U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : Willem Frederik Hermans - Nooit Meer Slapen.
Deze versie komt van http://huiswerk.leerlingen.com/boekverslag/21551/ en is laatst upgedate op Onbekend.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 2006 woorden.

Inhoudsopgave

De schrijver 2

Samenvatting 3

Ervaringsverslag 4

Thema 4

Personages 4

Ruimte & Tijd 5

Moraal 5

Titelverklaring 6

Literair-historisch 6

Eindoordeel 6











Bronvermelding

Het gelezen boek:

Auteur: Willem Frederik Hermans

Titel: Nooit meer slapen

Uitgave: Wolters-Noordhoff, Groningen en

Wolters Plantyn, Deurne

1999

ISBN: 9001 55096 7

Informatie over de schrijver (incl. plaatje):

http://www.collegenet.nl/content/literatuur/na1945/schrijvers/hermans.htm

De schrijver

Willem Frederik Hermans (Amsterdam 1921 – Utrecht 27 april 1995) studeerde fysische geogra-fie aan de Gemeentelijke Universiteit in Amsterdam, promoveerde in 1955 en werd in 1958 benoemd tot lector aan de Rijksuniversiteit te Groningen. In 1973 nam hij ontslag en vestigde zich als fulltime schrijver in Parijs. De laatste jaren van zijn leven woonde hij in Brussel. Als romancier debuteerde hij in 1947 met Conserve. De verhalenbundel Moedwil en misverstand (1948) en de roman De tranen der acacia's (1949) geven een duidelijk inzicht in Hermans' wereld- en literatuurbeschouwing. Volgens hem is de werkelijkheid een chaos en probeert de mens daarbinnen vergeefs waarheid, identiteit, orde en zinvolle verbanden te ontdekken. Het duidelijkst komt deze visie dat alles een chaos is en de werkelijkheid onkenbaar is tot uiting in de novelle Het behouden huis.

Aanvankelijk moest het maatschappelijke en culturele establishment het ontgelden. Vanaf de jaren zeventig richtte Hermans zich vooral op maatschappijhervormers. De bezettingstijd is natuurlijk bij uitstek een periode om zijn wereldbeeld te demonstreren: De tranen der acacia's, de reeds genoemde novelle Het behouden huis (1952) en de romans De donkere kamer van Damocles (1958) en Herinneringen van een engelbewaarder (1971) zijn in deze periode gesitueerd.

Samenvatting

Alfred Issendorf, een jonge Nederlandse geoloog, gaat naar Noorwegen om daar zijn promo-tieonderzoek te verrichten. Hij wil daar de hypothese van zijn leraar professor Sibbelee bewij-zen door in het noorden van Noorwegen een meteoriet te vinden. Hij zal samen met Arne, een Noorse geologiestudent die hij in Nederland ontmoet had, en een paar van zijn vrienden de wildernis in gaan.

Het wordt echter een zware opgave voor Alfred. De luchtfoto’s die hij zo hard voor zijn onder-zoek nodig heeft, kan hij door een ongelukkige samenloop van omstandigheden niet te pakken krijgen. Dan maar zonder luchtfoto’s vertrekt hij met Arne en twee anderen de wildernis in. De enorme zware last die hij moet dragen, het ruige terrein en de talloze muggen maken het Alf-red zeer moeilijk. Desondanks zet hij door, gedreven door zijn ambitie en door de druk die zijn moeder op hem uitoefent om het werk van zijn gestorven vader voort te zetten.

Wanneer hij ontdekt dat Mikkelsen, één van Arne’s reisgenoten, al die tijd al in het bezit is ge-weest van de luchtfoto’s die hij nodig had, begint hij te vermoeden dat men hem met opzet tegen werkt. Dit vermoeden wordt alleen maar versterkt wanneer Arne’s twee reisgenoten op-eens alleen verdergaan.

Dan raken Arne en Alfred elkaar kwijt. Als Alfred Arne na enkele dagen weer terugvindt, ligt Arne dood op de stenen: uitgegleden; net zoals Alfreds vader was overkomen en waar Alfred bang voor was dat dat hemzelf zou overkomen.

Alfred weet terug te keren naar de bewoonde wereld en het lijk van Arne wordt geborgen. Zijn vermoedens omtrent samenzwering tegen hem blijken onjuist te zijn. De Nederlandse geoloog gaat terug naar zijn vaderland met geen enkel resultaat, geen enkele meteoriet.

Ervaringsverslag

Thema

Het thema van het boek is de druk die de verwachtingen van je ouders op je kunnen leggen. De druk die op je ligt als je je dode vader moet opvolgen en evenaren.

Personages

Alfred Issendorf is de hoofdpersonage. Hij is een ambitieuze jonge geoloog die koste wat kost succes wil hebben. Zijn vader is, toen Alfred jong was, gestorven tijdens weten-schappelijk onderzoek. Nu rust op Alfred de druk om zijn vader te ‘wreken’ door zélf wetenschappelijk succesvol te worden. Alfred is iemand die zich om veel dingen onnodig zorgen maakt en graag dingen netjes en voor elkaar wil hebben.

Arne is een Noorse geologiestudent die Alfred in Nederland ontmoet heeft. Ze hebben afge-sproken samen door het noorden van Noorwegen te trekken. Arne heeft een rijke vader, maar wil niets van hem aannemen. Hij houdt er een eigenaardige levensfilosofie op na: zo lang hij maar zo sober mogelijk leeft, krijgt hij op een dag een zeer groot ‘geschenk’ terug. Zijn hele uitrusting is dan ook oud en opgebruikt. Hij bewondert Alfred om zijn doorzettingsvermogen en neemt het hem niet kwalijk dat hij zo onhandig is. Arne is een vrij gesloten man die er oud uitziet voor zijn leeftijd en die zeer goed kan tekenen. Alfred is jaloers op zijn tekentalent en ziet zijn onkunde in het tekenen als een van de vele bewijzen dat hij eigenlijk niet bedoeld was voor geologie.

Alfreds moeder is een belangrijk boekrecencist in Nederland. Zij verwacht veel van Alfred wat zijn prestaties betreft en probeert hem zo veel mogelijk in de richting te leiden die zij graag wil dat hij gaat.

Verder heb je nog Qvisten en Mikkelsen, de twee reisgenoten van Arne. Alfred bewondert Qvisten om zijn vaardigheid in het overleven in de natuur en zijn altijd vrolijke humeur. Qvis-ten heeft niet veel op met religies en laat zich regelmatig verleiden tot een metafysische discus-sie. Mikkelsen spreekt gebrekkig Engels. Alfred vertrouwt hem niet helemaal wanneer hij er achterkomt dat Mikkelsen luchtfoto’s heeft die hij ook gehad zou moeten hebben.

Sympathieën

Ik kan mij prima inleven in Alfred. Dit is voor een groot deel dankzij de heldere schrijfstijl van de auteur. Regelmatig denkt of doet Alfred iets, wat ik zelf ook wel eens gedacht of gedaan heb. Grappig. De andere karakters zijn oppervlakkiger en handelen soms niet helemaal logisch vanuit mijn (en daarmee misschien ook wel Alfreds) oogpunt. Wie weet was dat de bedoeling van de schrijver.

Het meest sympathiek vind ik Alfred. En niet alleen omdat ik mij goed in hem kan inleven, maar ook om zijn bewonderenswaardige doorzettingsvermogen en zijn goede (droge) humor.

Het minst sympathiek vind ik Alfreds moeder. Zij heeft haar zoon in een richting gedrongen die hem niet ligt. Zo verziek je niet alleen je eigen leven, maar ook dat van je kinderen! Dat is toch niet de bedoeling?

Vertelperspectief

Het verhaal is geschreven vanuit het perspectief van Alfred, dus in de ikvorm. Aangezien het in dit boek sterk om Alfred draait, is dit een goede keuze. Zo kun je optimaal de wereld door Alfreds ogen ervaren.

Ruimte & Tijd

Tijd

Het boek is geschreven in de jaren zestig van de vorige eeuw. Het verhaal speelt zich ook in deze tijd af. Dit is wat communicatie(techniek) betreft belangrijk. Een deel van de geloofwaar-digheid van het verhaal hangt af van de onbereikbaarheid van– en de miscommunicatie tussen bepaalde personen. Zo zal je met GPS moeilijk kunnen verdwalen, kan je afspraken met vrien-den moeilijk mislopen als je elkaar in een handomdraai kan opbellen en kunnen helikopters ook makkelijk op te roepen zijn als je ze nodig hebt.

Het verhaal is volledig chronologisch verteld. Als er al een stukje verleden naar voren komt, vindt dat plaats in een (kleine) raamvertelling d.m.v. een gesprek, brief of herinnering.

De verteltijd is ongeveer 3 uur, de vertelde tijd bestrijkt ongeveer een maand. Er zijn contem-platieve stukken, waarin praktisch geen vertelde tijd verstrijkt en er zijn gesprekken of ge-beurtenissen waarbij de verteltijd vrijwel hetzelfde is als de vertelde tijd, met als resultaat dat je je heel goed in het moment kan inleven. Ook worden soms grote tijdsperiodes beschreven, vooral bij voettochten en overnachtingen. Die worden dan precies ervaren zoals wij zelf uit-puttende wandelingen of slapeloze nachten ervaren. Nou zeg, hoeveel kan je zeggen over de vertel– en vertelde tijd? Zo is het wel genoeg.

Ruimte

Het boek speelt zich overwegend in het hoge noorden van Noorwegen en in Trondheim en Oslo af. De locaties versterken de sobere sfeer die al door de schrijfstijl wordt opgeroepen, doordat ze als sober omschreven zijn.

Moraal

De moraal is: je kunt niet weten hoe je je leven het beste kunt leven, wat de juiste dingen zijn die je moet doen. Daarom kan je jezelf niets verwijten als je niet de juiste keus gemaakt hebt.

Deze moraal blijkt het duidelijkst uit het volgende citaat, pagina 283 van mijn uitgave van het boek, in hoofdstuk 47:

“Misschien had ik beter in mijn eerste studiejaar al kunnen mislukken. Nu lijkt het wel of ik het slachtoffer van mijn eigen virtuositeit geworden ben.

Maar wat dan? Wat had ik anders moeten doen? Toch fluitist worden? Hoe zal ik er ooit achter komen? Niemand kan tweemaal op hetzelfde punt beginnen. Elk experiment dat niet herhaald kan worden, is helemaal geen experiment. Niemand kan met zijn leven expe-rimenteren. Niemand hoeft zich te verwijten dat hij in den blinde leeft.”

De vraag wat je het beste met je leven kunt doen en in wat voor dingen jij goed bent, houdt mij ook bezig nu ik in de examenklas zit en moet gaan beslissen wat ik daarna wil gaan doen. En er kunnen inderdaad verkeerde keuzes gemaakt worden; je kunt niks zeker weten. Toch denk ik dat als je goed nadenkt over jezelf en vooral ook goed op je gevoel en intuïtie afgaat, je toch meestal de goede keuzes maakt.

Titelverklaring

De titel “Nooit meer slapen” slaat op het chronische slaapgebrek waaraan Alfred lijdt door de muggen, het nimmer verdwijnende daglicht, alle ongemakken van het overleven en zijn gepie-ker. Ook slaat de titel op Arne wanneer deze dood is.

Literair-historisch

Het boek verscheen voor het eerst in 1966. De belangrijkste literaire stroming toen was het mo-dernisme. Het modernisme wordt gekenmerkt door het gebruik van de Tweede Wereldoorlog als thema van een boek en door het existentialisme. Het existentialisme heeft een aantal ken-merkende motieven in de literatuur:

 Vervreemding: door het zelf moeten zoeken naar een zin van het leven en afkeer van maat-schappelijke normen en waarden ontstaat vervreemding;

 Absurditeit: door een veel gehanteerde pessimistische of zelfs nihilistische levensbeschou-wing wordt het leven als iets absurds ervaren;

 Grenssituaties: situaties waarin het leven tot de essenties wordt teruggebracht leiden tot ‘bestaansverheldering’;

 Egocentrisme en het doorbreken van seksuele taboes: het sterk gericht zijn op zichzelf leidt ook tot lichamelijke aandacht. Het seksuele taboe wordt doorbroken;

 Engagement: men mag zich niet afzijdig houden van de wereld maar moet een standpunt bepalen.

De Tweede Wereldoorlog speelt geen rol in het boek. Het existentialisme wel: in de vorm van grenssituaties. Het hele boek is één grote grenssituatie, namelijk de overleving in de wilde na-tuur van het noordelijke Noorwegen wat het fysieke betreft en het zich losmaken van het ver-leden en de dwang van de ouders en zelf bepalen wat je met je leven wilt gaan doen wat het mentale betreft. De te verwachten bestaansverheldering is het moraal van het boek.

Eindoordeel

“Nooit meer slapen” is een mooi boek. Het feit dat het boek zich in Noorwegen afspeelt doet mij al plezier, aangezien ik nogal Scandinavisch georiënteerd ben. Verder leest het boek lekker door. Het is geschreven in heldere en makkelijke taal, zonder indirecte, wollige passages en langdradige beschrijvingen. De chronologische volgorde van de gebeurtenissen draagt ook zijn steentje bij aan de toegankelijkheid van het boek. Je zou verwachten dat het boek door deze eigenschappen behoorlijk saai is, maar het tegendeel is waar.

Het boek bevat goede humor. De schrijver kan situaties en gedachtegangen grappig presente-ren, heel beeldend waardoor je de situatie voor je kan zien en daardoor is het grappig. Ook bevat het boek passages die iets moois of iets waars zeggen, in ieder geval iets om nog eens te lezen of te onthouden. Vooral de laatste zin van een hoofdstuk is regelmatig een hele krachtige. Ook kom ik regelmatig dingen in het verhaal tegen die heel herkenbaar zijn: gedachtes die ik ook wel eens gehad heb, bepaalde gewoontes die ik ook heb.

Alfred, het hoofdpersonage, is goed uitgewerkt. Mede doordat het verhaal vanuit zijn perspec-tief geschreven is kun je je heel goed in hem inleven. De andere personages zijn veel opper-vlakkiger en handelen niet altijd even logisch. Het draait in dit boek duidelijk om Alfred en in mindere mate om Arne, één van de wat beter uitgewerkte bijpersonages.

“Nooit meer slapen”: een boek met sober maar krachtig taalgebruik.

Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen