U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : Harry Mulisch - De Ontdekking Van De Hemel.
Deze versie komt van http://www.studentsonly.nl/uittreksels/bv.asp?BvID=186 en is laatst upgedate op Onbekend.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 3981 woorden.

Bibliografie
Jaar: 1992


Samenvatting
SAMENVATTING

"Eerste deel: het begin van het begin"
Het boek begint met een gesprek tussen twee engelen. De ene engel vertelt de andere engel, die hoger in rang is, hoe hij in opdracht van "de Chef" het testimonium naar de hemel heeft teruggebracht.
Het verhaal dat hij vertelt begint, op de verjaardag van Hendrikus Jacobus Andreas Quist, maandag 13 februari 1967, om 12 's nachts.
Precies op dat moment valt het licht uit ten huize Quist, tot groot jolijt van Onno de jongste zoon van H.J.A. Quist, minister van staat. Onno geniet van dit moment omdat, nadat iemand voor kortsluiting heeft gezorgd, de hele familie protesteert. Na enkele provocerende woorden en beledigingen geuit te hebben vertrekt Onno te voet naar huis. Hoewel hij in Den Haag is weet hij dat hij toch nog een lift zal krijgen naar Amsterdam.
Die lift krijgt hij van Max Delius, een man die terugkomt van een van zijn seksuele avonturen. Max laat zijn auto stoppen omdat hij meent Onno te herkennen, hoewel hij Onno nog nooit eerder heeft gezien.
Onno en Max voelen vrijwel onmiddellijk dat ze iets onbeschrijfelijks gemeen hebben, dat hen nog lang zal samen houden. Onno vertelt in de auto dat hij de zoon is van de bekende calvinistische oud-staatsman, die voor de oorlog vier jaar lang minister-president is geweest. Hoewel Onno eigenlijk rechten heeft gestudeerd, houdt hij zich meer bezig met taalkunde. Hij wil nu proberen de tekens op de Diskos van Phaistos te ontcijferen.
Max daarentegen, is astronoom en zoon van een geëxecuteerde oorlogsmisdadiger die vanaf het begin van de oorlog met de Duitsers heulde, daarom liet hij, als blijk van zijn pro-Duitse gezindheid, zich scheidde van zijn joodse vrouw. De bescherming die deze vrouw genoot omdat ze met een ariër getrouwd was viel weg, en enige tijd later verdween ze via Westerbork naar Auschwitz, waar zij waarschijnlijk is omgekomen in de gaskamers. Max werd daarom na de oorlog opgevoed door pleegouders.
Max vertelt Onno dat hij geboren is op 27 november 1933. Hieruit concludeert Onno dat ze op dezelfde dag verwekt zijn, want hij is geboren op 6 november 1933, drie weken te vroeg. Sindsdien noemen ze zichzelf een twee-eiige eenling.
In de maanden die volgen, zoeken ze elkaar steeds vaker op. Dit gaat zo ver dat hun vrienden hen een Siamese tweeling noemen. Op een dag is Onno met zijn vriendin Helga in discussie over zijn relatie met Max, wanneer hij haar zegt dat wat tussen hem en Max is nooit zal kunnen tussen hem en haar, horen ze een stem op straat. Het is Max die aan Helga vraag of Onno buiten mag komen spelen. Een kwartier later is Onno beneden, nadat Max hem heeft gevraagd of hij eerst nog zijn huiswerk nog moest maken, zegt Onno dat het uit is met Helga. Max was naar Helga's appartement gekomen om te melden dat hij en dus Onno ook verwekt zijn op de dag dat Van der Lubbe de rijksdag in brand stak. Twee maanden later simuleren ze een sessie van Freud, waarbij Onno Freud speelt. Als honorarium wil Max hem het boek Alma Mahlers Mein leben geven dat hij ziet liggen in een antiquariaat. Zodra ze binnen zijn horen ze iemand cello spelen, Max, die betovert is door de klank, loopt verder het huis binnen en ziet daar een jonge vrouw elegant en geconcentreerd cello spelen. Als hij de kamer binnen gaat schrikt zij even, maar als ze bekomen is stelt ze zich voor als Ada Brons, de dochter van de boekhandelaar. In een naburig café waar Onno intussen op hen heeft gewacht, leren ze elkaar beter kennen. Ada heeft het gevoel dat ze, ondanks het feit dat ze hem nog maar juist kent, niet meer zonder Max kan. Max neemt haar die namiddag mee naar de sterrenwacht, waar hij werkt. Na een rondleiding gaat Ada met Max mee naar huis. Die nacht ontmaagdt Max Ada nadat deze hem gevraagd had om voorzichtig te zijn en haar geen pijn te doen. In de komende weken zien ze elkaar dagelijks, dit betekend niet dat Max een monogaam leven leidt. Alleen in het weekend als Ada constant bij hem is, moet hij niets weten van erotische avontuurtjes. Samen groeien ze steeds dichter tegen elkaar aan. Hij overweegt zelfs haar mee te nemen naar Drenthe als hij over een paar jaar zal overgeplaatst zal worden naar de radiotelescoop van Westerbork.
In het begin van de zomer vindt er een politiekmuzikale manifestatie plaats waar Ada met haar muzikale partner Bruno moet optreden. Max en Onno gaan er natuurlijk ook naar toe. Onno die zich de laatste tijd steeds meer met politiek bezighoudt ziet dit als een aangename interludium, want het ontcijferen van de Diskos van Phaistos wil niet echt opschieten. Nadat Ada en Bruno hun optreden zijn beëindigd, ontaardt de manifestatie in een grote chaos, waarbij de ene na de andere proletariër het woord neemt. Max die tijdens het optreden een roodharige vrouw heeft opgemerkt, weet een afspraak met deze te versieren.
Ondertussen heeft Ada een uitnodiging gekregen van enkele Cubaanse muzikanten om aan hun land een bezoek te brengen. Geen van allen geloven ze dat er een uitnodiging zal volgen. Onno en Max gaan die avond nog iets drinken en dan doen ze de ontdekking dat de vader van Max precies eenentwintig jaar geleden geëxecuteerd is. Max kan zich geen echt beeld vormen van zijn vader, daarom besluiten de twee de volgende dag naar het Rijksinstituut voor oorlogsdocumentatie te gaan. Ze spraken af dat Onno Max de dag erop om tien uur zou ophalen. Het lot wou dat de dag erop Max en Ada juist de liefde aan het bedrijven, toch zegt Max tegen Ada de harde woorden "Maak je zelf maar klaar" waarbij hij zijn kleren aantrok. Toen wist Ada dat het over was met Max.
In het Rijksinstituut van oorlogsdocumentatie is er alleen een foto die van ver af genomen en onduidelijk is. Beiden keren onverricht ter zaken terug. Thuisgekomen vindt Max een afscheidsbrief van Ada die al haar spullen heeft mee genomen. Max besluit om op reis te gaan naar Polen waar hij zich kan concentreren op wie zijn vader was. Hij reist via Oost-Berlijn over Katowice en Krakow tot hij in Auschwitz-Birkenau arriveert. In tussentijd informeert Ada bij Onno naar Max. Ze ontmoeten elkaar in Bodega Keyzer, waar hij haar zegt dat hij begonnen is aan een politieke carrière. Hij is lid geworden van een groep die zich "Nieuw links" noemt, officieel heten ze "de sociaal-democratische partij." Hij vertelt ook dat zijn kamer één grote puinhoop is. Ada biedt zich spontaan aan om zijn kamer op te ruimen. Als ze bezig is met het opruimen van zijn kamer merkt Onno dat hij verliefd op Ada is geworden. Als Max thuis komt is hij in een zwarte periode beland. Over de relatie tussen Onno en Ada heeft hij ook geen uitgesproken mening. Ada trekt bij Onno in en hij wordt voorgesteld aan haar ouders. Onverwacht komt er toch nog een uitnodiging uit Cuba, om te komen optreden in oktober op een kamermuziekfestival in Havana. Max en Onno besluiten om mee te gaan met Ada en Bruno. Hoewel de tijd dringt bekomen ze alle vier aan een visum, dit heeft natuurlijk iets te maken met de naam Quist, voor het land van de revolutie, Ché en Fidel Castro. In een oude Russische roestbak vliegen Onno en Max, Ada en Bruno achterna. Als de twee vrienden in Havana aankomen, worden ze aanschouwd als de revolutionaire afgevaardigden van Nederland. Hierdoor krijgen ze een prachtig hotel en auto met chauffeur ter beschikking gesteld. Ze moeten wel naar het congres waar ze zogenaamd voor zijn afgevaardigd. Dit blijkt een verzameling te zijn van 's werelds grootste potentiële revolutionaire leiders. Wapens, aanslagen, extremisme, etc… blijken doodgewone taal te zijn. Het kamermuziekfestival loopt op zijn einde als het congres nog op volle toeren draait. Daarom besluiten ze met z'n allen een dag te gaan genieten van het exotisch sfeertje aan de Golf van Mexico. Onno die juist die morgen een vrouw ontmoet, waar hij mee naar bed zal gaan, laat afweten bij het bezoek. Max die na een lange, erotisch geladen, dag samen met Ada 's avonds in zee zwemt stelt haar voor om af te maken wat ze ooit hebben afgebroken.
Ada die overdonderd is door gevoelens laat zich helemaal gaan.

"Tweede deel: het einde van het begin"
De twee engelen overlopen het verhaal, de verteller een van de engelen geeft nog meer achtergrondinformatie over de opdracht aan de andere engel. Ada bemerkt dat ze zwanger is, zonder dat ze ooit vergeten is de pil te pakken. Onno vindt het fantastisch en zorgt ervoor dat ze snel kunnen trouwen. Onno komt met Ada achter op de fiets op de bruiloft aan, te laat natuurlijk. Het kind zou verwekt moeten zijn op de laatste dag van de Cubareis toen heeft ze niet alleen met Max maar ook met Onno de liefde bedreven, dus ze zouden allebei de vader kunnen zijn. Hoewel Onno en Max elkaar steeds minder zien besluiten ze om toch hun gemeenschappelijk conceptie te vieren. Dit zal op de dag zelf gebeuren, de zevenentwintigste februari, op het terrein van de sterrenwacht van Dwingeloo. Ze gaan samen iets eten in het plaatselijke restaurant, ondertussen is er een hevige storm uitgebroken. Ze krijgen via de telefoon te horen dat de vader van Ada een hartinfarct heeft gekregen. Ze rijden direct naar het ziekenhuis. Onderweg stoppen ze voor een omgevallen boom, hierdoor is de auto vast komen te zitten. Max en Onno proberen de auto los te krijgen als er plotsklaps een andere boom recht op de auto valt. Ada wordt in comateuze toestand naar het ziekenhuis gebracht. Max heeft ondertussen een taxi naar Leiden genomen, waar hij te horen krijgt dat Vader Brons overleden is. Max blijft die nacht bij de moeder van Ada slapen. Tijdens de nacht komt zij, Sofia, bij Max liggen en bedrijven zij de liefde. De volgende dag doen ze alsof er niets is gebeurd. Tijdens de crematie van de vader van Ada zegt Sofia tegen Max dat hij zijn puntenslijper vergeten is. Max gaat op deze uitnodiging in en blijft er ook deze keer slapen, er gebeurt exact hetzelfde als de vorige keer. Ada blijft in comateuze toestand, ze is eigenlijk hersendood, maar voor het kind maakt dat niets uit. De familie Quist houdt een familiebijeenkomst over wie het kind zal opvoeden. Zowat de hele familie stelt zich kandidaat. Maar later komt Max met het idee dat hij met Sofia het kind zou opvoeden. Onno is wel warm te krijgen voor het idee. Max gaat voor het eerst in jaren naar zijn pleegmoeder, waar hij een foto krijgt van zijn biologische ouders.
Het kind wordt na een bewogen periode geboren zonder complicaties.
Het kind zal de naam Quinten krijgen. Hij is een serafijn zonder vleugels.

"Derde deel: het begin van het einde"
De engelen voeren een kort gesprek waarna de ene engel verder gaat met het verhaal. Het gezin vindt een onderkomen, via de directeur van de sterrenwacht. Het is bij baron Gevers, in het kasteel Groot Rechteren. In dit kasteel komen zij terecht in cultureel gezelschap. Er is een bewoner die letterontwerper is, een ander artiest, nog een ander is hoogleraar architectuurgeschiedenis aan de technische universiteit van Delft. Het beste contact hebben ze met Selma en Theo. Wanneer Quinten op Groot Rechteren arriveert is hij geliefd door iedereen, zelfs Arendje, een agressieve kleuter, wordt rustig als hij Quinten ziet. Na een half jaar neemt Max zijn twee gezinsleden mee naar de sterrenwacht en niet alleen om hen op de eerste plaats de gebouwen te laten zien, maar ook omdat dat de plaats is waar het transitkamp was waar zijn moeder is heengebracht. Onno is in Amsterdam een groot politieker in wording. Zijn zoon Quinten die op zijn twee jaar nog niet sprak spreekt, nadat Onno hem had gevraagd of hij niet sprak omdat hij het beter weet dan de rest van de wereld, zijn eerste woordje "obelisk". Dit zei hij toen hij naar een obeliskvormige paal wijst. Quinten spreekt hierna alsof hij nooit niet heeft gesproken. Ook in de kleuterklas laat hij blijken dat hij over een uitzonderlijke intelligentie beschikt. In de lagere school waar hij moet leren lezen doen Onno, Max en Sofia de ontdekking dat Quinten al kan lezen. Onno heeft het intussen veel te druk, met baas spelen, om Quinten te bezoeken. De geniale zoon van de oud minister-president heeft intussen een post gekregen als staatsecretaris van Wetenschapsbeleid. Vanuit die post kan hij geld loskrijgen voor een extra spiegel voor de sterrenwacht, zodanig dat deze nog wat verder in de hemel en het heelal kunnen kijken. Als op een dag Quinten vier prehistorische pijlpunten vindt is, Max er van onder de indruk. Quinten laat echter uitschijnen dat de vier pijlpunten netjes recht in de grond lagen, wat Onno doet vermoeden dat deze er wel eens gelegd kunnen zijn door meneer Verdonkschot, de antiekhandelaar die ook op Groot Rechtere woont, wat hen verplicht deze pijlen weg te werpen en er tegen niemand iets over te zeggen. Later wordt deze dubieuze antiekhandelaar opgepakt voor het verhandelen van antiek wat geen antiek blijkt te zijn. Quinten bereikt de leeftijd van zeven mensenjaren, en in dat levensjaar overlijden de moeder van Sofia en de vader van Onno. Alleen bij de begrafenis van deze laatste is Quinten Quist aanwezig. De jonge Quist vraagt zich af waarom zijn moeder, Ada Brons, niet op de rouwadvertentie staat. Hierbij laat hij blijken dat hij zijn moeder wel eens wil zien. Na hij haar gezien heeft is hij er diep onder de indruk van, zo onder de indruk dat hij 's nacht wakker schiet uit een nachtmerrie. Sofia die het hoort schiet direct naar Quinten. Dit terwijl ze eigenlijk met Max de nachtelijke traditie aan het verder zetten was, hierna zal Max haar nooit meer in zijn bed moeten verwachten.
In maart 1977 worden er, nadat het kabinet is gevallen, verkiezingen gehouden. Bij deze stembusslag komt Onno's partij er als de sterkste uit. Onno wordt echter geen minister, maar gewoon volksvertegenwoordiger.
Aangezien Max zijn seksuele lusten toch moet botvieren, begint hij een relatie met een secretaresse van de sterrenwacht, Tsjallingtsje Popma. Elke maand droomt Quinten van een fantastisch gebouw, dat hij "de Burcht" noemt. De Burcht verbergt in zich het midden van de wereld. Bij de heer Themaat, een bewoner van Groot Rechtere, gaat hij op zoek in een architectonische platenboek, naar een afbeelding van de Burcht. Zo leert hij ook alles van de Italiaanse Renaissance.
Omdat er in Westerbork twee nieuwe spiegels worden onthult door de minister, heeft Max de kans ertoe om aan Onno en Quinten uit te leggen wat er 40 jaar geleden op die plek, plaats heeft gevonden.
Quinten heeft het wat moeilijk op het gymnasium, maar uit alle ander aspecten blijkt hij toch een genie te zijn. Zijn dromen van "de Burcht" legt hij vast op schetsen. In het godenjaar 1981 wordt Onno een ministerpost voorgedragen, dit wordt echter verhinderd door Bart Bork, die dreigt de Cubareis van Onno bekent te maken. Onno overdenkt zijn leven en als Helga, nadat ze mishandeld is door een verslaafde, overlijdt aan de verwondingen besluit hij het over een ander boeg te gooien. Hij verdwijnt uit Nederland en na de begrafenis van Helga krijgen de drie verwanten, een afscheidsbrief van Onno zegt dat ze beter niet kunnen zoeken waar hij is, want ze zullen hem toch niet vinden. Baron Gevers komt te overlijden, waardoor Groot Rechtere constant van eigenaar verandert tot het in handen komt van een sloopbedrijf. Hun nieuwe baas Korvinius doet alles om de bewoners weg te pesten, wat hem gedeeltelijk lukt. 1985, het rampjaar, breekt aan. Arend Proctor verongelukt als hij met de zoon van Korvinius aan joyriding doet. Ada krijgt baarmoederkanker, en is na een tijd niet meer dan een ontluisterd overschot in een ijzeren bed. Jufrouw Pompa laat Max weten dat zij een kind van hem wil. Max die dit even wil overdenken gaat naar buiten en wordt ironisch genoeg getroffen door een meteoriet. Na de begrafenis van Max besluit Quinten op zoek te gaan naar zijn vader. Nergens vindt hij een aanknopingspunt, en daarom besluit hij Nederland te verlaten, en vertrekt naar Italië.

"Vierde deel: het einde van het einde"
De engelen discussiëren even over het kwaad in de wereld en daarna gaat het verhaal verder. Onno heeft in tussentijd zijn memoires geschreven, bedoelt als brief aan zijn overleden vader. Maar hij komt niet verder dan een duizendtal loshangende notities. Ondertussen sluit hij vriendschap met een raaf, die hij ' Edgar' doopt. Elf mei 1985 is de vertrekdatum van Quinten naar Italië, Venetië. Waar hij van kunstwerk naar kunstwerk trekt. Hij maakt kennis met Marlene Kirchlechner, die verliefd op hem wordt. Ze vindt hem echter te jong en neemt huilend afscheid. Quinten reist geschrokken verder naar Florence, waar hij zijn tweede liefdesverklaring letterlijk moet afslaan. Het komt van een van de mannen die in hetzelfde logement verblijft als hij. Onno ziet in het Pantheon, samen met Edgar, een jongeman die hij meteen herkent als zijn zoon. Deze voelt dat hij wordt aangekeken, en herkent in tussen de toeristen, een zwerver die hij herkent als zijn vader. Onno vertelt aan Quinten dat hij een lichte hersenbloeding heeft gehad. Dit komt volgens Onno doordat een Italiaans professor heel zijn theorie over het Etruskisch in de grond heeft geboord. Quinten verteld op zijn beurt dat Max overleden was. De dag later trekt Quinten voor het eerst in bij zijn vader. Ze bezoeken enkele plaatsen die op de planning stonden van Quinten, zo ook bezoeken ze de basiliek van het Lateraan. Vooral het "Heilige der Heiligen" maakt diepe indruk op Quinten, dit moet het middelpunt van de wereld zijn. Onno vertelt hem alles over de ark der verbonds en de tempel van Salomo. Quinten is ervan overtuigd dat de ark der verbonds zich binnen het "Heilig der Heiligen" bevindt. In de ark zouden de twee stenen tafelen liggen waarop Mozes de tien geboden schreef. Onno ziet het meer als een verhaal. Quinten verplicht Onno op zoek te gaan in religieuze geschriften, waarna Quinten steeds zekerder wordt dat de tafelen onder het altaar liggen. Quinten wil zich 's nacht laten opsluiten bij het altaar. Eerst wil Onno er niets van weten, maar als Quinten dreigt alles alleen te doen, doet Onno mee. De inbraak loopt gesmeerd en ze vinden inderdaad twee oude stenen onder het altaar. Onno wil lezen wat erop de stenen staat, maar Quinten wil er mee wachten tot ze buiten zijn. Ze verlaten direct Italië, richting Tel Aviv, waar de stenen thuishoren. Onno die zijn stok heeft vergeten in de kapel, ziet op de televisie dat zijn stok is gevonden in de kapel die hermetisch was afgesloten. Dit wordt door enkelen aanzien als een wonder, het zou de staf van Mozes zijn. In Jeruzalem zien ze de belangrijkste plaatsen af, een gids wijst hun de weg naar "het midden van het midden" waar de hemel, de aarde en de onderwereld samenkomen. Quinten beseft dat dit de plaats is waar de oorspronkelijke plek was waar de "Heilige der Heiligen" en de tafelen gestaan hebben. Onno ontdekt een vrouw met een "Auschwitznummer" op haar arm met dezelfde blauwe ogen als Quinten, dit moet de moeder zijn van Max, en dan moet Max de vader zijn van Quinten. Hij beslist dit niet tegen iemand te zeggen. Wanneer Quinten over de Joden en de Jodenmoordenaars nadenkt terwijl hij uit het raam hangt, komt er plots een zwart punt, alsof er een gat in de hemel is, op hem toe. Zijn waarnemingen beginnen op visioenen te gelijken. Het is Edgar, Onno's raaf, die op de vensterbank Quinten wat uitnodigend aankijkt. Quinten volgt hem naar de gang, en waar eerst de gang was, was nu de 'Burcht'. Hij loopt achter Edgar na en herkent enkele dingen van vroeger, zoals zijn tekeningen en paard van de baron. Tenslotte staat hij voor een brandkast, waarin ze de stenentafelen, liggen opgeborgen. Hij neemt de tafelen en wil weggaan, maar dan is er een transformatie van de ruimte: hij staat buiten in het Kidrondal! Een wit paard brengt hem naar de Gouden Poort. Hij gaat verder en de raaf en het paard verlaten hem. De letters op de tafelen beginnen te leven; de letters van de tien geboden. Hij laat de tafelen vallen en de letters dwarrelen naar de plaats die hij eerder die dag gezien heeft; de heilige rots, het midden van het midden. Hij ziet zijn moeder in een flits, en daarna hebben alle vrouwen het gezicht van zijn moeder. Daarna omhult de lichtgevende letterzwerm zijn lichaam. Als Onno even later aan de deur aanklopt, krijgt hij geen antwoord. Hij beukt de deur in, maar hij vindt Quinten niet. Niemand in het hotel heeft Quinten gezien. Ook de tafelen zijn verdwenen. Hij vraagt met aandrang aan het meisje achter de balie of ze het nummer van Sofia wilde draaien. Zij vertelde hem dat Ada zojuist is gecremeerd. Onno rekende snel uit dat op het moment dat Ada werd gecremeerd, Quinten is verdwenen. Onno voelt zich onwel worden en krijgt nog een hersenbloeding. Sofia laat weten dat ze het eerst vliegtuig zal nemen.



PERSONAGES

Hoofdfiguren:

Max Delius is een astronoom, terwijl zijn vriend Onno Quist een taalkundige is. Max buigt zich over radiostralen die afkomstig zijn van de grenzen van het heelal en verband houdend met de veronderstelde oorsprong ervan, de Big Bang. Onno worstelt met de raadselachtige schrifttekens van een verdwenen cultuur. De wereld van materie tegenover die van taal en geest.

Bijfiguren:

Ada Brons is de dochter van een boekhandelaar, en ze is cellist in hart en nieren. Ze is de ex van Max, de vrouw van Onno, de moeder van Quinten en de dochter van Sofia. Na een ongeval ligt ze in een diepe coma waar ze nooit meer uitkomt, ze overlijdt aan baarmoederkanker.
Quinten is de zoon van Ada, het is niet precies zeker wie de vader is. Maar het gedeelde vaderschap van Max en Onno is even mysterieus als de samenhang van ruimte en tijd. Quinten is de Uitverkorene, hij is door de hemel gestuurd om de stenentafelen met de tien geboden, terug te halen. Want de mensheid heeft het pact met de hemel verraden doordat de engelse geleerde Francis Bacon namens de mensheid een pact heeft gesloten met de duivel. Dit zou de wetenschap en de techniek ten goede komen, zodanig dat de hemel overbodig zal worden.
Sofia Brons is de moeder van Ada. Zij voedt samen met Max Quinten op. Zij heeft een gespleten persoonlijkheid. 's Nachts beleeft ze avonturen met Max, maar overdag is zij een stoïcijnse vrouw.



PLAATS EN TIJD

Alles verloopt in de periode van 1967 tot 1985 in Nederland, later nog in Italië en Israël.



BEDENKINGEN

Het doet ons denken aan de schrijfstijl van Umberto Eco waarbij een verhaal in een verhaal doodnormaal is, het is een manier om spanning op te bouwen. Let wel dit zijn geen flashbacks. Er wordt geen gebruik gemaakt van voorkennis of van het feit dat de personages meer zouden weten. Kennis is wel op een andere manier gebruikt om de spanning op te voeren, namelijk geen van de partijen weet wat er gaat gebeuren. Het is een totaalroman die neigt tot een politieke roman, met de nodige dosis cultuur. Tijd, plaats, weer en dergelijke worden niet expliciet gebruikt om spanning op te voeren. Het is een feit dat het weer wel wordt beschreven als er iets zal gebeuren, maar niet met de bedoeling om spanning op te bouwen. De plaatsen zullen hooguit gebruikt worden om de emoties van de lezer te bespelen. De hoofdmanier om de spanning op te drijven is het opbouwende verhaal constant van stijl te laten veranderen. Zo is het boek eerder vrolijk en humoristisch in het begin, wat later overslaat in een zwaar, intelligentie en concentratie eisend boek. Dit zorgt er niet voor dat het minder plezierig zou zijn om het te lezen. Het is zeker een aanrader voor elke gevorderde en progressieve lezer.


Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen