daarmee bevestigt hij dat de VS bij hun aanvalsplannen een plaats inruimen voor de oppositiealliantie die in het noorden tegenover de Taliban staat. De Noordelijke Alliantie levert al dagen strijd om Mazar-e-Sharif op de Taliban te veroveren.




Tien dagen later zijn de rebellen nog niets opgeschoten, ondanks luchtsteun van de Amerikanen. Zijn de verzetsleiders tezeer verdeeld om gezamenlijk een vuist te kunnen maken tegen de Taliban en getuigt hun gebrek aan vooruitgang ondanks de bombardementen van hun onmacht?




Toch geven ze hun poging om gezamenlijk Mazar-e-Sharif te veroveren niet op.




De VS hebben inmiddels niet veel meer strategische doelwitten te bombarderen. Zij richten nu hun aandacht gedeeltelijk op de frontlinies tussen Taliban en Noordelijke Alliantie. De stellingen van Taliban-strijders worden bestookt door luchtgeschut. Zoals gebruikelijk bij de Amerikanen belanden een aantal bommen ook aan de verkeerde kant van het front.




Inmiddels staan Amerikaanse en Britse soldaten de NA-soldaten ook op de grond bij, om de bombardementen te leiden en de rebellen strategisch te helpen.




Op 6 november meldt de Noordelijke Alliantie de verovering van een district op de Taliban. Bij Mazar-e-Sharif meldt op 7 november alliantiewoordvoerder Ashraf Nadeem nieuwe overwinningen op de Taliban, die uit de 40 kilometer zuidelijker gelegen district Shol Gar verdreven zouden zijn. Voorts zouden 500 Talibansoldaten overgelopen zijn.




In de loop van november, terwijl het Talibanregime ineenstuikt en de oppositie overal overneemt, concentreren de bombardementen zich op de mogelijke schuilplaats van Bin Laden in het gebergte bezuiden Jalalabad. Met rampzalige gevolgen voor de bewoners van het dorpje Agom: mogelijk honderd mensen zouden daar omkomen bij een Amerikaans bombardement. Een officiële Amerikaanse woordvoerder ontkent dat de dorpen opzettelijk worden aangevallen en stelt dat het verslaan van de terroristen «van het allergrootste belang is». Het is geweten dat Al-Qaida-terroristen zich in het verleden bevoorraadden in dergelijke omliggende dorpen.




































de val van de steden








Op 13 november trekt het verenigde rebellenleger hoofdstad Kabul binnen. Met de inname van Kabul is duidelijk dat de Taliban hun inspanningen vooral op Mazar en Kandahar hebben gericht. Zonder noemenswaardige tegenstand immers wordt Kabul ingenomen. Blijkbaar is het gros van de Taliban-troepen er al eerder weggetrokken om Kandahar te verdedigen.




Diezelfde dag nog echter wordt al melding gemaakt van de strijd rond Kandahar. De plaatselijke luchthaven zou al meteen in handen van de rebellen gevallen zijn.




Mullah Omar roept de Taliban op om zich terug te trekken. Later wordt ook Jalalabad overgedragen. Op enkele verzetsgebieden na is heel Afghanistan nu in handen van plaatselijke en minder plaatselijke krijgsheren.




De verdedigers van Kunduz, de laatste stad in Noord-Afghanistan die nog in handen is van de Taliban en hun buitenlandse helpers (Arabieren, Tsjetsjenen, Oezbeken en Pakistanen), bieden nog het langst tegenstand. Honderden Taliban-strijders geven zich over, maar de stad valt nog niet. Waarschijnlijk weerhouden de buitenlandse vrijwilligers en Al-Qaida-leden er de plaatselijke Taliban zich massaal over te geven. Desnoods met geweld. Omdat zij omsingeld zijn en niet in handen van de NA willen vallen, willen de 3.000 buitenlanders tot het eind vechten. De kwalijke reputatie van de NA ging hen namelijk vooraf: buitenlanders zouden immers afgemaakt worden. De NA belooft nochtans alle buitenlanders aan de VN over te dragen. (Al is de VN nog niet aanwezig.)








Het gevreesde bloedbad blijft uit, want omstreeks 25 november valt ook Kunduz in handen van de Noordelijke Alliantie.




Ook om de zuidelijke stad Kandahar, het bolwerk van de Taliban, wordt nog het langst gevochten. Plaatselijke leiders onderhandelen lang met de Taliban over overgave, maar de VS benadrukken niet te zullen toelaten dat Talibanleider mullah Mohammed Omar uit Kandahar ontsnapt, ook al zouden de onderhandelaars zo'n regeling overeenkomen.




Op 29 november trekken troepen van de Noordelijke Alliantie de stad Kandahar binnen. Zo maakt Bismillah Khan, de plaatsvervangend minister van defensie van de alliantie, bekend. In de eerste week van december geeft de Taliban de stad in handen van de aanvallers in ruil voor een veilige aftocht.




Amerikaanse troepen in Afghanistan richten voortaan hun speurwerk op de leiders van de Taliban en het Al-Qaida-netwerk, met de bedoeling hen te isoleren van hun manschappen. Talibanleider mullah Omar blijft, ondanks het uitkammen van Kandahar, spoorloos. Net zoals Bin Laden, van wie vermoed wordt dat hij zich in het grotten- en bunkercomplex van Tora Bora schuilhoudt.








































een nieuwe burgeroorlog?








Het Westen staat er wat ongemakkelijk naar te kijken. Men is beducht voor een herhaling van de geschiedenis. Het is niet onaannemelijk dat eens de Taliban politiek en militair uitgeschakeld zijn, het enige gemeenschappelijke dat de verschillende groeperingen binnen de NA samenhield is weggevallen, namelijk hun haat tegenover de Taliban.




Te vrezen valt dat de NA snel uiteen zal spatten, interne tegenstellingen weer bovenkomen en de milities de wapens tegen elkaar opnemen. Niet alleen zet zich op die manier de burgeroorlog verder: inmiddels zal de Taliban ongetwijfeld haar moejaheddin-rol terug opnemen en een guerrillaoorlog beginnen. Met andere woorden: de bevolking zal niet meteen beter af zijn met deze machtswissel, die allicht weer uitdraait op een nieuwe machtsstrijd.












































































8.Conclusie over de Taliban:








De Taliban vernietigen eeuwenoude cultuurschatten, en proberen de Islam voor te doen als enige mogelijke godsdienst. Zij denken niet aan de rechten van de vrouw maar discrimineren ze daarentegen. Ze maken het de hulpverleners moeilijk, laten terroristen onderduiken en trekken zich niets aan van de VN of internationale verdragen.




Voor mij is het duidelijk dat dit een gevaarlijk regime is dat de Islam aan iedereen wilt opdringen. Het vertrek van de Taliban betekent echter niet noodzakelijk beterschap. De Noordelijke Alliantie hebben een geschiedenis van wetteloosheid en geweld die in de buurt komt van die van de Taliban.
















Bronnen:








- Het Belang van Limburg: www.hbvl.be




- Knack: www.knack.be




- www.scholieren.be



Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen