U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : Tessa De Loo - De Tweeling.
Deze versie komt van http://www.studentsonly.nl/uittreksels/bv.asp?BvID=177 en is laatst upgedate op Onbekend.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 2683 woorden.

Bibliografie
Uitgeverij De Arbeiderspers, Amsterdam - Antwerpen maart 1995, 18e druk De eerste druk verscheen in oktober 1993

De tweeling is een roman.
De subgenres zijn:
- monumentale, oorlogsroman, het gaat over de 2e wereldoorlog.
- psychologische roman, Anna en Lotte vertellen elkaar hun eigen levensverhaal. Het lijkt één grote vergeefse poging om boven vijandschap en wantrouwen uit te stijgen.


Samenvatting
SAMENVATTING VAN DE INHOUD

Het verhaal gaat over Anna en Lotte, Duitse tweelingzusjes, die door de dood van hun ouders op 6-jarige leeftijd van elkaar gescheiden worden. Lotte, die tbc heeft, wordt door een oudtante mee naar Nederland genomen, waar ze wordt ondergebracht bij diens zoon. Anna, die niet ziek is en dus niet naar Nederland hoeft om aan te sterken, wordt meegenomen door hun grootvader die in een klein boerendorpje woont met zijn zoon.

Na ongeveer 70 jaar vinden Anna en Lotte elkaar terug in een kuuroord in Spa, waar ze elkaar hun levensverhaal vertellen. Lotte was terecht gekomen bij een communistisch gezin. Er waren zusjes en broertjes en ze werd beschouwd als een eigen dochter. Anna blijft echter na de dood van haar grootvader bij haar oom wonen, die trouwt met een vreselijke vrouw (tante Marthe) die niets uitvoert in de huishouding en alleen maar kinderen krijgt. Anna wordt gezien als een gratis hulpje, dat al het werk moet doen.

Bij Lotte in de familie is veel muziek: haar vader houdt van muziek en heeft zelf een installatie gebouwd en zelf kan ze goed zingen.

Anna wordt op een gegeven moment, omdat ze door een buurvrouw is gezien met een Hitler gezinde jongen, door haar oom ontslagen. Omdat ze steeds pijn in haar buik blijft houden gaat ze naar een dokter, die constateert dat haar baarmoeder gedraaid is. Ze zal altijd onvruchtbaar blijven. Terwijl Anna gelovig wordt opgevoed, wordt Lotte niets bijgebracht dat met het geloof te maken heeft.

Het dorp waar Anna woont wordt steeds meer in beslag genomen door Hitler en het nationaal-socialisme. Op een gegeven moment verlaat Anna het dorp en gaat naar Keulen, waar ze een opleiding gaat volgen om hoofd in een huishouding te worden. Als ze 21 is moet Anna een voogdijakte tekenen, waarin haar oom heeft gezet -naar later blijkt- dat Anna broos van gezondheid en een beetje zwakzinnig is. Hierdoor kon hij haar ongestraft op de boerderij laten werken. Nadat ze ontslag heeft genomen van haar eerste baan, gaat ze bij Frau von Garlitz, die van adel is, werken als kamermeisje.

De oorlog breekt uit, maar voor Anna verandert er eigenlijk weinig. Als Lotte's oma in Duitsland is geweest, wil ook Lotte erheen. Ze wil Anna opzoeken. Ze gaat ook, maar het valt enorm tegen, want Anna heeft totaal geen aandacht voor haar. Ze heeft het veel te druk met het feest dat Frau von Garlitz organiseert voor oud en nieuw. Ook wil Anna niet toegeven dat er bezoek voor haar is. Teleurgesteld gaat Lotte naar huis.

Als Anna met een ander dienstmeisje naar een bal in het casino gaat, ontmoet ze Martin Grosalie, een Oostenrijkse soldaat. Anna verlooft zich met Martin en Frau von Garlitz vlucht definitief naar het landgoed van haar ouders in Brandenburg. Ook Anna wordt op een gegeven moment daarheen gehaald. Martin vertrekt naar Rusland. Anna krijgt nog regelmatig brieven van hem, waarin hij slechts landschap e.d. beschrijft. Hij praat niet over de oorlog. De Familie von Garlitz verhuist naar het huis van de moeder van von Garlitz in Polen. Daar zitten ook Russische krijgsgevangenen die het heel slecht hebben. Anna helpt ze een beetje.
Bij Lotte thuis komen onderduikers. De familie Frinkel (vader, moeder en Bram (18, vriend van Koen)) komt onderduiken bij de familie van Lotte. Ook Leon Stein, een vriend van de Frinkels, komt bij hen. Ruben Meyer wordt door de kapper van Lotte's vader bij hen gebracht. Later komt zijn moeder daar nog bij.

Anna wordt door Martin naar Wenen gehaald waar ze trouwen. Drie weken lang zijn ze samen en dan moet Martin terug naar Rusland. Bij Lotte wordt de schoonvader van meneer Bohjul, van het grammofoonplatenhuis gebracht. Ook Theo de Zwaan en Ernst Goudriaan, twee kennissen van haar vader, voegen zich bij de onderduikers, om de arbeidsinzet in de Duitse industrie te ontkomen. Dit is de reden waarom Koen voortaan binnen moet blijven. Flora Bohjul (de vrouw van meneer Bohjul) voegt zich bij haar vader. Voor opa Tak en zijn dochter Flora wordt een ander onderduikadres gezocht. Zij vertrekken dan ook.

Het vliegtuig van Herr von Garlitz stort neer. Frau von Garlitz ontvangt nog wel vroegere collega's van haar man, die een moordslag op Hitler beramen. Deze mislukt. Martin, die inmiddels in de SS zit, vraagt Anna in een brief ontslag te nemen en naar Wenen te gaan, omdat dat veiliger voor haar zal zijn, want de Russen naderen. Begin oktober krijgt ze daar bericht dat Martin is overleden. Ze stort in, maar leeft toch verder.

Als er een ernstig voedseltekort is in Nederland wordt Lotte er een paar keer op uitgestuurd om eten te gaan halen in andere delen van het land. Dit is erg gevaarlijk, maar toch doet ze het en iedere keer loop toch nog goed af.

Martin had Anna, toen hij haar voor de laatste keer zag, laten beloven geen zelfmoord te plegen, maar in de verpleging te gaan als hij er niet meer zou zijn. Ze zoekt inderdaad werk in de verpleging en wordt Rode Kruis zuster in een Lazeret. Lotte trouwt met Ernst Goudriaan.

Na de capitulatie wordt Anna gevangen genomen door de Amerikanen. Na een tijdje wordt ze weer vrijgelaten. Het eerste en enige wat ze dan wil is naar het graf van Martin. Bij Lotte thuis gaat het allemaal niet zo goed. De voortdurende angst is weg, maar de onderduikers zijn niet meer te houden terwijl het toch nog wel gevaarlijk voor ze kan zijn om zomaar buiten rond te gaan lopen. Ook wordt haar moeder ziek. Later blijkt het een geestelijke ziekte te zijn die met het gevaar in de oorlog te maken heeft.

Voor Anna wordt het een moeilijke reis naar Martin. Op de een of andere manier kan ze hem steeds niet bereiken. Als ze de moed heeft opgegeven krijgt ze weer een baantje in de huishouding. De vrouw bij wie ze in huis is ziet dat ze liever iets anders wil en Anna zegt dat ze bij de kinderbescherming wil. Dan doet ze een tweede poging om bij Martin te komen. Deze keer lukt het en vindt ze zijn graf. Daar blijkt een meisje er steeds goed voor te hebben gezorgd uit dankbaarheid dat zij net aan de dood ontsnapt is.

Met Lotte gaat het niet zo goed. Nu ze op zichzelf woont verveelt ze zich. Ze weet niet meer wat ze moet doen om de tijd door te komen. Als Anna op het Instituut voor Sociaal Werk zit komt tante Martha haar opzoeken. Ze doet net of ze heel veel om Anna geeft, maar in werkelijkheid zit ze weer te liegen over haar tegen de dorpsbewoners. Nu durft Anna er wel iets van te zeggen. Dan gaat Anna Lotte nog een keer opzoeken in Nederland, maar nu is Lotte degene die niets met de bezoeker te maken wil hebben.

Ze zien elkaar nooit meer voordat ze elkaar weer tegen komen in Spa. Als Lotte in het Thermaal Instituut in een bad zit hoort ze een hoop geroep. Het blijkt dat Anna is overleden terwijl ze ook in bad zat. Weer voelt Lotte zich schuldig: Waarom is ze niet wat toegeeflijker geweest? Waarom heeft ze niet tegen Anna gezegd dat ze haar begreep, het enige dat ze wilde horen? Ze accepteert eindelijk Anna als haar zus, maar dan is het al te laat.



BOEKBESCHRIJVING

De tweeling heeft 435 bladzijden. Het boek is verdeeld in drie delen. De eerste twee hebben elk tien genummerde hoofdstukken. Het derde deel heeft vier genummerde hoofdstukken. Op pagina 4 van het boek bedankt de auteur de Stichting Fonds voor de Letteren voor de aan haar verstrekte werkbeurzen. Op de volgende bladzijde staat de opdracht: Voor mijn moeder en Maria Hesse. Het motto luidt: Die Welt ist weit, die Welt ist schön, wer weiss ob wir uns wiedersehen. Op de voorkant van De tweeling staat een foto van twee meisjes. Deze foto is uit particuliere collectie (blz. 4).



VERTELSITUATIE

Het perspectief van dit boek is: de alwetende vertelsituatie (auctoriële verteller), die alle gebeurtenissen - zowel in heden als verleden - objectief registreert, waarbij beurtelings Lotte en Anna aan bod komen.
Tessa de Loo heeft dit perspectief gebruikt, omdat de verteller in dit boek geen rol kan hebben, dus het gebruiken van een ik-persoon is uitgesloten. Het boek gaat over de manier hoe de twee zussen over elkaar denken en om daar een goed beeld van te krijgen als lezer, moet je de gedachten van beiden weten. Het effect van het gebruik van dit perspectief is dus ook dat je precies weet hoe ze zich allebei voelen en wat ze denken.

In het verhaal ontbreekt echte spanning. In het begin van het boek wordt bijvoorbeeld verteld dat de jonge Lotte bijna verdrinkt nadat zij door het ijs is gezakt. De lezer weet nu al dat ze het heeft overleefd, want als ze bijna 76 is verteld ze dit aan haar tweelingzus Anna.



IDEE, THEMA, MOTIEVEN

Thema's in het boek zijn: Tweelingen, Vrouwenleven, Wereldoorlog II.
In dit boek is de tweeling aan verzoening toe. Ik denk dat de auteur denkt dat dat ook met Nederland en Duitsland het geval is. Veel Nederlanders hebben nog echt hekel aan Duitsland vanwege de 2e wereldoorlog. Maar veel Duitsers hebben die oorlog niet eens meegemaakt, laat staan dat ze er schuldig aan zijn.

In de figuren van de twee zusters wordt de problematische verhouding tussen de buurlanden Nederland en Duitsland weergegeven.

In het verhaal keert telkens terug dat Anna en Lotte het niet met elkaar eens zijn. Ze bereiken elkaar niet echt. Als Anna dan op een dag sterft is het definitief onmogelijk geworden. De roman stelt het onbegrip centraal, de onwil tot begrip en vergeving. Lotte en Nederland, zo stelt de schrijfster, hebben nooit begrip kunnen opbrengen voor het wedervaren van de gewone Duitsers in de oorlog.

De Loo is uit op begrip, eventueel zelfs op verzoening, en probeert daartoe het 'Wir haben es nicht gewusst' in te kleuren, tastbaar te maken via een persoonlijk relaas. Anna verpersoonlijkt alle gewone Duitsers die tijdens de oorlog willens nillens achter de Führer en zijn regime aanliepen, omdat ze geen andere keuze hadden. De Loo ontneemt op die manier de Nederlanders hun zekerheden: niet alle Duitsers zijn slecht, zo blijkt.

De scheiding van een tweeling is uiteraard een uitstekend symbool voor de scheiding van de twee landen die een zo historische band hebben: van oorsprong allebei Duits en steeds verder uiteengegroeid zonder nog veel contact te wensen.



OPBOUW, STRUCTUUR, SPANNING

De roman valt uiteen in drie grote delen: 'Interbellum', 'Oorlog' en 'Vrede - après le deluge encore nous', die louter tijdsaanduidend zijn wat betreft de verhaalde gebeurtenissen. De tijdsstructuur is vrij eenvoudig. Alles verloopt strikt chronologisch, maar dan wel op twee tijdsniveaus: dat van het heden, wanneer de zussen op hoge leeftijd in Spa elkaar hun verhaal vertellen, en dat van de oorlogsgebeurtenissen in Nederland en Duitsland. Tussen die twee niveaus wordt voortdurend heen en weer geswitcht.



TIJD

Het verhaal speelt zich af in de jaren negentig en in het verhaal wordt teruggeblikt op de 2e wereldoorlog.

Het is niet duidelijk van wanneer tot wanneer de vertelde tijd loopt (vanaf de geboorte van de tweeling tot ergens na de 2e wereldoorlog) en het is een niet-continu tijdsverloop.

De verteltijd is 435 blz. : 40 blz. = 11 uur.

De verteltijd is korter dan de verhaaltijd.

Het tijdsverloop overspant inderdaad ongeveer zeventig jaar, vanaf 1922 tot de jaren '90. De gebeurtenissen worden scènisch verteld. Zowel in de gebeurtenissen die in het verleden zijn gebeurd als in de weergave van de week die de zusters in het kuuroord in Spa doorbrengen, wordt de chronologie aangehouden. In het verhaal komen veel flash-backs voor. Het tijdsperspectief is vision avec.



RUIMTE

Het verhaal vindt plaats in een kuuroord in Spa. Daar vetellen Anna en Lotte elkaar hun levens verhaal. Het verhaal van Anna speelt zich af in Keulen, op het platteland waar ze als 'slavin' werkte, en in Oostenrijk in Wenen.

Het verhaal van Anna speelt zich af in Nederland in het 'Hollands huis'.



PERSONAGES

Anna wil overtuigen. Lotte wil haten. Het lukt geen van beide om op het oorspronkelijke standpunt te blijven staan. De Duitse, Anna, weet dat ze haar zus Lotte niet kan overtuigen met 'wij hebben het echt niet geweten en werden als domme mensen en goede gelovigen door het regime misbruikt'. Lotte raakt ondanks zichzelf onder de indruk van de verhalen van Anna. Maar elke nieuwe vorm van ellende in Duitsland weet zij te pareren met de constatering dat het Duitse volk 'begonnen' is.

Naam: Lotte Rockanje-Goudriaan (officieel Bamberg)
leeftijd: bijna 76
lichamelijke kenmerken: donker, steil haar, lijdt aan artrose
sociale status: weduwe
karaktertrekken: muzikaal, rustig, nuchter
doel: Anna een beetje op afstand houden.
Lotte is een "flat character" omdat ze maar een paar overheersende karaktertrekken heeft en ze heeft ook niets onvoorspelbaars.

Naam: Anna Grosalie (officieel Bamberg)
leeftijd: bijna 76
lichamelijke kenmerken: lijdt aan artrose
sociale status: weduwe
karaktertrekken: druk, haantje de voorste, intelligent, vastberaden, goed geheugen
doel: Lotte leren kennen en haar alles uitleggen nu het nog kan
Anna is een "round character" omdat ze heel verrassende kanten heeft, ze is heel dynamisch en je ontdekt steeds iets nieuws bij haar.



TITEL

De tweeling wijst naar de personen Anna en Lotte, want die zijn een tweeling. Het boek gaat dus over Anna en Lotte.



STIJL

Het woordgebruik is niet ingewikkeld, er zit alleen vrij veel Frans en Duits doorheen. De zinnen zijn soms lang en soms kort. Er zitten veel dialogen in.

Critici vinden dat ze arm en gezocht proza schrijft. Anderen, net als de meeste lezers, vinden dat haar boeken vlot en helder lezen.



LITERATUURGESCHIEDENIS

Tessa de Loo is een pseudoniem voor Tineke Duyvené de Wit. Ze werd geboren op 15 oktober 1946 in Bussum. Haar vader was chemicus bij een farmaceutisch bedrijf en in zijn vrije tijd amateur-cellobouwer. Het gezin bleef enige tijd in het Gooi wonen, verhuisde toen naar Amsterdam en vervolgens naar Oss. Daar werden haar broer en zus geboren. In Brabant ging Tineke ook naar school: eerst naar het gymnasium en daarna naar de HBS. Op beide scholen haalde zij echter zulke slechte cijfers, dat zij tenslotte naar een derde school, het Maaslandcollege, werd gestuurd. Daar haalde zij in 1965 haar MMS-diploma.

Na school ging Tineke Nederlands studeren in Utrecht. Eigenlijk wilde zij naar de kunstacademie, maar haar ouders vonden dat geen goed idee: als kunstenaar zou zij een onzeker en armoedig bestaan tegemoet gaan. Tijdens haar studie trouwde zij met een bouwkundige, van wie zij later zou scheiden, en in 1971 werd haar zoon geboren. Tineke stond nog enige tijd voor de klas als docent Nederlands en schreef tussendoor verhalen. Tijdens haar leven verhuisde Tineke vaak: na Utrecht woonde zij in de Achterhoek, op Texel, in het Groningse Pieterburen en in Amsterdam. Tegenwoordig woont zij in Coimbra, Portugal.

Haar eerste twee verhalen publiceerde zij, onder haar eigen naam, in 1979 in Vrij Nederland en Opzij. Daarna publiceerde zij onder het pseudoniem Tessa de Loo; Tessa is afgeleid van Texel, waar zij heeft gewoond, en haar grootmoeder heette van Loo.

In januari 1983 verscheen haar verhaal 'De muziekles' in het literaire tijdschrift Maatstaf, waarin maanden later ook het verhaal 'De meisjes van de suikerwerkfabriek' verscheen.

In november 1983 verscheen De Loos debuutbundel De meisjes van de suikerwerkfabriek. Haar tweede boek, de roman Meander, verscheen in 1987. De roman beschrijft de ondergang van een alternatieven gemeenschap onder leiding van een valse profeet in Zeeland. In 1987 mocht De Loo het Boekenweekgeschenk schrijven. Het werd Het rookoffer, een novelle over de onmogelijke liefde tussen een docente Frans en haar achttien jaar jongere leerling. Twee jaar later verscheen Isabelle, een thrillerachtige roman over een ontvoeringszaak, waarin de tegenstelling tussen mooi en lelijk, macht en onmacht thema is. In 1993 verscheen De Loos buitengewoon succesvolle roman De tweeling. Deze roman, waarin de lotgevallen van twee zussen tijdens de Tweede Wereldoorlog worden beschreven, werd bekroond met de Trouw Publieksprijs 1994 en de Duitse Otto vor der Gablenzprijs. De roman is inmiddels al vele malen herdrukt. De Loos laatste boek, Alle verhalen tot morgen, verscheen in 1995.


Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen