U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : Renate Dorrestein - Buitenstaanders.
Deze versie komt van http://www.verslagen.com/index.php?page=boek_toon&boek_id=373 en is laatst upgedate op 30/11/-0001.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 1902 woorden.

Wolters-Noordhoff

Groningen, 1983



Het boek heeft 198 bladzijden en vier hoofdstukken. In de hoofdstukken zelf worden verschillende delen onderscheiden door een streepje. De eerste drie hoofdstukken zijn ongeveer even lang, en het vierde is maar vier bladzijden. De voorkant van het boek zijn twee blonde meisjes die elkaar vasthouden, met elkaar stoeien, waarschijnlijk zijn idt Ebbe en Biba.



Titelverklaring:

De titel buitenstaanders heeft een aantal betekenissen. Ten eerste zijn de bewoners van het huis buitenstaanders, ze leven afgescheiden van de beschaafde wereld. Ze zijn sowieso al buitenstaanders, want ze zijn psychiatrische patiënten. Ook Wibbe is een buitenstaander, want hij werkt niet op dezelfde manier als alle ander psychiaters. Ten tweede zien Wibbe en de andere bewoners van het huis Laurie, Max en de jongetjes als buitenstaanders, omdat ze vinden dat ze in een heel andere wereld leven. Ten derde is het gezin van Max en Laurie ook een buitenstaanders, ze kennen elkaar helemaal niet.



Achtergronden:

Dit boek was het debuut van Renate Dorrestein. Ze is in 1954 in Amsterdam geboren en heeft gewerkt in de journalistiek. In 1983 heeft ze dit boek geschreven.

In de tijd dat Buitenstaanders verscheen, begon de emancipatiestrijd. Dit si goed te zien in de hoofdpersoon, Lauri, ide los probeert te komen van haar man.

Ook wordt de psychiatrie bespot, psychiatrische patiënten moesten niet meer als gekken worden beschouwd. Daar op wordt kritiek geuit in het boek.



Samenvatting:

In een afgelegen, drassig gebied, ergens in Nederland staat een zogenaamd 'fasehuis'. Hier worden psychiatrische patiënte voorbereid op het leven in de 'echte' maatschappij. De psychitatrische inrichting ligt een eind verderop in de bossen. Het huis wordt onopvallend geleid door Wibbe, een psychiater die het fasehuis heeft bedacht, en die zich voordoet als het gekke broertje en de klusjesman in huis. Verder wonen er nog 5 mensen in het huis. Agrippina, een oude vrouw die een verleden heeft van geweld en sex. Ze lijdt aan een hersentumor en zodoende aan waanvoorstellingen en ze drinkt bloed van muizen en adnere dieren om jong te blijven. Luppo is haar zoon, die is opgegroeid bij een vrouw in de provincie. Hij is uit medelijden met een lelijke vrouw getrouwd en heeft een mismaakt kind gekregen. Toen hij eenmaal weduwnaar was, heeft hij ook zijn eigen kind uit medelijden gewurgd. Hij is heel filosofisch en schrijft liefdesbrieven in opdracht, een gevolg van het dichten waar hij vroeger beroemd mee was geworden. Ebbe en biba zijn tweelingzusters. Eerst waren ze een drieling, samen met Sterre. die heeft zelfmoord gepleegd met behulp van haar zusters, omdat ze dacht dat er een monster in haar huisde en ze haar zusters daarmee zou besmetten. De drie meisjes komen uit een probleemgezin. Marrie is een klein mongooltje, ze is bewust later door Wibbe in het fasehuis geplaats en komt uit een theuis voor ongehuwde moeders.

De bewoners van het fasehuis willen de sterfdag van Sterre herdenken en treffen veel voorbereidingen voor het feest.

's Ochtends vroeg zitten Max, Laurie en hun twee zoontjes in de auto op weg naar hun vakantiebestemming: Elba. Max en Laurie hebben niet echt een perfect huwelijk. Max gaat veel vreemd en Laurie kan daar niet tegen, ze heeft liefde nodig. Ook zijn haar zoontjes twee vreselijke jongetjes. Voor de buitenwereld zijn ze een modelgezin. Door een waarschuwingsbord dat door Aggripina van de weg is gehaald, belanden ze met de auto in de sloot. Dan zien ze marrie en volgen haar naar het fasehuis. Eerst weten ze helemaal niet waar ze terecht zijn gekomen, Mach wordt in een bed gelegd en als hij weer bijgekomen is, probeert hij Ebbe te versieren. Laurie komt er inmiddels achter dat Max haar al een hele tijd bedriegt en probeert bij wijze van wraak een relatie met Lupo aan te knopen en de jongetjes gaan achter Marrie aan en pesten haar.

Wibbe trekt hun auto met een oude tractor uit de sloot en vertelt Max inmiddels alles over de situatie. Ze willen weer verder met de auto, maar die begeeft het opnieuwd. Hij moet naar het dorp om gerepareerd te worden. Inmiddels gaan de voorbereidingen van het feest door/. Lupo schiet Evertje Polder, de hond van Aggripina dood en Laurie probeert Lupo te verleiden. Aggripina wil het bloed van de jongetjes gaan drinken. Lupo schiet een zwaan en snijdt de vleugels van het dier af, die vleugels worden later gebruikt door Ebbe en biba. Door dat herdinkingsritueel 's avonds worden Max en Wibbe onrustig en ze worden opgesloten in de klerder en op zolder. Dan gaat iedereen Agripiina zoeken in het bos, omdat ze bang zijn dat ze het bloed van de jongetjes gaat dirnken. Maar de jongetjes ztten bij Marrie in de kamer om haar een lesje te leren. Laurie verdwaald in het donkere bos en komt bij de psychiatrische inrichting uit. Als ze heeft verteld wat zich in het fasehuis afspeelt, piept een psychiater Wibbe op en bedreigt hem met ontslag. Daardoor vertelt Wibbe dat Laurie ook gek is geworden en onzin uitkraamt. Ze krijgt een kalmerende injectie. Dan worden Max en wibbe vrijgelaten en wordt Aggripina met een aanval in bed gevonden. Ze moet vervoerd worden naar de inrichting. Wibbe neemt dan Laurie weer mee terug. De jongetjes worden ook gezocht en ze komen uit bij het botenhuis, er wordt niet verl wat ze daar zien maar de jongetjes komen wel terug.

De volgende dag wordt Laurie wakker en ze weet niet of alles nou echt gebeurd is of niet, en ze voelt dat ze moet kiezen! In ieder geval gana ze dan op vakantie.



Thema en motieven:

Liefde is een belangrijk onderwerp van het boek. Al is het niet altijd echte liefde. Laurie is bijvoorbeeld alleen maar verliefd op Lupo om Max een loer te draaien en Max houdt helemaal niet van Laurie en doet alles alleen voor zijn zoontjes. Het thema kan je dus niet echt liefde noemen maar het speelt wel een belangrijke rol. De liefde die in het boek beschreven is, is een heel raar soort liefde. Ook is het verhaal sprookjes achtig, bijvoorbeeld de namen van de bewoners van het fasehuis en bepaalde passages in het boek zijn heel sprookjesachtig. Ook 'het verschrikkgelijk', 'de horro' komt in het boek vaak terug. Aggripina is een soort heks dat bloed drinkt om jong te blijven en Lupo doet rare dingen zonder medelijden te voel. Er zijn nog wel meer moetieven aan te wijzen, deze drie zijn de belangrijkste. Maar 'de dood' en 'de rol van de opvoeding' zijn ook motieven in het boek. Een leidmotief in het boek zijn de citaten van Lupo die steeds maar weer genoemd worden. Het thema is moeilijk aan te wijzen.



Personages:

Laurie is zeer waarschijnlijk de hoofdpersoon, van haar komen de meeste gedachten aan het licht. En het verhaal begint en eindigt met haar kijk op de zaak. Lauri eis zeer onzeker over zichtzelf. Haar man, Max is helemaal niet met haar bezig. Hij is alleen nog maar met haar getrouwd om de kinderen. Eigenlijk haat Laurie Max, maar hij is het enige wat ze heeft, buiten de jognetjes. Ze heeft heel hard liefde nodig en probeert die bij Lupo te vinden. Laurie is een round character.

De zoontjes van Max en Laurie zijn vreselijke, walgelijke jongetjes. Voor de buitenwereld zijn ze heel beschaafd en voor hun ouders ook maar te zien aan wat ze met Marrie uitvoeren zijn ze net als hun vader. Ze zijn flat characters.

Aggripina is heel oud, ongeveer in de zeventig. Ze heeft een hersentumor en daardoor wanvoorstellingen, ze gelooft bijvoorbeeld dat ze jonge blijft door jong bleod te drinken. Ze heeft een beetje het uiterlijk en de kleind van ene heks. Ze is ook genoemd naar de magiër Agrippa van Nettesheim. Haar geschiedenis zit vol met geweld en sex. Op haar 18e ontmoette ze in de dierentuin een man op wie ze verliefd werd. Hij maakte haar wijs ook op haar verliefd te zijn, maar het was hem alleen om de sex te doen. Als zijn zwanger van hem raakt, wil hij niets meer van haar weten en haar zoon Lupo groeit o bij een vrouw in de provincie. Uiteindelijk komt ze in een bordeel terecht en als ze met het stoffelijk overschot van aar kleinklind de deur uitloopt worden zijn en Lupo in een psychiatrische inrichting opgenomen en later overgeplaats naar het fasehuis. Ze is een flat character.

Lupo is dus de zoon van Aggripina. Hij verdient zijn geld met het schrijven van liefdesgedichten voor mensen en kraamt filosofische citaten uit. Hij is vroeger getrouwd met een lelijke vrouw die ook nog 's haar benen verloor bij een ongeluk. Ze baarde een mismaakt kind en verdronk even later in een vijver. Uit medelijden wurgt Lupo zijn mismaakte kind en komt zodoende in het fasehuis terecht. Hij is een flatcharacter.

Ebbe en Biba zijn het overblijfsel van een drieling, haar zuster Sterre heeft twee jaar geleden zelfmoord gepleegd, mdat ze haar ongesteldheid niet uit kon staan. Ze konden vroeger niet zonder elkaar en sloegen alles in elkaar. Zo kwamen ze in de psychiatrische inrichting en het fasehuis terecht. Ze hebben groene ogen en lange blonde harenn en zijn nog erg jong en aantrekkelijk. Onderling gaan ze wel goed met elkaar om. Ze zijn ook heel slim. Ze zijn flat characters.

Wibbe is een psychiater die eens wat anders owu uitproberen. Hij bedacht het fasehuis. Er wordt niet veel ove rhem verteld. In het dasehuis wordt hij beschouwd als hun gekke broertje en de klusjesman. Hij is een flat character.



Perspectiefen verteller:

In het verhaal komt veel perspectiefwisseling voor, Iedereen komt wel een keer aanhet woord. Maar over het algemeen is de verteller een alwetende verteller. De verteller weet alles over de personages in het verhaal en weet van tevoren al wat er gaat gebeuren.



Spanning:

In het verhaal komt veel perspectiefwisseling voor, dat bevordert de spanning. Ook omdat het verhaal in medias res begint heeft een spanningsboog. Je weet als lezer helemaal niet wat er gaat gebeuren en wie wie is, dat bevordet de spanning. Ook tijdsverdichting speelt een belangrijke rol in de spanning, bijvoorbeeld als de jongetjes de kamer van Marrie inkomen.



Tijd en ruimte:

het verhaal speelt zich af in een afgelgen stuk van Nederland. Het fasehuis is omgeven door een broeierige waterkant en een donker bos. Dit alles roept spanning op! De omgeving is modderig en duister, 'het lijkt wel een spookhuis' riep het oudste jongetje tegen zijn moeder toen ze eraan kwamen.

Het verhaal is niet chronologisch verteld, je valt midden in de gebeurtenissen (in medias res) en vervolgens komen er veel falsh-backs. Het verhaal heeft een open einde, omdat je niet weet wat er nu met het fasehuis is gebeurd en gaat gebeuren en wat er met het gezin gaat gebeuren.



Oordeel over het boek:

Ik vind het boek moeilijk te begijpen en heel apart. Ik ozu zelf nooit zo'n verhaal kunnen bedenken. Wel vind ik het verhaal mooi opgebouwd met flash-backs en de citaten van Lupo. Door de opbouw van het verhaal is het verhaal wel meoilijk te begrijpen. Pas op het laatst snap je ineens alles, maar moet je wel weer een stuk van het boek terug gaan lezen om het helemaal te begrijpen. De personages zijn goed uitgekeind en hebben hele aparte eigenschappen, dat vind ik wel leuk.

Ik ben dit boek gaan lezen omdat het in Diepzee werd beschreven. Daardoor ben ik nieuwsgierig geworden en het verhaal viel me niets tegen.

Ik vond de gebeurtenis dat de jongetjes Marrie zo pesten heel aansprekend, je snapt gewoon niet hoe mensen dit andere mensen kunen aandoen. Ook al zijn ze mongool. Dat heeft me vooral erg aangesproken.
Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen