U kijkt nu naar de cache versie van het boekverslag : Doeschka Meijsing - Robinson.
Deze versie komt van http://www.collegenet.nl/studiemateriaal/verslagen.php?verslag_id=6443 en is laatst upgedate op Onbekend.
De taal ervan is Nederlands en het aantal woorden bedraagt 1304 woorden.

Doeschka Meijsing, Robinson (1976)

Beoordeeld door Ornée & Vermeer



Biografie:



Doeschka Meijsing werd in 1947 in Eindhoven geboren. Later verhuisde het gezin naar Haarlem. Haar broer Geerten Meijsing schrijft onder het pseudoniem Joyce & Co. Doeschka studeerde Nederlands en algemene literatuurwetenschap in Amsterdam en heeft les gegeven aan een middelbare school en aan de universiteit.

Doeschka Meijsing wordt vaak bij de Revisor-auteurs geplaatst. Het Revisor-proza, ook wel academisme genoemd, kenmerkt zich door de grote gestructureerdheid, de aandacht voor de vorm, en heeft vaak de problematische verhouding tussen werkelijkheid en verbeelding tot onderwerp. De roman "Robinson" lijkt hier een voorbeeld van te zijn. Het verhaal is zo hecht en helder gestructureerd, dat sommige critici het te kunstmatig vinden. De literaire kunstmiddelen verstikken het verhaal. Niet alle critici zijn evenwel negatief over "Robinson", al vinden velen het overige werk van Meijsing beter. Het lezerspubliek is deze mening niet toegedaan: "Robinson" is Meijsings best verkocht boek.



Titel, thema, motto



De titel verwijst naar het boek "Robinson Crusoë" van Daniel Defoe, waarin Crusoë na een schipbreuk jaren op een onbewoond eiland verblijft. Robinsons moeder beschouwt de naam als een gril van haar man; en zo lijkt ze het hele leven van haar dochter niet serieus te nemen. Volgens Robinson is haar naam veelzeggend: "Maar in werkelijkheid betekende die naam een eiland in de oceaan, een windstilte, een uitzien naar de mogelijkheid van terugkeer naar de geborgenheid die eens afgenomen was. Wanneer? Met de geboorte? Robinson kon geen antwoord geven op die vraag. De mens spuugt de hele wereld vol en de zeeën spoelen alles schoon. Daartussenin lag een eiland, waar windstilte heerste alsof er een storm op komst was" (blz. 20).

Thema: Op concreet niveau een schoolidylle: een jaar uit het leven van een zeventienjarig schoolmeisje. Op abstracter niveau beschrijft het boek het proces van vereenzaming van Robinson. Op nog abstracter niveau gaat het over de tegenstelling tussen werkelijkheid en verbeelding.

Het motto is "Ah the world! Oh the world!" van Herman Melville, de schrijver van "Moby Dick".

Het eerste gedeelte van het motto slaat op het begin van de roman.

Robinson is dan vol verwachting over het komende jaar. "En plotseling was alles anders dan vroeger". Argeloos en vol verwachting treedt Robinson de wereld tegemoet. Ze wacht op iets, op een storm die de windstilte zal verbreken, op een wit schip dat haar mee zal voeren over de zeeën, op die ene ontmoeting die alle andere overbodig zal maken. Als Robinson voor het eerst naar Johanna Freida toegaat, voelt ze zich verliefd op de hele wijde wereld. Maar als haar vader een verhouding blijkt te hebben met Johanna Freida, voelt Robinson "hoe het langzaam hard in haar werd, alsof al het water in haar lichaam molecuul voor molecuul tot ijs stolde, weliswaar in de vorm van de prachtigste kristallen, maar ook hard en koud als vuur". Ze begreep dat alles wat ze de laatste tijd gezien had in elkaar paste als moleculen in een vastgelegde structuur, en dat de enige die daar niet thuishoorde zijzelf was.

Robinson raakt steeds meer in een isolement; ze lijkt buiten gesprekken gehouden te worden, alles lijkt net geregeld als zij zich bij anderen voegt, ze komt te laat of heeft nergens iets mee te maken. Als Johanna Freida uit de stad blijkt weg te gaan, weet Robinson dat ze niet meer verder kan, weet ze "dat van nu af aan alles anders dan vroeger zou zijn".

Nu is het tweede gedeelte van het motto van toepassing, "Oh the world!" . Robinson is ontgoocheld, ze verwacht niets meer van het leven. Ze tuurt niet meer de einder af naar een wit schip, maar staart naar een blinde muur. De laatste scène van het boek verbeeldt het complete isolement en een leven zonder hoop: het plein met de levenslustige muziek loopt van haar weg. Robinsons dromen en fantasieën stroken niet met de werkelijkheid.



Samenvatting:



Tijdens een snikhete zomer verhuizen het zeventienjarige meisje Robinson en haar moeder van de hoofdstad naar een nieuwe provincie-stad. Robinsons vader is kapitein-ter-zee. De nieuwe school valt Robinson mee, al is ze op haar hoede voor de rector. Met de neef van de Rector, Daniël Bierwolf, trekt Robinson veel op. Daniël is een buitenbeentje. Hij praat veel met Robinson over het kwaad en de duivel. Robinson wil liever over schuld praten. Zij voelt zich schuldig, maar weet niet waarom. Op een middag moet ze bij de rector komen, die door haar moeder was gebeld omdat ze ongerust was over de vriend die Robinson scheen te hebben. De rector waarschuwt Robinson dat hij geen gedonder wil met Daniël. Huilend zwerft Robinson door de stad, maar in plaats van haar moeder te haten, richt ze haar boosheid tegen zichzelf. 's Avonds schrijft ze in gedachten een brief aan haar vader.

Toen Robinson bij de rector moest komen, zag ze de nieuwe lerares Duits, die tegen de rector schreeuwde en de deur hard dichtsloeg. Deze lerares, Johanna Freida, boeit Robinson. Ze ontdekt dat Johanna Freida onrust zaait op school door haar alternatief pedagogische methode. Ook Daniël bewondert haar. Tijdens een opvoering vlak voor Kersmis, die door Johanna geregisseerd wordt, zingt Daniël met valse stem een lied, waarvan de tekst zijn oom openlijk uitdaagt. Als Daniël na de pauze als vrouw verkleed nog een lied zingt, last de rector de voorstelling af. De volgende ochtend komt Daniël Robinson ophalen om samen met haar zijn verontschuldigingen aan Johanna Freida aan te bieden. Robinson is opgewonden.

Een paar dagen later komt Robinsons vader thuis. Het huwelijk van Robinsons ouders is doodgebloed, ze blijven alleen bij elkaar uit misplaatst fatsoen. Op een dag gaan Robinson, haar vader en Daniël schaatsen. Ze komen Johanna Freida tegen. Na en schaatswerdstijd, waarbij Daniël vlak voor de eindstreep valt en tot voor de voeten van Johanna glijdt, gaan ze wat drinken. In het café probeert Robinsons vader indruk te maken op de lerares Duits. Na de vakantie vindt Robinsons moeder een bont ijsmutsje in de broekzak van haar man. Robinson doet alsof het van haar is, maar het is van Johanna Freida. Robinson probeert de betekenis ervan te verdringen. Ze gaat op in de natuurkundeles over water en ijskristallen.

Daniël komt steeds vaker bij Robinson huiswerk maken. Hij is stiller geworden na de vakantie en heeft veel last van migraine. Op een middag gaat hij met Robinson naar bed. Daarna vertelt hij snikkend dat Robinsons vader en Johanna Freida een verhouding hebben. Een week lang volgt Robinson Johanna, dan gaat ze naar haar toe om het mutsje terug te brengen. Johanna bevestigt de verhouding, en om Robinsons hart stapelen zich ijskristallen.

Het gaat steeds slechter op school met Robinson. Ze kan Daniëls onophoudelijke geklets, nu over heksen, steeds minder verdragen. Ze voelt zich steeds meer buitengesloten. Haar moeder is actief in het oudercomité. Tijdens de paasvakantie komt Robinsons vader weer thuis. Hij nodigt Robinson en Daniël uit voor een zeiltocht over het IJsselmeer. Johanna Freida is er ook. Het uitstapje wordt een mislukking als Daniël tegen Johanna gilt dat ze ontslagen is en best weet waarom.

De zomervakantie brengt Robinson door in de bibliotheek. Ze heeft twee herexamens. Daniël is blijven zitten en gaat van school af. Vlak voor hij op vakantie gaat, vertelt hij Robinson dat hij de verhouding tussen haar vader en Johanna aan haar moeder verteld heeft, en dat zij de rector op de hoogte heeft gebracht, met als gevolg dat Johanna's voorlopige aanstelling niet verlengd wordt. Robinson ziet een verhuiswagen voor de deur van Johanna Freida staan. Ze wil niet meer verder. Voortaan zal alles anders zijn dan vroeger. De herexamens zal ze niet halen. Toch gaat ze die hete zomer elke dag naar de bibliotheek, waar ze staart naar een vierkantje zonlicht op een oud muurtje. Aan het eind van een middag barst er kopermuziek los op het plein. Robinson heeft het gevoel dat de vrolijke muziek wegloopt van haar, een richting uit die zij ook zo graag gegaan was.
Andere boeken van deze auteur:


Home - Contact - Over - ZoekBoekverslag op uw site - Onze Boekverslagen - Boekverslag toevoegen